1. BV
1.1 algemeen
1.2 Bijkomende inbrengen zonder uitgifte van nieuwe effecten
Art. 5:120 WVV
1.3 uitgifte van nieuwe effecten
als gevolg van bijkomende inbrengen
1.4 het voorkeurrechy
, 1.5 terugneming van gedane inbrengen
2. CV
2.1. algemeen
2.2. uitgifte van nieuwe aandelen en toetreding
Art. 105 en 106 WVV
2.3 Terugneming van gedane
inbrengen
Net als bij een besloten vennootschap
(BV) is ook bij een coöperatieve
vennootschap (cv) eigen vermogen
beschikbaar, tenzij de statuten
anders bepalen.
De teruggave van de inname is een beslissing van de algemene vergadering (AV),
genomen bij gewone meerderheid. Dit is belangrijk ter bescherming van de
vennootschap. De teruggave kan alleen plaatsvinden wanneer het netto vermogen
van de vennootschap positief blijft. De eerste vereiste is de netto vermogen test, en
de tweede is de liquiditeitstest. Deze laatste test staat beschreven in artikel 118 van
het Burgerlijk Wetboek (BW), betreffende de verantwoordelijkheid van het
bestuursorgaan. De AV moet de uitkering goedkeuren, en het bestuursorgaan moet
deze vervolgens uitvoeren en de liquiditeitstest uitvoeren. Blijft de vennootschap de
volgende 12 maanden in staat om schulden terug te betalen? Indien ja, dan is de
test positief en kunnen ze de teruggave effectief laten uitvoeren. Indien negatief,
dan niet uitvoeren. Doen ze dat toch en blijkt er insolvabiliteit van de vennootschap
te volgen, dan zal er bestuursaansprakelijkheid zijn en schending van artikel 115 van
boek 6 BW. Bestuurders kunnen hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor de
nadelen die de schuldeisers hebben ondergaan.
Koppeling bestuurdersaansprakelijkheid: