Overzicht ontdekkingen Sir Aurel Stein id oase Dunhuang:
In het jaar 1900 ontdekte een taoïstische monnik genaamd Wang Yuanlu in Dunhuang een Mogao
grot, namelijk grot nummer 17. Dit is een van de vele boeddhistische tempelgrotten die zijn
uitgegraven in de rotsen. De grot beschikte over vele wandschilderingen, 2000 Boeddhabeelden en
zeker 50 000 boekenrollen. Toen hij dit aangaf aan de autoriteiten, deden ze er niets aan. Daarom
besloot hij om zelf bewaker van de Mogao grot te worden.
Aurel Stein hoorde van dit gerucht en vertrok zeven jaar later op expeditie. De monnik wilde hem
eerst niets meegeven, maar toen Stein had uitgelegd dat hij de boekenrollen naar de “tempel der
geleerdheid” wilde meenemen in Groot-Brittannië, kreeg hij er 13 000 van mee. De boekenrollen
beschikten over een grote verscheidenheid aan teksten, zoals liefdesbrieven, soetra’s en gebeden.
Daarbij waren ze ook in verschillende talen beschikbaar, zoals het Sanskriet, Chinees en Tibetaans.
Het bijzondere aan de boekenrollen is dat ze getuigen over de culturele uitwisseling die de Zijderoute
teweeg had gebracht in de 4e-11e eeuw.
Nog twee belangrijke vondsten in de Mogao grot zijn ’s werelds oudste en complete sterrenatlas en
de boeddhistische Diamantsoetra. Die laatste is ’s werelds oudste, van jaarzegeling voorzien,
bedrukte boek. Het bevat Boeddha’s woorden over de “diamantklovende wijsheid” die alle
begoocheling stukslaat. De perkamentrol is vijf en een halve meter lang en bevat 6000 woorden.
In 1930 werd de grot volledig leeggehaald en verspreid over de hele wereld. Nu proberen ze de
collectie samen te brengen door het te digitaliseren.
, Samenvatting artikel “Handelsroutes, globalisering in de oudheid”:
In het jaar 97 verscheen de eerste boodschapper uit China in Rome. Zeventig jaar later zaten de
Romeinse gezanten in het Chinese hof. De Romeinen gaven pronkglazen, tapijten met gouddraad en
andere exquise stoffen in ruil voor zijde. Eerst vonden de Romeinen zijde decadent en onzedelijk,
maar het was een zeer gegeerd luxeproduct. Zo werden het Oosten en het Westen verbonden.
De tocht was gevaarlijk en duurde achttien maanden, daarom ontstond er een ingewikkeld
handelsnetwerk met kooplieden en tussenhandelaren om de tocht veiliger te maken. Chinese
handelaars verkochten hun zijde eerst aan kooplieden in Zuidwest-India. Daarna werd het verscheept
naar overslagplaatsen, waar het via andere schepen naar Romeinse havens aan de Westelijke kust
van de Rode Zee werd gebracht. Vanaf daar werd het per dromedaris naar de Nijl vervoerd, waar de
producten via schepen toekwamen in Alexandrië. Daarna verscheepten Romeinse handelaren het
naar Italië.
Een alternatieve route is de “middelste zijderoute”. Die liep van de Oost-Perzische hoogvlakte via de
Centraal-Aziatische Gobiwoestijn naar de West-Chinese provinciestad Dunhuang. Een zuidelijke
aftakking liep naar Kasjmir bij het Himalaya-gebergte.
De karavanen werden beschermd door bewapende escortes en een uitbreiding van de Chinese muur.
Na de val van het Romeinse Rijk in de 5 e eeuw werden de handelsroutes minder gebruikt. De
Arabieren maakten de doorgangslanden onveilig en daarbij wilden de Romeinen China’s
zijdemonopolie verbreken door hun eigen zijdehandel te starten in Constantinopel. Dit was mogelijk
door de gesmokkelde zijderupsen uit China.
Rond de 13e eeuw bliezen de Mongolen nieuw leven in de Zijderoute. Marcopolo maakte
reisaantekeningen van de handelsgewoontes en leerde zo verschillende kruiden kennen en biljetten
in de plaats van munten. Deze werden dan verhandeld naar het Westen.
In het jaar 1900 ontdekte een taoïstische monnik genaamd Wang Yuanlu in Dunhuang een Mogao
grot, namelijk grot nummer 17. Dit is een van de vele boeddhistische tempelgrotten die zijn
uitgegraven in de rotsen. De grot beschikte over vele wandschilderingen, 2000 Boeddhabeelden en
zeker 50 000 boekenrollen. Toen hij dit aangaf aan de autoriteiten, deden ze er niets aan. Daarom
besloot hij om zelf bewaker van de Mogao grot te worden.
Aurel Stein hoorde van dit gerucht en vertrok zeven jaar later op expeditie. De monnik wilde hem
eerst niets meegeven, maar toen Stein had uitgelegd dat hij de boekenrollen naar de “tempel der
geleerdheid” wilde meenemen in Groot-Brittannië, kreeg hij er 13 000 van mee. De boekenrollen
beschikten over een grote verscheidenheid aan teksten, zoals liefdesbrieven, soetra’s en gebeden.
Daarbij waren ze ook in verschillende talen beschikbaar, zoals het Sanskriet, Chinees en Tibetaans.
Het bijzondere aan de boekenrollen is dat ze getuigen over de culturele uitwisseling die de Zijderoute
teweeg had gebracht in de 4e-11e eeuw.
Nog twee belangrijke vondsten in de Mogao grot zijn ’s werelds oudste en complete sterrenatlas en
de boeddhistische Diamantsoetra. Die laatste is ’s werelds oudste, van jaarzegeling voorzien,
bedrukte boek. Het bevat Boeddha’s woorden over de “diamantklovende wijsheid” die alle
begoocheling stukslaat. De perkamentrol is vijf en een halve meter lang en bevat 6000 woorden.
In 1930 werd de grot volledig leeggehaald en verspreid over de hele wereld. Nu proberen ze de
collectie samen te brengen door het te digitaliseren.
, Samenvatting artikel “Handelsroutes, globalisering in de oudheid”:
In het jaar 97 verscheen de eerste boodschapper uit China in Rome. Zeventig jaar later zaten de
Romeinse gezanten in het Chinese hof. De Romeinen gaven pronkglazen, tapijten met gouddraad en
andere exquise stoffen in ruil voor zijde. Eerst vonden de Romeinen zijde decadent en onzedelijk,
maar het was een zeer gegeerd luxeproduct. Zo werden het Oosten en het Westen verbonden.
De tocht was gevaarlijk en duurde achttien maanden, daarom ontstond er een ingewikkeld
handelsnetwerk met kooplieden en tussenhandelaren om de tocht veiliger te maken. Chinese
handelaars verkochten hun zijde eerst aan kooplieden in Zuidwest-India. Daarna werd het verscheept
naar overslagplaatsen, waar het via andere schepen naar Romeinse havens aan de Westelijke kust
van de Rode Zee werd gebracht. Vanaf daar werd het per dromedaris naar de Nijl vervoerd, waar de
producten via schepen toekwamen in Alexandrië. Daarna verscheepten Romeinse handelaren het
naar Italië.
Een alternatieve route is de “middelste zijderoute”. Die liep van de Oost-Perzische hoogvlakte via de
Centraal-Aziatische Gobiwoestijn naar de West-Chinese provinciestad Dunhuang. Een zuidelijke
aftakking liep naar Kasjmir bij het Himalaya-gebergte.
De karavanen werden beschermd door bewapende escortes en een uitbreiding van de Chinese muur.
Na de val van het Romeinse Rijk in de 5 e eeuw werden de handelsroutes minder gebruikt. De
Arabieren maakten de doorgangslanden onveilig en daarbij wilden de Romeinen China’s
zijdemonopolie verbreken door hun eigen zijdehandel te starten in Constantinopel. Dit was mogelijk
door de gesmokkelde zijderupsen uit China.
Rond de 13e eeuw bliezen de Mongolen nieuw leven in de Zijderoute. Marcopolo maakte
reisaantekeningen van de handelsgewoontes en leerde zo verschillende kruiden kennen en biljetten
in de plaats van munten. Deze werden dan verhandeld naar het Westen.