• NOT ALL MONEY IS THE SAME
Financieringsbron Voordelen Nadelen
Friends, family & fools (FFF) (dumb) = - Gemakkelijk te vinden - Beperkte toegevoegde waarde
pocket money - Hebben geduld - Beperkte fondsen
Overheidssubsidies - Gratis - Bureaucratisch
(even dumber) - Hebben geduld - Traag
- Moeilijk te lokaliseren
Banken (dumb) - Relatief goedkoop - Gedrag onvoorspelbaar
= belangrijktste - Relatief snel - Vereisen garanties
Business angels - Snel - Fondsen relatief beperkt
= fysische personen - Onbureaucratisch - Soms nogal onsystematische
- Begrijpt business investeringspolitiek
Formeel risicokapitaal - Beschikken over - Moeilijk te verkrijgen en traag
(private equity & venture capital) voldoende fondsen - Mogelijk onvoorspelbare agenda
= grote spelers - Hoge verwachtingen
→ dumb money = VV = geld dat niet samengaat met begeleiding <-> smart money
• NOT ALL COMPANIES ARE THE SAME
6 types Financial needs Actors Comments
Mice and SME (85%) limited Banks, subsidies, FFF PBC & Guarantees
= kleine bedrijven met beperkt groeipotentieel, lange cash conversion cycle
→ bv: bakker
Elephants (1%) NO – are liquid Play banker self P2P (peer to peer)
= grote bedrijven, niet flexibel, zeer competitief, korte cash conversion cycle (snel goederen verkopen)
→ bv: Audi, BMW, BNP Paribas
Zombies (10%) Survival credits Banks, subsidies Operational profits < fin. costs
= bedrijven die >10j bestaan en al >3j hun financiële laste niet kunnen betalen, veel tewerkstellingen
→ bv: Fun, Nokia (niet start-ups)
→ mogelijke oplossing is Baxter economy = subsidies en mortgage-based credits (= uitgifte van
kredieten met vastgoed als onderpand) => maar verhoogt kans op unfair competition
Gazelles (4%) Equity fin Venture capital, "Happy few"
business angels, FFF
= bedrijven met belangrijk groeipotentieel (ongeveer 20% per jaar), hebben vaak wel verlies dus banken
financieren deze niet
→ bv: Nexushealth, … (limitatieve lijst)
Unicorns (0 %) Scale-up money Scale-up funds Scale-up gap
= niet-beursgenoteerde start-up met waarde van 1 miljard na 3 jaar
→ bv: Skype, Facebook, Tesla, Amazon, Lotus …
→ agressieve investeringsstijl leidt tot cumulatieve verliezen, maar dit is geen probleem want hierdoor
zijn ze wel dominant op de markt
→ beperkte terugbetalingscapaciteit => probleem om continu geld te vinden voor de investeringen
= scale-up money
→ decacorns = eenhoorns met waarde van 10 miljard
Zebras Long term Sustainable funds Family holdings
= duurzame bedrijven, houden rekening met zowel winst als maatschappij
→ PPP: profit, planet and people
→ PBC = Pay Back Capacity = het vermogen dat een bedrijf heeft om zijn schulden terug te betalen
→ scale-up money = financiering in de ‘schaalfase’ van een eenhoornbedrijf waarbij ze uitbreiden
→ P2P = peer to peer = olifanten hebben geldoverschot, die ze uitlenen aan kleinere bedrijven
(muizen) en zo spelen ze zelf bank
,• FINANCIAL NEEDS OVER TIME
→ Afhankelijk van de levensfase waarin de onderneming zich bevindt, wordt de financiële behoefte
ingevuld door gebruik te maken van de meest adequate financieringsbron. Bij de start zal er gericht
worden naar vrienden en familie, in de latere stages meer naar professionele afkomsten zoals
kredieten van banken.
→ De stippenlijn bij de beginfase van een bedrijf geeft aan dat banken minder bereid zijn te financieren
doordat er dan enkel gesproken wordt over ‘een idee’, waarin ze geen garantie zien = grootste risico
• GENDER INVESTMENT GAP IN THE EU
→ slechts 29% van de bedrijven in de EU worden door vrouwen geleid
→ vrouwen zijn gaan minder snel persoonlijke goederen in waarborg geven (bij bank)
→ slagingspercentage vrouwen ligt hoger bij bank financing
→ 94% van de venture capital managers zijn mannen
→ maar 21% overweegt te investeren in vrouwgeleide bedrijven
=> positie vrouw (wit) en man (rood): investering in VC bedrijf geleid door vrouwen => brengt meer op
• CREDIT CULTURE IN EUROPE
= bedrijven in Europa zijn voornamelijk afhankelijk van leningen en bankfinanciering (in plaats van
andere kapitaalvormen) (vooral KT)
→ reden 1: geen % EV afstaan, bij venture capital geef je een % af => minder eigenaarschap
→ reden 2: toegankelijker, maar 15% vd snelgroeiende bedrijven krijgt venture capital (= durfkapitaal)
→ reden 3: banken mengen zich niet in bedrijfsbeleid (althans indien je de vervaldagen respecteert)
,• RISICOKAPITAAL
= equity financiering (3soorten)
=> public equity: financiering via beurs
=> private equity: venture capital (formele risicokapitalisten), business angels (private investeerders)
= voor risicovol project dat nog in start-upfase is en geen garanties biedt (gazelles en unicorns), zij
kunnen niet bij bank terecht voor financiering
→ Mezzanine = tussenvorm die zich bevindt tussen equity financiering (EV) en kredietfinanciering (VV)
→ equity gap = ondernemingen die in aanmerking komen voor risicokapitaal maar deze niet verkrijgen:
=> small equity gap = startende bedrijven die moeilijk aan risicokapitaal geraken om hun eerste
verliezen te dekken en nog vrij risicovol zijn (kleine bedragen)
=> nood aan business angels, zaaikapitaalfondsen of crowdfunding
=> scale-up gap = bedrijven die in moeilijkheden zitten tijdens de expansiefase en naar financiering
zoeken om snel groter te worden (grote bedragen), vaak gazellen en eenhoorns
→ Valley of death = gebrek aan fondsen voor bedrijven in een vroege fase of in een expansiefase
→ IPO = initial public offering = eerste keer dat een bedrijf aandelen aanbiedt aan publiek via de
effectenbeurs (= beursgang)
, 2. FINANCIAL MANAGEMENT CONCEPT
→ niet over winst of profit per share, maar over de value of the company: rendabiliteit, risico en timing!!!
→ increase the value of the company for the shareholders = shareholder value approach
• 3 OPMERKINGEN OP DE SHAREHOLDER VALUE APPROACH (niet in boek)
o Managerial revolution
= verschuiving van leiderschap binnen de onderneming, professionele managers zijn hoofdfiguren
geworden in de plaats van de eigenaren
→ focus op satisfying behaviour in plaats van maximizing behaviour = managers streven naar
objectieven die de aandeelhouders tevreden houden, en niet maximaliseren van het bedrijf
→ probleem: agententheorie = managers handelen in eigen belang ipv in belang aandeelhouders
→ oplossingen: a) opties/ tantièmes = managers kunnen bepaalde aandelen goedkoper aankopen
b) shares = aandelenpakket aan de managers geven
c) cooperatives (Marx) = iedereen in het bedrijf is aandeelhouder
o Stakeholders value
= stakeholders worden naast shareholders ook belangrijker
→ customers, employees, investors, suppliers, communities, governments, environment, …
→ hoge ESG score = zorgt op LT voor economische en maatschappelijke waarde
=> triple bottom line approach = bedrijven moeten zich richten op people, planet, profit
o Human resources
= medewerkers worden boekhoudkundig als een kostenpost gezien (Cash outflow) en niet als activa,
en toch vormen ze een essentieel onderdeel van de bedrijfswaarde
• FINANCIEEL BEHEERSINSTRUMENT
o Balansstructuur
→ hoe financier ik mijn onderneming?
1) eigen fondsen
2) LT schulden (>1jaar)
3) mezzanine = quasi-own funds (bv: convertible financing)
(4) overgedragen resultaat vorig boekjaar)
o Bedrijfscyclus => hoe lang duurt een bedrijfscyclus? : werkkapitaal 30 dagen * omzet / 365