3.1 Herkomst en gebruik
Gedomesticeerde runderen (Bos taurus en Bos indicus) komen van gematigde en
tropische gebieden = enorm economisch belang
Behoren tot de orde van de artiodactyla (evenhoevigen.. paard = perissodactyla)
de suborde van de ruminantia (‘herkauwers’)
de familie van de Bovidae (‘evenhoevigen’)
subfamilie van de Bovinae (waartoe ook buffel, bizon en jak behoren)
Hun voorloper was de Bos primigenius = de ‘oeros’
verspreidingsbewegingen: (niet zo belangrijk, goed lezen)
In india ontstonden vanuit de langhoornige runderen de korthoornige Zebu’s ‘bos indicus’
met thora-cervicale bult
Vanuit Egypte zijn de lanhoornige runderen met matige schoft (de sanga’s) naar
Centraal-Afrika gegaan, dit waren voorlopers van de Ankole-runderen
(Ankole-rund: iconisch afrikaans runderras nu)
Dan is er een tak kort hoornige runderen over Noord-Afrika naar…
- West-Europa gekomen via het Iberisch schiereiland: Hieruit ontstonden dus de
West-Europese rassen waaruit de hedendaagse zwart- en roodbonten, Jersey,
Guernseu, Danish Red en Shorthorn kwamen
- de Golf van Guinee, West-Afrikaanse kust gekomen: dit waren kleine dieren zoals de
N’Dama (die zijn parasitair resistent (trypanosomae))
In centraal-europa had je zogenaamde turn- en paalrunderen.. Zij waren een verkleinde
vorm van de oeros → de Braunvieh heeft hiervan de donkere grijsbruine haarkleur geerfd
met ring van bleke haren rond een donkere neusspiegel
gebruik
- dierlijke trekkracht
- statussymbool (bv Ankole)
- religieuze betekenis
- dierengevechten
- vleesvee: vooral in dunbevolkte gebieden met uitgestrekt landbouw-areaal
- melkvee: in gebieden die dicht bevolkt zijn met consumenten van zuivel:
West-Europa, USA, Canada
1
, - dubbeldoel-vee
factoren met betrekking tot de rundveehouderij
Hoe hoger het door selectie opgedreven productiepeil, hoe relatief minder dieren moeten
worden aangehouden om in de behoefte te voorzien (hoe meer melk of vlees één rund
produceert, hoe minder runderen je nodig hebt om dezelfde totale productie te behalen)
In beter ontwikkelde landen zien we een duidelijke evolutie naar gespecialiseerde rassen
met zeer hoge producties
3.2 Exterieur van het rund
3.2.1 signalement (grhokad)
Identificatie gebeurt aan de hand van officiële ‘oormerken’: nummers worden samen met
andere gegevens van het dier opgeslagen in een centrale databank. Voor België is dat het
SANITEL
Sanitel = geïnformatiseerd beheer van identificatie, registratie en het toezicht op dieren
(runderen, schapen, geiten, herten, pluimvee)
Geslacht
koe, stier, os (gecastreerde stier)
kalf = alles tot 3-4 maanden oud
‘pink’ = vrouwelijk, ongeveer 1 jaar oude rund, klaar om gedekt/geïnsemineerd te worden
‘vaars’ = vrouwelijk, dekrijp jong dier (14-15 maanden), of een dier dat reeds voor de eerste
maal is gedekt en drachtig
‘schot/munt’ = jong dier dat één maal heeft gekalfd en niet meer drachtig wordt
‘koe’ = rund dat reeds meer dan één maal heeft gekalfd (‘multipaar’ [een dier dat meer dan
1 keer heeft gekalfd])
drachtduur is ook 9 maanden (1 kalf per dracht) (bij paard 11 maanden, bij ezel 12)
ras
meeste runderen behoren tot een specifiek ‘ras’, ze kunnen ook gekruist zijn of rasloos
zootechnie = ingreep om eindproductie (vlees/melk/reproductie-karakteristieken) te
verbeteren / kruisingen maken met oog op verbeterde productie
hoogte
kleinere dieren : minder dan 115cm, grotere dieren: 135cm of groter
2
, navelstreng-stomp = bij kalfjes: nat tot dag 4, droogt daarna geleidelijk op en valt dan af,
korst op de wonde tot 3-5 weken…
→ zie je een oud dier met een navelstreng? meestal navelonsteking!!
Ouderdomsbepaling:
1) elke dracht zorgt voor een relatief voedseltekort en daardoor voor een hoornring op
de hoorns van een koe…
⇒ leeftijd = aantal ringen + 1 (melkvee) of + 2 (vleesvee), op voorwaarde dat het dier
elk jaar drachtig is geweest..
(+½ omdat het dier pas na 1 of 2 jaar drachtig wordt)
(deze methode wordt niet meer echt gebruikt)
2) Enkel bij gehoornde rassen: bij de geboorte is er een haarwervel op de plaats waar
de hoorns zullen komen…:
2 maanden: hoornuitsteeksels zijn 1cm lang
5-6 maanden: horentjes zijn 4-6cm lang
Tanden:
- geen snijtanden in de bovenkaak
- geen haaktanden
- 4 snijtanden per kaakhelft in de onderkaak (dus totaal 8)
Bv: vaars 4 tanden → vaars die de 2 I1 en I2s van de onderkaak heeft gewisseld
Kleuren
- wit (met roze of zwarte neusspiegel)
- rood
- brandrood
- zwart
- reekleurig / vaal (bruin met zwarte neusspiegel en zwarte beenuiteinden)
- bruin (koffiekleurig met zwarte beenuiteinden)
- geel of tarwekleurig
haarkleurpatronen
- blackish (grijs met donkerdere arealen)
3