Verslaving
Casus1 alcohol
Een 53-jarige man komt op vraag van zijn vrouw voor een gesprek bij de huisarts. Hij verzet zelf de
afspraak twee keer. Volgens zijn echtgenote is pa ënt de afgelopen jaren steeds meer gaan drinken.
Hij drinkt nu ongeveer twaalf glazen bier per dag. Sinds hij overma g drinkt, is pa ënt volgens zijn
echtgenote af en toe opvliegend, slaapt hij onrus g en meldt hij zich regelma g ziek op zijn werk.
Verder hee hij last van paniekaanvallen en vermijdt hij drukke ruimten zoals winkels, markten en
restaurants. = agorafobie
Pa ënt is bij het eerste gesprek nogal terughoudend over zijn klachten. Een tweede gesprek blijkt
nodig om zijn alcoholprobleem goed in kaart te brengen. Pa ënt blijkt al vanaf zijn 15e jaar alcohol te
drinken. De hoeveelheid is in de loop der jaren langzaamaan groter geworden. De laatste vijf jaar
drinkt hij twaalf tot vij ien glazen per dag. Hij drinkt iedere dag, want als hij een dag niet drinkt,
krijgt hij last van zweten, hoofdpijn, trillen, onrustgevoelens en soms een paniekaanval. Hij slaapt
goed in, maar wordt vroeg wakker. Ook hee hij de laatste jd last van pijnlijke benen.
Toen vij ien jaar geleden zijn kinderen werden geboren, hee pa ënt gedurende drie jaar helemaal
niets gedronken. Een jaar nadat hij gestopt was, kreeg hij onverwachts last van aanvallen van angst
en trillen, pijn op de borst en hartkloppingen. De huisarts hee deze aanvallen toen gediagnos ceerd
als paniekaanvallen. Hij moest zich ziek melden en ging steeds meer drukke ruimtes en ver van huis
gaan vermijden. Hij is weer begonnen met alcohol drinken omdat de paniekaanvallen steeds he iger
werden, hij zonder alcohol op geen boodschappen durfde te doen en niet meer met de bus durfde te
reizen. Zijn angstklachten zijn de laatste jd verergerd; hij gaat nauwelijks nog alleen van huis en
hee vaak paniekaanvallen.
Inleiding
Jaarprevalen e v stoornissen in alcoholgebruik in algemene, 18+ bevolking: 1-5%
volgens aanbevelingen: max 10 EH alcohol / week met best ook alcoholvrije dagen MAAR >10% van
popula e >10 EH / week hee geen stoornis)
Aandeel v pten die HA bezoeken die stoornis in alcoholgebruik hebben : 10%
Deze pt is eerder terughoudend omtrent de klachten -> meestal zo, owv taboe dat errond heerst!
=> Een goeie HA zou een 2e gesprek inplannen om het gebruik meer in kaart te brengen
On rekking/ontwenningsverschijnselen
- Zweten, onrustgevoelens, trillen, paniekaanval,… -> komen 6-10h na laatste glas
- Delirium tremens -> 48-72h na laatste gebruik
Diagnose
Bij deze pt, maar ook bij heel veel andere pten met deze problema ek: niet-geïsoleerd
alcoholprobleem (= alcoholprobleem dat op allerlei manieren verwikkeld is geraakt met andere
psychopathologieën bvb depressie, angststoornis, externaliserend gedrag,…)
Pt beschrij paniekaanvallen, vermijding v openbaar vervoer & winkels, moeite alleen v huis te gaan
=> hoogstwss zijn classifica es paniekstoornis en agorafobie
NIET angststoornis tgv middel, omdat hij al een jaar was gestopt met drinken toen hij paniekstoornis
, ontwikkelde. Ook NIET middelgebruik tgv angststoornis aangezien dit al een probleem was nog voor
de angststoornis
Het gaat dus om 2 aparte zaken die met elkaar zijn verstrengeld
Typisch slaappatroon bij alcoholisten: suf gevoel dus vlot inslapen maar gefragmenteerde, ondiepe
slaap met snurken owv spierverslapping + in midden van nacht/vroege ochtend terug wakker
- Want alcohol (en benzo’s) = GABA-a-receptor-agonist -> verstoring v normale
slaaparchitectuur (verstoorde afwisseling tss REM en diepe slaap)
- Iedere nacht soort v mini-on rekking: vroeg wakker wn; is soort v orthosympa sche ac va e
met ↑HF, arousal, ↑RR, ↑ cor sol,…
-> al vroeg eerste glaasje drinken om de ontrekkingsversschijnselen te laten
verdwijnen
Psychiatrisch onderzoek
Bij het psychiatrisch onderzoek wordt een ma g verzorgde man gezien met een alcoholfoetor. Hij is
aanvankelijk afwerend in het contact en doet in het eerste gesprek vaag over zijn alcoholgebruik.
Het kost hem moeite om oogcontact te maken en hij lijkt zich te schamen voor zijn klachten en
alcoholgebruik. Zijn spraak is niet dysartrisch.
Het bewustzijn is helder en de oriënta e is intact. De aandacht is met moeite te trekken en te
behouden. Het geheugen voor de lange en korte termijn lijkt intact. De intelligen e wordt geschat als
gemiddeld. De waarneming is ongestoord. Het denken is traag, maar wel coherent. Er zijn geen
wanen. De stemming is wat mat, maar niet somber; het affect moduleert adequaat. Er zijn geen
suïcidegedachten of -plannen.
Vaak noteert psychiater “pt ziet er uit conform de kalenderlee ijd” -> bij pt ouder dan
kalenderlee ijd, denk aan chronisch alcoholgebruik!
Ongestoorde waarneming dwz pt is nt psycho sch, hee gn hallucina es / wanen
Afwerend zijn in contact, vaag zijn bvb “dokter, u drinkt toch ook graag? Af en toe een pintje!” =
typisch!! => Probeer te concre seren in anamnese :
- “over welke hoeveelheid v gebruik spreken we hier?” = erg concreet
- Indien pt nog steeds te vaag: “vertel eens over uw dag van gisteren, en zo nauwkeurig
mogelijk. Wnr was uw eerste alcoholische drank? Wnr uw tweede? Wat hee u gedronken
jdens het middageten? …”
- Tip: geef pt huisopdracht mee (afvinken)
Typische geheugenproblemen bij alcoholisten : stoornissen in KTG, meestal reversibel
- Ze zijn suf: ↓ aandachtsfc es, ↓ inpren ng,…
- MAAR bij organisch hersenlijden: syndroom v korsakov
o = irreversibele achteruitgang KTG + LTG
Aanvullend technisch onderzoek
Doe bloedname: MCV, g-GT, ALAT, ASAT = the bare minimum (maar vele artsen zullen breder kijken
bvb nierfc e, schildklierfc e,… maar meestal is dit ongestoord dus economisch minder te
Casus1 alcohol
Een 53-jarige man komt op vraag van zijn vrouw voor een gesprek bij de huisarts. Hij verzet zelf de
afspraak twee keer. Volgens zijn echtgenote is pa ënt de afgelopen jaren steeds meer gaan drinken.
Hij drinkt nu ongeveer twaalf glazen bier per dag. Sinds hij overma g drinkt, is pa ënt volgens zijn
echtgenote af en toe opvliegend, slaapt hij onrus g en meldt hij zich regelma g ziek op zijn werk.
Verder hee hij last van paniekaanvallen en vermijdt hij drukke ruimten zoals winkels, markten en
restaurants. = agorafobie
Pa ënt is bij het eerste gesprek nogal terughoudend over zijn klachten. Een tweede gesprek blijkt
nodig om zijn alcoholprobleem goed in kaart te brengen. Pa ënt blijkt al vanaf zijn 15e jaar alcohol te
drinken. De hoeveelheid is in de loop der jaren langzaamaan groter geworden. De laatste vijf jaar
drinkt hij twaalf tot vij ien glazen per dag. Hij drinkt iedere dag, want als hij een dag niet drinkt,
krijgt hij last van zweten, hoofdpijn, trillen, onrustgevoelens en soms een paniekaanval. Hij slaapt
goed in, maar wordt vroeg wakker. Ook hee hij de laatste jd last van pijnlijke benen.
Toen vij ien jaar geleden zijn kinderen werden geboren, hee pa ënt gedurende drie jaar helemaal
niets gedronken. Een jaar nadat hij gestopt was, kreeg hij onverwachts last van aanvallen van angst
en trillen, pijn op de borst en hartkloppingen. De huisarts hee deze aanvallen toen gediagnos ceerd
als paniekaanvallen. Hij moest zich ziek melden en ging steeds meer drukke ruimtes en ver van huis
gaan vermijden. Hij is weer begonnen met alcohol drinken omdat de paniekaanvallen steeds he iger
werden, hij zonder alcohol op geen boodschappen durfde te doen en niet meer met de bus durfde te
reizen. Zijn angstklachten zijn de laatste jd verergerd; hij gaat nauwelijks nog alleen van huis en
hee vaak paniekaanvallen.
Inleiding
Jaarprevalen e v stoornissen in alcoholgebruik in algemene, 18+ bevolking: 1-5%
volgens aanbevelingen: max 10 EH alcohol / week met best ook alcoholvrije dagen MAAR >10% van
popula e >10 EH / week hee geen stoornis)
Aandeel v pten die HA bezoeken die stoornis in alcoholgebruik hebben : 10%
Deze pt is eerder terughoudend omtrent de klachten -> meestal zo, owv taboe dat errond heerst!
=> Een goeie HA zou een 2e gesprek inplannen om het gebruik meer in kaart te brengen
On rekking/ontwenningsverschijnselen
- Zweten, onrustgevoelens, trillen, paniekaanval,… -> komen 6-10h na laatste glas
- Delirium tremens -> 48-72h na laatste gebruik
Diagnose
Bij deze pt, maar ook bij heel veel andere pten met deze problema ek: niet-geïsoleerd
alcoholprobleem (= alcoholprobleem dat op allerlei manieren verwikkeld is geraakt met andere
psychopathologieën bvb depressie, angststoornis, externaliserend gedrag,…)
Pt beschrij paniekaanvallen, vermijding v openbaar vervoer & winkels, moeite alleen v huis te gaan
=> hoogstwss zijn classifica es paniekstoornis en agorafobie
NIET angststoornis tgv middel, omdat hij al een jaar was gestopt met drinken toen hij paniekstoornis
, ontwikkelde. Ook NIET middelgebruik tgv angststoornis aangezien dit al een probleem was nog voor
de angststoornis
Het gaat dus om 2 aparte zaken die met elkaar zijn verstrengeld
Typisch slaappatroon bij alcoholisten: suf gevoel dus vlot inslapen maar gefragmenteerde, ondiepe
slaap met snurken owv spierverslapping + in midden van nacht/vroege ochtend terug wakker
- Want alcohol (en benzo’s) = GABA-a-receptor-agonist -> verstoring v normale
slaaparchitectuur (verstoorde afwisseling tss REM en diepe slaap)
- Iedere nacht soort v mini-on rekking: vroeg wakker wn; is soort v orthosympa sche ac va e
met ↑HF, arousal, ↑RR, ↑ cor sol,…
-> al vroeg eerste glaasje drinken om de ontrekkingsversschijnselen te laten
verdwijnen
Psychiatrisch onderzoek
Bij het psychiatrisch onderzoek wordt een ma g verzorgde man gezien met een alcoholfoetor. Hij is
aanvankelijk afwerend in het contact en doet in het eerste gesprek vaag over zijn alcoholgebruik.
Het kost hem moeite om oogcontact te maken en hij lijkt zich te schamen voor zijn klachten en
alcoholgebruik. Zijn spraak is niet dysartrisch.
Het bewustzijn is helder en de oriënta e is intact. De aandacht is met moeite te trekken en te
behouden. Het geheugen voor de lange en korte termijn lijkt intact. De intelligen e wordt geschat als
gemiddeld. De waarneming is ongestoord. Het denken is traag, maar wel coherent. Er zijn geen
wanen. De stemming is wat mat, maar niet somber; het affect moduleert adequaat. Er zijn geen
suïcidegedachten of -plannen.
Vaak noteert psychiater “pt ziet er uit conform de kalenderlee ijd” -> bij pt ouder dan
kalenderlee ijd, denk aan chronisch alcoholgebruik!
Ongestoorde waarneming dwz pt is nt psycho sch, hee gn hallucina es / wanen
Afwerend zijn in contact, vaag zijn bvb “dokter, u drinkt toch ook graag? Af en toe een pintje!” =
typisch!! => Probeer te concre seren in anamnese :
- “over welke hoeveelheid v gebruik spreken we hier?” = erg concreet
- Indien pt nog steeds te vaag: “vertel eens over uw dag van gisteren, en zo nauwkeurig
mogelijk. Wnr was uw eerste alcoholische drank? Wnr uw tweede? Wat hee u gedronken
jdens het middageten? …”
- Tip: geef pt huisopdracht mee (afvinken)
Typische geheugenproblemen bij alcoholisten : stoornissen in KTG, meestal reversibel
- Ze zijn suf: ↓ aandachtsfc es, ↓ inpren ng,…
- MAAR bij organisch hersenlijden: syndroom v korsakov
o = irreversibele achteruitgang KTG + LTG
Aanvullend technisch onderzoek
Doe bloedname: MCV, g-GT, ALAT, ASAT = the bare minimum (maar vele artsen zullen breder kijken
bvb nierfc e, schildklierfc e,… maar meestal is dit ongestoord dus economisch minder te