SOCIALE FILOSOFIE EN ETHIEK
1. ALGEMENE INLEIDING
1.1 INDELING VAN DE WIJSBEGEERTE EN DE PLAATS VAN DE SOCIALE EN
ETHISCHE FILOSOFIE
- = E. Vermeersch omschreef filosofie als een wachtkamer voor de
wetenschap, als een vorm van denken die problemen behandelt die nog niet
door de wetenschap zijn opgelost.
Deze opvatting getuigt van een sterke (neo-) positivistische inslag met
een sterke klemtoon op wetenschap
- Historisch gezien zou je kunnen zeggen dat wijsbegeerte een vorm van
kennisverwerving is die ontstaat wanneer men geen vrede meer neemt met
de mythische, magische of dogmatische aanpak en aldus kunnen we het
ontstaan ervan situeren bij de oudere Grieken
- De vier beroemde vragen van Kant geeft ook een beeld van wat filosofie is
Wat kan ik kennen?
Wat moet ik doen?
Wat mag ik hopen?
Wat is de mens?
1.1.1 FACTISCHE PROBELEMEN
= vraagt naar de oorsprong van alles wat bestaat (= metafysica)
- Metafysica laat zich indelen in twee deelgebieden
Algemene metafysica of ontologie:
o Vraagt op de meest algemene manier waar het zijn als zodanig
vandaan komt. Wat is het zijn? wat is het niet-zijn?
o Waarom is er iets en niet veeleer niets?
o Oorsprong kwam van bij de Grieken met figuren zoals
Anaximander, Parmenides, Anaximenes en Herakleitos en
later plato en recent Heidegger
Bijzondere metafysica:
o Als we ons vragen stellen over de specifieke aard van sommige
aspecten van het zijn of waar die vandaan komen, dan komen we
op het domein van de bijzondere metafysica
o Je kan deze indelen in 3 domeinen
Rationele kosmologie = bestudeert de basisstructuur van
de wereld
Rationele psychologie/ wijsgerige antropologie = stelt
de vraag naar de essentie van de mens. We mogen dit niet
verplaatsen naar de huidige wetenschappelijke termen want
bij de verlichting zijn ze nog bezig met de onsterfelijkheid
van de mens
Rationele theologie = is de wijsgerige vraag naar God
Tegelijkertijd krijgen we vragen die wijzen op meer
fundamentele problemen, zoals de theodicee: als
God almachtig, algoed en alwetend is, waarom is er
1
, dan zoveel lijden en onrechtvaardigheid in de
wereld?
1.1.2 KENNISTHEORETISCHE PROBLEMEN
Ook hier kunnen we verschillende deelgebieden onderscheiden
- Kennisleer of epistemologie
Sinds de moderniteit kunnen we stellen dat de metafysica vervangen werd
door de epistemologie. Na de ontdekking van de wetenschap was er geen
nood meer aan metafysica
- Logica
De logica houdt zich bezig met de vraag naar het geldige redeneren. De
logica tracht de “wetten” te achterhalen van het denken. Men vertrekt
hierbij van een aantal gegevens en leidt dan via het gebruik van een regel,
conclusies af uit die gegevens
Als P dan Q (P = gegeven, Q= conclusie)
- Wetenschapsfilosofie
De wetenschapsfilosofie bestudeerd de wetenschap zelf. Hier zien we ook
een versplintering ze bestuderen elk één bepaalde wetenschap en niet de
volledige wetenschap in éen keer
1.1.2 ETHISCHE EN POLITIEKE PROBLEMEN
De sociale filosofie stelt de vraag naar hoe wij mensen kunnen samenleven. Hoe de
maatschappij kan worden georganiseerd. Ideeën over economie spelen ook een
belangrijke rol in het nadenken over de organisatie van de samenleving.
- Ethiek
Ethiek bestudeert de normen en waarden van het menselijk handelen.
Stelt de vraag naar wat goed en kwaad is, wat een plicht is, …
- Politiek
De politieke stelt de vraag hoe wij mensen kunnen samenleven. Hoe de
maatschappij kan worden georganiseerd
- Esthetica:
De esthetica stelt de vraag naar wat schoon en lelijk is
2
,1.1.4 VANUIT HET PERSPECTIEF VAN DE MENS
Sinds de verlichting wordt de mens centraal geplaatst in het denken
a) Mens
Relatie a: de zelfrelatie van de mens tot zichzelf is bij uitstek het
studiegebied van de ethiek. Er wordt onderzocht hoe de mens zich ten
aanzien van zichzelf kan gedragen. Maar het gaat in de eerste plaats
over de vraag naar het eigen handelen
b) Mens <-> mens
Relatie b: de relatie tussen de mensen is een wederkerige
afhankelijkheidsrelatie. Het studiegebied van de politieke of sociale
filosofie. Mensen zijn op elkaar aangewezen om te kunnen (over)leven
maar er zijn spelregels nodig. Vandaar dat we ook zullen stilstaan bij de
rechtsfilosofie. De kernvraag is: hoe kunnen we het beste samenleven
c) Mens <-> natuur
Relatie c: de relatie tussen de mens en de natuur is een éénzijdige
afhankelijkheidsrelatie. Het studiegebied van de economie. Wij
mensen hebben die natuur nodig (grondstoffen) om te kunnen leven. In de
meest algemene betekenis bestudeert de economie die wijze waarop
mensen in hun behoeftes kunnen voorzien.
3
, 2. INLEIDING: DE GRIEKESE POLIS
2.1 INLEIDING: POLIS EN AGORA
In het oude Griekland staat de polis centraal
- Polis = een verzameling van verschillende steden
Het verwijst ook een bepaalde wijze van organisatie van het openbaar
leven. Het centrum van de Griekse polis is de agora (forum)
o Agora = hedendaagse markt of een marktplein maar het heeft een
dubbele functie
De antieke agora voorstellen als een plek waar er handel
gedreven wordt
Maar ook in het openbaar redevoeringen gehouden worden
en gediscussieerd wordt over zaken die de polis uitmaken
waaronder ook het bestuur van de polis, politieke leiding, …
- Grieken introduceerden de democratie
De belangrijkste beslissingen worden genomen door de volwassen
mannelijke leden van de polis in de volksvergadering hier wordt dan
ook gediscussieerd
De polis is de wereld van de openbaarheid (publieke ruimte) en die was voorbehouden
voor de mannen die kopen en verkopen en die redevoering houden. Er strikt van
geschieden, staat de oikos ofwel het huis
- De oikos is de plaats waar het overleven van de familie centraal staat
In de oikos worden die dingen geproduceerd die de man op de agora
tracht te verkopen, en ook de waren die gekocht worden door diezelfde
man worden teruggebracht naar de oikos alwaar ze verwerkt worden
o Plaats van het ‘binnen’, het ‘verborgene’ waar vrouwen, kinderen
en slaven
o De oikos is dus de plaats waar in het levensonderhoud van de
familie wordt voorzien en is in eerste instantie gericht op het
overleven, maar waar ook ziekte, dood, het opvoeden van de
kinderen, en seksualiteit een plaats vinden
De man is een despoot (despotes): de heer des huizes
hij heeft de eindeverantwoordelijkheid in de oikos
2.2 PLATO
- Het belangrijkste werk van Plato is de ‘Politeia’ of wel ‘de staat’
= betekent ook constitutie, in de betekenis van grondwet maar ook
rechtsorde
Hij beoogt dat er maar één garantie is voor vrede en dat is een staat
waarin het principe van de gerechtigheid, of rechtvaardigheid centraal
staat
- Plato zet zich dus af tegen toenmalige staatvorm en hij argumenteert daarbij via
ideale principes. Daarom wordt hij een revolutionair genoemd word.
Revolutionairen = willen mensen bevrijden uit hun ketenen .
Zijn allegorie van de grot is hier een voorbeeld van
4
1. ALGEMENE INLEIDING
1.1 INDELING VAN DE WIJSBEGEERTE EN DE PLAATS VAN DE SOCIALE EN
ETHISCHE FILOSOFIE
- = E. Vermeersch omschreef filosofie als een wachtkamer voor de
wetenschap, als een vorm van denken die problemen behandelt die nog niet
door de wetenschap zijn opgelost.
Deze opvatting getuigt van een sterke (neo-) positivistische inslag met
een sterke klemtoon op wetenschap
- Historisch gezien zou je kunnen zeggen dat wijsbegeerte een vorm van
kennisverwerving is die ontstaat wanneer men geen vrede meer neemt met
de mythische, magische of dogmatische aanpak en aldus kunnen we het
ontstaan ervan situeren bij de oudere Grieken
- De vier beroemde vragen van Kant geeft ook een beeld van wat filosofie is
Wat kan ik kennen?
Wat moet ik doen?
Wat mag ik hopen?
Wat is de mens?
1.1.1 FACTISCHE PROBELEMEN
= vraagt naar de oorsprong van alles wat bestaat (= metafysica)
- Metafysica laat zich indelen in twee deelgebieden
Algemene metafysica of ontologie:
o Vraagt op de meest algemene manier waar het zijn als zodanig
vandaan komt. Wat is het zijn? wat is het niet-zijn?
o Waarom is er iets en niet veeleer niets?
o Oorsprong kwam van bij de Grieken met figuren zoals
Anaximander, Parmenides, Anaximenes en Herakleitos en
later plato en recent Heidegger
Bijzondere metafysica:
o Als we ons vragen stellen over de specifieke aard van sommige
aspecten van het zijn of waar die vandaan komen, dan komen we
op het domein van de bijzondere metafysica
o Je kan deze indelen in 3 domeinen
Rationele kosmologie = bestudeert de basisstructuur van
de wereld
Rationele psychologie/ wijsgerige antropologie = stelt
de vraag naar de essentie van de mens. We mogen dit niet
verplaatsen naar de huidige wetenschappelijke termen want
bij de verlichting zijn ze nog bezig met de onsterfelijkheid
van de mens
Rationele theologie = is de wijsgerige vraag naar God
Tegelijkertijd krijgen we vragen die wijzen op meer
fundamentele problemen, zoals de theodicee: als
God almachtig, algoed en alwetend is, waarom is er
1
, dan zoveel lijden en onrechtvaardigheid in de
wereld?
1.1.2 KENNISTHEORETISCHE PROBLEMEN
Ook hier kunnen we verschillende deelgebieden onderscheiden
- Kennisleer of epistemologie
Sinds de moderniteit kunnen we stellen dat de metafysica vervangen werd
door de epistemologie. Na de ontdekking van de wetenschap was er geen
nood meer aan metafysica
- Logica
De logica houdt zich bezig met de vraag naar het geldige redeneren. De
logica tracht de “wetten” te achterhalen van het denken. Men vertrekt
hierbij van een aantal gegevens en leidt dan via het gebruik van een regel,
conclusies af uit die gegevens
Als P dan Q (P = gegeven, Q= conclusie)
- Wetenschapsfilosofie
De wetenschapsfilosofie bestudeerd de wetenschap zelf. Hier zien we ook
een versplintering ze bestuderen elk één bepaalde wetenschap en niet de
volledige wetenschap in éen keer
1.1.2 ETHISCHE EN POLITIEKE PROBLEMEN
De sociale filosofie stelt de vraag naar hoe wij mensen kunnen samenleven. Hoe de
maatschappij kan worden georganiseerd. Ideeën over economie spelen ook een
belangrijke rol in het nadenken over de organisatie van de samenleving.
- Ethiek
Ethiek bestudeert de normen en waarden van het menselijk handelen.
Stelt de vraag naar wat goed en kwaad is, wat een plicht is, …
- Politiek
De politieke stelt de vraag hoe wij mensen kunnen samenleven. Hoe de
maatschappij kan worden georganiseerd
- Esthetica:
De esthetica stelt de vraag naar wat schoon en lelijk is
2
,1.1.4 VANUIT HET PERSPECTIEF VAN DE MENS
Sinds de verlichting wordt de mens centraal geplaatst in het denken
a) Mens
Relatie a: de zelfrelatie van de mens tot zichzelf is bij uitstek het
studiegebied van de ethiek. Er wordt onderzocht hoe de mens zich ten
aanzien van zichzelf kan gedragen. Maar het gaat in de eerste plaats
over de vraag naar het eigen handelen
b) Mens <-> mens
Relatie b: de relatie tussen de mensen is een wederkerige
afhankelijkheidsrelatie. Het studiegebied van de politieke of sociale
filosofie. Mensen zijn op elkaar aangewezen om te kunnen (over)leven
maar er zijn spelregels nodig. Vandaar dat we ook zullen stilstaan bij de
rechtsfilosofie. De kernvraag is: hoe kunnen we het beste samenleven
c) Mens <-> natuur
Relatie c: de relatie tussen de mens en de natuur is een éénzijdige
afhankelijkheidsrelatie. Het studiegebied van de economie. Wij
mensen hebben die natuur nodig (grondstoffen) om te kunnen leven. In de
meest algemene betekenis bestudeert de economie die wijze waarop
mensen in hun behoeftes kunnen voorzien.
3
, 2. INLEIDING: DE GRIEKESE POLIS
2.1 INLEIDING: POLIS EN AGORA
In het oude Griekland staat de polis centraal
- Polis = een verzameling van verschillende steden
Het verwijst ook een bepaalde wijze van organisatie van het openbaar
leven. Het centrum van de Griekse polis is de agora (forum)
o Agora = hedendaagse markt of een marktplein maar het heeft een
dubbele functie
De antieke agora voorstellen als een plek waar er handel
gedreven wordt
Maar ook in het openbaar redevoeringen gehouden worden
en gediscussieerd wordt over zaken die de polis uitmaken
waaronder ook het bestuur van de polis, politieke leiding, …
- Grieken introduceerden de democratie
De belangrijkste beslissingen worden genomen door de volwassen
mannelijke leden van de polis in de volksvergadering hier wordt dan
ook gediscussieerd
De polis is de wereld van de openbaarheid (publieke ruimte) en die was voorbehouden
voor de mannen die kopen en verkopen en die redevoering houden. Er strikt van
geschieden, staat de oikos ofwel het huis
- De oikos is de plaats waar het overleven van de familie centraal staat
In de oikos worden die dingen geproduceerd die de man op de agora
tracht te verkopen, en ook de waren die gekocht worden door diezelfde
man worden teruggebracht naar de oikos alwaar ze verwerkt worden
o Plaats van het ‘binnen’, het ‘verborgene’ waar vrouwen, kinderen
en slaven
o De oikos is dus de plaats waar in het levensonderhoud van de
familie wordt voorzien en is in eerste instantie gericht op het
overleven, maar waar ook ziekte, dood, het opvoeden van de
kinderen, en seksualiteit een plaats vinden
De man is een despoot (despotes): de heer des huizes
hij heeft de eindeverantwoordelijkheid in de oikos
2.2 PLATO
- Het belangrijkste werk van Plato is de ‘Politeia’ of wel ‘de staat’
= betekent ook constitutie, in de betekenis van grondwet maar ook
rechtsorde
Hij beoogt dat er maar één garantie is voor vrede en dat is een staat
waarin het principe van de gerechtigheid, of rechtvaardigheid centraal
staat
- Plato zet zich dus af tegen toenmalige staatvorm en hij argumenteert daarbij via
ideale principes. Daarom wordt hij een revolutionair genoemd word.
Revolutionairen = willen mensen bevrijden uit hun ketenen .
Zijn allegorie van de grot is hier een voorbeeld van
4