TAALBESCHOUWING BIJ KLEUTERS: (ZE L E RE N O V E R )
- Vreemde talen, dialecten, tandaardtaal
- Mondeling
- Schriftelijk
- Tekst
- Zin
- Woord
- Klank
- Letter
DI D A C T I S C H E P R I N C I PE S :
overzicht:
- Milieuverrijking
- Incidenteel en intentioneel
o Incidenteel Leren (Impliciet)
Defensie: Iets onbedoeld leren als bijverschijnsel van een
andere activiteit.
Planning: Zonder planning of sturing vooraf.
Voorbeeld: Woorden oppikken tijdens het lezen van een boek,
of de weg leren in een nieuwe stad doordat je er vaak
rondloopt.
Kenmerk: Het gaat vaak geleidelijk en ongemerkt.
o Intentioneel Leren (Expliciet)
Defensie: Het expliciete doel hebben om iets nieuws te leren.
Planning: Er is sprake van planning, structuur en
vooropgezette leerdoelen.
Voorbeeld: Het stampen van woordjes uit een woordenlijst
voor een toets, of het volgen van een cursus.
Kenmerk: Het kost gerichte inzet en concentratie.
- Taalbeschouwende activiteiten
Aandachtpunten didactiek:
- Positief-talige grondhouding
- Contextrijk
- Functioneel
- Ondersteuning
- (inter)actief
- Explicitering
- Kansen tot reflectie
KAMIEL DE KAMEEL:
, - Waar hoor je kansen tot taalbeschouwing?
TAALBESCHOUWING
Def: Taalbeschouwing is het bewust nadenken over de werking, de regels en de vorm
van taal. Het gaat niet om taal zélf gebruiken, maar om het onderzoeken van de
structuur en het effect ervan. Denk hierbij aan grammatica, woordkeuze, spelling en
zinsbouw.
Taalgebruik VS taalbeschouwing (vb in de ppt)
Taalgebruik: spreken (met vrienden en familei
Taalbeschouwing: spreken over hoe we spreken = nadenken over taal
Taalsysteem:
- Klanken
- Letters
- Woorden
- Zinnen
- Onderdelen van tekst
- Tekst
Taalgebruik
- Nadenken over hoe we (kunnen) communiceren: formeel vs informeel
taalgebruik, dialect vs. Standaardtaal, vreemde talen, mondeling vs
schriftelijk taalgebruik, beleefd vs. Onbeleefd taalgebruik, intonatie en
mimiek….
taalbeschouwende kind
ONTWIKKELING:
- Metalinguïstisch bewustzijn (objectief)
o = het vermogen om na te denken over taal en de structuur ervan,
in plaats van taal alleen maar onbewust te gebruiken voor
communicatie. Het stelt je in staat om taal los te zien van de
betekenis ervan en de vorm te beoordelen, te manipuleren of te
veranderen
- Taalvaardigheid
PLAATS IN HET KLEUTERONDERWIJS:
- Abstract denken
- Spontane interesse
- In functie van taalvaardigheid
- In functie van ontluikende geletterdheid
, DI D A C T I S C H E P R I N C I PE S
overzicht:
- Milieuverrijking
- Incidenteel en intentioneel
- Contextrijk en functioneel
- Interactie en explicitering
- Prositief talig grondhouding, ondersteuning en reflectie
Milieuverrijking
- Kring
- Automat
- Bouwhoek
- Huishoek
- Winkel
- Boekenhoek
- Aanbod wiskunde, wereldoriëntatie, beweging, muvo, godsdienst, taal
- (zie ppt voor voorbeelden einde ppt)
Oefening ook einde ppt