Termenlijst Maritieme Geschiedenis
Prof. Michael Limberger – examenvoorbereiding (definities ± 5 regels)
Alle termen uit de hoorcolleges, geordend per hoofdstuk
Hoofdstuk 1 – Introductie tot maritieme geschiedenis & historiografie
Maritieme geschiedenis (Maritime History)
Het multidimensionale studieveld dat de interacties tussen mens en zee onderzoekt.
Traditioneel beperkt tot scheepsbouw en marinegeschiedenis (de 'narrow view'), maar sinds de
jaren '70 verbreed tot een interdisciplinair thema binnen de wereldgeschiedenis. Het omvat
onder meer economie, handel, cultuur, recht, milieu en sociale verhoudingen, met aandacht
voor mensen en de relatie tussen het leven op zee en aan land.
Thalassografie (Thalassography)
Een stroming binnen de geschiedschrijving die zeeën en oceanen als centrale, autonome
structuren in de geschiedenis bestudeert. Ze onderzoekt de geschiedenis ván de zee en niet
enkel óp de zee, in combinatie met geografische analyse. De benadering sluit aan bij het werk
van Braudel en richt zich op de interactie tussen mens en maritieme omgeving. De term werd
onder meer uitgewerkt door Peter N. Miller (2013).
Global Maritime History
Benadering die de maritieme geschiedenis bestudeert vanuit globale ontwikkelingen en
verbindingen in plaats van vanuit nationale grenzen. Connectiviteit tussen continenten,
economieën en culturele sferen staat centraal, met een langetermijnperspectief. Verbonden aan
auteurs als Fusaro & Polónia en J. Bentley, die zeeën en oceaanbekkens als kaders voor
historische analyse voorstellen.
Nissologie (Nissology / island studies)
De studie van eilanden als een apart onderzoeksveld binnen de maritieme geschiedenis.
Eilanden worden beschouwd als geïsoleerde werelden met een eigen identiteit, maar tegelijk
als strategische knooppunten en migratiezones. Het belicht hoe insulaire gemeenschappen zich
verhouden tot de omringende zee en grotere maritieme netwerken.
Charles Verlinden (1907–1996)
Gentse pionier van de geschiedenis van de overzeese expansie, prof. aan de UGent (1944–
1977). Hij bestudeerde de middeleeuwse slavernij in de Middellandse Zee en de rol van
Italiaanse steden in de trans-Atlantische ontdekkingen. Hij introduceerde het idee van een
'Atlantische beschaving' en was voorzitter van de International Commission of Maritime History
en stichter van de Belgische vereniging voor maritieme geschiedenis.
John Everaert (°1936)
Gentse historicus die zich specialiseerde in de koloniale en internationale handel, o.a. van
Vlaamse firma's te Cadiz (1670–1700). Volgde het werk van Verlinden op, maar zijn vakgebied
kreeg volgens Limberger geen structurele continuïteit in Gent, wat wijst op een intermezzo in de
Gentse maritieme traditie.
Prize Papers (Sailing Letters)
Een collectie van 38.000 tot 75.000 Nederlandstalige 17de- en 18de-eeuwse brieven,
scheepsjournaals en documenten, bewaard in het nationaal archief te Kew (Londen). Ze waren
afkomstig van Nederlandse schepen die tijdens de Engelse Oorlogen door de Engelsen werden
gekaapt en als buit naar de High Court of Admiralty gingen. Een unieke bron voor onderzoek
Pagina 1 van 20
, Termenlijst Maritieme Geschiedenis
naar maritieme handel, conflicten en het dagelijkse leven, omdat er weinig persoonlijke
documenten uit die eeuw zijn overgeleverd.
Bronnen van de maritieme geschiedenis
Het diverse bronnenapparaat varieert per periode: kapiteinslogboeken en journaals,
correspondentie, vrachtcontracten en bemanningslijsten, notariële en juridische akten,
technische verhandelingen, navigatiehandboeken, kaarten, iconografie, scheepsmodellen en
archeologische vondsten (scheepswrakken). Voor de oudheid is archeologie cruciaal; in latere
periodes leveren correspondentie en handelsdocumenten veel informatie.
Logboek (Ship journal)
Oorspronkelijk het verslag aan boord waarin de metingen van de 'log' (snelheidsbepaling via
touw met knopen) werden bijgehouden voor positiebepaling. Het evolueerde tot een dagelijks
register met technische en persoonlijke informatie over het leven aan boord,
weersomstandigheden en gebeurtenissen. Belangrijk voor het reconstrueren van reizen en
handelsnetwerken; authenticiteit was essentieel.
Rôles d'Oléron
Het bekendste middeleeuwse scheepswetboek (Frankrijk, 12de eeuw) dat veel navolging kende
langs de Atlantische en Noordzeekust. Het regelde zaken als ladingverdeling, geschillen en
aansprakelijkheid op zee. In Noord-Europa bestond een gelijkaardig Hanzerecht. Stadcharters
en gewoonterechten zorgden ervoor dat de wetgeving van haven tot haven kon verschillen.
CORN (Comparative Rural History of the North Sea Area)
Een onderzoeksnetwerk dat de vergelijkende plattelandsgeschiedenis van het Noordzeegebied
bestudeert, met in het 13de deel specifieke aandacht voor de Noordzeekust. Gentse historici als
Erik Thoen, Tim Soens, Thijs Lambrecht, Isabelle Devos en Michael Limberger dragen bij aan
deze studies, die economie, ecologie en demografie verbinden.
Hoofdstuk 2 – Fernand Braudel en de Middellandse Zee
Fernand Braudel (1902–1985)
Baanbrekend Frans historicus en lid van de Annales-school. In zijn werk 'La Méditerranée et le
monde méditerranéen à l'époque de Philippe II' (1949) introduceerde hij een gelaagde
benadering van de tijd. Hij beschouwde de zee niet als een louter geografisch gebied maar als
een dynamisch historisch systeem en wordt gezien als voorloper van de thalassografie.
Beïnvloed door Pirenne, Febvre en Bloch.
La Méditerranée (1949)
Braudels monumentale studie over de Middellandse Zee ten tijde van Filips II, een mijlpaal in de
sociale en economische geschiedschrijving. Het werk is opgedeeld in drie delen die
overeenstemmen met drie tijdsniveaus: de rol van de omgeving (longue durée), collectieve
lotsbestemmingen en algemene trends (conjunctuur), en gebeurtenissen, politiek en mensen
(korte termijn).
Longue durée (geografische tijd)
Het eerste van Braudels drie tijdsniveaus: langetermijnstructuren zoals geografie en klimaat die
de geschiedenis grotendeels bepalen en bijna tijdloos zijn. Het richt zich op de bijna
onveranderlijke relatie tussen mens en omgeving, zoals bergen, eilanden, kustlijnen en klimaat.
Deze structuren wijzigen slechts zeer traag over zeer lange periodes.
Pagina 2 van 20
, Termenlijst Maritieme Geschiedenis
Conjunctuur (sociale tijd / middellange termijn)
Het tweede tijdsniveau van Braudel: trage veranderingen binnen economie, samenleving en
beschaving over een middellange termijn. Hier worden structurele ontwikkelingen zichtbaar
zoals bevolkingsgroei, prijsbewegingen, de opkomst van rijken en de verschuiving van
economische zwaartepunten.
Histoire événementielle (individuele tijd / korte termijn)
Het derde tijdsniveau van Braudel: kortstondige gebeurtenissen en persoonlijke invloeden op
het niveau van het individu, zoals oorlogen, zeeslagen en politieke machtsstrijd. Het is het
meest zichtbare maar minst bepalende niveau in zijn model; in 'La Méditerranée' weeft Braudel
dit deel rond de Slag bij Lepanto (1571).
Annales-school
Invloedrijke Franse historiografische stroming die een interdisciplinaire, structurele en sociaal-
economische benadering van geschiedenis voorstond, tegenover de klassieke
gebeurtenisgeschiedenis. Braudel was er een leidende figuur van (2de generatie) en
hoofdredacteur van het tijdschrift Annales E.S.C. Lucien Febvre en Marc Bloch waren
grondleggers.
Pirenne-these (Mahomet et Charlemagne)
Stelling van de Belgische historicus Henri Pirenne (1862–1935) in zijn postuum werk 'Mahomet
et Charlemagne' (1937), dat de opkomst van de islamitische wereld de Europese handel in de
Middellandse Zee ingrijpend veranderde. Het gaf Braudel inzichten in de dynamiek van
maritieme handel en geopolitiek; Braudel liep in 1931 college bij Pirenne.
Transhumance
Seizoensgebonden verplaatsing van herders met hun kuddes, kenmerkend voor het
mediterrane landschap (longue durée). In de zomer trokken de kuddes naar de bergen of het
noorden, in de winter naar de vlaktes en het zuiden. Het verbond verschillende geografische
lagen en economische fenomenen met elkaar.
Unity of mediterranean climate
Het idee dat de Middellandse Zee één klimaatzone vormt (droge, hete zomers en milde,
vochtige winters) die het ritme van het dagelijks leven en de scheepvaart bepaalde. In de winter
werd de scheepvaart vaak stilgelegd door ruige zeeën ('stop of navigation'), terwijl in de zomer
sociale en economische connectie tot leven kwam (samen met epidemieën).
Verraad van de bourgeoisie (Treason of the bourgeoisie)
Braudels term voor het verschijnsel waarbij handelslieden in de 16de eeuw minder in handel en
meer in land en adellijke titels investeerden (cf. de Medici-familie). Dit hing samen met de
Spaanse zilverimporten, prijsstijgingen en de verschuiving van de economische macht naar
Lissabon, Sevilla en Antwerpen ten koste van Venetië en Genua.
Prijsrevolutie (Price revolution)
De aanhoudende prijsstijgingen in de 16de eeuw, mede veroorzaakt door de massale invoer
van Amerikaans (vooral Spaans) zilver. Dit veroorzaakte veranderingen in de publieke financiën
en droeg bij aan de verschuiving van het economische zwaartepunt van de Middellandse Zee
naar de Atlantische wereld.
Slag bij Lepanto (1571)
Cruciale zeeslag waarin de Heilige Liga, geleid door Spanje en Venetië, de Ottomaanse vloot
versloeg. De strijd werd voornamelijk uitgevochten met galeien en zo'n 400 schepen met
Pagina 3 van 20