LES 1: KU Leuven Visie op Onderwijs & belang v levenslang leren
1. Drie pijlers
- Pijler 1: studenten aanspreken op hun toekomstbeeld ‘de disciplinaire future self’
- Pijler 2: de persoonsvormende betekenis van het geboden onderwijs.
- Pijler 3: bijdragen aan de maatschappelijke opdracht van onze instelling, waaronder internationalisering,
interdisciplinariteit, en deelname aan het maatschappelijke debat
1.1 Pijler 1: Disciplinaire future self
Markus en Nurius (1986)
- Possible-selves theory = stelt dat ons zelfbeeld niet alleen gebaseerd is op wie we nu zijn, maar ook op wie
we zouden kunnen worden
→ hoopvolle of gevreesde zelven werken motiverend omdat we nastreven wat we willen worden en willen
vermijden wat we vrezen
- Dit soort zelfkennis heeft betrekking op hoe mensen denken over hun potentieel en over hun toekomst
- Mogelijke zelfbeelden zijn de ideale versies van onszelf die we heel graag zouden willen worden, maar ook
de versies waarvan we bang zijn dat we ze zouden worden
- Possible-selves = Ofwel, wat individuen zouden kunnen worden, wat ze graag zouden willen worden en wat
ze bang zijn te worden
o Dienen als e schakel tussen hoe we denken (cognitie) en wat ons drijft (motivatie)
o Bieden e kader om te begrijpen hoe mensen nadenken over hun potentieel en toekomst
Bv. als iemand hoopt later een succesvolle acteur te worden, zal dit beeld over zichzelf in de toekomst niet
alleen invloed hebben op hoe die persoon over zichzelf denkt, maar ook dienen als een drijfveer om acties te
ondernemen die leiden tot succes, zoals hard werken of nieuwe vaardigheden leren.
- Deze visie v KUL oop onderwijs vertrekt vanuit de beweegredenen van de student/individu:
o De student moet kiezen voor een studierichting / discipline
o Het omvat e toekomstbeeld van onszelf dat we ons voorhouden tijdens de opleiding en waar we aan
wensen te bouwen mbv het hogen onderwijs
- Dit toekomstbeeld = gecreëerd in de interactie ts individu en samenleving/sociale omgeving
→ maakt deel uit van socialisatie
o Wordt mee verder vormgegeven aan de universiteit (onderwijs algemeen) via opleiding en vorming in
door de student gekozen discipline (onderwijsgebied)
- ‘Disciplinaire Future Self’ (DFS) = een specifieke toepassing hiervan binnen de onderwijscontext, waarbij
studenten zichzelf zien als een toekomstige professional of expert binnen hun vakgebied
1
,1.2 Pijler 2: de persoonsvormende betekenis van het geboden onderwijs
- Universitair onderwijs heeft meer dan alleen het nastreven van leerprestaties tot doel:
o Personen opleiden in e discipline en streven naar interdisciplinaire openheid
→ in staat zijn om met andere disciplines in dialoog te gaan
o Een duurzame, zorgzame en kritische bijdrage kunnen leveren aan de huidige en toekomstige
samenleving
o Stimuleren ve wetenschappelijke houding
o Vanuit opleiding studenten toerusten met competenties om als e volwaardige professional en kritische
burger deel te nemen aan de m’ij
A) Waarom (levenslang) leren belangrijk is?
1. Ontplooiing
- Levenslang leren heeft een duidelijke link met ontplooiing van het individu
o Het aanleren van kennis, vaardigheden, attitudes
o Persoonlijke ontwikkeling en geluk
o Voorbereiden op de arbeidsmarkt en inzetbaar blijven
o Deelname aan democratie en samenleving
→ stem kunnen vormen, ontplooiing vh individu
o Integratie van nieuwkomers
o …
2. Aanpassingsvermogen
- Aanpassingsvermogen = het vermogen van individuen om te reageren op gewijzigde situaties
- (supra-)nationale en lokale overheden grijpen levenslang leren aan om individuen uit te rusten met de
nodige skills in een snel veranderende samenleving en arbeidsmarkt
3. Bekampen skills mismatch
- Mismatch tussen de vraag en het aanbod v vaardigheden op de arbeidsmarkt is veelbesproken fenomeen
- Mismatch structureel en probleem wanneer vacatures niet ingevuld kunnen worden met pool van
werkzoekenden
B) Wat heeft de arbeidsmarkt nodig?
Cabus en Vansteenkiste
- Onderzochten in hun paper wat bedrijven nodig hebben:
o Betreft een dwarsstudie van 27 strategische competentieprognoses (SCOPE) die uitgevoerd werden in
7 verschillende arbeidsmarktsectoren.
o Vier grotere arbeidsmarkttrends: digitalisering, de groene transitie, verschuivingen qua
arbeidsorganisatie en de toenemende vervangingsvraag van 55-plussers.
2
,- Recente HIVA-Stp. Werk Dwarsstudie over competentieprognoses voor de arbeidsmarkt
- Vijf sleutelimplicaties van arbeidsmarkttrends op verwachte vaardigheden van jongeren met diploma
secundair en hoger onderwijs
o Acute nood aan informatie-en datageletterdheid van schoolverlaters
o Transversale vaardigheden zitten in de lift, o.a. milieubewust werken en duurzaam ondernemen
▪ Transversaal = overdraagbaar naar meerdere jobs
o Vakkennis van de sector blijft nodig blijft, maar dat vak (of beroepscompetentieprofiel) wordt wel
complexer
o Hogere nood aan soft skills onder schoolverlaters, zoals ‘resultaatgerichtheid’, ‘zorgvuldigheid’ en
‘zelfstandigheid’ + ‘samenwerken’
▪ Men geeft verantwoordelijkheid aan de werknemer om die zaken ook mee in het oog te houden
o Digitalisering, technologische omwentelingen en groene transitie gaan hand in hand, en steunen in
belangrijke mate op analytische vaardigheden, (hoogopgeleide) STEM-profielen en transversale
vaardigheden.
1.3 Pijler 3: bijdragen aan de m’ijke opdracht (Visies op onderwijs p 17)
- Personen die vanuit hun discipline en interdisciplinaire
openheid in interactie met anderen een duurzame
zorgzame en kritische bijdrage kunnen leveren aan de
huidige en toekomstige samenleving
- Zie lessen verschillende gastsprekers
o 16/03: Formeel leren in het volwassenenonderwijs
o 23/03: motivatietheorieën en leerstrategieën
o 18/05: mismatch onderwijs en arbeidsmarkt en leren
op de werkplek
3
, LES 2 DEEL 1: BELANGRIJKE THEORETISCHE ONTWIKKELINGEN IN DE KIJK OP (LEVENSLANG) LEREN
1. Wat is leren?
- Uniforme definitie van leren -> heel moeilijk: uitdaging onderwijswetenschappen
o Een gedeelde definitie is belangrijk voor gedeelde kennis, maar ook voor interventies
o Leren is geen uniforme definitie. Als je onderzoek wil doen over iets, en je doet dat op een
internationaal netwerk. Dan is het handig om daar een vaste definitie over te hebben, een vaste grip
o Ze hebben meer dan 100 definities gevonden (populaire term)
- Er is dus geen uniforme definitie, maar je weet best wel waarover je praat
- Heel veel definities
→ komt miss ook omdat leren een populaire term is
o Allerlei combinaties van dat leren
o We spreken veel over leren (en miss steeds meer):
▪ Blended learning, microlearning, corporate learning, just-in-time learning, …
▪ Veel quasi-synoniemen voor ‘leren’ (upskilling, deep dive, …)
- Mensen moeten dingen leren om te voldoen aan de arbeidsmarkt
- Je kan op heel veel verschillende manieren naar dat leren kijken
DAARDOOR: veel verschillende invullingen, focus van def verschillen sterk
- Ze missen een definitie, maar dat komt omdat je op heel veel verschillende manieren naar leren kan kijken.
Je hebt veel verschillende invullingen. Alle onderzoekers zijn ook niet zo specifiek over welke definitie ze het
hebben. Dus als je een definitie wil vormen, dan heb je eigenlijk maar een heel vage definitie.
Dus: leren is niet specifiek, het kan verschillende vormen aannemen
- Wetenschappers met verschillende theoretische achtergronden (bv. cognitief, gedragsmatig, sociaal-
cultureel) benaderen leren vanuit diverse perspectieven:
o Bijgevolg variëren definities sterk in reikwijdte en focus
o Niet alle onderzoekers zijn expliciet over hun perspectief op leren
o Een allesomvattende definitie is dan ook breed (‘landscape model of learning’ – Alexander et al., 2009)
▪ Landscape of learning = een metafoor en concept in het onderwijs dat verwijst naar de totale
omgeving, context en ervaringen waarin leren plaatsvind
Illeris 2008
- Leren = Any process that in living organisms leads to permanent capacity change and which is not solely
due to biological maturation or aging
=> Elk proces dat in levende organismen leidt tot een blijvende verandering in het vermogen en dat niet
uitsluitend te wijten is aan biologische rijping of veroudering
Een verandering niet enkel toewijzen aan ‘gewoon ouder worden’
o Leren is 'verandering teweegbrengen’
→ dit blijkt een kernelement te zijn in de meeste definities of theoretische modellen over leren
o “Verandering teweegbrengen” =/ ‘groeien’ (maturation)
▪ Leren is proces dat gebeurt in levende organismen en dat zorgt ervoor dat leergedrag leidt tot een
capaciteitsverandering en die verandering is niet enkel toe te wijzen aan gewoon ‘ouder worden’ of
gewoon leven
Bv. leren stappen: geen geplande activiteit, maar doordat ze opgegroeid zijn, deel van biological
maturation
o Het kan gaan om gedrag, cognitie, neurale activiteit, sociale betrokkenheid of zelfregulering
Bv. cognitief: je weet meer dingen, je kijkt anders naar dingen
Bv. fysiek: leren wandelen
Bv. sociaal: nieuwe woorden, anders praten
4