- Laatste plenaire zitting (18/05): zonder computer, soort examen, concepten uit
het boek toepassen
- Oefentest na oefensessie (facultatief)
- Op Toledo praktijkboek met data, vakschema…
- Cursus 2023 verplicht
9/2 Inleiding: conflicten en process pluralism
Conflict
- Cum
o = samen(werking), positief
- Fligere
o = slaan, negatief
o Vaak zoomen we enkel in op het ‘fligere’, minder op de ‘cum’
o Velen ervaren vooral de negatieve kant van het conflict
- = meningsverschil, wat op zich geen probleem is, maar menselijk; wat je
positief of negatief kan aanpakken
- Conflict wordt pas een probleem als het een geschil wordt
Naming Blaming Claiming Framing
- Naming = benoemen van de nadelen, woorden geven aan wat we voelen en
ervaren
- Blaming = toeschrijven of verwijten daarvan aan de ander
- Claiming = ondernemen van actie tegenover de ander, confrontatie (soms
zelfs procederen)
- Framing = hoe men het conflict positioneert
o = cruciaal
o Hoe kijk je naar een probleem/conflict?
o Frame je het als een opportuniteit (om de relatie uit te diepen en te
versterken, en niet te wachten tot er een geschil ontstaat)?
constructieve sfeer
o Frame je het als bedreiging (gevecht, competitie)? verhaal van
claiming
o Om naming positief te houden en niet tot blaming/claiming over te
gaan, zit er veel in “framing”
,Process pluralism en ADR
- Er is nood aan process pluralism, waarbij men de meest geschikte insteek
kiest om een geschil in de concrete omstandigheden aan te pakken
- Hoe kijken we naar het mogelijke management van een conflict (beheren van
een conflict)?
o ≠ “het oplossen van een conflict” soms gaat dit niet
- ADR: appropriate (aangepaste, adequaat) dispute resolution
o Ipv ‘alternative’ omdat de rechtbanken zogezegd overbelast zouden zijn
o Wat is de beste aanpak op dit moment, voor deze mensen… om het
conflict te beheren?
- = continuüm van conflictoplossing, afhankelijk van de autonomie en controle
die de betrokken partijen hebben (hoe meer rechts, hoe meer macht voor
derde partij)
- 1. Onderhandeling
o Mensen zelf gaan het conflict beheren
o Hoe sterk de partij zelf nog de controle behoudt, is afhankelijk van de
relatie met de vertegenwoordiger
(dit spanningsveld = “principal-agency tension”)
o Soms met een advocaat
- 2. Bemiddeling
o Met een neutrale derde, begeleidt, maar geen beslissingsbevoegdheid
- (3. Med-Arb + Arb-Med)
o Tussenvormen
- 4. Arbitrage
o Privé
o Zelf te kiezen arbiter, die wél beslissingsbevoegdheid heeft
- 5. Proces
o Juridisch
o Zeer duur
o Klassenjustitie
o Eerder oplossen, dan beheren (wat nieuwe problemen kan doen
ontstaan)
,1. Communiceren: van conflictueuze interactie naar constructieve
samenwerking
1.1 Onder de ijsberg: posities en belangen
- Positie = wat ik op tafel leg, mijn claim, wat ik vraag (= punctuele eis)
(ijsberg boven het wateroppervlak)
o Positioneel onderhandelen leidt niet altijd tot een juiste oplossing
o Biedt weinig potentieel om tot een deal te komen die goed is voor beide
partijen
o Risico van escalatie
o Bv. ik wil dagvaarden, ik wil 1 miljoen euro
- Belang = de onderliggende bekommernis, behoefte, wens, angst (onder het
wateroppvervlak)
o Waarom heb je deze positie? Wat wil je bereiken? Wat maakt het zo
belangrijk?
o Derde (al dan niet professional) kan je helpen je belangen te ontdekken
o Werkbaar/operationeel belang
Niet te specifiek, want dan wordt het een positie
Niet te breed/algemeen, zoals “gelukkig zijn” of “wereldvrede”,
want dan is het ook ondoenbaar een deal te maken die aan dit
belang kan voldoen
+ iets waarvoor je meerdere oplossingen kan vinden
onderhandelruimte
o Bv. Bv. wil een faire prijs, wil niet het gevoel hebben bedrogen te
worden, belang van respect of belang van erkend te worden als goede
zakenman
o deze belangen zijn breder dan de prijs + bieden meer mogelijkheden
om opties te vinden die aan de belangen kunnen voldoen
- Je moet niet onderhandelen vanuit een positie “ik wil een kamer op het 1ste
verdiep”, maar je moet kijken naar het onderliggende belang “ik voel me hier
niet veilig, slaapwandelen, hoogtevrees”
o Uitleggen/vragen waarom je een kamer op het 1ste verdiep wilde
o Indien dit duidelijk was, kon de receptionist simpelweg aanbieden slot
van de deur te sluiten
- Door stress kan je basisinzichten verliezen
- Piramide: posities
o daaronder: belangen
nog dieper: complex geheel van emoties en gevoelens
nog dieper: identiteit van een persoon
als iemand zeer hard of gekwetst positioneel reageert, is
de kans groot dat zijn identiteit in de kern is geraakt & die
kwetsuur naar boven doorschiet via sterke emoties en
harde posities
bv. erfenisruzies
o We zijn allemaal in wezen heel onzeker + willen erkenning
, o Onderliggend elke zware positie zitten vaak belangen, diepe emoties en
een geraakte identiteit
o 3 identiteitsgerelateerde vragen:
Ben ik capabel?
Ben ik een goed mens?
Ben ik aardig/aangenaam?
o Als deze vragen worden geraakt, kunnen mensen aangedaan zijn en
uitmonden in een identieitscrisis
- Positie (ik wil dagvaarden, ik wil 1 miljoen euro) (= punctuele eis)
o Belang (wat je echt wil: goud, zilver, brons oplijsten)
Bij de onderhandeling zoeken naar deal met opties (=
puntueel)
= clausules die belangen van alle cliënten regelen
Opties op dezelfde hoogte als posities
Optie is ook een gefixeerd punt (punctueel), maar is de
positieve/collaboratieve uitkomst (na een
onderhandeling waarin de belangen van eenieder zijn
meegenomen)
≠ positie = een negatieve en eenzijdige claim (waarbij
geen rekening met de ander)
het boek toepassen
- Oefentest na oefensessie (facultatief)
- Op Toledo praktijkboek met data, vakschema…
- Cursus 2023 verplicht
9/2 Inleiding: conflicten en process pluralism
Conflict
- Cum
o = samen(werking), positief
- Fligere
o = slaan, negatief
o Vaak zoomen we enkel in op het ‘fligere’, minder op de ‘cum’
o Velen ervaren vooral de negatieve kant van het conflict
- = meningsverschil, wat op zich geen probleem is, maar menselijk; wat je
positief of negatief kan aanpakken
- Conflict wordt pas een probleem als het een geschil wordt
Naming Blaming Claiming Framing
- Naming = benoemen van de nadelen, woorden geven aan wat we voelen en
ervaren
- Blaming = toeschrijven of verwijten daarvan aan de ander
- Claiming = ondernemen van actie tegenover de ander, confrontatie (soms
zelfs procederen)
- Framing = hoe men het conflict positioneert
o = cruciaal
o Hoe kijk je naar een probleem/conflict?
o Frame je het als een opportuniteit (om de relatie uit te diepen en te
versterken, en niet te wachten tot er een geschil ontstaat)?
constructieve sfeer
o Frame je het als bedreiging (gevecht, competitie)? verhaal van
claiming
o Om naming positief te houden en niet tot blaming/claiming over te
gaan, zit er veel in “framing”
,Process pluralism en ADR
- Er is nood aan process pluralism, waarbij men de meest geschikte insteek
kiest om een geschil in de concrete omstandigheden aan te pakken
- Hoe kijken we naar het mogelijke management van een conflict (beheren van
een conflict)?
o ≠ “het oplossen van een conflict” soms gaat dit niet
- ADR: appropriate (aangepaste, adequaat) dispute resolution
o Ipv ‘alternative’ omdat de rechtbanken zogezegd overbelast zouden zijn
o Wat is de beste aanpak op dit moment, voor deze mensen… om het
conflict te beheren?
- = continuüm van conflictoplossing, afhankelijk van de autonomie en controle
die de betrokken partijen hebben (hoe meer rechts, hoe meer macht voor
derde partij)
- 1. Onderhandeling
o Mensen zelf gaan het conflict beheren
o Hoe sterk de partij zelf nog de controle behoudt, is afhankelijk van de
relatie met de vertegenwoordiger
(dit spanningsveld = “principal-agency tension”)
o Soms met een advocaat
- 2. Bemiddeling
o Met een neutrale derde, begeleidt, maar geen beslissingsbevoegdheid
- (3. Med-Arb + Arb-Med)
o Tussenvormen
- 4. Arbitrage
o Privé
o Zelf te kiezen arbiter, die wél beslissingsbevoegdheid heeft
- 5. Proces
o Juridisch
o Zeer duur
o Klassenjustitie
o Eerder oplossen, dan beheren (wat nieuwe problemen kan doen
ontstaan)
,1. Communiceren: van conflictueuze interactie naar constructieve
samenwerking
1.1 Onder de ijsberg: posities en belangen
- Positie = wat ik op tafel leg, mijn claim, wat ik vraag (= punctuele eis)
(ijsberg boven het wateroppervlak)
o Positioneel onderhandelen leidt niet altijd tot een juiste oplossing
o Biedt weinig potentieel om tot een deal te komen die goed is voor beide
partijen
o Risico van escalatie
o Bv. ik wil dagvaarden, ik wil 1 miljoen euro
- Belang = de onderliggende bekommernis, behoefte, wens, angst (onder het
wateroppvervlak)
o Waarom heb je deze positie? Wat wil je bereiken? Wat maakt het zo
belangrijk?
o Derde (al dan niet professional) kan je helpen je belangen te ontdekken
o Werkbaar/operationeel belang
Niet te specifiek, want dan wordt het een positie
Niet te breed/algemeen, zoals “gelukkig zijn” of “wereldvrede”,
want dan is het ook ondoenbaar een deal te maken die aan dit
belang kan voldoen
+ iets waarvoor je meerdere oplossingen kan vinden
onderhandelruimte
o Bv. Bv. wil een faire prijs, wil niet het gevoel hebben bedrogen te
worden, belang van respect of belang van erkend te worden als goede
zakenman
o deze belangen zijn breder dan de prijs + bieden meer mogelijkheden
om opties te vinden die aan de belangen kunnen voldoen
- Je moet niet onderhandelen vanuit een positie “ik wil een kamer op het 1ste
verdiep”, maar je moet kijken naar het onderliggende belang “ik voel me hier
niet veilig, slaapwandelen, hoogtevrees”
o Uitleggen/vragen waarom je een kamer op het 1ste verdiep wilde
o Indien dit duidelijk was, kon de receptionist simpelweg aanbieden slot
van de deur te sluiten
- Door stress kan je basisinzichten verliezen
- Piramide: posities
o daaronder: belangen
nog dieper: complex geheel van emoties en gevoelens
nog dieper: identiteit van een persoon
als iemand zeer hard of gekwetst positioneel reageert, is
de kans groot dat zijn identiteit in de kern is geraakt & die
kwetsuur naar boven doorschiet via sterke emoties en
harde posities
bv. erfenisruzies
o We zijn allemaal in wezen heel onzeker + willen erkenning
, o Onderliggend elke zware positie zitten vaak belangen, diepe emoties en
een geraakte identiteit
o 3 identiteitsgerelateerde vragen:
Ben ik capabel?
Ben ik een goed mens?
Ben ik aardig/aangenaam?
o Als deze vragen worden geraakt, kunnen mensen aangedaan zijn en
uitmonden in een identieitscrisis
- Positie (ik wil dagvaarden, ik wil 1 miljoen euro) (= punctuele eis)
o Belang (wat je echt wil: goud, zilver, brons oplijsten)
Bij de onderhandeling zoeken naar deal met opties (=
puntueel)
= clausules die belangen van alle cliënten regelen
Opties op dezelfde hoogte als posities
Optie is ook een gefixeerd punt (punctueel), maar is de
positieve/collaboratieve uitkomst (na een
onderhandeling waarin de belangen van eenieder zijn
meegenomen)
≠ positie = een negatieve en eenzijdige claim (waarbij
geen rekening met de ander)