ONTWIKKELING KINDBEELD
Zie jeugdrecht
EXTRA HUIDIGE RECHTSPOSITIE: DERDEN?
Niet-ouders-ondersteuningsfiguren
- Voogd-ad-hoc
o Van zodra tegengesteld belang tussen ouder en kind
- Jeugdadvocaat
o Bij jeugdprocedures, jongeren die feiten hebben gepleegd, elke jongere kans om beroep
erop te doen
- Vertrouwenspersoon (Ger. Wb., DRM)
- Zelfgekozen persoon
“Evolueren we stilaan naar een model waarbij jongeren – vanaf een bepaalde leeftijd – nog niet
zelfstandig beslissingen kunnen nemen, maar wel kunnen beslissen welke volwassene hen daarbij het
beste ondersteunt?”
ONTWIKKELING IVRK
DE AANLOOP NAAR HET VERDRAG
VERKLARING VAN GENEVE (1924)
1. Het kind moet voldoende mogelijkheden krijgen om zich zowel op materieel als op geestelijk
vlak normaal te kunnen ontwikkelen
2. Kinderen die hulp nodig hebben, moeten geholpen worden (het kind dat honger heeft moet
eten krijgen, het zieke kind moet verzorgd worden, …)
3. Het kind moet als eerste ondersteuning krijgen in tijden van nood
4. Het kind moet in de mogelijkheid gesteld worden om middelen van bestaan te verwerven en
moet tegen elke vorm van uitbuiting worden beschermd
5. Het kind moet opgevoed worden in het besef dat zijn talenten aangewend moeten worden in
dienst van zijn medemensen
Niet als rechten, maar als opdrachten omschreven
1
,VERKLARING VAN DE RECHTEN VAN HET KIND (1959)
1. Elk kind geniet alle rechten in de Verklaring zonder enige vorm van discriminatie
2. Het zal speciaal beschermd worden en de gelegenheid krijgen om zich in vrijheid en
waardigheid op een gezonde en normale manier te ontwikkelen
3. Van bij de geboorte heeft het recht op een naam en een nationaliteit
4. Het zal genieten van de sociale zekerheid met speciale pre- en post-natale zorg voor hem en
zijn moeder en recht hebben op voeding, huisvesting, ontspanning en medische dienstverlening
– zeer revolutionair; actuele discussie waar we nog niet uit zijn, maar we hebben wel recht op
pre-natale zorg
5. Het fysiek, mentaal of sociaal gehandicapte kind zal aangepaste behandeling, opvoeding en
zorg krijgen
6. Het kind zal zo veel mogelijk opgroeien in een sfeer van tederheid en morele en materiele
veiligheid, met de zorg en onder de verantwoordelijkheid van zijn ouders. Jonge kinderen zullen
slechts uitzonderlijk van hun moeder worden gescheiden. De gemeenschap en de
autoriteiten zullen speciale zorg besteden aan de kinderen zonder familie en zonder adequate
inkomsten
7. Het heeft recht op verplicht kosteloos lager onderwijs en op spel en ontspanning
8. In alle omstandigheden zal het kind het eerst recht hebben op bescherming en bijstand
9. Het zal beschermd worden tegen elke vorm van verwaarlozing, wreedheid en uitbuiting en niet
tewerkgesteld worden voor een aangepaste minimumleeftijd.
10. Het kind zal ook afgeschermd worden van raciale, religieuze en andere discriminaties en
opgevoed worden in een geest van verstandhouding, verdraagzaamheid, vriendschap en
broederlijkheid ten overstaan van alle volkeren.
Verder gewerkt op de tekst
Hier en daar rechten geformuleerd
Gaat vooral over beschermen, opvoeden, zorg krijgen
!! Verklaringen/suggesties dus niet bindend of afdwingbaar
Gemakkelijker om controversiële dingen te zetten, want is niet afdwingbaar
MOMENTUM? JAAR VAN HET KIND (1979) = 20J LATER
- Pools initiatief in 1978: “Streven naar aannemen bindende tekst tijdens Jaar van het Kind (1979)” –
we moeten een verdrag hebben, werk maken van bindend instrument over kinderrechten
- Nobel initiatief maar vernietigende kritiek
o Evidence based policy making
Men moet wachten op uitslag van onderzoeken die bezig waren over kinderen, want
het is raar dat men eerst een verdrag maakt en pas nadien zou zien wat er in die
rapporten van de onderzoeken staat= slechte timing dus om op dit moment
bindende tekst te maken want men wacht beter op uitslagen onderzoeken die bezig
waren over kinderen
o Concreter en tastbaarder dan bestaande teksten
o Zowel eerste als tweede generatie rechten
o Tijdpad is onrealistisch
1j is zeer kort om zoiets te maken
o Verhouding met andere organisaties
Tussen ‘59 en pools initiatief hadden veel organisaties op specifieke thema’s
gewerkt wat is de meerwaarde van een internationaal verdrag dan als er al
zoveel teksten bestaan (dus je moet kapteren wat er al is en samenwerken met die
organisaties)
o Geen visie op monitoring
Opvolging van gebruik van verdrag door landen is noodzakelijk en er was nog geen
initiatief hoe men dit zou opvolgen
2
,WERKGROEP 1979-1989
- 10j bezig geweest voor de tekst van IVRK
- Initiatief van VN Mensenrechtencommissie
- Samenstelling
- Opdracht: schrijven van een draft
- Methode: consensus
20 november 1989 ‒ AV RES 44/25
29 januari 1990 ‒ opening ondertekening in New
York
2 september 1990 ‒ inwerkingtreding (15 januari 1992 voor
België)
Figuur 1 iedereen doet mee behalve VS – wel ondertekend, maar niet geratificeerd (niet juridisch afdwingbaar)
INHOUD
DEFINITIE KIND
Art 1 – Voor de toepassing van dit Verdrag wordt onder een kind verstaan ieder mens jonger dan
achttien jaar, tenzij volgens het op het kind van toepassing zijnde recht de meerderjarigheid eerder
wordt bereikt
Pre natale wordt weggelaten, want is te controversieel voor sommige landen
In pre-ambule wordt er toch nog beetje naar verwezen, maar niet in eigen tekst
‘tenzij’= jammer, want men kan er dus van afwijken
Eindpunt zonder startpunt
§9 – Indachtig dat, zoals aangegeven in de Verklaring van de Rechten van het Kind, "het kind op grond
van zijn lichamelijke en geestelijke onrijpheid bijzondere bescherming en zorg nodig heeft, met
inbegrip van geëigende wettelijke bescherming, zowel voor als na zijn geboorte
Tenzij nationaal recht afwijkt
ALLE KINDEREN GELIJK?
Art 2 1. De Staten die partij zijn bij dit Verdrag, eerbiedigen en waarborgen de in het Verdrag
beschreven rechten voor ieder kind onder hun rechtsbevoegdheid zonder discriminatie van welke
aard ook, ongeacht ras, huidskleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging,
nationale, etnische of maatschappelijke afkomst, welstand, handicap, geboorte of andere
omstandigheid van het kind of van zijn of haar ouder of wettige voogd.
- Geen algemeen discriminatieverbod
- Geen absoluut discriminatieverbod
- Uitzonderingen in het verdrag
NIVEAU VAN DETAIL
Art 12.1 1. De Staten die partij zijn, verzekeren het kind dat in staat is zijn of haar eigen mening te
vormen, het recht die mening vrijelijk te uiten in alle aangelegenheden die het kind betreffen, waarbij
aan de mening van het kind passend belang wordt gehecht in overeenstemming met zijn of haar
leeftijd en rijpheid.
3
,Art 28 e) maatregelen te nemen om regelmatig schoolbezoek te bevorderen en het aantal kinderen dat
de school vroegtijdig verlaat, te verminderen
- Grote diversiteit
- Soms te vaag
OPVOLGEN
DOOR KINDERRECHTENCOMITÉ
Art 43 1. Ter beoordeling van de voortgang die de Staten die partij zijn, boeken bij het nakomen van de
in dit Verdrag aangegane verplichtingen, wordt een Comité voor de Rechten van het Kind ingesteld,
dat de hieronder te noemen functies uitoefent.
- Aanvankelijk 10 nu 18 leden + genodigden
- 3 keer / jaar ; 3 weken in Genève
- Methode
o Periodieke landenrapporten
o Algemene commentaren
o Klachten- en onderzoeksprocedure
- 2-jaarlijks activiteitenverslag aan AV VN (algemene vergadering verenigde naties)
DOOR KINDERRECHTENCOMITÉ: PERIODIEKE LANDENRAPPORTEN
= Systeem waarbij landen aan kinderrechtencomité periodiek moeten rapporteren over manier waarop
ze met rechten in het verslag aan de slag gaan
- Art. 44 – twee jaar na ratificatie, daarna elke vijf jaar
- Art. 46 – nationale bekendmaking rapporten
o BE: website NCKR
o BE: 5de en 6de periodiek rapport
o Alternatieve rapportage
- Comité doet aanbevelingen en suggesties
- Dialoog met betrokken land
o Land wordt uitgenodigd in sessie waarbij door alle rapporten wordt gegaan
DOOR KINDERRECHTENCOMITÉ: ALGEMENE COMMENTAREN
=Standpunten/ adviesdocumenten die opgesteld worden op niveau van kinderrechtencomité op basis
van hun ervaring met moeilijkheden rond bepaalde thema’s
- 2005 – niet-begeleide minderjarige vreemdelingen
- 2007 – lijfstraffen en jeugdsanctierecht
- 2009 – recht mening uiten
- 2011 – geweld tegen kinderen
- 2013 – belang van het kind
- 2013 – recht op spel
- 2013 – belang van het kind als eerste overweging
- 2017 – migratie
- 2019 – jeugdrecht
- 2021 – digitale omgeving
- 2023 – klimaat & milieu
DOOR KINDERRECHTENCOMITÉ: KLACHTEN- EN ONDERZOEKSPROCEDURE
- 1989: Aanvankelijk niet (geen kanaal waar jongeren en kinderen klachten kunnen indienen) ->
nooit echt voorwerp debat
- 2009: Werkgroep: onderzoek behoefte
4
, o Bijkomende tool om naleving te garanderen
o Goede manier om interpretatie verder vorm te geven
o Kinderrechtencomité heeft nodige expertise
o Geen tegenargumenten
o Enige mensenrechtenverdrag zonder
- 2010: verlenging mandaat: draft opstellen
- 2011: aanneming tekst
o Bevoegdheid
o Groepsvorderingen
o Kindvriendelijkheid?
INVLOED
Hernemen basisprincipes
- Art 7 – Verdrag personen handicap
- Art 25 § 5 – Verdrag gedwongen verdwijningen
Aandacht voor kinderen bij opstellen
- Art 4 §1 d – inspraak – Verdrag interlandelijke adoptie
- Art 8 (b) xxvi – recrutering – Statuut van Rome
- Art 24 – EU handvest
Aandacht voor kinderen bij herziening
- Art 17 – Europees sociaal handvest
Rechtspraak
- Hof van Justitie van de Europese Unie
- Europees Hof voor de Rechten van de Mens
QUID DIRECTE WERKING IN EEN NATIONALE RECHTSORDE?
Art 4 IVRK - De Staten die partij zijn, nemen alle nodige wettelijke, bestuurlijke en andere
maatregelen om de in dit Verdrag erkende rechten te verwezenlijken.
Ten aanzien van economische, sociale en culturele rechten nemen de Staten die partij zijn deze
maatregelen in de ruimste mate waarin de hun ter beschikking staande middelen dit toelaten en,
indien nodig, in het kader van internationale samenwerking.
CRC/GC-4 – When a State ratifies the Convention on the Rights of the Child, it takes on obligations
under international law to implement it. Implementation is the process whereby States parties take
action to ensure the realization of all rights in the Convention for all children in their jurisdiction.
Article 4 requires States parties to take “all appropriate legislative, administrative and other measures”
for implementation of the rights contained therein.
CRC/GC-4 – The second sentence of article 4 reflects a realistic acceptance that lack of resources -
financial and other resources - can hamper the full implementation of economic, social and cultural
rights in some States; this introduces the concept of “progressive realization” of such rights: States
need to be able to demonstrate that they have implemented “to the maximum extent of their
- subjectieve voorwaarde: bedoeling van de opstellers
<-> art. 31-33 Weens verdragendrag
- objectieve voorwaarde: voldoende duidelijk en precies
<-> geen verplichtingen bij vage bewoordingen?
5
,Mogelijkheden voor een rechter
- Dubbelzinnige bepaling verdragsconforme interpretatie van nationale regels
- Strijdige beslissing – kan zijn dat nationale regelgeving strijdig is met wat in IVRK staat
vernietiging voor het Grondwettelijk Hof en de Raad van State
- Beslissing afdwingen verdragstekst toepassen als die voldoende duidelijk is en
(ondubbelzinnige) subjectieve rechten voor de burger inhoudt
<-> meestal ruimte voor interpretatie: scheiding der machten: rechter mag zich niet in de
plaats stellen van de wetgever
Aanvaard Art 9 §2, Art. 21, Art. 24 Afgewezen Art. 3, Art. 12, Art. 25
HOF VAN CASSATIE 10 NOVEMBER 1999
“Overwegende dat de in het middel aangehaalde artikelen 3 en 12 van het Verdrag inzake de
rechten van het kind niet rechtstreeks van toepassing zijn voor de strafrechter, bij wie de
wegens schending van artikel 369bis Sw. ingestelde vervolgingen aanhangig zijn”
HOF VAN CASSATIE 11 MAART 1994
Erkenning van de rechtstreekse werking van artikel 9§2 IVRK
Artikel 9 §2 bepaalt dat onder meer in echtscheidingszaken alle partijen - ook kinderen - de
gelegenheid dienen te krijgen aan de procedures deel te nemen en hun standpunten naar voren te
brengen. Waarom zou een verschillende regeling in verband met de directe werking gelden voor de
bepaling van het IVRK die het hoorrecht regelt «in iedere ... procedure die het kind betreft» (artikel12)
en in procedures die onder meer over de echtscheiding handelen (artikel 9)?
GRONDWETTELIJKE VERANKERING IN ARTIKEL 22BIS GRONDWET
Nationale Commissie tegen seksuele uitbuiting van kinderen
“om nieuwe bepalingen (in de Grondwet) in te voegen die de bescherming van de rechten van
het kind op morele, lichamelijke, geestelijke en seksuele integriteit verzekeren” tijdens
legislatuur 1999-2003
Artikel 22bis Grondwet (Versie 2000)
- Elk kind heeft recht op eerbiediging van zijn morele, lichamelijke, geestelijke en seksuele
integriteit. – eerst verwezen naar seksuele integriteit (nasleep dutroux)
- De wet, het decreet of de in artikel 134 bedoelde regel waarborgen de bescherming van dat
recht
Opnieuw Grondwetwijziging nodig tijdens legislatuur 2003-2007
“om een lid toe te voegen betreffende de bescherming van aanvullende rechten van het kind” –
men kan niks doen aan formulering van eerste paragraaf
Artikel 22bis Grondwet (Voorstel 2004 – niet doorgekomen want men wou het niet zo hebben)
- Elk kind heeft recht op eerbiediging van zijn morele, lichamelijke, geestelijke en seksuele
integriteit.
- Het kind heeft recht zijn mening te uiten in alle aangelegenheden die het aangaan; met die
mening wordt rekening gehouden in overeenstemming met zijn leeftijd en zijn
onderscheidingsvermogen.
- Het kind heeft recht op maatregelen en diensten die zijn ontwikkeling bevorderen.
6
, - Het belang van het kind is de eerste overweging bij elke beslissing die het kind aangaat.
- De wet, het decreet of de in artikel 134 bedoelde regel waarborgen de rechten van het kind.
Opnieuw Grondwetwijziging nodig tijdens legislatuur 2008-2012
“gemachtigd om artikel 22bis te herzien”
Artikel 22bis Grondwet (Huidige versie 2008) = seksuele integriteit redelijk bovenaan, dan nog
aanvullende rechten
- Elk kind heeft recht op eerbiediging van zijn morele, lichamelijke, geestelijke en seksuele
integriteit.
- Elk kind heeft het recht zijn mening te uiten in alle aangelegenheden die het aangaan; met die
mening wordt rekening gehouden in overeenstemming met zijn leeftijd en zijn
onderscheidingsvermogen.
- Elk kind heeft recht op maatregelen en diensten die zijn ontwikkeling bevorderen.
- Het belang van het kind is de eerste overweging bij elke beslissing die het kind aangaat.
- De wet, het decreet of de in artikel 134 bedoelde regel waarborgen deze rechten van het kind..
ACTOREN KINDERRECHTENLANDSCHAP
ALGEMEEN OVERZICHT
VNKRC: VN-
kinderrechtencommissie
- Jaarrapporten opstellen
- NCRK aan VNKRC
rapportages uitwisselen
Blauw: Internationaal niveau
Oranje: Nationaal niveau
Groen: Vlaams niveau
Paars: Waals niveau
Kennen! Donkergroene zeker!
KeKi = kenniscentrum kinderrechten
7