Begrippen
Anatomie = leer van de bouw van het lichaam
Ana = open
Tomie = snijden
Ontleedkunde
Macroscopisch = te zien met blote oog
Microscopisch = vergroting nodig
Fysiologie = functioneren van de anatomie, werking van mechanismen
Fysis = origine
Logia = studie van
Pathologie = leer van de afwijkingen (ziekte anatomie )
Pathos = lijden
Logia = studie van
Menselijk lichaam = 11 orgaanstelsel
- Spierstelsel
- Skelet
- Bloedvatenstelsel
- Zenuwstelsel
- Lymfevatenstelsel
- Ademhalingsstelsel
- Endocrien stelsel
- Spijsverteringsstelsel
- Uitscheidingsstelsel
- Voortplantingsstelsel
- Huid (grootst)
gaan continue samenwerking
, Homeostase = het in evenwicht houden van het interne milieu van het
lichaam
Lichaamstemperatuur, bloeddruk, glycemie, …
Verstoring homeostase = gevaar voor het welzijn van het individu
& risico op ontstaan van ziekte/pathologie
Altijd rond de normaalwaarde schommelen bij een gezond
lichaam
o Bv bij temperatuur: rod 37°C
Lichaamscellen niet schommelen rond normaalwaarde lichaam
in gevaar
Negatieve terugkoppeling = negatieve feedback loop
= elke variatie buiten bij de normale grenzen
wordt gecorrigeerd
Bv; lichaalstemperatuur buiten 36 – 37,5 °C gecorigeerd
Tegengestelde reactie
Om negatieve terugkoppeling goed te kunnen doen 3 componenten:
Receptor = het oppikken van prikkels (veranderingen in de
normaalwaarde)
Geeft info door aan controlecentrum
Controlecentrum = gaat de prikkel gaan bekijken en evalueert (goed, te
laag, te hoog)
Gerergistreerde waarde buiten de acceptabele waarde =>
effector ingezet
Effector = gaat het probleem oplossen