Methoden van Psychologisch onderzoek 2
Onderzoeksverslag
Academiejaar 2019-2020
Groep: 04_10
Docent: Dr. Marc Roelands
1
,Inhoudsopgave
Abstract ............................................................................................. 3
1. Inleiding ......................................................................................... 4
2. Methode ........................................................................................ 5
2.1. Kwalitatief of kwantitatief onderzoek? ..................................... 5
2.2. Deelnemers ......................................................................... 6
2.3. Instrumenten ....................................................................... 7
2.4. Procedure ............................................................................ 8
2.5. Analyse ............................................................................... 8
3. Resultaten ...................................................................................... 10
4. Discussie ........................................................................................ 18
5. Literatuur ....................................................................................... 20
Bijlage 1 ............................................................................................ 22
2
,Abstract
In dit onderzoek werd nagegaan of de risico’s verbonden aan het gebruik van
alcohol, cannabis en cocaïne gekend zijn bij jongeren. Daarnaast werd er gepeild
naar hun gedragsintentie tot het gebruik van deze 3 middelen. 71 jongeren
tussen 18 en 24 jaar vulden een online vragenlijst in. De resultaten wezen uit dat
alcohol het meest gekend is en cocaïne het minst. De gebruiksintentie was het
hoogst voor alcohol en het laagst voor cocaïne. Uit het onderzoek kon geen
verband worden afgeleid tussen de kennis van de 3 middelen en de
gedragsintentie tot het gebruik ervan. Daaruit kan afgeleid worden dat een
preventiecampagne over de gevolgen van cocaïne wellicht weinig effect zal
hebben op het gebruik ervan bij jongeren. Onderzoek naar andere manieren om
het toegenomen gebruik van cocaïne terug te dringen is daarom aan te bevelen.
3
, 1. Inleiding
Alcohol is één van de meest gebruikte middelen in onze samenleving. Zo drinken
Vlaamse jongeren tussen 12 en 28 jaar oud meer dan 6 eenheden alcohol per
week (Kuiper, 2011). Ook “bingedrinken”, waarbij jongeren 5 of meer eenheden
alcohol per gelegenheid drinken, komt alsmaar meer voor. Het gebruik van
alcohol legt een zware last op de volksgezondheid. Samen met tabak, vormt
alcohol een belangrijke oorzaak van overlijden in de ontwikkelde landen. Het valt
op dat de bevolking de neiging heeft om de gevolgen van alcohol te
minimaliseren, ondanks de gevaren die eraan verbonden zijn.
Naast alcohol zijn er nog andere middelen die een grotere rol gaan spelen. Het
gebruik van cannabis neemt alsmaar toe, ook bij jongeren. Uit een onderzoek
van Ooyen-Houben & Siepermann (2002) blijkt dat bij jongeren tussen 16 en 17
jaar cannabis de meest gebruikte drug is. De drempel om een jointje te roken
wordt steeds kleiner en jongeren bezwijken sneller onder groepsdruk. Bij de
aanschaf van cannabis doen jongeren vooral beroep op hun sociaal netwerk. Het
effect van cannabis wordt door gebruikers meestal ervaren als ontspannend
en/of rustgevend. Dit effect zou de belangrijkste reden zijn waarom jongeren
cannabis proberen (Hendriks et al., 2018).
Ook het gebruik van cocaïne lijkt aan een opmars bezig. Het inschatten van de
prevalentie van cocaïnegebruik is uiterst moeilijk, maar er zijn aanwijzingen dat
de toegenomen beschikbaarheid van cocaïne leidt tot groeiende
gezondheidskosten. Sinds 2014 is het aantal nieuwe cliënten die zich voor
behandeling rond cocaïneproblemen melden, met meer dan 35 % gestegen.
(Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving, 2019).
Onderzoekers stellen ook dat het gebruik van cocaïne twee tot drie keer vaker
voorkomt onder mannen dan onder vrouwen (Hendriks et al., 2018). Mannen
zouden een grotere neiging voelen om nieuwe dingen te proberen zoals cocaïne.
Er zijn geen officiële prevalentiecijfers, maar toch wordt het moeilijk om cocaïne
nog uit ons dagelijks leven te denken. We zien cocaïnegebruik bij een divers
publiek zoals bij feestgangers die een nachtje door willen doen of chirurgen die
14 uur aan een stuk werken. Cocaïne heeft een stimulerend effect.
4
Onderzoeksverslag
Academiejaar 2019-2020
Groep: 04_10
Docent: Dr. Marc Roelands
1
,Inhoudsopgave
Abstract ............................................................................................. 3
1. Inleiding ......................................................................................... 4
2. Methode ........................................................................................ 5
2.1. Kwalitatief of kwantitatief onderzoek? ..................................... 5
2.2. Deelnemers ......................................................................... 6
2.3. Instrumenten ....................................................................... 7
2.4. Procedure ............................................................................ 8
2.5. Analyse ............................................................................... 8
3. Resultaten ...................................................................................... 10
4. Discussie ........................................................................................ 18
5. Literatuur ....................................................................................... 20
Bijlage 1 ............................................................................................ 22
2
,Abstract
In dit onderzoek werd nagegaan of de risico’s verbonden aan het gebruik van
alcohol, cannabis en cocaïne gekend zijn bij jongeren. Daarnaast werd er gepeild
naar hun gedragsintentie tot het gebruik van deze 3 middelen. 71 jongeren
tussen 18 en 24 jaar vulden een online vragenlijst in. De resultaten wezen uit dat
alcohol het meest gekend is en cocaïne het minst. De gebruiksintentie was het
hoogst voor alcohol en het laagst voor cocaïne. Uit het onderzoek kon geen
verband worden afgeleid tussen de kennis van de 3 middelen en de
gedragsintentie tot het gebruik ervan. Daaruit kan afgeleid worden dat een
preventiecampagne over de gevolgen van cocaïne wellicht weinig effect zal
hebben op het gebruik ervan bij jongeren. Onderzoek naar andere manieren om
het toegenomen gebruik van cocaïne terug te dringen is daarom aan te bevelen.
3
, 1. Inleiding
Alcohol is één van de meest gebruikte middelen in onze samenleving. Zo drinken
Vlaamse jongeren tussen 12 en 28 jaar oud meer dan 6 eenheden alcohol per
week (Kuiper, 2011). Ook “bingedrinken”, waarbij jongeren 5 of meer eenheden
alcohol per gelegenheid drinken, komt alsmaar meer voor. Het gebruik van
alcohol legt een zware last op de volksgezondheid. Samen met tabak, vormt
alcohol een belangrijke oorzaak van overlijden in de ontwikkelde landen. Het valt
op dat de bevolking de neiging heeft om de gevolgen van alcohol te
minimaliseren, ondanks de gevaren die eraan verbonden zijn.
Naast alcohol zijn er nog andere middelen die een grotere rol gaan spelen. Het
gebruik van cannabis neemt alsmaar toe, ook bij jongeren. Uit een onderzoek
van Ooyen-Houben & Siepermann (2002) blijkt dat bij jongeren tussen 16 en 17
jaar cannabis de meest gebruikte drug is. De drempel om een jointje te roken
wordt steeds kleiner en jongeren bezwijken sneller onder groepsdruk. Bij de
aanschaf van cannabis doen jongeren vooral beroep op hun sociaal netwerk. Het
effect van cannabis wordt door gebruikers meestal ervaren als ontspannend
en/of rustgevend. Dit effect zou de belangrijkste reden zijn waarom jongeren
cannabis proberen (Hendriks et al., 2018).
Ook het gebruik van cocaïne lijkt aan een opmars bezig. Het inschatten van de
prevalentie van cocaïnegebruik is uiterst moeilijk, maar er zijn aanwijzingen dat
de toegenomen beschikbaarheid van cocaïne leidt tot groeiende
gezondheidskosten. Sinds 2014 is het aantal nieuwe cliënten die zich voor
behandeling rond cocaïneproblemen melden, met meer dan 35 % gestegen.
(Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving, 2019).
Onderzoekers stellen ook dat het gebruik van cocaïne twee tot drie keer vaker
voorkomt onder mannen dan onder vrouwen (Hendriks et al., 2018). Mannen
zouden een grotere neiging voelen om nieuwe dingen te proberen zoals cocaïne.
Er zijn geen officiële prevalentiecijfers, maar toch wordt het moeilijk om cocaïne
nog uit ons dagelijks leven te denken. We zien cocaïnegebruik bij een divers
publiek zoals bij feestgangers die een nachtje door willen doen of chirurgen die
14 uur aan een stuk werken. Cocaïne heeft een stimulerend effect.
4