,
, Oefentoets
20 open vragen (gemiddeld)
Hoofdstuk 1 – Ontwikkelingspsychologie
Vraag 1
Leg uit wat wordt bedoeld met cognitieve ontwikkeling en beschrijf hoe deze ontwikkeling invloed
heeft op het leren gedurende de levensloop.
Vraag 2
Beschrijf het verschil tussen nature en nurture. Geef een voorbeeld waaruit blijkt dat beide factoren
samen de ontwikkeling beïnvloeden.
Vraag 3
Leg uit waarom de hechting tussen ouder en kind belangrijk is voor de sociaal-emotionele
ontwikkeling op latere leeftijd.
Vraag 4
Beschrijf twee belangrijke kenmerken van de adolescentie en leg uit waarom deze levensfase vaak
gepaard gaat met identiteitsontwikkeling.
Vraag 5
Een jongvolwassene heeft moeite met het aangaan van duurzame relaties. Leg uit hoe ervaringen uit
de vroege jeugd hierop van invloed kunnen zijn.
Hoofdstuk 2 – Sociale psychologie
Vraag 6
Leg uit wat wordt verstaan onder sociale perceptie en beschrijf hoe eerste indrukken kunnen
ontstaan.
Vraag 7
Beschrijf het begrip conformiteit en geef een praktijkvoorbeeld waarin iemand zich aanpast aan een
groep.
Vraag 8
Leg uit wat een attitude is en beschrijf hoe attitudes kunnen veranderen.
Vraag 9
Een medewerker neemt zonder kritiek de mening van collega's over, terwijl hij daar zelf aan twijfelt.
Leg uit welk sociaalpsychologisch proces hierbij een rol speelt.
Vraag 10
Beschrijf hoe stereotypen en vooroordelen kunnen ontstaan en noem twee mogelijke gevolgen voor
sociale interacties.
Hoofdstuk 3 – Communicatie en gespreksvoering
Vraag 11