hoofdstuk 2: Barok: de beginselen
RECAP: Renaissance architectuur
proporties, harmonie en geometrie
balans verticale en horizontale elementen
basis = menselijke proporties
Pythagoreische invloed en modulaire
eenheden: cirkels en vierkanten als
basisvormen
- alles moet passen in geometrie,
goed gebouw bestond enkel wanneer er harmonie was, alles is strak en een geheel
schilderkunst-beeldhouwkunst-architectuur -> kunstenaar-architect
vb. Brunelleschi, Firenze, Ospedale degli Innocenti (1419) -> alles heeft samen een perfect
geometrie
vb. Michelangelo is eigenlijk schilder die ook aan architectuur gaat doen omdat het wordt
gezien als onderdeel van kunst
Barok (1600-1750)
visie van architect kan alles bepalen (idee van kleine god op aarde, architect heeft alle macht
in het ontwerpen, gaat nog verder dan maniërisme)
voortvloeiing evolutie Renaissance -> maniërisme -> …
- intellectuele oefening en creator
Barok gaat expliciet op zoek naar complexiteit
Barok = soort voortvloeiing van evolutie van Renaissance naar maniërisme
Renaissance: eenvoud, harmonie, ritmisch, duidelijk
Barok: op zoek naar complexiteit, iets wat niet altijd duidelijk is en mysterieus is
,kenmerken Barok
zoektocht naar contrast: clair obscur = licht en donkerte werking
muziek (Bach)
plasticiteit: gebouwen zijn vervormbaar en zijn geen strakke dozen meer -> volumes zijn niet
puur maar bewerkt
evolutie in schaal: monumentale orde (vb. kolommen over meerdere verdiepen)
‘levende gevels’
dieptewerking: convex en concaaf -> gebouwen hebben niet enkel vlakke gevels meer ->
sommige dingen zullen uitstulpen of inklappen
verdere evolutie in schaal (zoals we al zagen beginnen in Renaissance) -> schaalvergroting:
bovenmenselijk
Michelangelo: monumentale orde en overtreffende grote schaal creeëren -> naar enorme
schaalvergroting met bovenmenselijke schaal
Barok: mysterie
ratio Renaissance: duidelijke logica binnen het bouwen -> Barok: beleving van de mensen
die naar de kerk gaan is belangrijk, ze moeten emotioneel geraakt worden = emotionele
beleving, niet meer zo hard de nadruk op het geometrische en de ratio
Barok is ontstaan in Italië -> stereotype Italianen = geëmotioneerde mensen
term Barok: belediging van de Fransen (te veel frulletjes, …) -> baroko = onvolmaakte parel
binnenin schelp
link naar Contra-Reformatie: Barok is antwoord op Contra-Reformatie, affirmatie God dmv
kunsten, muziek, architectuur, …
, startpunt Barok: Gesù (kerk = moederkerk Jezuieten), spelen met licht, …
Gesù (= Jezus in het
Italiaans) wordt
gezien als eerste
startpunt Barok
vergelijking tussen gevels San Andrea (Alberti) en Gesù (Vignola)
- Gesù, Vignola (1558): alle gevels lijken een beetje uit te steken, kroonlijst zal
verspringen (niet langer 1 rechte lijn maar eerder kleine variaties), fronton is niet
enkelvoudig (2 frontons in elkaar -> superponeren = dingen kunnen op elkaar worden
gezet
- San Andrea, Alberti (Renaissance): een doorlopende kroonlijst, volledig enkelvoudig
fronton, voor die tijd al vrij dynamisch want dieptewerking door allusie van
tongewelven (minder vlakke gevellijn dan gewoonlijk)
startpunt Barok is dus een kleine variatie in de gevel waarbij de rechte gevel onderbroken
wordt (het lijken kleine dingen maar het zijn altijd startpunten)
ontstaan geveldynamiek
Gesù (1558-1584)