PRAKTIJK
PRACTICUM 1: ANAMNESE EN ICF
ICF-CY
The International Classification of Functioning, Disability and Health for Children and Youth
- Afgeleid van het ICF
- Betere beschrijving van groei en ontwikkeling van kinderen en jongeren
o Aard en wijze van functioneren bij kinderen is anders
o Andere relevante rollen op gebied van participatie (school, hobby)
o Ontwikkelende kind = moving target
▪ Functieniveau: invloed van groei en rijping
▪ Activiteiten: leeftijdsafhankelijk
▪ Participatie: rol van omgeving/ context van het gezin
- Aangepast aan context van kinderen en jongeren
- 0-18 jaar, nadien gebruik van ICF
VOORBEELD
- 7 jaar, 4 maanden
- Oudste van 2 kinderen in een intact gezin
- CP: spastisch – bilateraal
-spasticiteit (verhoogde spiertonus)
-verminderde spierkracht
-Verminderde spierlengte/mobiliteit
- Stapt binnenshuis met orthesen, gebruikt
buitenshuis een looprek
- Valt frequent door gebrek aan evenwicht, moeite met
oneffen ondergronden waardoor angstig
- Zit in het buitengewoon onderwijs
F-WORDS
1. Functioning (functie)
= wat kan een kind wel/niet
= activiteiten → wat + hoe
2. Family (familie)
= essentieel, ouders zijn meer dan ene contextuele factor
= externe factoren
3. Fitness (fitheid)
= fysiek en mentaal welzijn
→ Kinderen met een beperking en chronisch zieke kinderen zijn minder fit dan andere kinderen,
en minder fit dan ze zouden moeten zijn.
= functies en anatomische eigenschappen
4. Fun (plezier)
= wat doet het kind graag?
hoe hierop inzetten:
→ wat wil het kind doen?
, → Pas activiteit aan
→ verwacht niet dat het kind de activiteit normaal kan uitvoeren
→ laat kinderen zelfvertrouwen, competentie, prestatie en capaciteit ervaren
→ opstellen kindspecifieke doelstellingen
= persoonlijke factoren
5. Friends (vrienden)
= betreft de sociale ontwikkelingen, kwaliteit > kwantiteit
= participatie
6. Future (toekomst)
= wat zijn de dromen en verwachtingen van kind + ouders
= overkoepelend
DOORVERWIJZING
ANAMNESE
= eerste stap in verwerven van informatie m.b.t. de aandoening
Doel - Kennismaking
- Formuleren hulpvraag: voor welk probleem komt patiënt naar u?
- Inzicht in probleem/hulpvraag
- Verwachtingen van patiënt in de therapeut en in de kinesitherapie in het algemeen
- Educatie in het gezondheidsprobleem, in onderliggende aandoening, in
ontstaanswijze van probleem, in standhouding, verergeren/ verlichten
Inhoud - Persoonlijke gegevens
- Reden van aanmelding
-hulpvraag
-omschrijving probleem/ diagnose
→ bepaalt waar je verder op in wil gaan:
Ontwikkelingsvertraging bij baby’s (0-2j)
Kleutervaardigheden: fijnmotorisch of grofmotorisch
Ontwikkelingsstoornis: DCD, ASS, syndroom…
Neurologische aandoening
- Medische informatie
-ontstaanswijze, onderzoeken, huidige opvolging…
- Ontwikkeling/behalen van mijlpalen
-zwangerschap/bevalling
-algemene- & motorische ontwikkeling
- Persoonlijkheid/interesses
- Verwachtingen
-eventueel eerste globale doelstellingen
, PRACTICUM 2: KINESITHERAPEUTISCH ONDERZOEK
INLEIDING
Hypotheses
Hoofdproblemen
doelstellingen
1. BODY FUNCTIONS & STRUCTURE
Spierfunctie: Bewegingsfunctie: Functies van gewrichten Anatomische Sensorische
• Spiersterkte • Gangpatroon en botten: eigenschappen: functies en pijn:
• Spiertonus • Bewegingscontrole • Mobiliteit van • (mal)alignement • Tast
• Spieruithouding • Coördinatie botten/gewrichten • Scoliose • Proprioceptie
• Reflexen • Stabiliteit van gewrichten • Beenlengteverschil • Pijn
•Bewegingspatronen
2. ACTIVITIES
Observatie van: Meting via motorische testen:
• Leeftijdsgerelateerde functionele • AIMS/BAYLEY
vaardigheden • Movement ABC
• Populatiespecifieke functionele • GMFM
vaardigheden • HFMSE/CHOP INTEND
• FMS
…
3. PARTICIPATION
4. ENVIRONMENTAL FACTORS
5. PERSONAL FACTORS
Rapportering via:
• Anamnese
• Patient Reported Outcome Measures (PROM’s)
• Observatie
Van anamnese naar hypothese:
Wat zouden de onderliggende problemen kunnen zijn? Wat wil je testen?