Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Ontwikkelingspsychologie ZSO 19+23 (baby tot adolescentie) – Fundament 3 Samenvatting

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
35
Geüpload op
14-03-2026
Geschreven in
2025/2026

Deze samenvatting bundelt alle belangrijke ontwikkelingsfases van prenatale ontwikkeling tot adolescentie. In deze samenvatting vind je o.a.: • Prenatale ontwikkeling (germinale, embryonale en foetale fase) • Ontwikkeling van baby, peuter, kleuter, lagereschoolkind en adolescent op alle domeinen: lichamelijk, motorisch, cognitief, sociaal-emotioneel en taal • Hechtingstheorieën van Bowlby, Ainsworth en Lorenz • Seksuele ontwikkeling volgens Freud • Cognitieve ontwikkeling volgens Piaget • Persoonlijkheidsontwikkeling volgens Erikson • Spelontwikkeling, morele ontwikkeling en fantasiedenken • Overzicht van reflexen, mijlpalen en typische denkfouten • Heldere uitleg van begrippen zoals objectpermanentie, centratie, magisch denken, parallelspel, driftbuien en meer Perfect voor studenten verpleegkunde die snel inzicht willen krijgen in de volledige ontwikkeling van kinderen en jongeren. Ideaal voor examens en opdrachten.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

ZSO 19+23: ontwikkelingspsychologie: baby tot adolescent
Parenterale ontwikkelingsfase

Prenatale fase = periode waarin bevruchte eicel uitgroeit tot een volledige baby. → wordt
onderverdeeld in 3 specifieke perioden.

De lichamelijke ontwikkeling:

De germinale periode (3 – 4 weken): Na bevruchting gaat eicel (zygote) zich herhaaldelijk
delen en nestelt deze zich in baarmoeder. In deze fase worden de placenta, de navelstreng en
de vruchtzak gevormd.

De embryonale periode (5 – 10 weken): zygote wordt nu embryo genoemd en krijgt
menselijke vorm. Organen en lichaamsdelen ontwikkelen zich in vaste volgorde: eerst het
hoofd, dan ogen, romp, ledematen (armen en benen) en tot slot geslachtsdelen.

 Ongeboren kind is zeer vatbaar voor schadelijke invloeden van buitenaf (nurture).
Belangrijke risicofactoren zijn:
o Infecties bij de moeder: Zoals toxoplasmose (via rauw vlees of
kattenuitwerpselen), het cytomegalievirus (CMV), Rubella (Rode Hond) en
diabetes bij moeder, kunnen leiden tot hersenbeschadiging of blindheid.
o Levensstijl: Roken, alcohol en drugsgebruik kunnen leiden tot een lager
geboortegewicht.
o Stress: stresshormoon cortisol kan via de navelstreng de baby bereiken en de
groei beïnvloeden.
o Ongezonde voeding: wanneer mama tekort aan bepaalde vitamines heeft kan
ze niet voldoende doorgeven aan de ongeboren baby.
De foetale periode (11 – 40 weken): embryo wordt een foetus genoemd. Alle organen zijn
gevormd en hoeven enkel nog te groeien; ook ontstaan de eerste adem- en slikbewegingen.

Motorische ontwikkeling:

Hoewel bewegingen al in de embryonale fase beginnen, neemt de activiteit in de foetale
periode sterk toe. De ongeboren baby kan:

- Armen en benen buigen, handjes openen en sluiten, en zelfs duimzuigen.
- Rond de helft van de zwangerschap worden deze bewegingen voelbaar voor de moeder.
- Er ontwikkelen zich babyreflexen (zoals de zuig- en grijpreflex), maar dit is nog geen
doelbewust gedrag
.
Psychische ontwikkeling:

Er is geen sprake van bewust denken, maar wel van gewaarworden en reageren.

- Zintuigen: Vanaf zevende maand werken zintuigen even goed als bij een voldragen
baby.
- Licht en geluid: Foetus is gevoelig voor licht en reageert op externe geluiden. Ze
kunnen stemmen van ouders herkennen en laten dit merken door te bewegen.
- Kalmering: Muziek of stemmen die foetus in baarmoeder hoort, kunnen na geboorte
een kalmerend effect hebben.

,De baby (0-1,5jaar)

Lichamelijke ontwikkeling:

Asynchrone groei: In eerste halfjaar groeit baby explosief in gewicht en lengte, waarbij
verschillende lichaamsdelen in een verschillend tempo groeien.

- Tandjes: ze krijgen het in hun eerste levensjaar.
- Voeding: Tot 1 jaar is melk hoofdvoeding, tussen 4 en 6 maanden aangevuld met pap,
en vanaf 1 jaar eet de baby "mee aan tafel".
- Slaap: is basisbehoefte voor lichamelijke en cognitieve groei; baby's ontwikkelen
tussen 1 en 4 maanden een dag-nachtritme.
Motorische ontwikkeling:

Babyreflexen: Omdat de hersenen nog niet volgroeid zijn, reageert een baby met reflexen
zoals:

- Grijpreflex = Wanneer je je vinger in het handje van baby legt, zal hij deze krachtig
dichtknijpen. Gebalde vuistjes van baby zullen opengaan wanneer we over handrug
strijken.
- Zoekreflex = neiging om het hoofd te draaien in richting van de wang die aangeraakt
wordt.
- Zuigreflex = neiging om te zuigen aan dingen die de lippen raken.
- Babinski-reflex = tenen verspreiden zich als je de buitenkant van voeten aanraakt.
- Moro-reflex = bij plots steunverlies spreidt de baby de armen en brengt ze daarna
naar voren alsof hij zich wil vastklampen.
- Schrikreflex = bij plots geluid/beweging zal baby de armen en vingers spreiden en rug
overstrekken.
- Stapreflex = baby maakt stapbewegingen als je ze rechtop houdt en voeten de grond
raken.
→ verdwijnen na paar maanden of opgenomen in meer doelbewust gedrag.

De vijf motorische stadia:

1. Kijkstadium (0-3 maanden): De wereld verkennen door te kijken en te observeren.
2. Grijpstadium (3-6 maanden): Doelgericht grijpen; rond 1 jaar ontstaat de pincetgreep
(duim en vingers afzonderlijk gebruiken om voorwerpen vast te nemen).
3. Zitstadium (6-9 maanden): Zelfstandig leren zitten (buiklig, ruglig, kruiphouding).
4. Kruipstadium (9-12 maanden): Voortbewegen op handen en knieën. →
ontwikkelingsstappen zetten: leren hun hoofd en bovenlichaam te tillen, arm-, buik- en
rugspieren moeten voldoende stevig zijn en moeten hun evenwicht leren behouden.
5. Loopstadium (12-15 maanden): Eerste stapjes, meestal rond de eerste verjaardag.

Tekenontwikkeling: Rond 1 jaar begint het krabbelstadium; de baby tekent puur voor het
motorische plezier, zonder visueel doel.

- Belangrijk voor (latere) ontwikkeling van kinderen → leren lezen/schrijven, gevoelens
uiten,…
- Belang pincetgreep → potlood kunnen vasthouden.

Perceptuele ontwikkeling (Zintuigen):

Zien: Pasgeborenen zien wazig en enkel in zwart-wit; pas na 3 tot 4 maanden functioneert
het zicht (diepte, kleur, scherpte) zoals bij een volwassene.

, - Na een week kunnen ze objecten/personen zien op afstand van 25cm.
- Voorkeur voor bepaalde waarnemingen: menselijke gezichten (mama), bewegende
beelden, 3D-voorwerpen, voorwerpen met felle kleuren.
- Perceptuele constantie = baby’s kunnen wereld zien als gestructureerd en
samenhangend geheel en niet als één grote chaos van bewegende voorwerpen en
voorbijflitsende beelden.
- Visual Cliff: Dit experiment toont aan dat baby's die kunnen kruipen al
diepteperspectief hebben en weigeren over een 'visuele kloof' te gaan.

Horen: Baby's verkiezen vrouwenstemmen boven mannenstemmen en herkennen de stem
van hun moeder. Ruiken, proeven en voelen: Er is een sterke voorkeur voor zoete geuren
en vloeistoffen. Baby's zijn zeer gevoelig voor aanraking en ervaren pijn.

Seksuele ontwikkeling:

Is verschillend bij kinderen en volwassenen → pre genitaal niveau.

Belang huidcontact (aangeraakt worden) → aangenaam gevoel en manier van basisgevoel
van veiligheid.

Seksuele ontwikkeling volgens Freud: ‘kinderlijke seksualiteit’ = aantal fasen waarin
genot centraal staat en gericht op specifiek lichaamsdeel.

- De Orale Fase (0 – 1,5 jaar): Volgens Freud bevindt de baby zich in de orale fase,
waarbij de mond het voornaamste 'lustorgaan' is

Ontwikkelingsf Stadium/fase Centraal Kenmerken
ase/ lichaamsdeel
leeftijd
Baby Orale fase Mond Interesse in orale bevrediging d.m.v.
zuigen, eten, bijten, bewegen van de
lippen
Peuter Anale fase Anus Bevrediging door uitwerpselen op te
houden en los te laten (cfr.
Zindelijkheidstraining)
Kleuter Fallische fase Geslachtsdelen Interesse in de genitaliën, omgaan met
oedipus- of elektracomplex wat leidt tot
identificatie met ouder van hetzelfde
geslacht.
Lagereschoolkind Latentie fase Verstand Seksualiteit grotendeels (even) op de
achtergrond.
Adolescentie Genitale fase Geslachtscontact Opnieuw interesse in seksualiteit en
aangaan van volwassen seksuele
relaties.

Seksuele ontwikkeling van de baby:

- Vanaf 1j → auto-erotisch gedrag = stellen van bewust gedrag gericht op fijn gevoel
ervaren.
- Vanaf ongeveer 4 maanden ontdekken baby's hun eigen lichaam (vingers, tenen, soms
geslachtsdelen) per toeval en ervaren dit als plezierig, maar ze kunnen dit nog niet
bewust onthouden of herhalen

Sociaal-emotionele ontwikkeling:

Belang van contact met anderen om sociale en emotionele vaardigheden te leren.

Hechting = fundament van ontwikkeling:

, - Goede gehechtheid/band tussen ouders en kind is belangrijk
- Vormt basis voor gezonde emotionele, sociale, intellectuele, maar ook taal- en
motorische ontwikkeling
- Lang werd gedacht dat voeding cruciaal was in het vormen van moeder-kind relatie.
- Freud: hechting moeder-kind door bevrediging van orale behoefte (borstvoeding).
- Theorie gangbaar tot jaren 50, tot ontdekking dat niet voeding maar fysieke nabijheid
maakte dat hechting kon ontstaan én dat hechting noodzakelijk was voor overleving.
- Aapjes van Harlow → Link met reactie emotioneel verwaarloosde kinderen
- Anekdotes bij mensen → Onderzoek naar met welke taal kinderen geboren worden (13 e
eeuw)
 “Still face experiment”
 Gemene deler: hechting – fysieke nabijheid ontbrak
Hechtingsgedrag = aangeboren gedrag dat jong kind/dier stelt om nabijheid van volwassen
soortgenoot te verkrijgen/behouden → zorgt voor hechting.

- 5 soorten hechtingsgedrag: Huilen, Glimlachen, Zuigen, Volgen en Zich vastklampen.
Gehechtheidstheorie → John Bowlby:

- Hechting = biologisch gefundeerde nabijheidsbehoefte tussen moeder-kind. Deze
hechting staat in functie van overleven.
- Hechtingsgedrag komt vooral/sterker naar boven wanneer kinderen in “distress” zijn
(bv. bang, moe, ziek,…)
- “Distress” bv. angst > hechtingsgedrag > reductie van angst ALS er iemand komt
- “Distress” bv angst > hechtingsgedrag > er komt niemand > méér hechtingsgedrag >
… opgeven (zie still face experiment)

Bowlby’s basisidee (conclusie):

- Aangeboren aanleg tot hechting (instinctief)
- Via hechtingsgedrag richt kind zich tot verzorger/wie beschikbaar is.
- Nabijheid is belangrijk:
 Om zich veilig te voelen
 Bescherming & overleving
 Stressreductie
- Op die manier ervaart kind dat er iemand beschikbaar is en leert die terug te vallen op
volwassenen

Gehechtheidstheorie → Konrad Lorenz:

- Basis voor Bowlby’s werk.
- Bestudeerde gedrag van dieren.
- Zag hechting als evolutionair principe: overleving
- “Imprinting”
- Bv. Ganzen die uit het ei komen, zien het eerst bewegend voorwerp als hun
“mama”/zorgfiguur (→ Opnieuw: belang van nabijheid)

Manier waarop en kwaliteit van hechting tussen ouder-kind is afhankelijk van de
responsiviteit van de ouder/verzorger. (hoe ouders reageren op de behoefte van het kind)

- Sensitieve responsiviteit: reageren op noden v.h. kind (niét vanuit eigen behoefte)
Bv: Kind draait hoofd weg bij fles → ouder stopt.
- Emotionele betrokkenheid: betrokken willen en kunnen zijn.
Bv: Ouder troost verdrietig kind op ooghoogte.

Documentinformatie

Geüpload op
14 maart 2026
Aantal pagina's
35
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€9,86
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
minabogutekin

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
minabogutekin Katholieke Hogeschool Leuven
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
7 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
2
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen