Spierversterking
1. 5 stappenplan:
1) De uitgangshoudig → buiklig, zit, ruglig, ..
2) Bepaal de functie van de spier
3) Bepaal de baan waarin je moet werken
• Meet eerst de totla baan → ROM
• Neem de helft hiervan
o Ene kant is de distale baan → uit elkaar
o Andere kant is de proximale baan → naar elkaar
4) Bepaal het spierwerk
• Excentrisch = lastmoment wint van krachtmoment, de gewrichtshoek
vergroot
• Concentrisch = krachtmoment wint van lastmoment, gewrichtshoek verkleint
5) Afhankelijk van de spierwaarde gaat de therapeut de beweging mee begeleiden
(waarde 2)
Of voert de therapeut/patiënt een manuele weerstand uit tegen de beweging van
de patiënt/therapeut.
(waarde 4-5)
Bv; Geef een oefening, in buiklig, ter versterking van de m. hamstrings in de distale baan.
De oefening moet excentrisch zijn aan weerstand 4.
→ Je neemt de distale baan
Het is excentrisch → oorsprong en aanhechting gaan verder uit elkaar
1
, 2. Holton diagram:
Het gewicht dat je 1x kan verplaatsen = 1 RM
Dus je kan ditzelfde geen 2de keer uitvoeren.
Maximale weerstand:
• = 1 RM = 1 Repetition of Maximum
Welke weerstand:
• Manuele weerstand (T of P)
• Los gewicht (vb. halter)
• Theraband
• Toestellen (vb. trekapparaat)
3. Momentary Fatigue:
• Doel van therapie? Vermoeidheid creëren
• Vermoeid? Beweging verloopt trager (maar wel correcte uitvoering)
• Reeks afgelopen? P zou dit niet nog eens 4 herhalingen kunnen
• Nog herhalingen mogelijk? Trainingseffect misschien niet bekomen
Myofasciale technieken
Je combineert myofasciale technieken altijd met andere behandelingen.
1. Spier:
1) Wat is een triggerpunt:
= discrete, focale, hyperprikkelbare punten of zones, voelbaar als een strakke band
(‘taut band’) in een skeletspier.
Het is een ophoping van lactaat in de spier dit zorgt voor een strakke spier.
Oorzaken
Musculoskeletale overbelasting
Veranderende of verkeerde belasting (bvb door gewrichtsblokkage)
Repetitieve micro traumata (bvb: progressieve overbelasting)
Fysieke en/of mentale stress
Pijn in/rond de spier (bvb: na operatie, gips,..)
2
,Hoe vind je een triggerpunt?:
Pijnlijk bij compressie, extra gevoelig, motorische disfunctie, autonome
verschijnsleen
Gevolgen:
Motorische disfunctie, pijn, autonome klachten, spierzwakte, verminderde ROM
2) Behandeltechnieken:
Effleurage:
Richtlijnen:
Algemene richtlijnen therapeut Uitganshouding therapeut
• Geen eelt • Voeten gelijk belast
• Geen lange nagels • Voeten in richting v techniek
• Geen scherpe nagelranden • Lichaamsdeel zo dicht bij T
• Geen juwelen • Aangepaste tafelhoogte
• Gewassen handen • Schouders ontspannen,
• P op z’n gemak stellen fysiologische krommingen rug
Algemene richtlijnen tussenstof Uitgangshouding patiënt
• Om wrijving met huid te • Algemeen ontspannen
beperken uitgangshouding
• Soorten: crème, olie (of • Spieruiteinden zo dicht
talkpoeder) mogelijk bij elkaar
• Op handen aanbrengen = warm • Lichaamsdeel ontbloot
maken
Je houdt je vingers tegen elkaar duim eraf, je duwt met je vlakke hand.
EIS
• Cervicale wervelkolom:
o cervicale lordose (hol)
• Thoracale wervelkolom:
o thoracale kyfose (bol)
• Lumbale wervelkolom:
o lumbale lordose (hol)
3
, Uitvoering Duur (= afhankelijk van) Effect
Niet te veel/weinig kracht Aard aandoening Bevordert lokale (en
algemene) relaxatie
Kracht vanuit lichaam T Duur behandeling Bevordert lokale
doorbloeding
Gezicht P controleren Reactiepatroon P Tonus verandering bekomen
(pijn?)
Altijd contact P met beide Nooit langer dan 10 min Stofwisseling bevorderen
handen
Niet mee op tafel kruipen Losmaken verklevingen
Je test eerst de functie door weerstand te geven. Zo weet je de spier zijn.
Effleurage voor de oefenterapie = activeren van de spier (tonusverhogen)
Effleurage na de oefentherapie = relaxeren van de spier (tonusverlagen
Absolute contra-indicaties Relatieve contra-indicaties
• Infecties of ontstekingen • Steriel ontstekingen
• Tumoren of fracturen in het te • Tumoren buiten het te
behandelen gebied behandelen gebied
• Koorts of algemeen onwelzijn • Verse laesies
• Trombose, acuut oedeem • Hypertensie, varices, gebruik
• Besmettelijke huidziekten van anticoagulantia, hemofilie
• Te heftige pijn • Andere huidziekten
• Cachexie • Spasmen
• CRPS
!!! bij absolute contra-indicaties mag je NOOIT effleurage doen !!!
EFFLEURAGE M. TRICEPS SURAE
• Uitgangshouding patiënt:
o Buiklig, rol onder enkel
• Uitgangshouding therapeut:
o Parallel onderbeen
o 2 handen, volledig handcontact (ook handpalm)
o Abductie duimen, ellebogen gebogen, lichte abductie schouders
o Mediale kop: T staat aan de homolaterale zijde
o Laterale kop: T staat aan heterolaterale zijde
In 2 verdelen, med vs lat behandelen
Uitvoering → verplaats van distaal na proximaal (hand over hand
methode). Richting: van AP -> over achterste knieplooi
4