1.1.Inleiding
-Bv: Mensen drinken koffie om later op de dag beter te presteren
o Over het algemeen vinden anderen dit geen probleem
- Bv: Mensen nemen medicatie om beter te presteren
o Mensen vinden dit wel een probleem.
Is het moreel in orde om technologie te gebruiken om je prestaties te
verbeteren? Maar is het verschil in de substantie in dit geval moreel
verschillende, beide neveneffecten zijn toch hetzelfde? Dus aanname:
Er is een duidelijk verschil tussen verbeteren en genezen
Bv: Een pil die het IQ van iemand kan verhogen
➔ Iemand die hiermee zijn laagbegaafdheid oplost, geneest zichzelf
➔ Iemand die hiermee zijn goed begaafdheid verhoogt, verbetert zichzelf
1.2.Opmerkingen om mee te beginnen
1.2.1. Historische achtergrond
Leibniz zei in 17de eeuw: we leven in de best mogelijke wereld van alle
werelden. Hiermee wordt bedoelt dat als je de samenlevingen van de
afgelopen duizenden jaren naast elkaar zet die van het moment de beste
is.
Tegenargument:
Maar in 1755 was er een aardbeving en een tsunami die Libanon
kapot maakte. Kan je de stelling van Leibniz dan nog al waar
beschouwen?
Voltaire zei in Candide: Ik bekritiseer Leibniz zijn niet-kritisch optimisme en
geloof in vooruitgang.
Argumenten voor Leibniz:
Veel van de problemen die er waren, zijn sinds dien verdwenen:
- slavernij, armoede, politieke stabiliteit, kinderarmoede,…
- Pijnstillers, levensverwachting hoger, ziektes voorkomen en genezen.
- Dit heeft allemaal veel te maken met technologie.
Doordat de zaken die hierboven staan vermeld kan er een duidelijk verband gevormd
worden tussen vooruitgangsoptimisme me techno-optimisten. Men zou kunnen stellen dat
deze elkaar versterken. Dit wilt niet zeggen dat technologie niet meer tot andere problemen
heeft gezorgd of zal zorgen!
Er is veel verbetering door technologie en we kunnen dit opsplitsen in 3 delen:
1. Genezen: De term genezen is een therapeutische term waarbij wordt verwezen naar de
behandeling die plaatsvindt om een bepaald individu waarvan zijn gezondheid afwijkt van de
standaard te corrigeren in de richting van die standaard/naar de standaard. bv MRI-scans om
tumoren te vinden en mensen met kanker te genezen
2. Voorkomen: Dit is net zoals genezen ene therapeutische term, waarbij er een vorm
van preventie wordt toegepast om de gezondheid te behouden. bv vaccins tegen
corona of andere ziektes zorgen ervoor dat de kans om erg ziek te worden
fel vermindert.
3. Enhancement: Mensen verbeteren die nu compleet gezond zijn. De fysieke en mentale
mogelijkheden van een mens verbeteren. Dit kan met medicijnen, AI, elektronica…
, Dit is niet medische en niet therapeutisch!
Enhancement = de gebruik van technologie met als doel het verbeteren van fysieke en cognitieve
prestaties, van een individu of een groep individuen, op een manier dat het verder gaat dan “de
normaal/het natuurlijke” , gebaseerd op (bio)technologie.
Hierbij moeten de termen “natuurlijk” en “normaal” ingevuld worden met gezond verstand.
Voorbeelden van fysieke verbeteringen: sneller lopen, steroïden, ..
Voorbeelden van cognitieve verbeteringen: geheugen, intelligentie, bètablokkers, ...
Enkele opmerkingen:
1. Het gaat over mensen, geen dieren
2. Het gaat niet over better houses, computers… Het gaat dus niet over wat voor een effect
heeft een smartphone.
3. Het gaat over (non-)natural improvement.
Niet natuurlijk: Het gaat niet over onderwijs enz., bij onderwijs is er wel spraken
van technologie. Onderwijs maakt gebruik van technologie maar is het niet.
Natuurlijke: Het is logische als je ouder wordt dat je sneller wordt tot een bepaalde
leeftijd.
4. Als norm nemen we de statistische norm . Wat kunnen de meeste mensen.
1.2.2. Ethische blik op de praktijk
Welk perspectief nemen we in binnen het vak in om over de technologie na te denken.
Vier mogelijke evaluatieve posities:
Technologie gebruiken om onszelf te verbeteren is:
1. Ontoelaatbaar: “technologie mag niet gebruikt worden”
Moreel fout en overtreed normen
Het is een optie
2. Toelaatbaar: “het is oké om technologie te gebruiken”
Moreel neutraal
Het is een optie
3. Niet verplicht (supererogatory): “het is goed om technologie te gebruiken, maar het is
niet
verplicht”
Het is moreel goed
Het is meer dan een optie, maar niet verplicht
Bv van supererogatory:
Een klasgenoot is ziek en vraagt nota’s
➔ als ik nota’s geef is dat goed
➔ als ik geen nota’s geef kan dit niet afgestraft worden
4. Verplicht: “men moet technologie gebruiken, het is verplicht”
Er is geen keuze
Het is verplicht
Soorten argumenten
Hierboven gaat het allemaal om stellingen, maar wat maakt dat deze stellingen gelden.
Hiervoor zijn argumenten nodig:
1. Deontologische argumenten (Plichtethiek): argument dat in alle gevallen geldig is
(Kant)
Een handeling moet in lijn zijn met een in zichzelf geldende regel (waarde, norm, wet,…)
➔ gevolgen doen er niet toe, een handeling is onjuist als deze niet aan de regel voldoet
Bv: deontologie
, Stelling: Folteren is onjuist en een moreel probleem
Deontologisch argument: Iemand pijn aandoen zonder een reden is
altijd onwenselijk Stelling: slavernij is onwenselijk
Deontologisch argument: Mensen gebruiken voor eigen doeleinden is fout
2. Consequentialistische argumenten: een argument wordt gesteld
o.b.v. de gevolgen/effecten van bepaalde handelingen
(Bentham)
OPMERKING: Een voorzien effect is niet per se een onbedoeld effect
Bv: voorzien vs. onbedoelde effecten
- Voorzien maar onbedoeld effect: Ik rijdt met de auto. Dit zorgt voor
uitlaatgassen. Ik wil geen uitlaatgassen uitstoten
- Voorzien maar bedoeld effect: Ik ga naar de sportschool en voel me goed.
3. Deugdethische argumenten: een argument wordt als goed omschreven op
basis van de morele deugd die het uitdrukt (Aristoteles)
- Bv. Iets is juist omdat het moedig is.
stellingaannames
Conservatief (Sandel):
- het is deantologisch ontoelaatbaar
- consequentialistisch ontoelaatbaar (omdat de gevolgen van sommige technologie zo
onwenselijk zijn)
Liberaal:
- het is toelaatbaar (Buchanan)
- het is toelaatbaar, ook al zijn er neveneffecten (Sparrow)
- het is verplicht (Savulescu)
Wat kan ene filosoof doen in dit debat? Een filosoof gaat de technologie niet sturen, maar
mee debatteren met wat gunstig en ongunstig is. Bv. wat is de lijn tussen genezen en
verbeteren?
1.3.Algemene aannames
Er zijn een aantal algemene aannames tegen cognitieve en fysieke enhancement.
1.3.1. Het intelligente design argument
CLAIM: enhancement door technologie zijn ontoelaatbaar
Hiermee wordt bedoelt dat als P1 &P2 correct is mag je mag concluderen dat verbetering
ontoelaatbaar is.
Premisse 1: De wereld is een hiërarchisch onderbouwd geheel
De wereld heeft een bepaalde structuur, hierin heeft alles zijn eigen plaats. Deze
plaatsen zijn duidelijk aangegeven o.b.v. posities. Enhancement zou deze
hiërarchie verstoren. Dit verwijst naar het essentialisme waarbij elke laag zijn
plaats heeft en zijn functie.
dit is een DESCRIPTIEVE claim
- Tegenargumenten tegen premisse 1:
Er is (waarschijnlijk) geen unieke en universele property
Niet alle verbetering zorgt direct voor revolutie. Bv. De verbeteringen van je
loopprestaties gaat niet zorgen voor de verandering van de hiërarchische structuur
Premisse 2: Deze hiërarchie doorbreken is moreel fout.
Deze premisse bestaat uit twee subpremisses namelijk:
- God heeft deze wereld en zijn structuur zo gemaakt
- Gods werk aantasten is onwenselijk en respectloos
Dit is een NORMATIEVE claim
- Tegenargumenten tegen premisse 2: