Taalontwikkeling
Handboek H 1.1, 1.2, 1.3, 4
1. Welke factoren beïnvloeden de taalontwikkeling?
TAALONTWIKKELING
Sensori-motorische ontwikkeling:
- Ze kunnen niet praten
o Mondholte baby is heel klein
o Tong neemt veel meer plaats in
Cognitieve ontwikkeling
- Ze ‘weten’ niet
o Ze hebben nog geen woorden
o Ze zien een eend maar kennen het woord nog niet
o Weten niet dat er verschillende soorten eenden zijn
Sociaal-emotionele ontwikkeling
- Ze willen niet
o Samen aandacht delen
o Voorbeeld: moeder die wilt dat baby naar bal kijkt maar baby blijft naar de moeder
kijken.
,AANGEBOREN TAALVERMOGEN
Sensori-motorische ontwikkeling:
- Gehoorapparaat
o Zwaar slecht horend
Cognitieve ontwikkeling:
- Syndroom van down
o Meer moeite nieuwe woorden aanleren
o Korte termijn geheugen niet goed ontwikkeld
Sociaal-emotionele ontwikkeling
- Autisme
o Moeilijk om in iemands anders hoofd te kruipen
AANGEPAST TAALAANBOD
Omgevingstaal:
- Child directed speech
o = Verzorgerstaal
o = Motherese / Fatherese
o Taal aanpassen aan de taal van de baby
Hoe leert een kind een taal? Imitatie?
- Nemen heel veel woorden en zinnen over van volwassenen
- Heel veel woorden en zinnen uit dagelijkse rituelen
Hoe leert een kind een taal? creativiteit?
- Proberen zelf taalelementen te combineren
- Gaan actief opzoek naar de betekenis van een taal
Wisselwerking tussen taalaanbod en aangeboren taalvermogen
, 2. De onderdelen van taal
Taal begrip en taalproductie
- Begrip: vaardigheid om te begrijpen wat er gezegd wordt
- Productie: vaardigheid om zelf taal te produceren
Taalbegrip gaat voor taalproductie
Waar is papa? Kind duid papa aan maar kan nog niet zeggen daar
Vorm van taaluitingen
- Klanken Fonetiek / fonologie
- Woorden Morfologie
- Zinnen syntaxis
Betekenis en gebruik van taaluitingen
- Betekenis woorden en zinnen semantiek
o Febe 5j: ik ga het toch verklappen
o Sanne 3j: begint in de handen te klappen
- Gebruik pragmatiek
o Leren wachten tot andere is uitgesproken
o Rekening houden voorkennis persoon waaraan je iets zegt
o Verhaal in een logische volgorde vertellen
Nadenken over taal
= taalbeschouwing
= metalinguïstisch bewustzijn
Babysit, kleuter zegt ik ben geen baby meer het is een kleuterzit.
Handboek H 1.1, 1.2, 1.3, 4
1. Welke factoren beïnvloeden de taalontwikkeling?
TAALONTWIKKELING
Sensori-motorische ontwikkeling:
- Ze kunnen niet praten
o Mondholte baby is heel klein
o Tong neemt veel meer plaats in
Cognitieve ontwikkeling
- Ze ‘weten’ niet
o Ze hebben nog geen woorden
o Ze zien een eend maar kennen het woord nog niet
o Weten niet dat er verschillende soorten eenden zijn
Sociaal-emotionele ontwikkeling
- Ze willen niet
o Samen aandacht delen
o Voorbeeld: moeder die wilt dat baby naar bal kijkt maar baby blijft naar de moeder
kijken.
,AANGEBOREN TAALVERMOGEN
Sensori-motorische ontwikkeling:
- Gehoorapparaat
o Zwaar slecht horend
Cognitieve ontwikkeling:
- Syndroom van down
o Meer moeite nieuwe woorden aanleren
o Korte termijn geheugen niet goed ontwikkeld
Sociaal-emotionele ontwikkeling
- Autisme
o Moeilijk om in iemands anders hoofd te kruipen
AANGEPAST TAALAANBOD
Omgevingstaal:
- Child directed speech
o = Verzorgerstaal
o = Motherese / Fatherese
o Taal aanpassen aan de taal van de baby
Hoe leert een kind een taal? Imitatie?
- Nemen heel veel woorden en zinnen over van volwassenen
- Heel veel woorden en zinnen uit dagelijkse rituelen
Hoe leert een kind een taal? creativiteit?
- Proberen zelf taalelementen te combineren
- Gaan actief opzoek naar de betekenis van een taal
Wisselwerking tussen taalaanbod en aangeboren taalvermogen
, 2. De onderdelen van taal
Taal begrip en taalproductie
- Begrip: vaardigheid om te begrijpen wat er gezegd wordt
- Productie: vaardigheid om zelf taal te produceren
Taalbegrip gaat voor taalproductie
Waar is papa? Kind duid papa aan maar kan nog niet zeggen daar
Vorm van taaluitingen
- Klanken Fonetiek / fonologie
- Woorden Morfologie
- Zinnen syntaxis
Betekenis en gebruik van taaluitingen
- Betekenis woorden en zinnen semantiek
o Febe 5j: ik ga het toch verklappen
o Sanne 3j: begint in de handen te klappen
- Gebruik pragmatiek
o Leren wachten tot andere is uitgesproken
o Rekening houden voorkennis persoon waaraan je iets zegt
o Verhaal in een logische volgorde vertellen
Nadenken over taal
= taalbeschouwing
= metalinguïstisch bewustzijn
Babysit, kleuter zegt ik ben geen baby meer het is een kleuterzit.