Hoofdstuk: Infuustherapie
Een infuus (infusie of perfusie) is het toedienen van (grote) hoeveelheden
vocht, elektrolyten, voedingsstoffen, geneesmiddelen via parenterale weg
Indicaties infuustherapie:
1) Diagnostisch:
. Perifeer (inspuiten contrastof)
. Centraal (Nemen van stalen, drukmetingen)
2) Therapeutisch:
. Preventief (Waakinfuus, aanvullend/vervangend)
. Curatief (Afwijkingen volume/samenstelling, herstellen, IV medicatie,
voeding, desintoxicatie)
De infuusvloeistof wordt toegediend a.d.h.v. 2 principes de
zwaartekracht en de luchtdruk. Steriliteit en een behoud van een
gesloten systeem zijn 2 belangrijke basiselementen!
Taak VPK:
B1 prestatie (plaatsen van een perifere katheter en toedienen van
isotone oplossing)
B2 prestatie (Alle andere vloeistoffen/ Med IV)
IV- toedieningswegen:
Perifeer: venen onderarm, hand, voet
Centraal: V. subclavia, V. jugularis, V. femoralis
Perifere katheter:
Voorwaarden:
Voldoende flow
Rechtlijnig verloop
Opp gelegen
Voelbaar
Plaatsen:
Arm/hand
Niet thv gewrichten
Voet: thv enkel of voetrug
Ter plaatse blijven zolang geen tekens infectie
Voordelen:
Plaatsing door VPK
, Vrij grote hoeveelheid vocht
Snelle inwerking medicatie
Isotone oplossing (licht hypertoon: trage toedining)
Nadelen:
Plaatsing niet envoudig
Sneuvelt vrij vlug
Nauwkeurig toezicht
Complicaties oa hematoomvorming
Centrale katheter:
Benodigdheden infuustherapie:
1. Voorgeschreven vloeistof
. Nazicht van: Uitzicht, samenstelling, hoeveelheid, vervaldatum,
toedieningsweg, steriliteit, luchtledigheid
. Vorm: fles of zak (luchtklepje!)
2. De leiding (standaardtrousse)
. Toediening dmv zwaartekracht
. Formule berekening (aantal druppel/min regeling via
rolklem)
3. Hulpmiddelen instellen infuussnelheid
. Debietregelaar (dial-a-flow, hospiflow)
= aantal ml/uur
Rolklem volledig open (ijking is noodzakelijk!)
Formule:
, . Infuuspomp
= voor zeer juiste infusie ml/uur
Rolklem open
. Spuitpomp
= Zeer trage IV med, ml/uur
Aandachtspunten infuussnelheid
1) Formule toepassen afhankelijk van trousse en/of debietregelaar/pomp
2) Let op eenheden
3) Let op afrondingsregels
4) Denk logisch na
5) Herhaal dosisberekening
6) Check door collega
4. Katheter
=Flexibele buis met naald (=mandrain)
=Naald om aan te prikken, katheter wordt erover geschoven
5. Polyschakelkraantjes
= 3-wegkraan
, 6. Fixatiemateriaal
Voorwaarden punctieplaats:
o Steriel afdekken
o Best transparant
Leiding fixeren met kleefpleister
Infuussnelheden:
Infuusleidingen
1. Standaardtroussen (20dr = 1ml)
2. Trousse voor nauwkeurige toediening (60dr = 1 ml)
Hulpmiddelen instellen infuussnelheid
Testdosis:
In bolus: spuit 1/10 in - spoel na - observeer – geef overige medicatie
Infuus: observeer vanaf start infuus –en regelmatig tijdens toediening
Aandachtspunten IV medicatie:
Ontsmet een injectiepoort voor het aanprikken
Hou steeds steriel compres met alcohol (70%) onder systeem tijdens
manipulaties/ontkoppeling
IV medicatie:
Afsluiten medicatie:
o Naspoelen
o Ctl snelheid infuus
o Ctl driewegkranen
o Observatie PT
o Noteer in dossier
Osmolariteit infuusvloeistof