Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Schadevergoedingsrecht (M. Kruithof) Ugent

Beoordeling
-
Verkocht
7
Pagina's
180
Geüpload op
16-05-2026
Geschreven in
2025/2026

Volledige en gestructureerde samenvatting van Schadevergoedingsrecht (UGent, B001663A, academiejaar 25-26). Gebaseerd op de slides, lesnotities en syllabus. Bevat alle rechtspraak en voorbeelden, alsook de wetsbepalingen van het (nieuw) burgerlijk wetboek. Als je de inhoudstafel vd samenvatting wilt, kan je altijd een berichtje sturen!

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

HOOFDSTUK 1: INLEIDING.
I. SITUERING AANSPRAKELIJKHEID.
A. BEGRIP AANSPRAKELIJKHEID.

Art. 5.3, lid 1 BW.
“Verbintenissen ontstaan uit een rechtshandeling, uit een oneigenlijk contract, uit de
buitencontractuele aansprakelijkheid of uit de wet.”
→​ Aansprakelijkheid = bron v verbintenissen? NEE!!


Aansprakelijkheid (A) = een plicht tot schadeloosstelling van benadeelde.
-​ Art. 5.1 BW.
“rechtsband op grond waarvan een schuldeiser ve schuldenaar, indien nodig in rechte, de
uitvoering van een prestatie mag eisen”


→​ Aansprakelijkheid is een verbintenis!
-​ Want benadeelde mag vd schadeveroorzaker een schadeloosstelling eisen.


-​ !! A is een rechtsgevolg door objectief recht gekoppeld aan bepaalde feiten.


Bron aansprakelijkheid = rechtsregel + (rechts)feit.


B. RECHTSFEITEN.

Délits et quasi-délits in terminologie art. 1370, lid 4 Oud BW.
“De verbintenissen die hun oorsprong vinden in de eigen daad van degene die verbonden is, ontstaan
ofwel uit oneigenlijke contracten, ofwel uit misdrijven of oneigenlijke misdrijven.”
→​ De bron = de MD of oneigenlijke MD.
→​ De bron ≠ aansprakelijkheid.


Structuur gangbare doctrinale analyse: waaruit bestaan die RF?
-​ Constitutieve elementen / bestanddelen van rechtsfeit.
1.​ Schade.
2.​ Veroorzaakt door iets. (causaliteit)
3.​ Een ‘tot aansprakelijkheid leidend feit’. (‘TALF’)


=​ Bestaansvoorwaarden voor A: 3 elementen waaraan voldaan moet zijn opdat er A is.


≠​ Constitutieve bestanddelen van aansprakelijkheid!
-​ A is een rechtsgevolg gekoppeld aan een feit, fout is een facet v dat feit.


C. CONTRACTUEEL V. EXTRACONTRACTUEEL.

Contractuele aansprakelijkheid. (Fr: responsabilité contractuelle, E: contractual liability)
=​ Alternatief / complement voor (dwang)uitvoering contractuele verbintenis.
-​ Alternatief: een andere methode voor het afdwingen.
-​ Afdwinging vd primaire vb lukt niet.




1

, -​ Complement: w eraan toegevoegd.
-​ Afdwinging lukt wel, MAAR SE heeft toch schade door bv. te late of niet goede uitvoering.


→​ (Secundaire) verbintenis tot reparatie of compensatie van schade, ten gevolge van wanprestatie. (=
niet-nakoming primaire verbintenis)


Buitenctte aansprakelijkheid. (Fr: responsabilité extracontractuelle, E: extra-contractual liability)
→​ (Primaire) vb tot reparatie of compensatie van schade, die NIET gevolg is van niet-nakoming ctte vb.
-​ !! Niet afhankelijk ve eerdere vb die niet werd nagekomen.


-​ Onderscheid.
1.​ Subjectieve of foutaansprakelijkheid - schade door eigen fout.
-​ Verplichting tot schadeloosstelling indien schade door diens fout / tekortkoming.


2.​ Objectieve of foutloze aansprakelijkheid - schade door ander feit dan eigen fout.
-​ Fr: responsabilité objective/stricte, E: strict liability.


-​ Verplichting tot schadeloosstelling voor schade niet te wijten ad eigen fout.
-​ Je kan aansprakelijke (Ae) niets wijten maar toch moet die instaan vr de schade.


D. FUNCTIE AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT. (1)

Relevantie van de functie van een juridische regeling.
-​ Teleologische interpretatie van geformuleerde regels. (bv. wettekst)
-​ Teleologisch: inhoud die meest overeenkomt met doel of functie vd regel.


-​ Toetsing aan gelijkheidsbeginsel. (art. 10, GW.) ​
-​ Wettelijke regels moeten consistent zijn met het gelijkheidsbeginsel.


-​ Test.
-​ Wat is het doel vd ongelijke behandeling, is dat een rechtmatig doel?
-​ Wat is het criterium voor de verschillende behandeling, is dit een objectief criterium?
-​ Is dat criterium pertinent tav het doel?
-​ Is de eruit resulterende ongelijke behandeling proportioneel tov de mate waarin je
dat rechtmatige doel dan wel bereikt?


Vaak voorgehouden functies.
-​ Vergoeden of preventie van schade = bescherming (potentieel) benadeelden.
-​ Aansprakelijkheidsrecht heeft vergoedende functie → soms nog verder: preventie.


-​ “BE A recht is slachtoffervriendelijk”: vw zijn zo dat er zeer snel A is.
-​ In andere rechtsstelsels zijn de vw voor A strenger.


-​ Misleidend! Als we zouden aannemen dat dat de functie vh A recht is..
-​ Waarom dan alleen A indien schade veroorzaakt door TALF?
-​ Geen schadeloosstelling voor schade niet door een TALF veroorzaakt.




2

, -​ Als de functie effectief het vergoeden v benadeelden zou zijn, dan zou dat
ongrondwettelijk zijn.
-​ Criterium of die schade veroorzaakt is door een TALF of niet, is
niet pertinent tav het doel vd schadevergoeding.


-​ Waarom bepaalt A recht wanneer wel en wanneer niet schadeloosstelling?
-​ Aansprakelijkheidsrecht inroepen om te zeggen dat er geen A is?!


-​ Functie is dan niet vergoeden, maar beslissen of er vergoed moet w.


→​ Verwarring functie A en functie A recht.
-​ A: schade vergoeden, schadeloosstelling.
-​ A recht: beslissen in welke gevallen er vergoed moet worden en in welke niet.


-​ Repressie = handhaving primaire gedragsregels.
-​ Preventie van fouten, niet van schade - A recht als een soort sanctieregeling.


-​ Als we zouden aannemen dat dat de functie vh A recht is..
-​ Waarom dan alleen igv schade + vergoeding beperkt tot schade?
-​ Waarom geen sanctie als er geen schade is?


-​ Waarom dan objectieve (i.e. niet op fout gebaseerde) A?
-​ Preventie van fouten, maar A zonder fout?


-​ Bv. in BE geen regeling voor lucratieve fouten: fouten die voordelig blijven voor
de aansprakelijke, zelfs na dat die de veroorzaakte schade heeft vergoed.


⤷ A recht laat situaties toe waarin fout maken rationeel blijft. (door tekort te schieten)


-​ Waarom dan recht voor benadeelde?


‼​ Verwarring functie en effect.
-​ A recht kan als gevolg hebben dat mensen minder fouten begaan / schade w vergoed,
MAAR wil niet zeggen dat dat de functie er van is.


E. STRAFRECHT V. BURGERLIJK RECHT.

Strafrechtelijke aansprakelijkheid. (Fr: responsabilité pénale, E: criminal liability)
-​ Doel: repressie (vrijheidsbeperking) → preventie MD en bescherming MS.
-​ Ervoor zorgen dat er geen inbreuken op bepaalde regels w gepleegd, dat die w nageleefd.


-​ Gevolg: straf = sanctie wegens niet-naleven primaire gedragsregel.
-​ Neemt het MD niet weg.
-​ Brengt iemand leed toe, zonder dat iemand anders erbij voordeel krijgt.
-​ Gevolgen voor de samenleving zijn erger.


-​ Focus: geestesgesteldheid / intentie dader.


-​ Beoordelingsmaatstaf: subjectief.



3

, -​ Hoe meer we vinden dat iemand fout ah denken was, hoe zwaarder we straffen.


Burgerrechtelijke aansprakelijkheid. (Fr: responsabilité civile, E: civil liability)
-​ Doel: toewijzen schadelast.


-​ Gevolg: schadeloosstelling = schadeverschuiving = remedie (≠ sanctie).
-​ De ene een plicht opleggen en de ander een recht / voordeel geven.
=​ Tav het geheel neutraal.


-​ Focus: gebeurtenis (bv. gedraging) en gevolgen ervan.
-​ Gedachteproces vd Ae is volstrekt irrelevant.


-​ Beoordelingsmaatstaf: objectief.
-​ Hoe groter de schade, hoe zwaarder de schadeloosstellingsplicht.


F. FUNCTIE AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT. (2)

Visie Law & Economics.
-​ Opkomst in USA vanaf jaren ’60.


-​ Vaststellingen.
-​ Schade: veroorzaakt, niet gegeven.
≠​ Onveranderlijk gegeven.
=​ Gevolg van gedrag.


-​ Aansprakelijkheid = gedragsprikkel. (incentive)
-​ A geeft een prikkel die invloed kan hebben op gedrag.


→​ Aansprakelijksheidsrecht.
-​ Heeft een invloed op het ontstaan van schade, DUS A recht zien als beleidsinstrument.
-​ Inhoud vh A recht beïnvloed het gedrag vd mensen.


=​ Instrumentalistische visie: aansprakelijkheidsrecht heeft doel buiten inhoud ervan.
-​ Instrument om een bepaald doel te bereiken. Wat is dat doel?
-​ NIET ervoor zorgen dat mensen primaire gedragsregels naleven.


-​ WEL bevorderen efficiëntie.


-​ WEL maximalisatie geaggregeerde welvaart.


-​ WEL minimalisatie van onwenselijke (= onnuttige) schade.
‼​ Niet hetzelfde als repressieve functie, want niet alle schade is onwenselijk.
-​ Grijpt in op de (in)efficiëntie vd fout: ‘leve de lucratieve fout’.


G. EFFICIËNTIE: INTERNALISATIE EXTERNE KOSTEN.

Law & economics obv Arthur Pigou, The Economics of Welfare.
-​ Kosten-batenanalyse van rationele actor: individuele opbrengst vs individuele kost.




4

, -​ Onzichtbare hand, Adam Smith: als iedereen het beste zou doen voor zichzelf, dan volgt
daar vanzelf het beste voor iedereen.


-​ Pigu: klopt niet, je houdt rekening met gevolgen voor u, niet met die voor anderen.


-​ Sociaal optimum: totale opbrengst voor iedereen vs totale kost voor iedereen.


-​ Internaliseer externe effecten → individuele rationaliteit = collectieve rationaliteit.
-​ Internaliseren: externe effecten mee in uw beslissing brengen.
-​ Als iemand het beste doet voor zichzelf, maar dit nadelen voor anderen veroorzaakt, w die
beslissing belast naar de omvang van die schade.


Richard Posner, ‘A Theory of Negligence’, 1 Journal of Legal Studies & William M. Landes & Richard Posner,
The Economic Structure of Tort Law, Harvard University Press.
-​ Internalisatie externe kosten van inefficiënt (= onzorgvuldig) handelen bij veroorzaker.


-​ Zorgvuldigheid is ex ante efficiëntie.
-​ Zorgvuldig: als u gedrag stelt en op het moment dat u het stelt zijn de voorzienbare pos
gevolgen ervan, gelijk bij wie ze vallen, groter dan de negatieve gevolgen, gelijk bij wie ze
vallen. (omgekeerd? onzorgvuldig)


Guido Calabresi, The Cost of Accidents: A Legal and Economic Analysis, Yale University Press.
-​ Internalisatie kosten bij cheapest cost avoider.
-​ Kosten zijn niet alleen de schade, ook de inspanningen die u doet om schade te vermijden.


-​ Persoon die met de minste kosten de schade kan vermijden, moet men A stellen, om die te
stimuleren dat te doen.
‼​ Is niet noodzakelijk degene die zorgvuldig of onzorgvuldig is geweest.


H. EFFICIËNTIE: STRATEGISCH GEDRAG.

Ronald Coase, ‘The Problem of Social Cost’, 3 Journal of Law and Economics.
-​ Pigou-benadering is eenzijdig.
-​ Ziet alleen dat handelen van A nadeel berokkent aan B.
-​ Ziet niet dat niet-handelen A (nadeel voor B vermijdt, maar) nadeel vr A inhoudt!


-​ Ruimer schadeconcept en inzicht dat causaliteit wederkerig is.
-​ Voorzorgsmaatregelen zijn ook kosten: wat het kost om het niet te doen.


-​ COASE-Theorema: efficiëntie niet beïnvloed door de toewijzing van juridische aanspraken (rechten,
aansprakelijkheid) indien betrokkenen vrij zonder kosten kunnen komen tot onderlinge uitwisselingen.


→​ Focus op transactiekosten.
-​ Afwezigheid transactiekosten: A recht heeft geen enkele economische functie.


-​ Prohibitieve transactiekosten: als ze er wel zijn, moet OH beslissen wie moet dragen.
-​ Prohibitief: zo hoog, dat het onderhandelen onmogelijk maakt.
→​ Strategisch gedrag leidt tot suboptimaal resultaat ⇒ correctie dmv A regels.




5

,I. FUNCTIE: AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT. (3) (NK)

Recenter hernieuwde ontwikkeling niet-instrumentalistische visies.


Corrective justice theory.
-​ Sluit aan bij de corrigerende rechtvaardigheid van Aristoteles.


-​ Vanaf ’90: Ernest J. Wenrib & Jules Coleman.


-​ Schade: verstoring van bestaande verdeling middelen / mogelijkheden / ‘vermogen’.


-​ A recht: juridische erkenning vd morele plicht om dat evenwicht te herstellen. (duty of repair)
→​ Aansprakelijkheidsrecht = 100% privaatrecht. (belangen private personen onderling)


Civil recourse theory.
-​ Vanaf ’00: John C.P. Goldberg (Vanderbilt-Harvard) & Benjamin C. Zipursky (Fordham).


-​ Aansprakelijkheidsrecht: vw waaronder benadeelde van OH toelating krijgt om op te treden tegen
wrongdoer = privaatrecht.
-​ Benadeelde heeft keuze = privilege en bevoegdheid. (Hofheld: power)
→​ Tegenhanger bij Ae = gebondenheid (Hofheld: liability) ≠ duty of repair.


-​ Als recht benadeelde beschouwd als aanspraak → tegenhanger = plicht (duty) OH.


-​ MAAR normen onrechtmatigheid zijn publieke gedragsnormen.
→​ Aansprakelijkheidsrecht = hybride beleid & privaatrecht.
-​ Deels publiekrecht, deels privaatrecht.


II. SITUERING ALTERNATIEVE SCHADEVERGOEDINGSMECHANISMEN.
A. BEHOEFTE AAN ALTERNATIEVE SYSTEMEN.

A recht volstond niet om alle MS problemen ivm schade op te lossen.


Beperkingen A regime: limitatieve lijst TALFs.
-​ Fout, zaak onder uw controle en gebrekkig, dier onder uw controle, soms instaan voor A ve ander.


-​ Heel wat schade w niet veroorzaakt door TALFs, bv. toeval, natuurfenomenen, niet-foutief, ..
-​ A recht biedt daar geen oplossing voor.


-​ Voorbeeld: schade door gebrekkige software.
-​ Op zoek gaan naar wie die fout veroorzaakte is quasi onmogelijk.


Ineffectiviteit A recht.
-​ A lukt soms niet: ze is er theoretisch wel, maar het eindigt niet in een vergoeding.
-​ Ineffectief: het beoogde doel w niet bereikt.


1.​ Problemen bij identificatie aansprakelijke.
-​ Oorzaak van schade niet is gekend.




6

, -​ Oorzaak (in individueel geval) niet te bewijzen.
-​ Voorbeeld: als een individuele roker longkanker krijgt.


-​ Niet weten wie de veroorzaker is.
-​ Voorbeeld asbestproblematiek: door welke specifieke producent heeft een persoon
asbest binnen gekregen?


2.​ Problemen bij nakoming verbintenis tot schadeloosstelling.​
-​ Ae niet solvabel. (judgment proof defendant)
-​ Recht op schadeloosstelling ve SA die dat niet kan betalen.
-​ Ae zal zn gedrag niet aanpassen, want heeft niets te verliezen.


-​ Risico niet verzekerbaar.
-​ Omdat geen verzekeraar het wil verzekeren of omdat het niet kan.


Inefficiëntie A regime.
-​ Inefficiënt: beoogd doel w bereikt, maar met te veel inspanningen.


1.​ Hoge individuele kosten.
-​ Veel kleine schadegevallen blijven onder de radar omdat procedures duur zijn en
benadeelden het niet de moeite vinden.
-​ Oplossing: mass claims. (collectieve schadeafwikkeling)


2.​ Hoge collectieve kosten.


3.​ Traagheid.


Wenselijkheid schadespreiding (naast of ipv schadeverschuiving).
-​ A verschuift schade van benadeelde naar Ae, maar het blijft een even zware klap.
-​ Oplossing: spreiding, velen dragen een klein deeltje vd schade.


B. VERZEKERING: BEGRIP.

Fr: assurance, E: insurance & assurance.


= Contract waarbij verzekeraar zich tegenover verzekeringsnemer verbindt bepaalde prestatie te leveren
indien afgesproken onzekere gebeurtenis zich voordoet.
-​ Polisvoorwaarden: vw die beslissen wnr w tussengekomen en wat er w gedaan.


-​ Verzekeraar: partij gehouden tot prestatie.


-​ Verzekeringsnemer: contractuele tegenpartij - degene die belooft premies te betalen.


-​ Verzekerde risico: onzekere gebeurtenis, bepaalt of er gepresteerd moet w of niet.
-​ MOET onzeker zijn, MAG NIET zeker.
⤷​ Ctt sluiten waarin je een prestatie belooft wanneer een zekere gebeurtenis zich
voordoet? Zal een geldig ctt zijn, MAAR zal gewoon geen verzekering zijn.


-​ Gebeurtenis door verzekerde opzettelijk w veroorzaakt? Verzekeraar niet gehouden.



7

, -​ Verzekerde: persoon onderhevig aan risico, vaak ook de verzekeringsnemer.


-​ Begunstigde: rechthebbende voor prestatie, vaak verzekeringsnemer en / of verzekerde.
-​ Voorbeeld: arbeidsongevallenvz afgesloten door werkgever, ten gunste van werknemer.


Onderlinge verzekering. (Fr: assurance mutuelle, E: mutual insurance)
→​ Verzekeringsnemers = verzekeraars.


-​ Mensen onderworpen ah zelfde risico, spreken af indien één v hen pech heeft, ze de schadelast verdelen.
-​ Risico’s w gemutualiseerd ad zijde die ah risico is onderworpen.


Verzekering tegen premies.
→​ Verzekeraar = (handels)onderneming.


-​ Verzekeraar aanstellen die ah risico w onderworpen.
-​ Ipv de schadelast te verdelen, premies betalen zodat die verzekeraar alles gaat dragen.
-​ Premies berekend zodat er winst overblijft na uitbetaling schadegevallen.


-​ Verzekeraar is zelf ook verzekerd.


1. FORFAITAIRE VERZEKERING.


= ‘Sommenverzekering’.
-​ Prestatie ≠ afhankelijk van geleden schade. (of de omvang ervan)
-​ Prestatie = forfaitair = van te voren vastgesteld.


-​ Meestal betaling van een geldsom.


-​ Bijkomende vereiste: begunstigde moet belang hebben bij het niet voordoen vh verzekerde risico.
-​ Dat onderscheidt gokken van verzekeringen.


-​ Meest voorkomende geval: levensverzekering. (E: assurance)
-​ Verzekerd risico: leven of dood van persoon (= verzekerde).
-​ Dood: de dood – leven: leven op een bepaalde dag.


-​ Verzekerde: persoon over wiens leven of dood het gaat.


-​ Begunstigde: persoon die prestatie gaat krijgen.


-​ Onzekere gebeurtenis: overlijden vd verzekerde.
-​ Doet dat zich voor? Uitkering van verzekeraar ad begunstigde.


-​ Kan zijn dat de verzekeringsnemer de verzekerde is én de begunstigde.
-​ Komt dan id nalatenschap.


-​ Komt id praktijk weinig voor, door successierechten.
-​ Oplossing: erfgenamen begunstigde maken.




8

,2. SCHADEVERZEKERING.


= Verzekeringen tot vergoeding v schade (ook: indemnitaire verzekering). (Fr: assurance de dommages, E: insurance)


Uitkering = vergoeding van (geheel of deel) schade.


Verzekering eigen schade. (Fr: assurance dommages propres, E: first party insurance)
-​ Verzekerd risico = schade geleden door begunstigde.
-​ Begunstige = verzekerde - ook vaak de vznemer, maar niet noodzakelijk.
-​ Soms is verzekeringsnemer 1 vd 2 begunstigden.
-​ Voorbeeld: persoon sluit af voor gezinswagen in mede-eigendom.


-​ Soms is verzekeringsnemer geen begunstigde.
-​ Voorbeeld: arbeidsongevallenregeling.


-​ Uitkering = (verzekerde fractie van) effectief geleden schade.
-​ Fractie: je kan kiezen hoeveel je verzekert.
-​ Geen effectieve schade? Je krijgt niets.


-​ Vereist aanwezigheid schade (ongeacht aansprakelijkheid).


Aansprakelijkheidsverzekering. (Fr: assurance de responsabilité, E: third party insurance)
-​ Verzekerd risico = aansprakelijkheid verzekerde tov benadeelde.
-​ Niet de schade zelf, maar de schadelast die de Ae zelf moet dragen.


-​ Uitkering = (verzekerde fractie) verbintenis tot schadeloosstelling.


-​ Vereist naast schade tevens A.
-​ Verzekeraar komt alleen tussen als er schade is, en als er A is voor die schade.


‼​ Schadelast zal uiteindelijk bij de verzekeraar komen, waardoor de verzekeraar liever heeft dat er
geen A w vastgesteld of w geminimaliseerd.




9

, C. SOCIALE ZEKERHEID.

Niet of minder relevant in deze context.
-​ Rustpensioen: gewone pensioen, na loopbaan.
-​ Werkloosheid.
-​ Gezinsbijslag: vroegere kindergeld.
-​ Jaarlijkse vakantie.


Relevant in deze context.
-​ Overlevingspensioen.
-​ Pensioen voor degene die economisch afhankelijk was van iemand die inkomen voorzag en
dan wegvalt. (echtgenoten en kinderen)


-​ Ziekte en invaliditeit.
-​ In alle gevallen waarin er fysieke of psychische aantasting is die medisch kosten met zich meebrengt.


-​ Arbeidsongevallen.
-​ Veel schadegevallen.


-​ Beroepsziekten: minder prevalent. (bv. blootstelling aan asbest)


Fungeert onafhankelijk van aansprakelijkheid.
-​ Voor de vraag ‘heeft persoon X recht op een uitkering vd SZ?’ moet je niets afweten vh A recht.
⤷​ SZ komt tussen, los van enige vraag of er A is


-​ Omgekeerd: SZ-tussenkomsten hebben net wel effect op A recht.


Sociale zekerheid (sécurité sociale) ≠ sociale verzekering.
-​ Verplichte deelname.
-​ Vz: er bestaan verplichte verzekeringen, maar is uitzondering.
-​ SZ: er is een verplichting om je aan te sluiten en bijdrage te betalen.


-​ Niet noodzakelijk onzekere gebeurtenis.
-​ Vz: afhankelijk van onzekere gebeurtenis.
-​ SZ: aantal risico's gedekt die totaal niet risico gerelateerd zijn, bv. vakantieregelingen.


-​ Uitkering. (prestatie)
-​ Vz: (fractie van) reële schade.
-​ Afhankelijk vd schade - uitkering is pro rata ad verzekerde (fractie v) reele schade.


→​ Geen schade? Geen uitkering.
→​ Wel schade? In verhouding tot voor hoeveel men verzekert heeft.


-​ SZ: basisbescherming.
-​ Meeste uitkeringen zijn geplafonneerd.
-​ Forfaitaire bedragen.
-​ Bv. maximum bij werkloosheidsuitkering.




10

Documentinformatie

Geüpload op
16 mei 2026
Bestand laatst geupdate op
22 mei 2026
Aantal pagina's
180
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€12,98
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
rechtenstudentadugent Universiteit Gent
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
35
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
1
Documenten
8
Laatst verkocht
2 weken geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen