bec samenvatting h2 productkeuze pg61-80
6) merken
6.1 het begrip
Merken: alle tekens die vatbaar zijn voor grafische voorstelling, met name woorden (met inbegrip
van namen en personen), tekeningen, letters, cijfers, vormen van waren of verpakkingen, mits zij de
producten of diensten van een onderneming kunnen onderscheiden.
Een merk dient om producten en diensten van elkaar te onderscheiden. Dit kan gebeuren door de
naam, het logo, de vorm, een symbool,..
6.2 merkenalfabet
6.2.1 fabrikantenmerken
Merken worden door een fabrikant ontwikkeld en beheerd bv. Unilever
a) A-merk: iedereen kent het en het is duur, maar overal te vinden. Deze producten zijn vaak de
trendsetters binnen een productcategorie. Grote naambekendheid, reputatie. Trouwe
klanten, duurder, reclamecampagnes. Bv. nutella
b) B-merk: minder goed bekend, goedkoper dan A-merk. Soms van mindere kwaliteit.
c) C-merk: gunstige prijs, onbekende naam, meestal in doe-het-zelf zaken en winkels met
goedkopere producten.
Bij een individueel merk brengt de fabrikant al zijn producten onder een andere naam op de markt.
Een fabrieksmerk brengt alle producten onder dezelfde naam op de markt.
6.2.2 winkelmerken
Winkelmerken ook wel private labels of distributiemerken, worden voor 1 bepaalde winkel of
inkoopvereniging gemaakt.
Door de economische crisis is het aandeel van de winkelmerken sterk gestegen, waardoor de macht
verschoven is van de fabrikanten naar de winkeleigenaars.
a) Het huismerk draagt dezelfde naam als de winkel e versterkt het imago van de winkel.
b) Een eigen merk wordt alleen maar in de eigen winkels verkocht, maar draagt de naam van de
winkel niet. Geen directe link tussen winkel en product.
c) Het discountmerk is het goedkoopste merk van de winkel zelf. Deze ‘witte producten’ zijn
rechtstreekse concurrenten van de c-merken.
Verschillende merken aanbieden om klanten tevreden te houden en een ruime keuze aan te bieden.
Collectieve merken dienen om 1 of meer gemeenschappelijke kenmerken van waren of diensten van
verschillende ondernemingen te onderscheiden. Bv. fairtrade, woolmark
6.3 functies van een merknaam
- voor consument: prijs-kwaliteitverhouding, uitdrukken status.
- voor producent: onderscheiden van concurrentie, meerwaarde? Hogere prijs, sterke
merknaam? Makkelijk nieuw product introduceren, sterke merknaam? Minder afhankelijk
van de detailhandel.
6) merken
6.1 het begrip
Merken: alle tekens die vatbaar zijn voor grafische voorstelling, met name woorden (met inbegrip
van namen en personen), tekeningen, letters, cijfers, vormen van waren of verpakkingen, mits zij de
producten of diensten van een onderneming kunnen onderscheiden.
Een merk dient om producten en diensten van elkaar te onderscheiden. Dit kan gebeuren door de
naam, het logo, de vorm, een symbool,..
6.2 merkenalfabet
6.2.1 fabrikantenmerken
Merken worden door een fabrikant ontwikkeld en beheerd bv. Unilever
a) A-merk: iedereen kent het en het is duur, maar overal te vinden. Deze producten zijn vaak de
trendsetters binnen een productcategorie. Grote naambekendheid, reputatie. Trouwe
klanten, duurder, reclamecampagnes. Bv. nutella
b) B-merk: minder goed bekend, goedkoper dan A-merk. Soms van mindere kwaliteit.
c) C-merk: gunstige prijs, onbekende naam, meestal in doe-het-zelf zaken en winkels met
goedkopere producten.
Bij een individueel merk brengt de fabrikant al zijn producten onder een andere naam op de markt.
Een fabrieksmerk brengt alle producten onder dezelfde naam op de markt.
6.2.2 winkelmerken
Winkelmerken ook wel private labels of distributiemerken, worden voor 1 bepaalde winkel of
inkoopvereniging gemaakt.
Door de economische crisis is het aandeel van de winkelmerken sterk gestegen, waardoor de macht
verschoven is van de fabrikanten naar de winkeleigenaars.
a) Het huismerk draagt dezelfde naam als de winkel e versterkt het imago van de winkel.
b) Een eigen merk wordt alleen maar in de eigen winkels verkocht, maar draagt de naam van de
winkel niet. Geen directe link tussen winkel en product.
c) Het discountmerk is het goedkoopste merk van de winkel zelf. Deze ‘witte producten’ zijn
rechtstreekse concurrenten van de c-merken.
Verschillende merken aanbieden om klanten tevreden te houden en een ruime keuze aan te bieden.
Collectieve merken dienen om 1 of meer gemeenschappelijke kenmerken van waren of diensten van
verschillende ondernemingen te onderscheiden. Bv. fairtrade, woolmark
6.3 functies van een merknaam
- voor consument: prijs-kwaliteitverhouding, uitdrukken status.
- voor producent: onderscheiden van concurrentie, meerwaarde? Hogere prijs, sterke
merknaam? Makkelijk nieuw product introduceren, sterke merknaam? Minder afhankelijk
van de detailhandel.