Toelichting bij het OLOD
• Eindcompetenties
o Reflecteren kritisch op het sociaal werk vanuit zelfreflectie en MA analyse
o Definiëren vanuit de sociaal werkcontext vanuit een historisch, globaal en duurzaam kader
o Participeren, actief en teamgericht in complexe werkcontexten
o Handelen vanuit politiek bewustzijn vanuit mensenrechten en sociale rechtvaardigheid
• Evaluatie
o 100% mondeling examen in twee delen
o Je krijgt een casus waar een probleem in zit; hoe zouden jullie met dit probleem
omgaan vanuit de bril … + werk 3 maatregelen uit als sociaal werker om iets aan
dit probleem te doen → cursus gebruiken om eigenhandig zaken naar voor te
schuiven. Vb. kinderarmoede vanuit de 3p’s /vb. 2x maatregelen om met deze
casus om te gaan. Wat er mee bereiken? Wat zijn de valkuilen?
• 17 maart → world social work day → namiddag = documentaire
• Gastspreker/ plaatsbezoek: Jong Gent in actie!
• Leerstof: ppt, cursusnotities, aanvullende teksten en Pano reportage ‘Arm
Vlaanderen’
2
, Les 1 – de shift van ‘gunst’ naar ‘recht’ in het jeugddomein
GUNST RECHT
• Kwetsbaarheid – • Participatie en
bescherming autonomie
• Sociale controle • Emancipatie
• Private sfeer • Publieke sfeer
• Selectiviteit • Universaliteit
1. Van het kwetsbare kind naar het autonome kind
Belangrijke data
1889 Verbod kinderarbeid/ eerste wet sociale bescherming
1912 Wet op kinderbescherming/kinderrechten/ voorloper jeugdhulp
1914 Leerplicht ≠ schoolplicht (mocht ook thuisonderwijs)
1918 Nationale werk voor kinderwelzijn (NWK) → voorloper Kind en Gezin
1930 Wet op kinderbijslag
→ Op een tijd van 40 jaar worden alle systemen voor jongeren (die we nog steeds kennen)
oprichten
→ Deze worden na WOII uitgebreid, een hervorming op basis van wat er al was
→ Vanaf hier ontstaat het idee van het kwetsbare kind
Kindbeelden
- = De wijze waarop we naar kinderen kijken; de vaak impliciete aannames zoals
de biologische of psychologische kenmerken die mee vorm geven aan de wijze waarop
we omgaan met kinderen
o Eigen waarden en ervaringen spelen mee en bepalen ons handelen
- Professioneel handelen krijgt (deels) vorm vanuit aannames voor kinderen
o De manier waarop je naar kinderen kijk heeft invloed op hoe je met hem omgaat.
o Onze beelden bepalen hoe we met hen omgaan.
- Deze aannames zijn historisch en contextueel bepaald (sociale klasse, gender etc.):
kindbeeld als sociaal construct
- Kindbeelden veranderen doorheen de tijd en van cultuur tot cultuur
o Ook hoe we omgaan met kinderen veranderd doorheen de tijd en cultuur, door de plaats ..
- Ons denken over en handelen met kinderen wordt beïnvloed door mengvormen van
kindbeelden: kindbeelden liggen verankerd in het verleden en worden opnieuw
3
, vormgegeven in het heden
De 19e-20e eeuw: kinderbeschermingsbeweging
Kindbeeld van het ‘kwetsbare kind’
o Deze kwetsbaarheid onderscheidt zich van volwassenen
o Deze kwetsbaarheid maakt dat we hen anders moeten behandelen
o Film Deans: film uit de fabriek krijgen want ze zijn kwetsbaar → MA strijd gevoerd
o Industrialisering – massale volksverhuizing naar de steden
o Slechts de lagere economische klassen, Sl was toen in handen van de kerk, de Burgerij
- Hierdoor worden kinderen gezien als een aparte groep in de samenleving, met zijn eigen
kenmerken en specifieke gedragingen
- Focus op beschermingsrechten: minderjarige als ‘object’
- Uitsluiting van kinderen uit de arbeidsmarkt/betaald werk
- Kind = “nog-niet” >< volwassene
- Verklaring van Genève (1924) – Verklaring voor de Rechten van het Kind (1959)
o Beschermingsrechten
o Waar kunnen we ze het best beschermen? Op school, weg van de fabriek. Ze
kunnen daar experimenteren en langzaamaan experimenteren/groeien naar volw
- Kenmerkend voor de kindertijd = ‘moratorium-status’: Jeugdmoratorium – Jeugdland
o Verwijst naar de historische en sociaal-culturele structurering en
institutionalisering van de leefwereld van kinderen in de samenleving.
o Kindertijd wordt een wachtstation, wachten op volwassenheid
o Voordien was de aparte kindertijd er niet
- In westerse samenlevingen verbonden met de idee van ‘pedagogisering’
o = Het in pedagogische termen gaan omkleden van de kindertijd
o Jonge levens worden gezien als levens waarin ze worden opgevoed en begeleid
o Dit was niet altijd zo, iets nieuw
- Oprichting van onderwijs, jeugdzorg, jeugdwerk, etc. (cf. institutionalisering)
o Nieuwe visies= de eerste 1000 dagen baby zijn cruciaal
o + het commercialiseren ervan: pretparken, dreambaby
- Professionalisering van werkvelden (opleidingen:SW’er,llk,kinderverzorgers, pedagogen)
o Jeugdzorg (voorloper)
Na WOII
- Jaren ‘60-’70: maatschappelijke contestatiebeweging
o Ontstaan van protesten en meer aandacht voor zaken (vb. huidskleur, holebi, stemrecht
vrouwen)
o In deze jaren wordt er veel in vraag gesteld
o Ook kinderen worden in vraag gesteld: ‘Zijn kinderen wel zo kwetsbaar?’ Ze
kunnen ook hun eigen autonomie hebben. – houden we ze niet te klein?
- Focus op zelfbeschikkingsrechten
- Ontstaan van het kindbeeld van het ‘autonome kind’
4
, - Kinderbevrijdingsbeweging: The Bill of Rights for the Young (Farson, 1978- kinderbevrijder):
o The right to live elsewhere than with one’s parents
o The right to environmental design scaled for people less than five feet tall
o The right to the same moral standards that are applied to adults
o The right to self-directed education
o The right to freedom from physical punishment → pedagogische tik
o The right to sexual liberation – recent verlaagd naar 14 jaar (seksuele relatie)- moeilijk:
bescherming bieden vs. autonomie…
o The right to vote ( kinderen)
Pedagogische tik
= fysiek ingrijpen met pedagogische doeleinden.
Heel wat landen hebben dit al verboden, BE nog niet.
In Vlaanderen: jeugdhulp
- Het verhaal van de kinderbevrijdingsbeweging zien we hier terug
- Erkenning rechtsbekwaamheid → Vermogen om te beschikken over rechten en plichten
- Pleidooi voor verhoging van de handelingsbekwaamheid van minderjarigen
o Gaat over zelfstandig handelingen stellen om een bepaald recht uit te voeren
o Je wordt erkend als bekwaam om zelf mee te beslissen
- Verwerpen van moratorium-idee (cf pedagogisering): jeugdland = sociaal probleem
o Het idee van het wacht station moest weg
o Kinderen moeten opnieuw in de samenleving gebracht worden
- Alternatieve jeugdhulpverlening (oprichting JIAC → Kinderrechtswinkel)
o Jeugdhulp waarbij we kinderen ernstig nemen, waarbij we naar hen luisteren
o JAC was één van de eerste die deze filosofie toepaste
o Alternatieve jeugdhulp die kritisch was naar reguliere jeugdhulp
o Eerste lijn, toen uitzonderlijk want vooral residentiële setting en katholiek
- 1976 - OCMW wet: elk één heeft recht op MA dienstverlening → ook kinderen (visie: niet meer apart
worden afgeschermd van volwassenen)
Het kwetsbare kind Het autonome kind
‘Nog-niet’, op weg naar volwassenheid Sociale actoren, betekenisverleners
Geen verantwoordelijkheid (onbekwaam) Autonomie, handelingsbekwaamheid
Bescherming: jeugdland, moratorium Kinderen als deelgenoot in de samenleving
(‘bring childeren back in society’)
Kinderen worden beschermd en opgevoed Kinderen als mede-actor (>< paternalisme)
Kinderbeschermings-beweging kinderbevrijdingsbeweging
5