ONDERZOEKSKILLS 1
HOOFDSTUK 1: ONDERZOEKSPROBLEEM, DOELSTELLING EN ONDERZOEKSVRAAG
WAT IS MIJN PROBLEEMSTELLING?
PROBLEEMSTELLING
Aanleiding voor onderzoek is vaak praktijkprobleem
Twee soorten onderzoek:
- Toegepast: zoekt antwoorden op specifieke vragen en/of oplossingen voor problemen
o Ontwikkeling van een vaccin om COVIS-19 pandemie te bestrijden
- Fundamenteel (wetenschappelijk): gericht op het uitbreiden en uitdiepen van kennis
o Via welk mechanismen treedt een coronavirus de cel van een gastheer binnen?
Alvorens onderzoek te starten moet je een aantal zaken vaststellen:
- Wat is precies het probleem?
- Hoe groot is het probleem: Waar en wanneer?
- Wie heeft het probleem?
- Waarom is het probleem: bv wat zijn de gevolgen?
- Hoe is het probleem ontstaan (=de aanleiding)?
⇒ 5XW+H-METHODE
om tot een goede probleemstelling te komen
WAT?
Geef een duidelijke beschrijving van het praktijkprobleem:
- Wat gaat er precies mis?
- Wat is niet wenselijk of onaanvaardbaar?
- Wat word er gemist?
- Wat kan beter?
- Wat is wel succesvol en kan eventueel breder geïmplementeerd worden?
- Wat is de onopgeloste vraag waarop een antwoord gezocht moet worden?
- Wat heeft men in het verleden gedaan om het probleem op te lossen, en waarom werkte dat
wel/niet goed?
WIE?
Geef aan welke personen of groepen bij het praktijkprobleem betrokken zijn. Wat is hun rol in het
praktijkprobleem en op welke manier ervaren zij het probleem?
WANNEER?
Geef duidelijk aan op welke momenten het probleem zich manifesteert en met welke frequentie.
WAAROM?
Maak duidelijk waarom de organisatie, het bedrijf of de maatschappij beter af is als het
praktijkprobleem is opgelost:
- Waarom wordt het probleem als een probleem ervaren?
- Waarom moet het probleem opgelost worden?
WAAR?
Op welke plekken, gebieden, onderdelen, processen wordt het probleem ervaren?
1
,HOE?
Geef aan hoe het probleem in de tijd is ontstaan. Wat was de aanleiding voor het probleem? Wat is er
voorafgegaan aan het probleem? Hebben andere organisaties of bedrijven al oplossingen bedacht voor
gelijkaardige problemen?
ONDERZOEK GENEREERT KENNIS
- Onderzoekers leveren kennis ⇒informatieleveranciers
- Maar onderzoekers lossen probleem niet op
o Probleem kan eventueel opgelost worden aan de hand van opgedane kennis
- Nieuwe kennis levert nieuwe problemen onderzoekscyclus:
Zie casus BMI!
PROBLEEMSTELLING ≠ DOELSTELLING
Probleemstelling: aanleiding voor het starten van onderzoek
Doelstelling: geeft weer wat je wil bereiken (“verkrijgen van kennis en inzicht in … bij… om …”)
ADEPS-studie:
Het onderzoek heeft als doel om individueel lichaamsvetpercentage (%LV) betrouwbaar te bepalen
op basis van lichaamsmaten gemeten met een 3D scanner.
Doelstelling bereiken:
In onderzoek bereik je de vooropgestelde doelen door antwoorden te zoeken op goed
geformuleerde onderzoeksvragen.
Probleemstelling doelstelling onderzoeksvraag
Vooraleer onderzoeksvragen te formuleren ga je na welke kennis al voorhanden is uit eerder
onderzoek!
IS ALLE INFORMATIE AANWEZIG?
IS ER BESTAANDE INFORMATIE?
1. Eerste oriëntatie
o Overleggen met collega’s en opdrachtgever
o Wat is er al voorhanden, vnl. internet
2. Literatuuronderzoek/bronnenonderzoek
Is een eigen/extra onderzoek nog relevant?
WAT IS HET NUT VAN HET GEBRUIK VAN BESTAANDE INFORMATIE?
- Waar baseren andere onderzoekers hun theorie op?
o Hebben andere onderzoekers al %LV kunnen schatten met lichaamsmaten?
- Wat voor opzet gebruiken andere onderzoekers voor vergelijkbaar onderzoek?
2
, o Hoe pakken andere onderzoekers het onderzoek aan? Welke methodologie (BodPod,
impedantie)?
- Hoe definiëren en meten onderzoekers vergelijkbare kenmerken?
o Hoe wordt middelomtrek gemeten, welke lichaamsmaten zijn van invloed op LV%?
HOE GA JE OP ZOEK NAAR INFORMATIE?
- Via browser op internet
- Zoekmachines
- Wetenschappelijke databanken
WAT IS MIJN ONDERZOEKSVRAAG?
- Aantal en omvang begrensd door tijd en middelen
- Formuleer je voorlopige onderzoeksvraag
o vb: Kan lichaamsvetpercentage (LV%) geschat worden op basis van lichaamsmaten?
- 5 stappen:
1. Is er sprake van sub- of deelvragen?
2. Is het een vraag?
3. Is het een gesloten vraag?
4. Is ze eenduidig en concreet geformuleerd?
5. Is het een normatieve vraag?
Formuleren van een definitieve onderzoeksvraag
GESLOTEN OF OPEN ONDERZOEKSVRAAG
Twee hoofdvormen van onderzoek
- Kwantitatief: zaken vaststellen,gericht op het meten en tellen van hoeveelheden, aantallen,
percentages
= gesloten onderzoeksvraag
- Kwalitatief: inhoudelijke gegevens over en inzichten in het onderzoekobject verzamelen,
gericht op onderzoeken van opinies, ideeën, overtuigingen, wensen, motivaties, behoeften,
verklaringen.
“Hoe kunnen we het gebruik van tablets in de klas optimaliseren?”
= open onderzoeksvraag
- Mixed method: kwalitatief en kwantitatief combineren
ANDERE VOORWAARDEN
- Concreet en eenduidig
o Vermijd “optimaal”, “relatief”, vage termen, …
- Voor iedereen volstrekt duidelijk
o Onderzoeksbegrippen slechts voor één uitleg vatbaar
o Begrippen uit vakliteratuur:
o Thesaurus (officiële zoekterm, bv. MeSH)
- Vermijd normatieve begrippen
o Wat is de beste…?
o Is … slecht voor…?
o Gebruik concreet meetbare begrippen
WIE OF WAT ZIJN ONDERZOEKSEENHEDEN?
Eenheden = bij wie (of bij wat) je iets gaat meten geen variatie!
- In je onderzoek doe je uitspraken over eenheden
3
HOOFDSTUK 1: ONDERZOEKSPROBLEEM, DOELSTELLING EN ONDERZOEKSVRAAG
WAT IS MIJN PROBLEEMSTELLING?
PROBLEEMSTELLING
Aanleiding voor onderzoek is vaak praktijkprobleem
Twee soorten onderzoek:
- Toegepast: zoekt antwoorden op specifieke vragen en/of oplossingen voor problemen
o Ontwikkeling van een vaccin om COVIS-19 pandemie te bestrijden
- Fundamenteel (wetenschappelijk): gericht op het uitbreiden en uitdiepen van kennis
o Via welk mechanismen treedt een coronavirus de cel van een gastheer binnen?
Alvorens onderzoek te starten moet je een aantal zaken vaststellen:
- Wat is precies het probleem?
- Hoe groot is het probleem: Waar en wanneer?
- Wie heeft het probleem?
- Waarom is het probleem: bv wat zijn de gevolgen?
- Hoe is het probleem ontstaan (=de aanleiding)?
⇒ 5XW+H-METHODE
om tot een goede probleemstelling te komen
WAT?
Geef een duidelijke beschrijving van het praktijkprobleem:
- Wat gaat er precies mis?
- Wat is niet wenselijk of onaanvaardbaar?
- Wat word er gemist?
- Wat kan beter?
- Wat is wel succesvol en kan eventueel breder geïmplementeerd worden?
- Wat is de onopgeloste vraag waarop een antwoord gezocht moet worden?
- Wat heeft men in het verleden gedaan om het probleem op te lossen, en waarom werkte dat
wel/niet goed?
WIE?
Geef aan welke personen of groepen bij het praktijkprobleem betrokken zijn. Wat is hun rol in het
praktijkprobleem en op welke manier ervaren zij het probleem?
WANNEER?
Geef duidelijk aan op welke momenten het probleem zich manifesteert en met welke frequentie.
WAAROM?
Maak duidelijk waarom de organisatie, het bedrijf of de maatschappij beter af is als het
praktijkprobleem is opgelost:
- Waarom wordt het probleem als een probleem ervaren?
- Waarom moet het probleem opgelost worden?
WAAR?
Op welke plekken, gebieden, onderdelen, processen wordt het probleem ervaren?
1
,HOE?
Geef aan hoe het probleem in de tijd is ontstaan. Wat was de aanleiding voor het probleem? Wat is er
voorafgegaan aan het probleem? Hebben andere organisaties of bedrijven al oplossingen bedacht voor
gelijkaardige problemen?
ONDERZOEK GENEREERT KENNIS
- Onderzoekers leveren kennis ⇒informatieleveranciers
- Maar onderzoekers lossen probleem niet op
o Probleem kan eventueel opgelost worden aan de hand van opgedane kennis
- Nieuwe kennis levert nieuwe problemen onderzoekscyclus:
Zie casus BMI!
PROBLEEMSTELLING ≠ DOELSTELLING
Probleemstelling: aanleiding voor het starten van onderzoek
Doelstelling: geeft weer wat je wil bereiken (“verkrijgen van kennis en inzicht in … bij… om …”)
ADEPS-studie:
Het onderzoek heeft als doel om individueel lichaamsvetpercentage (%LV) betrouwbaar te bepalen
op basis van lichaamsmaten gemeten met een 3D scanner.
Doelstelling bereiken:
In onderzoek bereik je de vooropgestelde doelen door antwoorden te zoeken op goed
geformuleerde onderzoeksvragen.
Probleemstelling doelstelling onderzoeksvraag
Vooraleer onderzoeksvragen te formuleren ga je na welke kennis al voorhanden is uit eerder
onderzoek!
IS ALLE INFORMATIE AANWEZIG?
IS ER BESTAANDE INFORMATIE?
1. Eerste oriëntatie
o Overleggen met collega’s en opdrachtgever
o Wat is er al voorhanden, vnl. internet
2. Literatuuronderzoek/bronnenonderzoek
Is een eigen/extra onderzoek nog relevant?
WAT IS HET NUT VAN HET GEBRUIK VAN BESTAANDE INFORMATIE?
- Waar baseren andere onderzoekers hun theorie op?
o Hebben andere onderzoekers al %LV kunnen schatten met lichaamsmaten?
- Wat voor opzet gebruiken andere onderzoekers voor vergelijkbaar onderzoek?
2
, o Hoe pakken andere onderzoekers het onderzoek aan? Welke methodologie (BodPod,
impedantie)?
- Hoe definiëren en meten onderzoekers vergelijkbare kenmerken?
o Hoe wordt middelomtrek gemeten, welke lichaamsmaten zijn van invloed op LV%?
HOE GA JE OP ZOEK NAAR INFORMATIE?
- Via browser op internet
- Zoekmachines
- Wetenschappelijke databanken
WAT IS MIJN ONDERZOEKSVRAAG?
- Aantal en omvang begrensd door tijd en middelen
- Formuleer je voorlopige onderzoeksvraag
o vb: Kan lichaamsvetpercentage (LV%) geschat worden op basis van lichaamsmaten?
- 5 stappen:
1. Is er sprake van sub- of deelvragen?
2. Is het een vraag?
3. Is het een gesloten vraag?
4. Is ze eenduidig en concreet geformuleerd?
5. Is het een normatieve vraag?
Formuleren van een definitieve onderzoeksvraag
GESLOTEN OF OPEN ONDERZOEKSVRAAG
Twee hoofdvormen van onderzoek
- Kwantitatief: zaken vaststellen,gericht op het meten en tellen van hoeveelheden, aantallen,
percentages
= gesloten onderzoeksvraag
- Kwalitatief: inhoudelijke gegevens over en inzichten in het onderzoekobject verzamelen,
gericht op onderzoeken van opinies, ideeën, overtuigingen, wensen, motivaties, behoeften,
verklaringen.
“Hoe kunnen we het gebruik van tablets in de klas optimaliseren?”
= open onderzoeksvraag
- Mixed method: kwalitatief en kwantitatief combineren
ANDERE VOORWAARDEN
- Concreet en eenduidig
o Vermijd “optimaal”, “relatief”, vage termen, …
- Voor iedereen volstrekt duidelijk
o Onderzoeksbegrippen slechts voor één uitleg vatbaar
o Begrippen uit vakliteratuur:
o Thesaurus (officiële zoekterm, bv. MeSH)
- Vermijd normatieve begrippen
o Wat is de beste…?
o Is … slecht voor…?
o Gebruik concreet meetbare begrippen
WIE OF WAT ZIJN ONDERZOEKSEENHEDEN?
Eenheden = bij wie (of bij wat) je iets gaat meten geen variatie!
- In je onderzoek doe je uitspraken over eenheden
3