Mevr. Hooft
Deze samenvatting is gebaseerd op les- en
cursusmateriaal van Gert Hooft.
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1: Inleiding................................................................2
1. Wat is milieu?........................................................................2
2. Planetaire grenzen.................................................................3
2.1. Tijdlijn.............................................................................................3
2.2. Tipping points.................................................................................4
2.3. Planetaire grenzen..........................................................................5
Hoofdstuk 2: Lucht....................................................................7
1. Atmosfeer.............................................................................7
1.1. Algemeen........................................................................................7
1.2. Luchtbewegingen binnen de troposfeer.........................................7
2. Luchtverontreinigingen..........................................................8
2.1. Luchtverontreiniging en gezondheid..............................................9
2.2. Luchtverontreiniging en milieu.....................................................11
3. Luchtzuivering.....................................................................19
3.1. End-of-pipe technieken.................................................................20
Hoofdstuk 3: Water..................................................................30
1. Waterbronnen...................................................................... 30
1.1. Bruikbaar zoet water....................................................................30
1.2. Grondwater...................................................................................30
1.3. Oppervlaktewater.........................................................................32
1.4. Hemelwater..................................................................................33
2. Praktijkgids water van landbouw en visserij..........................34
2.1. Verbruik beperken........................................................................34
2.2. Duurzame bron.............................................................................35
2.3. Minder vervuiling..........................................................................39
3. Waterzuivering....................................................................40
3.1. Voorbehandeling...........................................................................41
3.2. Hoofdzuivering..............................................................................41
3.3. Nabezinking..................................................................................43
3.4. Overzicht......................................................................................44
3.5. Belangrijke parameters.................................................................44
3.6. Biorotor.........................................................................................45
, Hoofdstuk 1: Inleiding
1. Wat is milieu?
Milieu = fysieke, levende en niet-levende omgeving van de mens,
waarmee deze in wederkerige relatie staat.
Natuurlijke hulpbronnen = grondstoffen en energiebronnen afkomstig
v/d aarde.
- Hernieuwbare natuurlijke hulpbronnen: bronnen die in korte
perioden worden aangevuld. Bv. zonlicht, wind, golfenergie,…
o Hout en water kunnen wel opgeraken als ze sneller verbruikt
worden dan ze aangevuld kunnen worden.
- Niet-hernieuwbare natuurlijke hulpbronnen: eindige bronnen.
Bv. olie, mineralen,…
o Kernenergie: ontstaat uit uranium, deze is eindig.
o STEG (stoom- en gasturbine): aardgas verband in turbine,
daardoor draait een alternator. De warmte die vrijkomt wordt
gebruikt om water op te warmen door stoom waardoor er weer
energie ontstaat.
Ecosysteemdiensten = diensten geleverd door een goed functionerende
planeet.
- Klimaatregeling.
- Zuurstof produceren.
- Voorkomen van bodemerosie door vegetatie.
- Bestuiven van gewassen.
- Productie van actieve componenten voor geneesmiddelen.
- ….
- Ecosysteemdiensten worden aangetast wanneer we hulpbronnen
uitputten, habitats vernietigen of vervuiling veroorzaken.
Europees milieubeleid = voorzorgsbeginsel + “de vervuiler
betaalt”-principe.
Energie en brandstof:
- Azië: grotere bevolking, niet-
hernieuwbare E is goedkoper.
- Europa: Europese bedrijven
verplaatsen zich naar Azië.
, 2. Planetaire grenzen
2.1. Tijdlijn
Gemiddelde temperatuur op aarde over de afgelopen 540 miljoen
jaar:
- Schaal met andere eenheden.
- 0 = gemiddelde temperatuur.
- Om de 100.000 jaar ijstijd, baan rond de zon verandert.
Periode dat de mens bestaat:
- De laatste 11.000 jaar: hoge temperatuur die heel stabiel is =>
ideale omstandigheden voor de mens. Deze omstandigheden
moeten behouden worden, anders verdwijnen de mensen. (=
holoceen)
- Nu: abnormale stijging. (= antropoceen)
o Hockey-stick: concentraties CO2, methaan, distikstofoxide,…
stijgen te sterk.
o Er wordt veel CO2 opgenomen, maar deze wordt ook
opgenomen door oceanen, groene organismen. De rest zit in
de lucht.
,Water:
- Wordt warmer.
- Warm water zet uit en neemt minder
CO2 op.
2.2. Tipping points
Systemen met een enorme veerkracht kunnen wel wat aan.
2 stappen:
- 1: veerkracht gaat verloren.
o Zolang er veerkracht/weerbaarheid is.
o Biologische, fysische en chemische reacties zorgen voor
negatieve feedback loops (demping van effecten) en
zorgen terug voor stabiele toestand.
Dit is goed.
- 2: kantelpunt: geen veerkracht meer.
o Positieve feedback loop: versterkend effect.
o Steeds kouder of warmer…
o Niet tegen te houden.
Voorbeeld kantelpunt: coral bleaching:
- Symbiose algen en koralen, deze kan verdwijnen door warm water .
- 1998: witte koralen, geen symbioses, maar grote veerkracht dus
herstel.
- 2016: 50% irreversibel verloren.
Belangrijke kantelpunten:
- Afsmelten ijs => positieve
feedback loops.
o IJs zorgt voor
terugkaatsing van zonlicht,
het wordt warmer.
, - Permafrost met zeer veel gassen beginnen te ontdooien =>
versterking broeikaslaag => warmer.
- Amazonewoud verdroogt => geen opname CO2 => warmer.
- Warmwaterstromen: bepalen het klimaat.
2.3. Planetaire grenzen
9 grenzen (2015-2022):
1) Verlies van biodiversiteit en
ecosystemen.
2) Klimaatverandering.
3) Verzuring van oceanen.
4) Verandering in landgebruik.
5) Niet-duurzaam
zoetwatergebruik.
6) Verstoring biogeochemische
cycli.
7) Wijziging van atmosferische
aerosolen.
8) Vervuiling door nieuwe
chemische stoffen.
9) Afbraak van ozon in
stratosfeer
Klimaatsverandering: = verandering v/h gemiddelde weerstoestand
over een lange periode (=klimaat).
Verzuring v/d oceanen:
- = meer CO2 in lucht, dus meer oplossen in water. Dit reageert en er
ontstaat koolzuur. Dit is niet stabiel en splits op in waterstofionen en
bicarbonaat.
- Waterstofionen zorgen voor verzuring. Dit is niet goed voor de
organismen.
- Bicarbonaat reageert opnieuw met water tot stabiele toestand.
MAAR deze zijn nodig om calciumcarbonaat te vormen. Dit wordt
gebruikt om schelpen te maken.
Verandering in landgebruik:
- = omzetting van vegetatietypes zoals bos, moeras, graslanden,…
naar landbouw, industrie, infrastuctuur.