1) Vennootschapsbelasting = belasting die venn op haar inkomen moet betalen
2) Rechtspersonenbelasting = belasting dat andere RPen dan venn op haar
inkomen moeten betalen als ze voldoen aan bepaalde Vw (VZW’s)
→ Met vestiging in belgie
3) Personenbelasting: belasting die een NP moet betalen op haar inkomen die
woont en werkt in belgie
4) Belasting van niet-inwoners: iedereen die in belgie werkt maar hier niet woont
a. Ook venn en VZW’s met vestiging in buitenland
BTW = belasting op toegevoegde waarde: belasting op een aankoop die je doet (je
inkomen dat je besteedt)
Examen
▪ Mag worden meegebracht naar het examen
▪ In boekvorm uitgegeven codex
(uitgeprinte (bijkomende) wetgeving is niet toegelaten)
▪ Rekenmachine (mag geen woorden of letters kunnen opslaan)
▪ Wordt opgenomen in de examenbundel
1
, ▪ Lijst met geïndexeerde bedragen
▪ Wetgeving na 31 december 2025
DEEL 1: ALGEMEEN DEEL
HOOFDSTUK 1: BEVOEGDHEID OM BELASTING TE
HEFFEN
AFDELING 1: AANKNOPINGSPUNT
OA1: TERRITORIALITEITSBEGINSEL
→ 2 aanknopingspunten:
- Personeel aanknopingspunt (domiciliebeginsel)
o Wonen
▪ Bv successierechten
o Gevestigd zijn
- Zakelijk of economische aanknopingspunt (liggingsbeginsel)
o Bezit van goederen op grondgebied
▪ als die eigenaar in het buitenland woont. Ja dat goed ligt hier
nog altijd in België, dus die gaat ook die belasting verschuldigd
zijn.
▪ Bv De onroerende voorheffing is een belasting die je moet
betalen wanneer je eigenaar bent van onroerende goederen die
hier gelegen zijn in België.
▪ Bv recht van overgang: Het is ook weer mogelijk dat de persoon
die overlijdt in het buitenland woont. Maar dat hij hier eigenaar is
van die onroerende goederen dan gaat de belgische staat daar
belasting op heffen
→ Je hebt dus enerzijds successierechten, dan gaat het over
een persoon die overlijdt, maar die woont in België en we
2
, hebben recht van overgang is voorzien. Voor mensen die niet
wonen in België, maar hier wel eigenaar zijn van onroerende
goederen.
o Handelingen op grondgebied
▪ Bv BTW: bedrijf in het buitenland gevestigd, maar zich hier op
de markt begeeft en hier ook producten verkoopt. hier kan er dus
ook BTW verschuldigd zijn in België. Het feit dat er activiteiten
plaatsvinden in België is voldoende.
OA2: NATIONALITEITSBEGINSEL
= de uitzondering in belgie
OA3: BELGISCHE INKOMSTENBELASTINGEN
- Territorialiteitsbeginsel
o Personeel aanknopingspunt (domiciliebeginsel)
→ is op het wereldwijd inkomen: Dus de natuurlijke persoon die hier
woont (of vestiging) in België. Die gaat op alles wat hij verdient. In
België eigenlijk belasting moeten betalen, ook wanneer je inkomen
haalt uit het buitenland.
▪ Wonen → personenbelasting
▪ Gevestigd zijn → vennootschapsbelasting of
rechtspersonenbelasting
o Zakelijk of economische aanknopingspunt (bronstaatbeginsel)
→ niet wereldwijd: Enkel wat verdiend wordt in België wordt geviseerd
in de belasting van niet inwoners.
▪ Bezit van goederen op grondgebied
▪ Handelingen op grondgebied
→ belasting van niet-inwoners
- Nationaliteitsbeginsel
o Normaal niet
o Uitz: Wanneer men. Een ambtenaar naar het buitenland stuurt om de
Belgische staat te vertegenwoordigen en die heeft de Belgische
3
, nationaliteit. Dan blijft die onderworpen aan de Belgische
personenbelasting. (zie later vr art)
OA4: VOORBEELDEN
Een persoon woont in NL maar werkt in belgie → belasting niet inwoners
- Maar NL zal zeggen: die woont op ons grondgebied dus onze
personenbelastinging en dus het wereldwijd inkomen kan ik belasten of
omgekeerd
- Hoe oplossen? Dubbelbelastingsverdrag
o En in dat verdrag gaat staan wie van de twee mag uiteindelijk belasten?
→ de werkstaat is bevoegd
→ en we gaan dat ook zien. Als je bijvoorbeeld onroerende goederen hebt in het buitenland. Dus
we hebben hier bijvoorbeeld een persoon die woont eigenlijk in België. Maar stel dat die in
Nederland. Een tweede woning heeft. dus ook dan gaan we te kijken naar het duo
belastingverdrag. Wie van de twee is bevoegd? En dan gaat de regel zijn ja, waar het onroerend
goed gelegen is.
AFDELING 2: GRONDGEBIED:
▪ Gewesten
▪ Provincies
▪ Gemeenten
Kunnen belastingen heffen afhankelijk van waar het goed gelegen is (bv tweede
verblijftaks)
HOOFDSTUK 2: INDELING VAN BELASTINGEN
5 manieren om belastingen in te delen:
4