Verzekeringsrecht
Examen
- 3 grote open vragen a.d.h.v. een titel in de cursus
- 5 begrippen uit de cursus
1. Verzekeringsrecht: situering
1.1. Wilsautonomie
= iedere persoon heeft het recht om zijn of haar rechtspositie vrij te bepalen
Hoe komt een verzekeringscontract tot stand?
Afspraak 1: Partijen zijn vrij om een contract af te sluiten
Uitzondering: verplicht om een contract af te sluiten (wettelijke verplichtingen)
Vb. verplichting tot het afsluiten van een aansprakelijkheidsverzekering
Afspraak 2: Vrijheid om inhoud van contract te bepalen
Vb. Tegenwoordig worden de algemene -en bijzondere voorwaarden éénzijdig door de
Vraar bepaalt doordat in de realiteit er een zwakke partij tegenover een sterke partij
staat. & doordat het tegenwoordig een toetredingscontract is als Vnemer.
Afspraak 3: uitzondering van verplichte verzekeringen
Vb. BA motorrijvoertuigen verzekering
Oplossing v/d wetgever
Minimumvoorwaarden vastgelegd in wetgeving
Bescherming in Wet Verzekeringen 2014
1.2. Bestrijding van verzekeringsfraude
Een verzekeringsnemer bevat informatievoordeel. Vnemer kan overal info rond vragen. De
Vraar weet niet hoe de chauffeur rijdt tot het moment van het ongeval. = onzekere fase
Kans op fraude is groot en dit ontwricht het verzekeringssysteem. Verzekering is gesteund
op eerlijkheid en wederkerigheid.
Economische betekenis: 5%-10% van de betaalde schadegevallen bevat fraude.
Vnemers die niet meedoen aan de fraude moeten hier wel in meebetalen. Hoe meer
schadegevallen in het algemeen, hoe hoger de gemiddelde premie zal liggen.
o Stel: Vb. brandverzekering: 500€/jaar (huis zal ongeveer waarde van 400.000€
hebben) , je zal daar 30 jaar leven, verzekeraar zal. 15000€ ontvangen in die periode,
stel je voor nooit schade, dan heeft de verzekeraar 15000€ winst.
1.3. Controle op de verzekeringsondernemingen
1
, in principe mag iedereen een verzekeringsonderneming starten maar zeer strenge
cotrole
In Europese Economische Ruimte
Moet de lokale wetgeving naleven
o Vb. PNP: verzekeringsmaatschappij in Kortrijk met 30 werknemers; verzekerde
brand, auto, arbeidsverzekeringen: bestaat nu niet meer omdat ze verplicht (+30WN)
waren een werknemer aan te nemen die de cijfers controleert, dit was voor hen niet
mogelijk. Tegenwoordig wordt het gebruikt door P&V.
o Vb. Nichemaatschappij; specialiseert zich in 1 concept; bv. PROTECT Gespecialiseerd
in architecten verzekeringen
o Vb. MERCATOR; verzekeringsmaatschappij uit Antwerpen werd gewaarschuwd op
fraude dus kreeg de kans om alles goed te trekken. Nu Baloise
Zal de bank op het moment dat ik het geld nodig heb kunnen uitbetalen?
Verzekeringssector is gevoelig voor financiële schokken zoals de banken.
1) Prestatie van de verzekeraar is onzeker; aleatoir karakter
2) De Vraar die geen vergoeding ontvangt kan zelf in de financiële problemen
geraken.
3) Verzekerde kan de financiële solvabiliteit van de Vraar moeilijk controleren.
4) Verzekering is in bepaalde takken een massaproduct geworden waardoor
verstoring van de markt een schokeffect kan teweegbrengen.
Overheidstoezicht wordt vooral op massarisico’s uitgewerkt die zich op particulieren richten
en niet op grote risico’s.
Grote risico’s:
o Transport
o Krediet en borgtochtverzekeringen
o Vnemer die een grote onderneming is
Deze controle is terug te vinden in Controlewet 9/7/1975.
Controle bij oprichting door Nationale Bank van België
Controle achteraf door FSMA
1.4. Controle op de verzekeringsdistributie
= het adviseren van verzekeringsovereenkomsten
Verzekeringscontracten kunnen op diverse manieren worden verkocht:
Verzekeringsmakelaars of verzekeringsagenten (=tussenpersonen)
= onderwerpen aan overheidstoezicht
Directe verzekering
Bancassurfinance
Bancassurance = de bank die via haar kantorennetwerk ook nog
verzekeringsproducten aanbiedt.
2
, Assurfinance = een verzekeraar die via haar kantoornetwerk ook nog
bankproducten aanbiedt.
Verzekeringscontracten zijn complex. Daarom moeten de Vraars het nut ervan uitleggen en
de verplichte verzekeringen mee delen. Hiervoor is kennis nodig. Zowel de directe
verzekering als de tussenpersonen als de bancassurfinance moeten voldoen aan de
bekwaamheidsvereisten.
2. Verzekeringsovereenkomst
2.1. Begrip
- Overeenkomst
- Twee partijen
Verzekeraar
Vnemer
- Bijkomende partij
Verzekerde of begunstigde
- Tegen betaling van een premie
- Prestatie leveren
- Onzekere gebeurtenis
- Belang heeft dat die zich niet voordoet
2.2. Partijen betrokken bij een verzekeringsovereenkomst
2.2.1.Verzekeraar
Elke persoon of onderneming
Die verzekeringsovereenkomst aanbiedt
Ongeachte beroepshoedanigheid
Beroepsmatig
2.2.2.Verzekeringsnemer
Heeft overeenkomst aangegaan
Betaalt de premies
Eigenaar van het contract
2.2.3.Verzekerde
Aansprakelijkheidsverzekering:
Persoon die schade veroorzaakt heeft
Zaakschadeverzekering
Persoon die het financieel verlies heeft geleden
Persoonsverzekering
Persoon in wiens hoofde het risico zich voordoet
2.2.4.Begunstigde
Persoon in wiens voordeel de verzekering bedongen is.
3
, 2.3. Wezenlijke bestanddelen van de verzekeringsovereenkomst
Als 1 van de 4 wezenlijke bestanddelen ontbreken wordt de overeenkomst met
terugwerkende krachten nietig verklaard.
2.3.1.Verzekerd risico
De overeenkomst is nietig als het risico niet bestaat of zich al heeft voortgedaan. Het
risico moet dus onzeker zijn. Dit kan door:
Men weet niet zeker of het risico zich zal voordoen.
Men weet niet wanneer het risico zich zal voordoen.
Soms is er sprake van opzet bij het risico. Dit zijn potestatieve risico’s. Natuurlijk ook
nietig verklaard en dus geen tussenkomst van de Vraar.
Het Verzekerd risico moet een deel veroorzaakt zijn door toeval:
Geen toeval; langdurige milieuschade, normale slijtage door vb. ouderdom…
Een verzekeringscontract is een kanscontract. Een kanscontract is een wederkerige = beide partijen
hebben verbintenissen
overeenkomst, waarvan de gevolgen voor de Vraar afhangen van een onzekere
gebeurtenis. Voor een Vraar altijd onzeker, voor een Vnemer niet want moet Vnemer betaald
premie
sowieso premie betalen.
Vraar moet
presteren bij onzekere
gebeurtenis.
De verzekering is nietig wanneer bij het sluiten van de overeenkomst:
Het risico niet bestaat
Het risico al verwezenlijkt is en de Vnemer dus misbruik maakt van het
informatievoordeel dat hij heeft tegenover de Vraar. De Vnemer maakt
meestal misbruik door antidatering van het realisatiemoment van de schade.
= wanneer er wordt getekend met een vroegere datum dan daadwerkelijk
werd ondertekend.
Wanneer de partijen bij het sluiten van de overeenkomst niet weten of het
risico al verwezenlijkt is. = putatieve risico’s.
2.3.2.Verzekerbaar belang
Het verzekerbaar belang van een Vnemer houdt in dat:
- Hij de financiële gevolgen van een gebeurtenis vreest en deze wil vermijden door
verzekering aan te gaan.
- Hij als Vnemer een onzekere gebeurtenis wenst.
Vb. levensverzekering: uitbetaling op eindleeftijd.
Geschiedenis:
De moderne verzekering is ontstaan in 16 de & 17de eeuw door:
Bloei van de overzeese handel: vrachten vrijstellen van zeegevaren
4
Examen
- 3 grote open vragen a.d.h.v. een titel in de cursus
- 5 begrippen uit de cursus
1. Verzekeringsrecht: situering
1.1. Wilsautonomie
= iedere persoon heeft het recht om zijn of haar rechtspositie vrij te bepalen
Hoe komt een verzekeringscontract tot stand?
Afspraak 1: Partijen zijn vrij om een contract af te sluiten
Uitzondering: verplicht om een contract af te sluiten (wettelijke verplichtingen)
Vb. verplichting tot het afsluiten van een aansprakelijkheidsverzekering
Afspraak 2: Vrijheid om inhoud van contract te bepalen
Vb. Tegenwoordig worden de algemene -en bijzondere voorwaarden éénzijdig door de
Vraar bepaalt doordat in de realiteit er een zwakke partij tegenover een sterke partij
staat. & doordat het tegenwoordig een toetredingscontract is als Vnemer.
Afspraak 3: uitzondering van verplichte verzekeringen
Vb. BA motorrijvoertuigen verzekering
Oplossing v/d wetgever
Minimumvoorwaarden vastgelegd in wetgeving
Bescherming in Wet Verzekeringen 2014
1.2. Bestrijding van verzekeringsfraude
Een verzekeringsnemer bevat informatievoordeel. Vnemer kan overal info rond vragen. De
Vraar weet niet hoe de chauffeur rijdt tot het moment van het ongeval. = onzekere fase
Kans op fraude is groot en dit ontwricht het verzekeringssysteem. Verzekering is gesteund
op eerlijkheid en wederkerigheid.
Economische betekenis: 5%-10% van de betaalde schadegevallen bevat fraude.
Vnemers die niet meedoen aan de fraude moeten hier wel in meebetalen. Hoe meer
schadegevallen in het algemeen, hoe hoger de gemiddelde premie zal liggen.
o Stel: Vb. brandverzekering: 500€/jaar (huis zal ongeveer waarde van 400.000€
hebben) , je zal daar 30 jaar leven, verzekeraar zal. 15000€ ontvangen in die periode,
stel je voor nooit schade, dan heeft de verzekeraar 15000€ winst.
1.3. Controle op de verzekeringsondernemingen
1
, in principe mag iedereen een verzekeringsonderneming starten maar zeer strenge
cotrole
In Europese Economische Ruimte
Moet de lokale wetgeving naleven
o Vb. PNP: verzekeringsmaatschappij in Kortrijk met 30 werknemers; verzekerde
brand, auto, arbeidsverzekeringen: bestaat nu niet meer omdat ze verplicht (+30WN)
waren een werknemer aan te nemen die de cijfers controleert, dit was voor hen niet
mogelijk. Tegenwoordig wordt het gebruikt door P&V.
o Vb. Nichemaatschappij; specialiseert zich in 1 concept; bv. PROTECT Gespecialiseerd
in architecten verzekeringen
o Vb. MERCATOR; verzekeringsmaatschappij uit Antwerpen werd gewaarschuwd op
fraude dus kreeg de kans om alles goed te trekken. Nu Baloise
Zal de bank op het moment dat ik het geld nodig heb kunnen uitbetalen?
Verzekeringssector is gevoelig voor financiële schokken zoals de banken.
1) Prestatie van de verzekeraar is onzeker; aleatoir karakter
2) De Vraar die geen vergoeding ontvangt kan zelf in de financiële problemen
geraken.
3) Verzekerde kan de financiële solvabiliteit van de Vraar moeilijk controleren.
4) Verzekering is in bepaalde takken een massaproduct geworden waardoor
verstoring van de markt een schokeffect kan teweegbrengen.
Overheidstoezicht wordt vooral op massarisico’s uitgewerkt die zich op particulieren richten
en niet op grote risico’s.
Grote risico’s:
o Transport
o Krediet en borgtochtverzekeringen
o Vnemer die een grote onderneming is
Deze controle is terug te vinden in Controlewet 9/7/1975.
Controle bij oprichting door Nationale Bank van België
Controle achteraf door FSMA
1.4. Controle op de verzekeringsdistributie
= het adviseren van verzekeringsovereenkomsten
Verzekeringscontracten kunnen op diverse manieren worden verkocht:
Verzekeringsmakelaars of verzekeringsagenten (=tussenpersonen)
= onderwerpen aan overheidstoezicht
Directe verzekering
Bancassurfinance
Bancassurance = de bank die via haar kantorennetwerk ook nog
verzekeringsproducten aanbiedt.
2
, Assurfinance = een verzekeraar die via haar kantoornetwerk ook nog
bankproducten aanbiedt.
Verzekeringscontracten zijn complex. Daarom moeten de Vraars het nut ervan uitleggen en
de verplichte verzekeringen mee delen. Hiervoor is kennis nodig. Zowel de directe
verzekering als de tussenpersonen als de bancassurfinance moeten voldoen aan de
bekwaamheidsvereisten.
2. Verzekeringsovereenkomst
2.1. Begrip
- Overeenkomst
- Twee partijen
Verzekeraar
Vnemer
- Bijkomende partij
Verzekerde of begunstigde
- Tegen betaling van een premie
- Prestatie leveren
- Onzekere gebeurtenis
- Belang heeft dat die zich niet voordoet
2.2. Partijen betrokken bij een verzekeringsovereenkomst
2.2.1.Verzekeraar
Elke persoon of onderneming
Die verzekeringsovereenkomst aanbiedt
Ongeachte beroepshoedanigheid
Beroepsmatig
2.2.2.Verzekeringsnemer
Heeft overeenkomst aangegaan
Betaalt de premies
Eigenaar van het contract
2.2.3.Verzekerde
Aansprakelijkheidsverzekering:
Persoon die schade veroorzaakt heeft
Zaakschadeverzekering
Persoon die het financieel verlies heeft geleden
Persoonsverzekering
Persoon in wiens hoofde het risico zich voordoet
2.2.4.Begunstigde
Persoon in wiens voordeel de verzekering bedongen is.
3
, 2.3. Wezenlijke bestanddelen van de verzekeringsovereenkomst
Als 1 van de 4 wezenlijke bestanddelen ontbreken wordt de overeenkomst met
terugwerkende krachten nietig verklaard.
2.3.1.Verzekerd risico
De overeenkomst is nietig als het risico niet bestaat of zich al heeft voortgedaan. Het
risico moet dus onzeker zijn. Dit kan door:
Men weet niet zeker of het risico zich zal voordoen.
Men weet niet wanneer het risico zich zal voordoen.
Soms is er sprake van opzet bij het risico. Dit zijn potestatieve risico’s. Natuurlijk ook
nietig verklaard en dus geen tussenkomst van de Vraar.
Het Verzekerd risico moet een deel veroorzaakt zijn door toeval:
Geen toeval; langdurige milieuschade, normale slijtage door vb. ouderdom…
Een verzekeringscontract is een kanscontract. Een kanscontract is een wederkerige = beide partijen
hebben verbintenissen
overeenkomst, waarvan de gevolgen voor de Vraar afhangen van een onzekere
gebeurtenis. Voor een Vraar altijd onzeker, voor een Vnemer niet want moet Vnemer betaald
premie
sowieso premie betalen.
Vraar moet
presteren bij onzekere
gebeurtenis.
De verzekering is nietig wanneer bij het sluiten van de overeenkomst:
Het risico niet bestaat
Het risico al verwezenlijkt is en de Vnemer dus misbruik maakt van het
informatievoordeel dat hij heeft tegenover de Vraar. De Vnemer maakt
meestal misbruik door antidatering van het realisatiemoment van de schade.
= wanneer er wordt getekend met een vroegere datum dan daadwerkelijk
werd ondertekend.
Wanneer de partijen bij het sluiten van de overeenkomst niet weten of het
risico al verwezenlijkt is. = putatieve risico’s.
2.3.2.Verzekerbaar belang
Het verzekerbaar belang van een Vnemer houdt in dat:
- Hij de financiële gevolgen van een gebeurtenis vreest en deze wil vermijden door
verzekering aan te gaan.
- Hij als Vnemer een onzekere gebeurtenis wenst.
Vb. levensverzekering: uitbetaling op eindleeftijd.
Geschiedenis:
De moderne verzekering is ontstaan in 16 de & 17de eeuw door:
Bloei van de overzeese handel: vrachten vrijstellen van zeegevaren
4