Geneeskunde Paard II Prof. Hesta
Voeding – Inleiding
Introductie
Algemeen
• Nutritionele beoordeling -> vroege detectie & correctie veel voorkomende nutritionele
fouten -> preventie nutritionele aandoeningen
• Evaluatie van patiënt & dieet + management -> beste nutritioneel plan
• Optimale communicatie
o Goede nutritionele anamnese & historiek
o Betere compliance & correcte uitvoering nutritioneel advies
Gewicht – BCS – MCS
• Schatting lichaamsgewicht
o Pony: borstomtrek (cm)2 x lengte (cm)/11.877
▪ Lengte: tuber ischium – schouder
o Paard: umbilicale omtrek 1.78 x lengte1.05/3011
▪ Lengte: tuber ischium – olecranum
o Girth (cm)1.486 x length (cm)0.554 x height (cm)0.599 x neck (cm)0.173/Y
▪ Y= 3,596 – 3,606 en 3,441 voor arabieren, ponies en livestock paarden
1
,Geneeskunde Paard II Prof. Hesta
• Stijging van BCS met 1 punt -> ongeveer 4-5% toename in lichaamsgewicht
Te lage BCS
• Energie opname < energiebehoefte
o Onvoldoende ruwvoeder of lage kwaliteit (minstens 1,5% LG op DS-basis)
• Bij hoge energiebehoefte -> energiedens voeder
• Te veel zetmeel & suiker -> te snelle transit van het voeder doorheen darmen ->
fermentatie -> slechte vertering (en eventueel koliek)
• Opletten met competitie bij voedering in groep
• Aandoeningen
o Suboptimale eetlust: pijn, secundair aan aandoening (lever, maagulcer, colitis,
hyperlipidemie)
• Verlies van nutriënten/verminderde vertering (tandproblemen)/verminderde opname
(mobiliteitsproblemen)
Te hoge BCS
• Overschatting van lichaamsgewicht en/of energiebehoefte
• Onderschatting van energieopname (kwaliteit ruwvoeder, volumes in plaats van gewogen, ad
libitum voedering, rijke weides)
• Energiedensiteit voeding niet aangepast aan individu (te lage intensiteit qua training maar
toch sportvoeding)
• Extra’s
• Overschatting arbeid
Spieratrofie
• Onvoldoende opname energie/eiwit, slechte kwaliteit
• Secundair aan verminderd gebruik
• Over- en ondertraining
• Gewrichtsaandoeningen
• Rugpijn, neurologische aandoeningen
Overige
• Heeft het paard een gastro-intestinale aandoening
• Tandaandoening?
• Myopathie?
• Individueel versus groep paarden (hoe kleiner de groep hoe beter)
o Groepen op basis van leeftijd
o Groepen op basis van BCS/gevoeligheden voor toe- en afname LG
o Sociale aspecten & hiërarchie
2
,Geneeskunde Paard II Prof. Hesta
Beoordeling voeding & management
• Ideaal evaluatie tijdens één van de voederbeurten
o Omgeving/huisvesting
o Ruwvoeder
o Krachtvoeder/supplementen
• Inspectie van voedermiddelen & voederhok: geur, kleur, kwaliteit
o Ruwvoeder
o Weide
o Krachtvoer
o Supplementen
• Manier van voeden
• Voedingsanamnese
o Krachtvoer: welke, hoeveelheid, frequentie, tijdstip, grootte van de stock
o Ruwvoeder: type, hoeveelheid, frequentie, tijdstip, onkruid, oogststadium, hoe,
bewaring, analyse, weide-management
o Supplementen idem
o Water
• Wordt het trickle feeding nagebootst? -> voldoende langvezelig ruwvoeder?
o Aantal maaltijden & tijd tussen maaltijden overdag ideaal maximum 5 uur
o Vertraging opname ruwvoeder indien beperking in hoeveelheid?
• Evaluatie rantsoen
o Inschatten kwaliteit & afwegen hoeveelheden
o Weidebeloop?
▪ DS-opname: 1,5 -> 3,1% LG
o Manier van voeden
o Nutriëntengehaltes
▪ Commerciële voeders
▪ Databases: FRASC
▪ Analyse
o Inschatting nutritionele behoefte
▪ CVB (energie + eiwit, vitaminen, mineralen)
▪ Minimum versus aanbeveling
▪ Op basis van ideaal gewicht
Doelstelling & follow-up
• Behoud of bereiken van ideaal lichaamsgewicht?
• Optimaliseren sportprestaties, fokprestaties
• Preventie ziekten?
• Behandeling aandoeningen?
3
, Geneeskunde Paard II Prof. Hesta
Voeding – Senior
Inleiding
Algemeen
• Geriatrie: accumulatie van veranderingen in organisme of object in de loop van de tijd
o Tandslijtage, degeneratieve aandoeningen -> seniorvoer
o >20-22 jaar oud
• Typische problemen van oude paarden:
o Gewichtsverlies
o Tandproblemen
o PPID
o Nier- of leverfalen
o Arthrose
• Oude paarden met problemen -> aanpassing van de voeding
o Echter een deel van de oude paarden heeft geen aanpassingen nodig
• Zowel te hoge als te lage BCS komt voor bij oudere paarden (>15 jaar)
o Ondergewicht: ongeveer 8%
o Overgewicht & obesitas: ongeveer 10%
• Ook zekere mate van sarcopenie (verlies spiermassa, spierkracht & spierfunctie) mogelijk
o Gedaalde spiermassa bij 20% van de oudere paarden
o Lichte activiteit + Lys & Treo -> beter behoud van spiermassa
Gewichts- en conditieverlies
• Normale eetlust, gebit en regelmatige ontworming, normaal klinisch onderzoek
• Fecaal microbioom: daling diversiteit ten opzichte van jongere dieren
• Malabsorptie/maldigestie is mogelijk
• Seniordieet:
o 12-16% eiwit
o Vezel: liefst >20% zeker indien geen hooi
o Bewerking: extrusie of predigestie
o Additioneel vet (5-10%)
• Geleidelijke veranderingen
• Hogere energiebehoefte in de winter
1
Voeding – Inleiding
Introductie
Algemeen
• Nutritionele beoordeling -> vroege detectie & correctie veel voorkomende nutritionele
fouten -> preventie nutritionele aandoeningen
• Evaluatie van patiënt & dieet + management -> beste nutritioneel plan
• Optimale communicatie
o Goede nutritionele anamnese & historiek
o Betere compliance & correcte uitvoering nutritioneel advies
Gewicht – BCS – MCS
• Schatting lichaamsgewicht
o Pony: borstomtrek (cm)2 x lengte (cm)/11.877
▪ Lengte: tuber ischium – schouder
o Paard: umbilicale omtrek 1.78 x lengte1.05/3011
▪ Lengte: tuber ischium – olecranum
o Girth (cm)1.486 x length (cm)0.554 x height (cm)0.599 x neck (cm)0.173/Y
▪ Y= 3,596 – 3,606 en 3,441 voor arabieren, ponies en livestock paarden
1
,Geneeskunde Paard II Prof. Hesta
• Stijging van BCS met 1 punt -> ongeveer 4-5% toename in lichaamsgewicht
Te lage BCS
• Energie opname < energiebehoefte
o Onvoldoende ruwvoeder of lage kwaliteit (minstens 1,5% LG op DS-basis)
• Bij hoge energiebehoefte -> energiedens voeder
• Te veel zetmeel & suiker -> te snelle transit van het voeder doorheen darmen ->
fermentatie -> slechte vertering (en eventueel koliek)
• Opletten met competitie bij voedering in groep
• Aandoeningen
o Suboptimale eetlust: pijn, secundair aan aandoening (lever, maagulcer, colitis,
hyperlipidemie)
• Verlies van nutriënten/verminderde vertering (tandproblemen)/verminderde opname
(mobiliteitsproblemen)
Te hoge BCS
• Overschatting van lichaamsgewicht en/of energiebehoefte
• Onderschatting van energieopname (kwaliteit ruwvoeder, volumes in plaats van gewogen, ad
libitum voedering, rijke weides)
• Energiedensiteit voeding niet aangepast aan individu (te lage intensiteit qua training maar
toch sportvoeding)
• Extra’s
• Overschatting arbeid
Spieratrofie
• Onvoldoende opname energie/eiwit, slechte kwaliteit
• Secundair aan verminderd gebruik
• Over- en ondertraining
• Gewrichtsaandoeningen
• Rugpijn, neurologische aandoeningen
Overige
• Heeft het paard een gastro-intestinale aandoening
• Tandaandoening?
• Myopathie?
• Individueel versus groep paarden (hoe kleiner de groep hoe beter)
o Groepen op basis van leeftijd
o Groepen op basis van BCS/gevoeligheden voor toe- en afname LG
o Sociale aspecten & hiërarchie
2
,Geneeskunde Paard II Prof. Hesta
Beoordeling voeding & management
• Ideaal evaluatie tijdens één van de voederbeurten
o Omgeving/huisvesting
o Ruwvoeder
o Krachtvoeder/supplementen
• Inspectie van voedermiddelen & voederhok: geur, kleur, kwaliteit
o Ruwvoeder
o Weide
o Krachtvoer
o Supplementen
• Manier van voeden
• Voedingsanamnese
o Krachtvoer: welke, hoeveelheid, frequentie, tijdstip, grootte van de stock
o Ruwvoeder: type, hoeveelheid, frequentie, tijdstip, onkruid, oogststadium, hoe,
bewaring, analyse, weide-management
o Supplementen idem
o Water
• Wordt het trickle feeding nagebootst? -> voldoende langvezelig ruwvoeder?
o Aantal maaltijden & tijd tussen maaltijden overdag ideaal maximum 5 uur
o Vertraging opname ruwvoeder indien beperking in hoeveelheid?
• Evaluatie rantsoen
o Inschatten kwaliteit & afwegen hoeveelheden
o Weidebeloop?
▪ DS-opname: 1,5 -> 3,1% LG
o Manier van voeden
o Nutriëntengehaltes
▪ Commerciële voeders
▪ Databases: FRASC
▪ Analyse
o Inschatting nutritionele behoefte
▪ CVB (energie + eiwit, vitaminen, mineralen)
▪ Minimum versus aanbeveling
▪ Op basis van ideaal gewicht
Doelstelling & follow-up
• Behoud of bereiken van ideaal lichaamsgewicht?
• Optimaliseren sportprestaties, fokprestaties
• Preventie ziekten?
• Behandeling aandoeningen?
3
, Geneeskunde Paard II Prof. Hesta
Voeding – Senior
Inleiding
Algemeen
• Geriatrie: accumulatie van veranderingen in organisme of object in de loop van de tijd
o Tandslijtage, degeneratieve aandoeningen -> seniorvoer
o >20-22 jaar oud
• Typische problemen van oude paarden:
o Gewichtsverlies
o Tandproblemen
o PPID
o Nier- of leverfalen
o Arthrose
• Oude paarden met problemen -> aanpassing van de voeding
o Echter een deel van de oude paarden heeft geen aanpassingen nodig
• Zowel te hoge als te lage BCS komt voor bij oudere paarden (>15 jaar)
o Ondergewicht: ongeveer 8%
o Overgewicht & obesitas: ongeveer 10%
• Ook zekere mate van sarcopenie (verlies spiermassa, spierkracht & spierfunctie) mogelijk
o Gedaalde spiermassa bij 20% van de oudere paarden
o Lichte activiteit + Lys & Treo -> beter behoud van spiermassa
Gewichts- en conditieverlies
• Normale eetlust, gebit en regelmatige ontworming, normaal klinisch onderzoek
• Fecaal microbioom: daling diversiteit ten opzichte van jongere dieren
• Malabsorptie/maldigestie is mogelijk
• Seniordieet:
o 12-16% eiwit
o Vezel: liefst >20% zeker indien geen hooi
o Bewerking: extrusie of predigestie
o Additioneel vet (5-10%)
• Geleidelijke veranderingen
• Hogere energiebehoefte in de winter
1