behandeling van MSS
1: Inleiding
Het gesproken woord
Gesproken woord = natuurlijke vorm waarin mensen met elkaar communiceren
- Hoewel communiceren via spraak voor ons vanzelfsprekend lijkt, is spreken complex
gedrag dat betrokkenheid van netwerk van concurrerende
verwerkingsprocessen in onze hersenen integreert:
1. Taalprocessen: ideeën omzetten in woorden, zinnen, verhaal
2. Cognitieve processen: executieve vaardigheden, geheugen,
aandacht en concentratie
3. Sensorimotorische processen: interactie van …
1) Zintuiglijke verwerking van spraakklanken (voornamelijk
auditief maar ook tactiel en proprioceptief)
2) Motorische verwerking van spraak (planning en
programmering, controle en uitvoering van spraak)
- Deze woorden, zinnen, verhaal moet uitgesproken worden door
articulatieorganen nood aan motorisch plan en programma: informatie over
opeenvolgende bewegingen van onze articulatieorganen uit te voeren
• Als planningsvaardigheden/programmeervaardigheden niet of onvoldoende
werken aanwezigheid van spraakapraxie of dysartrie
• Samen = sensorimotorische processen verwijzend naar interactie tussen
feedbackmechanismen (zintuigen) & spraakmotoriek die bij volwassenen actief
zijn in één geheugennetwerk
- Tijdens spraakontwikkeling in 1ste levensjaren leren deze verwerkingsprocessen
samenwerken door voortdurende uitwisseling van sensorische informatie en
motorische informatie afkomstig van spraakbewegingen en spraakgeluiden
(cybernetica van spraak)
• Functioneren deze processen als complex interactief netwerk tussen
geheugens met sensorische en motorische informatie over spraakbewegingen
in onze hersenen.
• Onderzoekers bestuderen nog volop hoe dit netwerk met deelprocessen nu
precies werkt
• Voorbeeld: DIVA-model = computationeel model dat werking van sensori-
motorische controle van spraak bestudeert
Vraag: Hoe sensori-motorische processen van spraak beïnvloeden met huidige kennis die
we hebben vanuit wetenschappelijk onderzoek?
• = afvragen hoe we spraakmotorisch kunnen leren
• Intacte sensori-motorische processen: in staat om woorden en zinnen vloeiend
en accuraat uit te spreken in een opeenvolging van spraakklanken (motorisch
opgeslagen als syllaben) opeenvolging van spraakklanken in syllaben …
1) zorgvuldig gepland en geprogrammeerd in concrete spierinstructies
2) worden spraakbewegingen haarfijn uitgevoerd, gecoördineerd en
eventueel bijgestuurd.
• Hersenschade of schade aan craniale zenuwen sensori-motorische
verwerking van spraak aantasten motorische spraakstoornis= MSS;
spraakapraxie (SA) of dysartrie
o Verlies aan spraakverstaanbaarheid in communicatie treft bijna altijd
psychosociaal functioneren van de persoon met een (zelfs lichte)
motorische spraakstoornis
o Doel behandeling: optimaliseren van dagelijkse communicatie &
verbeteren van psychosociaal welbevinden van persoon met
motorische spraakstoornis
1. Spraakapraxie
1
, 2. Dysartrie
Therapie: hoe kunnen we al logopediste …
- de gestoorde sensorimotorische processen ten gevolge van neurologische schade
maximaal beïnvloeden? (functieniveau)
- de spraakverstaanbaarheid maximaliseren? (activiteiten)
- de mondelinge communicatie maximaliseren? (activiteiten)
- de participatie maximaliseren? (participatie)
- het psychosociaal functioneren positief beïnvloeden? (participatie, omgevings- &
persoonsgebonden)
Spraakverstaanbaarheid vaak verminderd + impact op psychosociaal functioneren
Doel = optimaliseren van dagelijkse communicatie en verbeteren psychosociaal
welbevinden
Therapie MSS’en
- Hindernissen:
• Therapie-effectstudies zijn bijzonder schaars
• Geen effectmetingen t.a.v. activiteiten, participatie en psychosociaal
welbevinden
• Zeer veel beïnvloedende therapievariabelen
Meer inspanningen gedaan om spraakstoornissen te beschrijven en begrijpen, minder
onderzoek naar behandelen. Daarom een kader (koffer met vakjes) meegeven. Manier
van denken waardoor ons handelen gefundeerd wordt met waarom we iets doen.
2: Managementbenaderingen
Motorische spraakstoornissen verschillen in …
1. Ernst: discreet, mild, matig, ernstig, zeer ernstig
2. Onderliggende pathofysiologie: planning/programmering, incoördinatie, hypo- of
hyperkinesie, slapte, spasticiteit
• SA: planning en programmering
• Atactische dysartrie, ZV Parkinson, ZV Huntington
3. Spraakkarakteristieken: ademhaling, stem, resonantie, articulatie, prosodie
4. Multiple begeleidende factoren: prognose, etiologie, fase van neurologisch
herstel, persoonlijkheid, cognitieve mogelijkheden (leervermogen!), omgeving,
(sociale, professionele) noden, emotionele beleving van de beperking, additionele
stoornissen…
Andere ernst andere aanpak andere pathofysiologie andere aanpak
Ook binnen een type zijn er verschillen, niet bij iedereen alles even hard gestoord
andere focus
Nog veel andere factoren; onze aanpak in therapie gaat anders zijn
Persoonlijkheid bv. perfectionist (rem op zetten) – vlugger tevreden (eisen wat moeten
verhogen), additioneel bv. een afasie erbij
Heel veel beslissen, heel veel klinisch redeneren
Cliënt met een MSS staat centraal in een
interprofessionele samenwerking
Meestal niet alleen bv: motorische stoornis kine
betrokken
MSS’en: 3 benaderingen
(1) Medische benadering: farmacologisch, chirurgisch
- Wat dokters doen voorbeeld: medicatie voorschrijven
2
,- Mensen die medicatie nemen spraak klinkt anders
- Onze taak: op momenten dat hij echt moeilijk kan oraten, wat kan er dan toch nog
gbeuren? Hoe kunnen we toch nog gaan helpen
• Vaak niet evident, aangezien we cliënten vaak in de dag zien (als het beter
gaat)
- Medicatie: onderliggende ziekte genezen, soms echter neveneffecten
• Gunstif effect: kan genezend werken op onderliggende ziekte in te werken
(vb infecties, zoals hersenabces) spraakstoornis opklaren wanneer
onderliggende ziekte geneest
• Ook neveneffecten symptomen dysartrie verslechteren
- Farmacologisch: hersenabces, myasthenia gravis (Mestinon), hersentumor
(sodumedrol), zv Parkinson (dopaminerge medicatie, ook dyskinesieën), orofaciale
dystonie (botuline)
- Samenwerking met de arts!
• Soms behandeling uitstellen tot start van medicatie om effect te zien
medicatie kan gedragstherapeutische interventie overbodig maken
• Wel communicatieafhankelijk, soms communicatienood opvangen
- Chirurgie: oncologische problemen (hersentumor, mondvloercarcinoom,
slagaderverkalking oorzaak wordt direct aangepakt en de symptomen verdwijnen,
verbeteren, verslechteren.
- Voordat gedragsinterventie met spraaktherapie gestart belangrijk om als clinicus te
weten …
1. Persoon met MSS medicatie neemt die de spraak zou kunnen verbeteren en/of
beïnvloeden
2. Gepland werd om medicatie op te starten
3. Medicatie toegediend en stopgezet werd
- Duffy (2013) raadt aan om spraaktherapie best uit te stellen in afwachting van start
van medicatie omdat medicatie gedragstherapeutische interventie overbodig kan
maken of focus ervan kan verleggen
• Geldt niet wanneer spraakverstaanbaarheid zeer ernstig gestoord is & nood
aan augmentatieve en alternatieve communicatie (AAC) bestaat
• Er wordt altijd over gewaakt dat functionele communicatie van de persoon met
een MSS zo optimaal mogelijk is
- Chirurgie bv toegepast in aanwezigheid van tumor (bv mondvloertumor, een
hersentumor), aneurysma of in geval van slagaderverkalking (dichtslibben van de
slagaders)
• Oorzaak van neurologische problemen wordt in dit geval dus direct aangepakt
• Soms worden de (spraak)symptomen hiermee opgelost, verbeterd,
gestabiliseerd of verslechterd
• In het geval van aanwezigheid van hersentumor kan winst ook slechts tijdelijk
zijn
(2) Prothetische benadering: gebruik van mechanische en elektronische
hulpmiddelen
- Geen letterlijke prothese, wel hulpmiddel
- Gaat eerder over ondersteunende communicatie
- Sommige hulpmiddelen verbeteren spraak & verstaanbaarheid, anderen versterken of
vervangen mondelinge communicatie
(3) Gedragsinterventie: spraakgeoriënteerd, communicatiegeoriënteerd, spraak-en
communicatiegeoriënteerd
- Spraaktherapie toegepast bij grootste deel van populatie met een MSS in vergelijking
met de medische en de prothetische benadering
- Doel: communicatie maximaliseren met strategie die meest natuurlijke en effectieve
resultaten oplevert
• Voor meeste personen betekent dit dat therapie spraak georiënteerd is & dat
spraak direct aangepakt wordt
3
, • Spraaktherapie kan daarnaast ook communicatie georiënteerd zijn of spraak-
en communicatie georiënteerd zijn
- Waar wij als logo hard aan werken Hoe kunnen we communicatie optimaliseren?
Spraak is hier onderdeel van
De ene benadering sluit andere niet uit & soms heeft persoon met MSS nood aan
toepassing van drie benaderingen
3: Therapiedoelen en beïnvloedende factoren
Therapiedoelen
- Doel behandeling motorische spraakstoornissen: maximaliseren van communicatie
verbeteren welbevinden van persoon met MSS
• Benadrukken verbeteren verstaanbaarheid, begrijpelijkheid, efficiëntie en
natuurlijkheid spreken
• Hoe: via spreektaken & hulpmiddelen
• Dus: bereiken van …
1. Maximale efficiëntie: spreeksnelheid verhogen zonder verstaanbaarheid
te verlagen
2. Maximale effectiviteit: maximale spraakverstaanbaarheid
3. Maximale natuurlijkheid: prosodie
Inspanningen leveren vb: milde MSS spreekefficiëntie & natuurlijkheid
benadrukt
- Spraakgeoriënteerde therapie kan ingrijpen op de volgende parameters:
1. Ademhaling
2. Stem
3. Resonantie
4. Articulatie
5. Prosodie (tempo, ritme, intonatie, klemtoon, luidheid)
- Denk eerder communicatie i.p.v. spraak
1. Uiteindelijke doel: overbrengen van ideeën en gevoelens
2. Breder doel: andere zaken dan spraak kunnen accuratesse of efficiëntie van
communicatie verbeteren (bv. andere kanalen zoals gebaren)
o Niet enkel aan accuratese werken is een onderdeel, maar niet het
belangrijkste nog andere zaken!
3. Ernstgraad is niet direct gekoppeld aan beperking
o Gaat eerder over coping (omgaan) van stoornis
- Therapie is ook counseling en ondersteuning Wat is er aan de hand? Wat
kunnen wij doen?
Beïnvloedende factoren
4