Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 103 pagina's
Samenvatting

VOLLEDIGE samenvatting Psychologie en Rechtspsychologie | UA | 2026

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 103 pagina's

Dit is een volledige samenvatting van het vak "psychologie & rechtspsychologie". Het is gebaseerd op alle colleges, powerpoints, eigen notities en het boek. Hierin staan ook alle gastcolleges in vermeld. Gedoceerd door Miet Vanderhallen. 2026.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting: Inleiding in de psychologie en
rechtspsychologie
Les 1: Introductie
 Psychologie = studie van de geest en gedrag
 Mensen zijn niet zo een goede waarnemers, ook al denken ze zelf soms van
wel.
 De realiteit waarin we leven is zo complex dat we niet alles kunnen
waarnemen.
 Twee fragmentjes
 Fragment 1: Selective attention/ inattentional blindness => We focussen
ons op één ding.
 Daardoor merken we andere dingen niet op, zelfs als ze duidelijk
zichtbaar zijn.
 Bv.: Je kijkt naar een balspel en ziet niet dat iemand in een gorillapak
door het beeld loopt.
 Fragment 2: Change blindness => We merken veranderingen in onze
omgeving vaak niet op.
 Zelfs grote veranderingen kunnen onopgemerkt blijven als onze
aandacht even wordt afgeleid.
 Dit zijn twee perceptuele vertekeningen die ook betekenen dat ons
geheugen niet feilloos is. In ons dagelijks leven hoeft dat niet altijd een
probleem te zijn, maar wanneer een getuige van een misdrijf informatie
aan de politiek verstrekt, kan dat (verregaande) negatieve gevolgen
hebben.
 Een getuige kan dan onvolledige of foutieve informatie geven.
 De politie kan daardoor verkeerde conclusies trekken.
 Kan leiden tot foutieve beschuldigingen.
 Wat betekent dit concreet voor dit vak?
 Hoe mensen waarnemen en herinneringen construeren is het voorwerp
van studie van de psychologie.
 Op deze inzichten wordt in de rechtspsychologie voortgebouwd wanneer
onderzocht wordt hoe betrouwbaar getuigen zijn.
 Doel? Het opleidingsonderdeel is gericht op het verwerven van inzicht in
basisbegrippen ui psychologie en rechtspsychologie.
Kennisclip: Onderzoeksmethode in de psychologie
1. Wetenschappelijk onderzoek
 Wetenschappelijk onderzoek: Wetenschappelijke methode maakt
psychologie een wetenschap.
 Psychologie is een wetenschap omdat ze werkt met de wetenschappelijke
methode: Bv.: Systematisch observeren, gegevens verzamelen, testen en
controleren, ...
 Fundamenteel wetenschappelijk onderzoek vs. toegepast “” onderzoek
 Fundamenteel onderzoek: Gericht op het verwerven van theoretische
kennis. Doel: begrijpen hoe iets werkt. Draagt bij tot het verwerven van
nieuwe inzichten over menselijk gedrag in de basis.

,  Toegepast onderzoek: Gericht op het oplossen van concrete
problemen. Praktische toepassingen (bv. in justitie, onderwijs, kliniek).
Dat bepaalde bevindingen over mensen in een bepaalde context kan
toepassen.
 Normatief vs. empirisch onderzoek
 Normatief onderzoek: Gaat over hoe iets zou moeten zijn
 Empirisch onderzoek: Gaat over hoe iets feitelijk is. Gebaseerd op
observatie en metingen.
 Psychologisch onderzoek => Psychologisch onderzoek is empirisch
onderzoek.
 Het bestudeert gedrag en mentale processen via observeerbare en
meetbare gegevens.
 Voorbeelden van niet-empirische vragen:
=Gaan niet over feiten die je kan meten of observeren, maar over waarden,
normen en overtuigingen.
 Ethische vragen => Mogen dieren of mensen gebruikt worden voor
medische proeven?
 Morele vragen => Mag euthanasie uitgevoerd worden?
 Existentiële of religieuze vragen => Wat is de zin van het leven? Bestaat
er een hogere macht?
 Wetgeving => Wat moet als een misdrijf worden beschouwd? Welke
rechten moet een verdachte idealiter hebben? We zien hier ook
normatieve vragen in terug komen.
 Onderzoeksmethoden van sociaal-wetenschappelijk onderzoek
 Psychologisch onderzoek moet aan 2 centrale kwaliteitseisen voldoen
 Betrouwbaarheid: Als je een meting herhaalt, krijg je dezelfde
resultaten (hypothetisch). Het gaat dus om consistentie van de meting.
o !!Let op: ander gebruik in het recht => In het recht betekent
“betrouwbaarheid” iets anders. Men bedoelt daar eigenlijk: Komt de
verklaring overeen met wat werkelijk gebeurd is? Dat is in
psychologische termen eigenlijk validiteit. Het juridisch equivalent
van psychologische betrouwbaarheid is dus consistentie.
o Deze eis is noodzakelijke voorwaarde voor de tweede kwaliteitseis.
Het is geen voldoende voorwaarde.
 Validiteit (psychologie): Meet je wat je wilt meten? Is je conclusie
inhoudelijk juist? Het gaat over accuraatheid.
 In de psychologie worden ideeën getoetst via de wetenschappelijke
methode.
 Dat betekent: werken met objectieve observaties, metingen en
controleerbaar onderzoek. Conclusies moeten gebaseerd zijn op bewijs
(data).
 Dit staat in tegenstelling tot pseudopsychologie => Steunt op meningen,
intuïtie of onbewezen aannames. Uitspraken zijn vaak niet controleerbaar
of niet falsifieerbaar.
 Empirisch onderzoek
 “Empirisch” = gebaseerd op waarneming en ervaring (empirie/
werkelijkheid).

,  Gegevens worden verzameld en geanalyseerd. Resultaten moeten
controleerbaar zijn
 De empirische cyclus => Wetenschappelijk onderzoek verloopt volgens
een vaste structuur:
 Alles start dus met een duidelijke onderzoeksvraag. En deze moet sturing
geven aan het opzet van ons onderzoek. Hoe we ons onderzoek cocncreet
zullen uitvoeren.
2. Fenomeen en probleemstelling
 Fenomeen => Het algemene onderwerp dat je wil bestuderen.
 Bv.: Geheugen, agressie, stress, ooggetuigenverklaringen.
 Probleemstelling binnen het fenomeen
 Een concrete afbakening binnen dat fenomeen.
 Je beschrijft en analyseert een specifieke problematiek.
 Je legt uit wat precies het probleem is en waarom het relevant is.
 Basis voor de onderzoeksvraag
 Vanuit de probleemstelling formuleer je een duidelijke onderzoeksvraag.
 Die onderzoeksvraag is nog concreter en onderzoekbaar.
 Trechtervorm
 Het proces verloopt van breed naar smal => Fenomeen (breed) ->
Probleemstelling (afgebakend probleem) -> Onderzoeksvraag (concreet
en toetsbaar).
3. Onderzoeksvraag
 Wat? De probleemstelling omgezet in een concrete, onderzoekbare vraag.
 Onderzoeksvraag moet voldoen aan een aantal voorwaarden.
 Het is de vraag waarop je met wetenschappelijk onderzoek een antwoord
wil vinden.
 Kenmerken van een goede onderzoeksvraag
 Relevant: Maatschappelijk of wetenschappelijk van belang.
 Haalbaar: Uitvoerbaar binnen tijd, middelen en context, het moet
haalbaar zijn.
 Interessant: Draagt iets bij aan kennis of inzicht. Iets dat nog niet
onderzocht is, of veelvuldig gewoon.
 Rol van de onderzoeksvraag
 De onderzoeksvraag stuurt het hele onderzoek: Type onderzoek (bv.
experimenteel, observationeel), onderzoeksdesign,
dataverzamelingsmethode (bv. experiment, vragenlijst, observatie).
4. Soort onderzoek, doelen, hypotheses
 Soort onderzoek
 Beschrijvend => Beschrijft een situatie of fenomeen
 Explorerend => Onderzoekt onbekende aspecten of nieuwe vragen
 Verklarend => Probeert oorzaken en relaties te achterhalen
 Evaluerend => Beoordeelt effectiviteit van een interventie of programma.
Bv.: Evalueren van bepaalde nieuwe wetten of ze effectief hun doel
bereiken.
 Theorie
 Theorie = een verklaring of raamwerk dat gedrag of verschijnselen helpt
begrijpen

,  Twee benaderingen:
 Deductief: Start met een bestaande theorie en test deze op data. Dat
we in de praktijk die theorie gaan toetsen. Dus die theorie stuurt ons
onderzoek.
 Inductief: Begin bij observaties en bouwt een nieuwe theorie. Vanuit de
praktijk willen we kijken om een theorie te ontwikkelen.
 Doelen versus hypotheses
 Doelen: Wat je wilt bereiken of ontdekken met je onderzoek (breed)
 Hypotheses: Concrete, toetsbare verwachtingen over wat je denkt dat
gaat gebeuren
 Concepten (onderzoeksvraag/ hypotheses):
 Conceptualiseren => Een conceptueel kader geven aan een begrip.
 Bv.: Stress” definiëren als psychologische spanning door werkdruk.
 Dit is de theoretische of conceptuele definitie.
 Operationaliseren => Het concept meetbaar maken in de praktijk.
 Je vertaalt het naar variabelen en meetinstrumenten. Je moet ze
meetbaar maken.
 Bv.: Stress meten via vragenlijst met schaal van 1 tot 10 of
cortisolwaarden in speeksel.
 Dit is de operationele definitie.
5. Benadering
 Kwantitatief
 Focus: Groot aantal respondenten en variabelen.
 Doel: Patronen, verbanden en trends aan oppv. Ontdekken. We zijn
beperkt in de mate van diepgang. Dus het is een bevraging eerder aan het
oppervlak.
 Kwalitatief
 Focus: Klein aantal respondenten of variabelen.
 Doel: Diepgaand begrip van ervaringen, meningen of motivaties. Hier
meer in de diepte gaan onderzoeken.
6. Design
 Wat is het? De blauwdruk van je onderzoek: hoe je stappen plant om je
onderzoeksvraag te beantwoorden.
 Veelgebruikte designs in psychologie
 Experiment: Variabelen manipuleren om oorzaak-gevolg te testen
 Survey: Vragenlijst of interview om meningen/ervaringen te verzamelen
 Gevalsstudie (case study): Diepgaande analyse van één persoon of
situatie
 Correlationeel design: Verbanden tussen variabelen onderzoeken zonder
manipulatie
 Observatie-onderzoek: Gedrag of situaties systematisch observeren
6.1 Experiment
 Doel: Is een onderzoeksdesign dat wordt gebruikt om oorzakelijke relaties te
onderzoeken.
 Het gaat erom te zien of een verandering in één variabele (de
onafhankelijke variabele) een effect heeft op een andere variabele (de
afhankelijke variabele).

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
20 mei 2026
Aantal pagina's
103
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€14,66

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
olharig
4,0
(20)
Verkocht
179
Volgers
19
Items
23
Laatst verkocht
2 dagen geleden

Reviews van geverifieerde kopers



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen