Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting ENKEL Intellectuele Eigendomsrechten | Universiteit Gent | 2025/26

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
238
Geüpload op
21-07-2026
Geschreven in
2025/2026

Dit is een aparte samenvatting van het vak intellectuele eigendomsrechten aan Universiteit Gent (ik heb een gezamenlijke samenvatting met economisch recht ook op mijn account te koop staan), gebaseerd op lesmateriaal. Ik heb door enkel deze samenvatting te leren een 14/20 kunnen halen (ondanks het brandalarm). Het document behandelt de volledige indeling van intellectuele eigendomsrechten: industriële eigendomsrechten (merken, octrooien, tekeningen/modellen, kwekersrechten) en auteursrechten (sensu stricto en naburige rechten). Ideaal voor examenvoorbereiding met ja/nee-vragen, regelgevingen en praktische casussen over merkinbreuken en tekendeponering.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

INTELLECTUELLE EIGENDOMSRECHTEN
EXAMEN

- Alleen kennen wat in de les werd besproken.
- 10%: ja of nee vragen maar je krijgt alleen punten als je reden waarom juist is.
- Aantal regelvragen: toelichting geven bij regel
- Aantal casussen: bv. gevalletje van beweerde merkinbreuk waar je moet
beoordelen of het een merkinbreuk is, of beoordelen of een bepaald teken te
deponderen valt,…

INLEIDING TOT DE INTELLECTUELE (EIGENDOMS)RECHTEN : IER

= Bescherming creatie van de geest : waardevol voor ondernemingen

WAT IER-RECHTEN ZIJN


⇨ Objectief recht = recht zoals bestaat (vaststelbaar)


⇨ subjectief recht = recht dat iemand ontleent aan objectief recht (afdwingbaar)


o Publieke subjectieve rechten (uitoefenen tov overheid)
o Private subjectieve rechten (uitoefenen tov particulier)
▪ Extra-patrimoniale rechten : rechten die ieder bezit maar NIET in
geld waardeerbaar zijn en dus GEEN deel uitmaken van het
vermogen (gaan dus NIET over op erfgenamen en je kan er NIET
over contracteren)
● Familierechten (bv. recht huwen) : NIET belangrijk hier

● Persoonlijkheidsrechten (bv. recht op fysieke integriteit,
recht op afbeelding : geen foto zonder toestemming) :
beschermen aspecten van je persoonlijkheid
o Hoort bij sommige IER (NIET alle) : stellen aspecten
van persoonlijkheid veilig (bv. auteursrecht)
o NIET voor iedereen even absoluut/sterk : soms
afhankelijk van positie + GEEN limitatieve lijst van
aspecten persoonlijkheid die beschermd worden
▪ bv. recht op naam (niet gebruiken zonder
toestemming) heeft bij bekend publiek
persoon meer waarde : zie Brantano met
schoen ‘Helmut Botti’ of ‘Walter Grootlaars’ =
toestemming voor nodig en naarmate persoon
bekender is des te belangrijker

, ▪ bv. rechtspraak creërde recht op stem
(bescherming stemgeluid) dat waardevoller is
naarmate je bekender bent: zie Roco Granata,
was een italiaan die met zijn nummer ‘Marina’
beroemd werd en die een hese stem had. Een
bedrijf wou radiospot maken en wouden dat hij
dit inzong maar hij wou NIET dus ze lieten het
doen door stemimitator. Hij ging naar
rechtbank Antwerpen en die rechter zei dat hij
persoonlijkheidsrecht nml recht op stemgeluid
had = gecreëerd op basis van art. 1382 oud
BW (meestal)


▪ Patrimoniale rechten : rechten die ieder bezit EN in geld
waardeerbaar zijn en dus WEL deel uitmaken van het vermogen
(gaan dus WEL over op erfgenamen en je kan er WEL over
contracteren: je kan ze bv. verkopen of over beschikken in je
testament)
● onderverdeeld in 3 onafhankelijke categoriën:
o Zakelijke rechten : geven heerschappij over een
zaak (bv. eigendomsrecht)
o Vorderingsrechten : geven heerschappij over een
vordering => in de zin dat u kan afdwingen dat
iemand tov. u een gedraging stelt (bv.
schuldvordering)
o Intellectuele eigendomsrechten (IER) : geven
heerschappij over een creatie van de geest (bv. merk
of muziek)

INDELING VAN DE IER : WELKE ER ZIJN

Intellectuele eigendomsrechten = verzamelbegrip die onderverdeeld kan worden in 2
categoriën (wereldwijd)

⇨ Industriële eigendomsrechten
o Merkenrecht : bescherming van een merk (bv. Perrier)
o Tekeningen- en modellenrecht : bescherming van vormgeven (bv. vorm bril
of kledij)
▪ Wordt OOK beschermd door het auteursrecht
o Octrooirecht : bescherming van uitvindingen = iets technisch (bv.
speculaaspasta Lotus)
o Kwekersrecht : bescherming van nieuwe rassen (bv. nieuw soort appel)
o Chipsrecht : elektronische schakelingen = technisch (sinds 1983 maar nog
nooit procedures over geweest)
o Benamingen oorsprong/geografische aanduidingen/herkomstaanduidingen
(bv. champagne)
o Handelsnaam : naam om handelsactiviteit aan te geven



1

, ▪ Handelsnaamrecht beschermt de naam van een onderneming
zelf (de naam waaronder je bedrijf opereert). Dit recht ontstaat
door feitelijk gebruik in het handelsverkeer, dus zonder
registratie.
▪ <-> Merkenrecht beschermt een merk (zoals een naam, logo of
slogan) dat dient om producten of diensten van een onderneming te
onderscheiden. Dit recht ontstaat meestal door registratie (bijv. bij
een merkenbureau).
o Gebruiksmodellen : bescherming van kleine uitvindingen die geen octrooi
krijgen
▪ Kennen we NIET in BE : wel in een paar andere landen in de EU (bv.
DUI)


⇨ Auteursrechten sensu lato (ruime zin) : auteursrecht is OOK een verzamelbegrip
o Auteursrecht sensu stricto (enge zin) : kan vandaag ALLES beschermen
= ruim beschermingsregime
o Naburige rechten : bescherming van prestaties die verband houden met
het auteursrecht, maar niet onder het klassieke auteursrecht vallen. Het
gaat bijvoorbeeld om uitvoerende kunstenaars (zoals acteurs en
muzikanten) die werken van letterkunde en kunst uitvoeren.
→ Om een artiest te filmen of op te nemen, heb je dus niet alleen
toestemming nodig van de auteur (bv. componist), maar ook van
de uitvoerder (bv. zanger), omdat ook die prestatie beschermd is.
→ Deze rechten kunnen worden overgedragen (bv. bij FC De
Kampioenen ontvangen de acteurs geen rechten, maar de VRT wel).
o Beschermings computerprogramma’s : bepaald aantal afwijkende
regels
▪ Je kan computerprogramma’s OOK laten octrooieren : 2
beschermingsregimes
o Databanken : appart regime want worden vaak leeggehaald en via
auteursrecht kon daar niks aan gedaan worden


⇨ PAS OP :
o Bedrijfsgeheimen/know how : je zou denken dat men die beschermd
met een octrooi MAAR octrooien aanvragen kan zeer duur zijn DUS veel
uitvindingen worden gewoon geheim gehouden (want indien je een octrooi
neemt wordt je uitvinding publiek) (bv. samenstelling speculaas Lotus =
bedrijfsgeheim)
▪ In BE is er een (wettelijk) beschermingsregime voor
bedrijfsgeheimen : MAAR dat is GEEN intellectueel eigendomsrecht
want het geeft GEEN exclusieve rechten erop maar verhindert
alleen dat mensen bepaalde handelingen/gedragingen stellen. (Zo
kan je optreden tegen bv. iemand die het openbaar maakt en
daarvoor bij de rechter een schadevergoeding vragen)




2

, ▪ Eenmaal openbaar : dan ben je het bedrijfsgeheim kwijt en mag
iedereen het namaken (niks tegen te doen : alleen sanctie tegen
persoon die openbaar maakte, niet tegen namakers).
o Domeinnamen : wetgeving hieromtrent MAAR het geeft je GEEN
exclusiviteit, alleen het recht om op te treden tegen mensen die zonder uw
toestemming uw domeinnaam deponeren (bv. www.ugent.be) => is ook
GEEN intellectueel eigendomsrecht
▪ Bekende zaak in BE : naam Filip De Winter onder .be


KENMERKEN VAN DE IER

= Waarom het een aparte rechtscategorie is

⇨ Monopolierechten : een positief recht: jij hebt als enige het exclusieve recht
om iets te doen (bv. een werk exploiteren, een merk gebruiken). <->
Verbodsrecht = een negatief recht: jij kan anderen verbieden om datzelfde
te doen zonder jouw toestemming.
⇨ Aan eenieder tegenstelbaar : als je een intellectueel recht hebt dan mag
niemand zonder uw toestemming uw creatie gebruiken ookal wist die persoon
NIET van het bestaan van dat recht.
⇨ Begrensde rechten : systeem van vrije mededinging = vrijheid van kopie:
basisregel is dat u alles van uw concurrent mag kopiëren zonder toestemming
o => als we die regel absoluut hanteren dan valt iedere vorm van creativiteit
stil (bv. was in NL gebeurd)
o => bescherming door IER: deze stellen beperkingingen aan die vrijheid van
kopie ten voordele van creativiteit. Maar doordat die rechten een
uitzondering vormen op de vrijheid van kopie is gaan we ze ook begrenzen.
▪ Op vlak van territorialiteit : alleen bescherming in landen waar u het
aangevraagd en verkregen heeft
● DUS direct beslissen in welke landen je bescherming gaat
aanvragen want als je te lang wacht zijn ze NIET meer
beschermbaar in dat land.
● bv. Originele logo VTM alleen gedeponeerd in benelux-
landen. in ITA had iemand de initialen VTM dit logo
overgenomen en dit was dus GEEN inbreuk.
▪ Op vlak duur : IER krijg je alleen voor een beperkte periode en
daarna heb je in principe GEEN bescherming meer (soms lang bv.
auteursrecht tot 70 jaar na dood, soms kort bv. octrooi voor 20 jaar)
▪ Op vlak beschermingsvoorwaarden : IER krijgt u maar als u voldoet
aan bepaalde beschermingsvoorwaarden. Je krijgt dus GEEN
bescherming voor banale zaken.
⇨ Voorwerp bescherming = creatie van de geest : zaken die u ontworpen heeft
met uw hersenen
o Vandaag problematisch door AI : kan dit beschermd worden want dit is
GEEN menselijke geest?

3

, ⇨ Grote economische waarde : kan waardevol zijn
o bv. BE farmaceutisch bedrijf UCB gespecialiseerd in allergiën (heeft
medicaties daaromtrent) en is een beursgenoteerd bedrijf (je kan er
aandelen van kopen) : de waarde van die aandelen variëert in functie van
de octrooien die ze hebben (bewijs van economische waarde: octrooien
leveren geld op).
⇨ Zijn OOK grondrechten : art. 17 lid 2 Handvest Grondrechten EU
o Wel GEEN absolute bescherming => afweging tov. andere grondrechten
(bv. vrijheid ondernemerschap of recht op persoonlijke levenssfeer)


⇨ PAS OP :
o Bestaan alleen via optreden wetgever : wetgever bepaald of er IER zijn
en er moeten dus voor alle IER wettelijke regels zijn.
o GEEN begrensde categorie

▪ Er komen voortdurend IER bij : naarmate belang van bescherming
stijgt + naarmate groepen lobbyen. DUS de lijst van IER is NIET ‘de’
lijst (bestaan ook NIET allemaal even lang).
● bv. Geurindustrie lobbyt ervoor maar krijgt geen IER.

VERSCHILPUNTEN AUTEURSRECHT – INDUSTRIËLE EIGENDOMSRECHTEN

= verschilpunten die onderscheid nodig maken : verschilpunten zijn WEL relatief
geworden

⇨ Formaliteiten:

o van alles wat onder auteursrecht valt krijg je automatisch bescherming
zonder formaliteiten

o <-> bij industriële eigendomsrechten WEL formaliteiten want nodig dat je
ze aanvraagt/inschrijft
▪ relativeer: WEL sommige industriële eigendomsrechten zonder
formaliteiten: bv. handelsnaam = recht door inbezitname (door
feitelijk bezit krijg je het)


⇨ Duur:
o auteursrecht krijg je zeer lang (tot 70 jaar na dood)
o <-> industriële eigendomsrechten hebben een korte bescherming (bv.
octrooi 20 jaar)
▪ relativeer : bv. merken krijg je voor 10 jaar maar kan je oneindig
verlengen
⇨ De aard van toegekende rechten :




4

, o bij auteursrecht krijg je exploitatierechten/vermogensrechten (recht
om geld te maken van je creatie) maar nog OOK morele rechten (=
persoonlijkheidsrechten (bv. recht op naam))
o <-> bij industriële eigendomsrechten in principe alleen
exploitatierechten/vermogensrechten (recht om geld te maken van je
creatie)
▪ relativeer: bv. bij octrooi ook recht vermelding als uitvinder (moreel
recht) en bij sommige auteursrechten GEEN morele rechten


⇨ De beschermingsvoorwaarden :
o bij auteursrecht = subjectief : rechter heeft beoordelingsmarge/vrijheid bij
vraag of en in welke mate die een auteursrecht toekent (streng-soepel)
▪ bv. Hof van Beroep Antwerpen stonden bekend om soepel te zijn bij
auteursrecht en advocaten maakten hier gebruik van MAAR nu
jongere groep rechters die strenger zijn.
o <-> industriële eigendomsrechten = objectief : octrooi krijgen of niet
wordt beslist dmv pure feiten en rechter heeft GEEN beoordelingsvrijheid
▪ relativeer : OOK bij sommige industriële eigendomsrechten hebben
rechters enige beoordelingsvrijheid bv. bij het merkenrecht: “Fun”
gedeponeerd als een merk dus in principe de enige die die naam
mochten gebruiken. Een onafhankelijke speelgoedwinkel maakte
reclame en gebruikte het woord ‘fun’ daarin. De winkel “Fun” trad
hiertegen op. De speelgoedwinkel poneerde dat het merk onterecht
verleent is geweest aangezien het niet voldoet aan de
beschermingsvoorwaarden. Een merk moet nml. onderscheidend
vermogen hebben.
Dat betekent dat het teken (naam, logo, slogan…) de consument in
staat moet stellen om de producten of diensten van één
onderneming te onderscheiden van die van andere
ondernemingen. De naam fun is puur beschrijvend want iedereen
gebruikt het woord ‘fun’, het wijst gewoon op (kinderen die) plezier
hebben en is daarom puur beschrijvend zonder onderscheidend
vermogen. In de kamer die de zaak behandelde zetelden 3 jonge
vrouwelijke magistraten met kinderen : die zeiden dat het het merk
“fun” wel duidelijk te onderscheiden was van andere
ondernemingen. Maar moesten dat nu 3 oude mannen zijn zouden
ze het merk wellicht niet zo goed kennen en WEL oordelen dat er
niet voldaan is aan een onderscheidend vermogen. Dus ook in het
merkenrecht enige subjectiviteit.


⇨ Rol :
o Het auteursrecht heeft een culturele rol.
o <-> Industriële eigendomsrechten spelen een economische rol.
▪ relativeer: onderscheid is achterhaald vandaag, auteursrecht speelt
OOK een enorme economische rol

DE BESCHERMING VAN 1 CREATIE DOOR MEERDERE IER


5

, ⇨ Beginsel van de cumulatie (behoudens wettelijk anders voorzien) : je kan voor
1 creatie verschillende intellectuele rechten vragen (bv. zowel een octrooi,
bescherming als model als auteursrecht vragen voor een grote tractorband).
⇨ MAAR problematiek van de kosten (praktijk) : bij industriële eigendomsrechten
zijn er formaliteiten voor verkrijging en dat kan heel wat kosten bv. in het
octrooirecht is iedere stap kostelijk (indieningstaks – onderzoekstakst –
publicatietaks) en als dat in veel landen wilt doet al zeker.
o In praktijk gaat men DUS enkel het meest geschikte intellectuele
eigendomsrecht zoeken en die aanvragen.
o bv. Lego maakt keuzes door financiële onhaalbaarheid

TERRITORIALITEIT


⇨ Beginsel : bescherming aanvragen in de landen waar u bescherming wil
o Maar het verlenen van merken wordt niet geregeld op BE niveau maar
meteen op het niveau van de benelux. Dus als je een merk aanvraagt in
België doe je dat automatisch voor heel de benelux en krijg je bij
verkrijging van dat merk bescherming in heel benelux.


⇨ Oplossing :
o Nationale procedure doorlopen : administratief omvangrijk want in alle
landen formulieren invullen en in elk land volle pot betalen
o Internationale aanvraag (om territorialiteit te ondervangen) : ook via
een aanvraagformulier MAAR geeft de mogelijkheid om meerdere landen
aan te duiden in 1 aanvraag waardoor je met 1 aanvraag een procedure
start in alle landen waar u bescherming wilt.
▪ dit mechanisme werkt via internationale overeenkomsten
o Communautaire IER : in EU 1 aanvraag doen en dan bescherming krijgen
in ALLE 27 lidstaten (je mag dus geen lidtstaten kiezen, moet ze meteen
allemaal nemen)
▪ => uniemerk – gemeenschapsmodel – Europees octrooi met
eenheidswerking (sinds vorig jaar : beperkt tot 17 lidstaten) –
gemeenschappelijke titel in kwekersrecht
● bv. Als je een merk aanvraagt bij het Europees
merkenbureau, dan krijg je meteen bescherming in alle (27)
lidstaten.
▪ => eenvoudiger + goedkoper + succesvoller

▪ MAAR ook een nadelen aan uniemerk: Als je werkte via de
nationale/internationale procedure om bv. een Frans en een Duits
merk te verkrijgen maar Frankrijk verklaard nadien uw merk nietig
dan blijft uw Duits merk wel nog bestaan want de Franse rechter is
alleen bevoegd voor Frankrijk. MAAR als je werkte via de EU-
procedure om een uniemerk te verkrijgen geldt er een eenheid DUS
als hier je merk in één van de lidstaten nietig wordt verklaard is het



6

, automatisch nietig in alle andere lidstaten (= systeem van alles of
niets).
o opm.: men kan kiezen voor meerdere wegen


⇨ Uitzondering: communautaire uitputting binnen de Europese
Economische Ruimte (EER)
o De regel vloeit voort uit het vrij verkeer van goederen binnen de EU/EER
(EU + Noorwegen, IJsland en Liechtenstein → 30 landen).
o Wanneer een product rechtmatig in de EER op de markt wordt
gebracht door de houder van het IE-recht of met diens
toestemming, dan is het distributierecht van die houder uitgeput.

o Gevolg:
▪ De houder van een intellectueel eigendomsrecht (bv. auteursrecht,
merk, octrooi) kan zich niet meer verzetten tegen verdere
verkoop of doorverkoop binnen de EER van dat specifieke
exemplaar.
▪ Dit geldt ook als het product in een andere lidstaat goedkoper wordt
verkocht en vervolgens wordt doorverkocht (parallelhandel/import-
export binnen EER is toegestaan).
● bv. Stel u hebt in BE en in ITA een product op de markt gezet
en voor dat product auteursrechten verkregn. In ITA
verkoopt u het product goedkoper dan in België. Een slimme
ondernemer koopt uw producten in ITA om die dan aan een
lagere prijs te verkopen in BE. Dan kan je niet op basis van
het BE auteursrecht proberen om dat product dat u zelf op
markt hebt gebracht in ITA in BE van de markt te halen. Er
geldt een vrij verkeer van goederen.

o Belangrijke nuance:
▪ Dit geldt enkel voor originele producten die met toestemming
op de markt zijn gebracht.
▪ Het geldt niet bij namaak of inbreukproducten (die vallen
buiten uitputting).

BELANGRIJKE VERDRAGEN


⇨ Typisch : het bestaan van vele verdragen (+ zijn oud)

o = op het domein van IR zijn er heel veel internationale overeenkomsten en
die zijn vaak heel oud, waarom?
⇨ Doelstelling verdragen (soms gecumuleerd) :
o Harmonisatie van de bescherming (op wereldvlak):
▪ Heleboel verdragen inzake IR (bv. het verdrag inzake octrooien) die
zeggen hoe de LS IR moeten toekennen/beschermen.



7

, ▪ wat men binnen de EU probeert via RL doet men op wereldvlak via
overeenkomsten
o Minimum niveau bescherming :
▪ Bijna alle landen van de wereld hebben IER-rechten, zelfs zeer arme
afrikaanse en aziatische landen, maar sommige landen zijn gekend
als landen waar heel veel namaak gemaakt wordt. Hoe kan dat? De
drempel van bescherming ligt in sommige landen heel laag. Heel
weinig wordt dan beschouwd als een merkinbreuk, daartegen
probeert men op te treden via internationale verdragen, die
minimumstandaarden kunnen opleggen, dan moeten de LS de
merken een minimum van rechten en bescherming geven.
▪ Bv. Voor de trump-periode gebruikten de amerikanen altijd IER
binnen het kader van hun handelspolitiek, veel landen wouden nml
handel drijven met de VS, en om dat te doen moesten ze van de
amerikanen toetreden tot overeenkomsten die een minimum van
bescherming voorzagen zodat ze zouden optreden als amerikaanse
producten werden nagemaakt.
o Bescherming buitenlanders (afbouw reciprociteit)
▪ Krijgt een buitenlander bescherming in andere LS mbt zijn creaties?
In de IER-wetten van veel landen zit het principe van reciprociteit
(wederkerigheid) vervat: een land verleent alleen bescherming aan
buitenlandse makers als het land van herkomst van die
buitenlandse makers dezelfde bescherming geeft aan de makers
van dat eerste land.
▪ Binnen de EU is dit principe sowieso al afgebouwd omdat in het
VWEU een artikel zit die discriminatie op grond van nationaliteit
verbiedt. Een onderdaan van een andere LS moet dezelfde rechten
krijgen in een bepaalde LS als hun eigen onderdanen.
▪ Via internationale overeenkomsten (belangrijk voor niet EU-LS)
bouwen ze deze reciprociteit ook af door het principe van
assimilatie = als landen toetreden tot de internationale
overeenkomst dan verbinden ze zich ertoe om aan onderdanen van
andere staten aangesloten aan die internationale overeenkomst
dezelfde bescherming te geven als eigen onderdanen.
▪ Bv. Een producer van een Europese platenmaatschappij ging op
vakantie in Bolivië en die persoon nam een deuntje op en maakte
daar een zomerhit (de Lambada) mee. De auteur uit Bolivië hoorde
dit en gaf aan dat hij daar geld voor wou. Juristen van
platenschappij zeiden dat Europeanen in Bolivië geen
auteursrechten krijgen want die hebben daar helemaal GEEN
auteurswetgeving DUS volgens het beginsel van de reciprociteit had
die Boliviaan helemaal GEEN beschermd auteursrecht. (Hij heeft in
casu WEL geld gekregen (en zwijggeld). Ondertussen heeft Bolivië
wel auteurswetgeving.
o Centralisatie van de aanvraag: Als je een IER in meerdere landen wil
dan moet je normaal land per land een aanvraag doen. Staten kunnen



8

, weliswaar via een intenationale overeenkomst afspreken dat hun
onderdanen via een internationale aanvraag IER kunnen verkrijgen.


⇨ 2 categorieën verdragen :
o Algemene verdragen : geldend voor meerdere (of alle) IER
o Specifieke verdragen : geldend voor 1 specifiek IER of zelfs alleen 1
onderdeel van een IER


4 ALGEMENE VERDRAGEN


HET WIPO/OMPI-VERDRAG

⇨ (NIET in wetboek)

⇨ = Verdrag tot oprichting van de Wereldorganisatie voor de Intellectuele
Eigendom : World Intellectual Property Organization of Organisation Mondiale de
la Propriété Intellectuelle
o Speelt een belangrijke rol binnen het octrooirecht en het merkenrecht.
⇨ Gesloten op 14 juli 1967

⇨ Door verdrag oprichting WIPO /OMPI (kantoor Genève) :

⇨ Gespecialiseerde internationale organisatie binnen de VN
o Gespecialiseerde organsiatie = organisaties die GEEN dochterorganisatie
zijn van de VN maar WEL een band hebben met de VN
⇨ Functionele organisatie = tot 1 activiteitsdomein beperkt : IER (houden zich met
niets anders bezig)
⇨ Doel WIPO/OMPI :
o Bevordering (en bescherming) intellectuele eigendommen
o Administratieve samenwerking tussen Unies bevorderen
⇨ Functies WIPO/OMPI (oa.) :
o Internationale verdragen sluiten en beheren : hier worden de authentieke
(originele) teksten van de verdragen bijgehouden. Hier kunnen staten ook
een akte van toetreding neerleggen en moeten zij eventuele uittreding
officieel ter kennis brengen.
o Harmonisatie IER nastreven
o Stimuleren sluiten overeenkomsten inzake IER : de WIPO heeft
infrastructuur (heel wat zalen/auditoria) voor onderhandelingen
▪ Voor nieuwe verdragen

● Op regelmatige tijdstippen roept de WIPO zijn leden bij
elkaar in Genève en legt hen een ontwerp van een nieuwe
overeenkomst voor. Bv. op het einde van de vorige eeuw
heeft men het auteursrecht moeten aanpassen aan een
nieuwe digitale wereld en daar heeft WIPO het initiatief
genomen om 2 verdragen te maken om het auteursrecht
aan te passen aan die digitale wereld. Dan roept men de


9

Documentinformatie

Geüpload op
21 juli 2026
Aantal pagina's
238
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€12,16
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
rechtenstudent749028

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
rechtenstudent749028 Universiteit Gent
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
2 maanden
Aantal volgers
1
Documenten
5
Laatst verkocht
5 dagen geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen