Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 40 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Farmacologie Deel 2 - 2025

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 40 pagina's

Samenvatting voor Farmacologie Deel 2 aan KU Leuven, docent Minne Casteels, gericht op transmissie in het perifeer en autonoom zenuwstelsel. De aantekeningen behandelen essentiële concepten zoals EPAR, SmPC, off-label gebruik, en de anatomie van het parasympathisch en orthosympathisch zenuwstelsel, aangevuld met farmacologische interacties en receptorblokkers.

Voorbeeld van de inhoud

FARMACOLOGIE DEEL 2
TRANSMISSIE IN HET PERIFEER EN AUTONOOM ZENUWSTELSEL




MINNE CASTEELS




Begrippen

 EPAR = European Public Assessment Report
o innoviatieve geneesmiddelen opzoeken die Europees zijn goedgekeurd:
alles wat men hierover heeft onderzocht en gevonden
 SmPC = Summary of Product Charasterics: klassieke bijsluiter
 SKP = Samenvatting van de Kenmerken van het Product: Nederlandse bijsluiter
 Ema: vaccins goedkeuren
 FAGG = Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsmiddelen:
minister Vandenbroecke
 Off label = voorschrijven of gebruik van geneesmiddel die afwijkt van de officieel
goedgekeurde bijsluiter (vb: andere toediening dan bijsluiter, op kinderen ipv
volwassenen)
o Kan nog steeds wetenschappelijk evident zijn
o In België: NIET terugbetaald
 OTC = over the counter
o Alles wat men bij de apotheek kan afhalen zonder voorschrift
o In België: NIET terugbetaald
 MA (marketing authorization) = VHB
o Toelating om geneesmiddel te verkopen
 Unmet medical need
o Hoger nood voor behandeling waarvoor geen oplossing is bij bepaalde
(zeldzame) ziekten

,Inhoudsopgave
H0: TRANSMISSIE IN HET PERIFEER ZS............................................................3
H1: CHOLINERGE TRANSMISSIE.......................................................................6
ANATOMIE.......................................................................................................................... 6
SYNTHESE, VRIJZETTING, AFBRAAK............................................................................................6
RECEPTOREN....................................................................................................................... 7
Nicotinereceptoren....................................................................................................... 7
muscarinereceptoren................................................................................................... 7
ACTIVATIE........................................................................................................................... 7
farmacologische effecten............................................................................................. 7
stoffen en klinische indicaties......................................................................................8
INHIBITIE........................................................................................................................... 10
Muscarinereceptorblokkers........................................................................................10
Nicotinereceptorblokkers in de ganglia......................................................................12
Nicotinereceptorblokkers/curarisantia........................................................................12
TOEPASSINGEN................................................................................................................... 13
cocaïne, alcohol, cannabis, ecstacy............................................................................13
Glaucoom................................................................................................................... 18
Behandeling luizen, schurft, teken.............................................................................19
H2: ADRENERGE TRANSMISSIE......................................................................21
ANATOMIE........................................................................................................................ 21
SYNTHESE, VRIJZETTING, HEROPNAME.....................................................................................22
AFBRAAK/VERWIJDERING NORADRENALINE................................................................................24
RECEPTOREN..................................................................................................................... 25
DIRECT WERKENDE SYMPATHOMIMETICA..................................................................................26
INDIRECT WERKENDE SYMPATHOMIMETICA................................................................................30
INHIBITIE.......................................................................................................................... 31
TOEPASSINGEN.................................................................................................................. 34
H3: DOPAMINERGE TRANSMISSIE..................................................................36
ANATOMIE........................................................................................................................ 36
SYNTHESE, VRIJZETTING, HEROPNAME, AFBRAAK.......................................................................36
RECEPTOREN..................................................................................................................... 36
ACTIVATIE......................................................................................................................... 36
INHIBITIE: DOPAMINE-ANTAGONISTEN “BUITEN CZS)..................................................................37
H4: SEROTONERGE TRANSMISSIE..................................................................37
ANATOMIE........................................................................................................................ 37
SYNTHESE, VRIJZETTING, HEROPNAME, AFBRAAK.......................................................................37
ACTIVATIE......................................................................................................................... 38
INHIBITIE.......................................................................................................................... 39

,H0: TRANSMISSIE IN HET PERIFEER ZS

 Perifeer ZS
o Afferent = sensorische prikkels naar centraal ZS (nu niet besproken)
o Efferent
 Autonoom ZS
 Parasympathisch ZS (ganglia dichtbij effectororgaan)
o Preganglionaire vezels
 Korte neuronen
 cellichamen in…
 Mesencephalon
 MO
 Sacrale RM
o Postganglionaire vezels
 Lange neuronen
 bezenuwing van…
 Glad spierweefsel
 Hart
 Exocriene klieren
o ! uitsluitend parasympathisch
 M constrictor pupillae
 M ciliaris
 GI klieren
 Traanklieren
 Bronchiale gladde spieren (luchtwegen)
 MAAR: bezitten wel ß2-receptoren
(OZS)
 Orthosympathisch ZS (ganglia paravertebraal)
o Preganglionaire vezels
 Korte neuronen
 cellichamen in…
 Thoracale RM
o Postganglionaire vezels
 Lange neuronen
 bezenuwing van…
 Glad spierweefsel
 Hart
 Exocriene klieren
 Bijniermerg
o Chromaffiene cellen
o = embryologisch homoloog met
postganglionaire OS neuronen
o Geven rechtstreeks
catecholamines vrij in
systeemcirculatie (geen NE)
 Eilandjes van Langerhans
 Lever
 Nier
 Vetwefsel
 Skeletspier

, o ! uitsluitend orthosympatisch:
 Zweetklieren
 Pilomotorspieren
 Bloedvaten
 Nier
 M dilatator pupillae
 Skeletspier
 Enterisch ZS
o Parasympathische ganglia
o Intrinsieke neuronen in de intramurale plexus van
de darmwand
o Geïnnerveerd door postganglionaire vezels van OZS
en preganglionaire vezels van PZS
 Motorisch ZS = motorische prikkels van ventrale RM naar
skeletspier (via NMJ)
 Alfa-motorneuronen
 Gamma-motorneuronen
 Autonoom ganglion
o = ganglion gevormd door de synaps tussen preganglionairer en
postganglionaire vezels
o Bij OZS en PZS: Ach
 Neuro-effectorjunctie (NE)
o = het contactgebied tussen de postanglionaire vezels en het bezenuwde
weefsel
o Bij OZS: noradrenaline
o Bij PZS: Ach
 Neurotransmitters (NT)
o Acetylcholine  cholinerge transmissie
o Noradrenaline  adrenerge transmissie
o NANC (= niet-adrenerge-niet-cholinerge neurotransmitters)
 Dopamine
 Serotonine
 Purine
 Neuropeptiden
 ATP
 NO
 Co-transmissie
o = neuronen zetten meer dan één NT of modulator vrij
o Gevolg: één bestanddeel wordt sneller verwijderd of geïnactiveerd
 Denervatiesupersensitiviteit
o = overgevoeligheid door zenuwsectie of bij farmacologische blokkade
waarbij opheffen van de blokkade leidt tot rebound-effecten
o Mechanismen
 Proliferatie receptoren
 Verlies mechanismen voor NT-verwijdering
 Verhoogde post-synaptische gevoeligheid
 Presynaptische modulatie
o Presynaptische receptoren  NT-vrijzetting door modulatie van Ca2+
instroom

Documentinformatie

Geüpload op
19 juli 2026
Aantal pagina's
40
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€7,66

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
bloempie
3,0
(1)
Verkocht
48
Volgers
0
Items
94
Laatst verkocht
1 dag geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen