H0: opfrissing kennis NSTO
• Een zwakke taalvaardigheid kan zich uit binnen de verschillende taaldomeinen
o Taalinhoud
o Taalvorm
o Taalgebruik
o Metalinguïstiek
Visie op taalverwerving
Sociaal-interactionistische visie
• Aangeboren taalvermogen en omgevingsfactoren (taalaanbod) beide belangrijk
o Taalvermogen = hoe hard LAD ontwikkeld is
o Taalaanbod = ouders, school
• Belang van rijk en gevarieerd taalaanbod
• Belang van sociale interacties voor leren van taal
Taalverwerving
➔ Is product van de vroege sociale interacties tussen kinderen en verzorgers
• Taalverwerving is natuurlijk gevolg van deze interacties, als communicatiepogingen van
het kind worden beantwoord
• Verstoring is van de sociale interacties
o Kans op problemen met taalverwerving
Taal en communicatie … hetzelfde of toch niet?
Communicatie
➔ Het uitwisselen van informatie (Van Dale)
➔ De middelen waarmee mensen met elkaar omgaan en/of zich tot elkaar gedragen, het is
en proces van overbrengen van info van de ene persoon naar de andere, er is altijd een
zender en ontvanger (Carpentier)
Doel van communicatie
• Invloed uitoefenen op onze omgeving
1
, Spraakpathologie en taalontwikkelingsstoornissen
Taal
• Taal is een medium van communicatie
o Taal is belangrijke basis voor onze kennis
• Taal bestaat niet alleen uit woorden (verbaal)
• Taal kan ook non-verbaal zijn
o Gebaren en schrift zijn voorbeelden van non-verbale taal
➢ Dit zijn dus ook mediums van communicatie
Functies van taal
• Het creëren van sociale verbondenheid
• Het uiten en begrijpen van emoties, behoeften en ideeën
• Het sturen en organiseren van het denken
• Het verwerven van kennis en informatie
• Het markeren van culturele identiteit
Voorwaarden voor spraak- en taalontwikkeling
Taal
➔ Multi-dimensioneel gebeuren
• Taal leren = wisselwerking tussen aangeboren taalvermogen en het taalaanbod vanuit de
omgeving
1. Kindgebonden (persoonlijke) factoren
o Aangeboren taalvermogen = taalaanleg
o Belang kritische periode voor taal (0-10 jaar)
o Taal is belangrijk voor ontwikkelingsdomeinen, EN ontwikkelingsdomeinen zijn
belangrijk voor taal
➢ Senso-motoriek
- Motoriek beïnvloed taal (“niet aan de plant komen” meerdere keren
herhalen waardoor het kind een link legt dat dat een plant is)
➢ Emotionele ontwikkeling
➢ Cognitieve ontwikkeling = hersenen, IQ
➢ Sociale ontwikkeling
2. Externe factoren (niet-kindgebonden factoren)
• Taalaanbod
➔ Taal die kind vanaf zijn geboorte hoort
o Brede omgevingstaal
→De taal hoe ouders tegen andere ouders
spreken, de taal die het kind onrechtstreeks te horen krijgt
o Child directed speech
→De taal die je rechtstreeks tegen je kind gebruikt
➢ Motherese
➢ Fatherese
2
, Spraakpathologie en taalontwikkelingsstoornissen
o Invloed op culturele context
Dimensies van de taalontwikkeling
Taalbegrip Passieve of receptieve taal
Taalproductie Actieve of productieve taal
Taalbegrip gaat voor taalproductie
Taaldomeinen en componenten
Taalcomponenten
1. Taalbegrip VS taalproductie
• Taalbegrip = het begrijpen van taal (comprehensieve taal)
• Taalproductie = het produceren van taal (expressieve taal)
Het begrijpen van taal gebeurt altijd eerst, daarna kan het kind pas taal produceren
2. Taalvorm VS taalinhoud VS taalgebruik
• Schema van Bloom/ lahey p19 – p20 (spraak- en taalontwikkeling)
Opbouw van taal
1. Taalvorm
• Morfologie = hoe woorden van vorm veranderen (vervoegingen en verbuigingen)
• Syntaxis = begrip van woordvolgorde in zinnen + opbouw en gebruik van verschillende
zinsstructuren (= grammatica)
• Fonologie = identificeren, discrimineren en produceren van klanken & het bewustzijn van van
de volgorde van klanken en klankgroepen in woorden klanken en de vorm van klanken in
woorden
2. Taalinhoud
➔ De betekenis in taal
• Lexicon = de woordenschat van een taal
• Semantiek = betekenis van woorden
3. Taalgebruik/ pragmatiek
➔ Geheel van regels in verband met taalgebruik in een sociale context
4. Metalinguïstiek
• Nadenken en redeneren over taal, taal gebruiken voor zichzelf
3
, Spraakpathologie en taalontwikkelingsstoornissen
Taalcomponent Taalniveau Taalreceptie Taalproductie
Taalinhoud Woordenschat (lexicon) Woorden begrijpen Woorden produceren
Semantiek Woorden begrijpen en Relaties tussen woorden
interpreteren produceren
Woordvinding
Woordvorming
Benoemingsflexibiliteit
Taalvorm Fonologie Discrimineren van (spraak) Produceren van
klanken en fonemen (spraak)klanken
Morfologie Begrijpen van vervoegingen Produceren van correcte
en verbuigingen vervoegingen en verbuigingen
van (werk)woorden
Syntaxis Begrijpen van grammaticale Produceren van grammaticale
structuren en de structuren en de juist
woordvolgorde (bevestigend, woordvolgorde hanteren
vragend, ontkennend)
Taalgebruik Communicatieve functies Begrijpen van verbale en Taal gebruiken in de sociale en
non-verbale functies situationele context
Conversatievaardigheden Begrijpen van figuurlijke en Produceren van figuurlijke en
abstracte taal abstracte taal
Begrijpen van de
verschillende Gespreksvoering vertellen
conversatievaardigheden
Metalinguïstiek Reflectie over taal Begrijpen van (eigen) Vragen naar juiste betekenis
gemaakt fouten
Spelen met taal, taal
Taalspel Begrijpen van taalspelletjes, gebruiken van figuurlijke en
figuurlijke en abstracte taal abstracte taal
Taal gebruiken om gedrag te
Begrijpen dat gedrag eigen beïnvloeden
Taalregulerend gedrag gedrag kan beïnvloeden
Fasen in de taalontwikkeling
1. Preverbale of voortalige fase (0-12m)
2. Vroegtalige fase (1-2,5j)
3. De differentiatiefase (2,5-5j)
4. De voltooiingsfase (vanaf 5 jaar)
4