HC Peripartum psychopathologie, bipolariteit, angststoornissen en psychose
12/05/2026
Psychopathologie
Normaal vs abnormaal = moeilijk/arbitair verschil
Belang van spectrum denken!
Drie klassieke symptomen van psychopathologie
Wanen = hardnekkige, irrationele overtuigingen
Hallucinaties = zintuigelijke beleving niet conform de realiteit
Verstoord affect = down, manie, angst, geen, etc.
Belang van distress!
Stemmingsstoornis (As 1) = duidelijke verstoring van het affectieve leven wat lijden
veroorzaakt of sociaal/professioneel functioneren belemmert
Bipolariteit
Bipolaire stoornis (DSM V) (vroeger manisch-depressieve stoornis) = afwisselende periodes van
depressie/intense somberheid en manie (extreme vrolijkheid/opwinding)
Manie = euforisch, energetisch, hyperactief, zeer spraakzaam, emotioneel opgewonden (vaak
risicogedrag)
Depressieve fase = melancholie, symptomatisch beeld conform ‘unipolaire depressie’ ≠
unipolaire depressie (zie effect antidepressiva)?
Genetische/biologische component
Prevalentie: 1-3%, = mannen en vrouwen
Recent: toename van bipolariteit bij jonge kinderen?
Verschillende types, maar 2 belangrijkst zijn
Bipolaire stoornis type I: minstens 1 manische episode, vaak afwisselend met depressies
Bipolaire stoornis type II: minstens 1 hypomane episode (mildere vorm van manie) en 1 of
meer ernstige depressieve episodes
o Vrouwen met bipolariteit ervaren gemiddeld meer en langere depressieve periodes
dan mannen
o Dit kan de diagnose vertragen, omdat het aanvankelijk lijkt op een unipolaire
depressie
o Vrouwen hebben vaker ‘rapid cycling’: 4 of meer stemmingswisselingen per jaar (link
hormonale sturing en emotionele balans?)
Angststoornissen
Angststoornissen = psychische problemen met als belangrijkste kenmerk angst
4 soorten:
Gegeneraliseerde angststoornis
o Hardnekkige en algemene gevoelens van angst zonder extern aanwijsbare oorzaak die
het functioneren verstoren
Paniekstoornis
o Terugkerend sterk gevoel van paniek (psychologische en fysieke gewaarwording) dat
spontaan ontstaat en geen enkel verband houdt met de gebeurtenissen van het
moment zelf
Verschillend in duur (lang vs enkele minuten) en ‘anticiperende angst’ (= angst voor paniek
die gaat komen)
Fobische stoornis
o Aanhoudende en irrationele angst voor een specifiek voorwerp, activiteit of situatie
met een angstrespons niet in verhouding met de aanleiding voor de angst
(hypothetische oorzaak: biologische aanleg verklaart waarom we sommige angsten
sneller aanleren dan andere angsten)
12/05/2026
Psychopathologie
Normaal vs abnormaal = moeilijk/arbitair verschil
Belang van spectrum denken!
Drie klassieke symptomen van psychopathologie
Wanen = hardnekkige, irrationele overtuigingen
Hallucinaties = zintuigelijke beleving niet conform de realiteit
Verstoord affect = down, manie, angst, geen, etc.
Belang van distress!
Stemmingsstoornis (As 1) = duidelijke verstoring van het affectieve leven wat lijden
veroorzaakt of sociaal/professioneel functioneren belemmert
Bipolariteit
Bipolaire stoornis (DSM V) (vroeger manisch-depressieve stoornis) = afwisselende periodes van
depressie/intense somberheid en manie (extreme vrolijkheid/opwinding)
Manie = euforisch, energetisch, hyperactief, zeer spraakzaam, emotioneel opgewonden (vaak
risicogedrag)
Depressieve fase = melancholie, symptomatisch beeld conform ‘unipolaire depressie’ ≠
unipolaire depressie (zie effect antidepressiva)?
Genetische/biologische component
Prevalentie: 1-3%, = mannen en vrouwen
Recent: toename van bipolariteit bij jonge kinderen?
Verschillende types, maar 2 belangrijkst zijn
Bipolaire stoornis type I: minstens 1 manische episode, vaak afwisselend met depressies
Bipolaire stoornis type II: minstens 1 hypomane episode (mildere vorm van manie) en 1 of
meer ernstige depressieve episodes
o Vrouwen met bipolariteit ervaren gemiddeld meer en langere depressieve periodes
dan mannen
o Dit kan de diagnose vertragen, omdat het aanvankelijk lijkt op een unipolaire
depressie
o Vrouwen hebben vaker ‘rapid cycling’: 4 of meer stemmingswisselingen per jaar (link
hormonale sturing en emotionele balans?)
Angststoornissen
Angststoornissen = psychische problemen met als belangrijkste kenmerk angst
4 soorten:
Gegeneraliseerde angststoornis
o Hardnekkige en algemene gevoelens van angst zonder extern aanwijsbare oorzaak die
het functioneren verstoren
Paniekstoornis
o Terugkerend sterk gevoel van paniek (psychologische en fysieke gewaarwording) dat
spontaan ontstaat en geen enkel verband houdt met de gebeurtenissen van het
moment zelf
Verschillend in duur (lang vs enkele minuten) en ‘anticiperende angst’ (= angst voor paniek
die gaat komen)
Fobische stoornis
o Aanhoudende en irrationele angst voor een specifiek voorwerp, activiteit of situatie
met een angstrespons niet in verhouding met de aanleiding voor de angst
(hypothetische oorzaak: biologische aanleg verklaart waarom we sommige angsten
sneller aanleren dan andere angsten)