Religie
1 Les 1: wetenschap, leefwereld en zingeving
0. Praktisch wat moet je kennen voor het examen
Alles wat in de lessen gezegd wordt.
Opnames + extra teksten op Toledo: die teksten moet je grondig lezen (niet woordelijk vanbuiten, maar wel
inhoud/stelling kunnen uitleggen en koppelen aan de les).
Voorbeeld dat hij geeft: tekst van Richard Dawkins → “Welke stelling verdedigt hij, en hoe kan je die vanuit de
cursus bekritiseren?”
Hoe ziet de evaluatie eruit?
Totaal /20:
18/20 = schriftelijk examen januari:
o 6 meerkeuzevragen met giscorrectie (fout = straf: bij 4 opties is dat typisch -1/3).
o 3 open vragen (elk ± 1 pagina), 4 punten per vraag → vooral verbanden leggen tussen lessen.
2/20 = deelname aan RZL-module
o “Alles of niets”: 2/2 als je alle deadlines haalt, anders 0/2.
1. Inhoud les
De les focust op:
1. Leefwereld – wetenschap – redelijkheid
2. Drie menselijke interesses: cognitief, manipulatief, zingevend
3. Conclusie (later in de slides)
2. Het filmpje met “Louise”: metafoor voor wetenschap
Hij toont een filmpje (met zoom):
van Louise in het gras → uitzoomen naar universum → inzoomen tot elementaire deeltjes → terug naar Louise.
De boodschap:
o Wetenschap kan ons laten zien: Louise is een minuscuul “stofje” in een immens universum, opgebouwd
uit deeltjes.
o Maar zodra we terug “inzoomen” in het dagelijks leven, zien we niet “een klonter materie”, we zien Louise
als persoon.
Dat illustreert een kernidee: wetenschap verandert je blik tijdelijk, maar je keert daarna terug naar de gewone wereld
waarin dingen persoonlijk en betekenisvol zijn.
3. Husserl en de “leefwereld”
WIE IS H USSERL ?
Edmund Husserl (1859–1938): Duits filosoof van Joodse origine.
Zijn archief dreigde vernietigd te worden onder nazi’s → werd naar Leuven gesmokkeld en zijn archief ligt aan het
Hoger Instituut voor Wijsbegeerte, waar het nog wordt bestudeerd. (Context waarom Leuven belangrijk is.)
WAT IS DE LEEFWERELD VOLGENS H?
De leefwereld = de wereld zoals wij die normaal ervaren:
Intersubjectief: we delen de wereld met anderen (stoelen, aula, “iemand geeft les”, enz.).
Persoonlijk: dingen verwijzen naar een persoonlijke aanwezigheid.
Betekenisvol: en die dingen “dragen betekenis”.
o Computer is niet “zomaar een object” maar een betekenisvol ding (les voorbereiden, mailen…).
o Sterrenhemel is niet eerst een object, maar iets dat verwondering oproept.
o Zelfs de alma heeft betekenis (positief/negatief).
Kort: de leefwereld is “zwanger van betekenis”, een wereld die vol betekenis zit.
4. Wat doet wetenschap met die leefwereld?
Wetenschap vertrekt van leefwereld…
Alle wetenschappen starten vanuit iets betekenisvol in de leefwereld:
geneeskunde: kwetsbaar lichaam
astronomie: sterrenhemel
biologie: levende wezens
, psychologie: mentaal leven
sociologie: sociaal leven
Maar maakt er abstractie van (objectivering), er afstandelijk naar kijken
Wetenschap:
zet de persoonlijke betekenis tussen haakjes
creëert afstand (subject ↔ object)
zoekt onpersoonlijke wetten
Objectivering = iets benaderen als object (niet als betekenisvol/persoonlijk).
Voorbeeld: anatomie en het lijk
Waarom is anatomie pas echt succesvol geworden?
Toen men durfde een lijk open te snijden (Vesalius).
o Normaal is een dood lichaam zwaar betekenisvol (respect, aanwezigheid van de persoon, ritueel).
o Wetenschap schort die persoonlijke betrokkenheid tijdelijk op, om te onderzoeken.
Maar: zodra je terug in het gewone leven bent en stopt met wetenschapper zijn, mag je niet blijven kijken met die
“onthechte” blik. Een lijk van je buurman open snijden “omdat je het kan” is gruwelijk en strafbaar.
→ wetenschap is dus een tijdelijke opschorting van de normale leefwereldhouding.
5. De grote vraag: hoe ver mag wetenschap de leefwereld binnendringen?
Het kernprobleem:
Is het wenselijk dat de leefwereld steeds “wetenschappelijker” wordt?
Moeten wetenschappelijke inzichten onze omgang met mensen bepalen?
Of is de leefwereld autonoom?
o Heeft de leefwereld haar eigen regels en is het niet volledig ondergeschikt aan de wetenschap?
o Als de leefwereld niet autonoom zou zijn
Dan is wat wetenschappelijk rationeel is automatisch ook menselijk juist
Wetenschap zou bepalen hoe we vrienden kiezen, hoe we liefhebben, hoe we respect
tonen etc.
Dating-app voorbeeld
Datingapps:
maken van jou een profiel = een set eigenschappen
matchen via algoritme → objectivering in de leefwereld
Maar wanneer je echt afspreekt, beslis je niet “wetenschappelijk”:
je gebruikt je intuïtie (“er was een klik”)
→ wat wetenschappelijk gezien een belachelijke uitspraak is
DUS: leefwereld werkt anders dan wetenschap.
Stel je zou dat niet doen dan:
Vriendschap via Excel (creepy voorbeeld)
Wetenschappelijk gezien “efficiënt”:
persoonlijkheidstesten uitdelen
data in Excel
algoritme kiest 5 potentiële vrienden
Maar leefwereldlijk is dat onredelijk/creepy, het is niet gepast in de leefwereld.
6. Redelijkheid vs rationaliteit
Hier maakt hij een belangrijk onderscheid:
Rationaliteit: wat wetenschappelijk/technisch logisch en efficiënt is.
Redelijkheid: wat “past” in menselijke omgang, in de leefwereld.
Dus:
iets kan rationeel zijn maar onredelijk: vrienden zoeken via exceltesten
iets kan redelijk zijn maar irrationeel (bv. intuïtie kan misleiden, je kan je zo gruwelijk vergissen )
, Er is dus een soort spanning tussen wat wetenschap ons te bieden heeft, de rationaliteit, en wat wij in onze
leefwereld als goed, wenselijk en redelijk zien.
7. De drie interesses van de mens (Burms & De Dijn)
=Drie manieren waarop we betrokken zijn op de werkelijkheid:
1) COGNITIEVE INTERESSE ( KENNEN/ WETEN)
Verlangen naar informatie/kennis.
Wetenschap is de meest efficiënte systematische manier om die te bevredigen.
2) MANIPULATIEVE INTERESSE (GRIP/ CONTROLE )
Verlangen naar controle over de werkelijkheid (behoeftes bevredigen).
Voorbeeld: honger → eten; landbouw; jagen; naar de alma gaan.
Ook: notities willen → je vraagt die aan iemand.
3) ZINGEVENDE INTERESSE ( BETEKENIS /ZIN )
Verlangen naar een zinvol leven te leiden.
Niet “meer weten” of “meer controleren”, maar: betekenis ervaren, erkenning, waardering, “wat maakt het de
moeite?”.
Maar wat is die zingevende interesse dan?
Pauzepraat als voorbeeld:
Op het eerste gezicht lijkt praten vaak cognitief (“info uitwisselen”).
Of manipulatief (“ik wil iets van jou: notities”).
Maar er zit vaak iets diepers onder:
we praten ook omdat het “fijn” is
omdat het raar zou zijn om zwijgend naast elkaar te zitten
omdat praten een vorm is van erkenning geven: “ik zie jou, jij telt mee”
→ dat is zingevend.
Buurman-voorbeeld: Zingevend en cognitief: praten over het weer
“Het is mooi weer / morgen slechter”
We denken dat we praten om informatie uit te wisselen: het COGNITIEVE. Maar inhoudelijk is het vaak nutteloze
info (internet weet het beter).
Toch doen we het, omdat het sociaal betekenis geeft:
o je erkent elkaar als buren
o niet praten voelt “grof” en zinloos
→ opnieuw: schijnbaar cognitief, maar fundamenteel zingevend.
8. Cognitieve kennis vs zingevende relaties
Een relatievoorbeeld:
In een exclusieve relatie is “bedriegt mijn partner mij?” = belangrijke zingevende informatie.
Maar: wat is de “meest efficiënte manier” om dat te weten? Tracking, spionage, etc.
→ Maar zelfs als kennis belangrijk is, is het nog niet gezegd dat een puur wetenschappelijke/rationele aanpak
“past” binnen de leefwereld (redelijkheid).
In zingevende relaties (liefde, vriendschap) worden zulke methodes:
o ervaren als wantrouwen
o ervaren als onredelijk
1 Les 1: wetenschap, leefwereld en zingeving
0. Praktisch wat moet je kennen voor het examen
Alles wat in de lessen gezegd wordt.
Opnames + extra teksten op Toledo: die teksten moet je grondig lezen (niet woordelijk vanbuiten, maar wel
inhoud/stelling kunnen uitleggen en koppelen aan de les).
Voorbeeld dat hij geeft: tekst van Richard Dawkins → “Welke stelling verdedigt hij, en hoe kan je die vanuit de
cursus bekritiseren?”
Hoe ziet de evaluatie eruit?
Totaal /20:
18/20 = schriftelijk examen januari:
o 6 meerkeuzevragen met giscorrectie (fout = straf: bij 4 opties is dat typisch -1/3).
o 3 open vragen (elk ± 1 pagina), 4 punten per vraag → vooral verbanden leggen tussen lessen.
2/20 = deelname aan RZL-module
o “Alles of niets”: 2/2 als je alle deadlines haalt, anders 0/2.
1. Inhoud les
De les focust op:
1. Leefwereld – wetenschap – redelijkheid
2. Drie menselijke interesses: cognitief, manipulatief, zingevend
3. Conclusie (later in de slides)
2. Het filmpje met “Louise”: metafoor voor wetenschap
Hij toont een filmpje (met zoom):
van Louise in het gras → uitzoomen naar universum → inzoomen tot elementaire deeltjes → terug naar Louise.
De boodschap:
o Wetenschap kan ons laten zien: Louise is een minuscuul “stofje” in een immens universum, opgebouwd
uit deeltjes.
o Maar zodra we terug “inzoomen” in het dagelijks leven, zien we niet “een klonter materie”, we zien Louise
als persoon.
Dat illustreert een kernidee: wetenschap verandert je blik tijdelijk, maar je keert daarna terug naar de gewone wereld
waarin dingen persoonlijk en betekenisvol zijn.
3. Husserl en de “leefwereld”
WIE IS H USSERL ?
Edmund Husserl (1859–1938): Duits filosoof van Joodse origine.
Zijn archief dreigde vernietigd te worden onder nazi’s → werd naar Leuven gesmokkeld en zijn archief ligt aan het
Hoger Instituut voor Wijsbegeerte, waar het nog wordt bestudeerd. (Context waarom Leuven belangrijk is.)
WAT IS DE LEEFWERELD VOLGENS H?
De leefwereld = de wereld zoals wij die normaal ervaren:
Intersubjectief: we delen de wereld met anderen (stoelen, aula, “iemand geeft les”, enz.).
Persoonlijk: dingen verwijzen naar een persoonlijke aanwezigheid.
Betekenisvol: en die dingen “dragen betekenis”.
o Computer is niet “zomaar een object” maar een betekenisvol ding (les voorbereiden, mailen…).
o Sterrenhemel is niet eerst een object, maar iets dat verwondering oproept.
o Zelfs de alma heeft betekenis (positief/negatief).
Kort: de leefwereld is “zwanger van betekenis”, een wereld die vol betekenis zit.
4. Wat doet wetenschap met die leefwereld?
Wetenschap vertrekt van leefwereld…
Alle wetenschappen starten vanuit iets betekenisvol in de leefwereld:
geneeskunde: kwetsbaar lichaam
astronomie: sterrenhemel
biologie: levende wezens
, psychologie: mentaal leven
sociologie: sociaal leven
Maar maakt er abstractie van (objectivering), er afstandelijk naar kijken
Wetenschap:
zet de persoonlijke betekenis tussen haakjes
creëert afstand (subject ↔ object)
zoekt onpersoonlijke wetten
Objectivering = iets benaderen als object (niet als betekenisvol/persoonlijk).
Voorbeeld: anatomie en het lijk
Waarom is anatomie pas echt succesvol geworden?
Toen men durfde een lijk open te snijden (Vesalius).
o Normaal is een dood lichaam zwaar betekenisvol (respect, aanwezigheid van de persoon, ritueel).
o Wetenschap schort die persoonlijke betrokkenheid tijdelijk op, om te onderzoeken.
Maar: zodra je terug in het gewone leven bent en stopt met wetenschapper zijn, mag je niet blijven kijken met die
“onthechte” blik. Een lijk van je buurman open snijden “omdat je het kan” is gruwelijk en strafbaar.
→ wetenschap is dus een tijdelijke opschorting van de normale leefwereldhouding.
5. De grote vraag: hoe ver mag wetenschap de leefwereld binnendringen?
Het kernprobleem:
Is het wenselijk dat de leefwereld steeds “wetenschappelijker” wordt?
Moeten wetenschappelijke inzichten onze omgang met mensen bepalen?
Of is de leefwereld autonoom?
o Heeft de leefwereld haar eigen regels en is het niet volledig ondergeschikt aan de wetenschap?
o Als de leefwereld niet autonoom zou zijn
Dan is wat wetenschappelijk rationeel is automatisch ook menselijk juist
Wetenschap zou bepalen hoe we vrienden kiezen, hoe we liefhebben, hoe we respect
tonen etc.
Dating-app voorbeeld
Datingapps:
maken van jou een profiel = een set eigenschappen
matchen via algoritme → objectivering in de leefwereld
Maar wanneer je echt afspreekt, beslis je niet “wetenschappelijk”:
je gebruikt je intuïtie (“er was een klik”)
→ wat wetenschappelijk gezien een belachelijke uitspraak is
DUS: leefwereld werkt anders dan wetenschap.
Stel je zou dat niet doen dan:
Vriendschap via Excel (creepy voorbeeld)
Wetenschappelijk gezien “efficiënt”:
persoonlijkheidstesten uitdelen
data in Excel
algoritme kiest 5 potentiële vrienden
Maar leefwereldlijk is dat onredelijk/creepy, het is niet gepast in de leefwereld.
6. Redelijkheid vs rationaliteit
Hier maakt hij een belangrijk onderscheid:
Rationaliteit: wat wetenschappelijk/technisch logisch en efficiënt is.
Redelijkheid: wat “past” in menselijke omgang, in de leefwereld.
Dus:
iets kan rationeel zijn maar onredelijk: vrienden zoeken via exceltesten
iets kan redelijk zijn maar irrationeel (bv. intuïtie kan misleiden, je kan je zo gruwelijk vergissen )
, Er is dus een soort spanning tussen wat wetenschap ons te bieden heeft, de rationaliteit, en wat wij in onze
leefwereld als goed, wenselijk en redelijk zien.
7. De drie interesses van de mens (Burms & De Dijn)
=Drie manieren waarop we betrokken zijn op de werkelijkheid:
1) COGNITIEVE INTERESSE ( KENNEN/ WETEN)
Verlangen naar informatie/kennis.
Wetenschap is de meest efficiënte systematische manier om die te bevredigen.
2) MANIPULATIEVE INTERESSE (GRIP/ CONTROLE )
Verlangen naar controle over de werkelijkheid (behoeftes bevredigen).
Voorbeeld: honger → eten; landbouw; jagen; naar de alma gaan.
Ook: notities willen → je vraagt die aan iemand.
3) ZINGEVENDE INTERESSE ( BETEKENIS /ZIN )
Verlangen naar een zinvol leven te leiden.
Niet “meer weten” of “meer controleren”, maar: betekenis ervaren, erkenning, waardering, “wat maakt het de
moeite?”.
Maar wat is die zingevende interesse dan?
Pauzepraat als voorbeeld:
Op het eerste gezicht lijkt praten vaak cognitief (“info uitwisselen”).
Of manipulatief (“ik wil iets van jou: notities”).
Maar er zit vaak iets diepers onder:
we praten ook omdat het “fijn” is
omdat het raar zou zijn om zwijgend naast elkaar te zitten
omdat praten een vorm is van erkenning geven: “ik zie jou, jij telt mee”
→ dat is zingevend.
Buurman-voorbeeld: Zingevend en cognitief: praten over het weer
“Het is mooi weer / morgen slechter”
We denken dat we praten om informatie uit te wisselen: het COGNITIEVE. Maar inhoudelijk is het vaak nutteloze
info (internet weet het beter).
Toch doen we het, omdat het sociaal betekenis geeft:
o je erkent elkaar als buren
o niet praten voelt “grof” en zinloos
→ opnieuw: schijnbaar cognitief, maar fundamenteel zingevend.
8. Cognitieve kennis vs zingevende relaties
Een relatievoorbeeld:
In een exclusieve relatie is “bedriegt mijn partner mij?” = belangrijke zingevende informatie.
Maar: wat is de “meest efficiënte manier” om dat te weten? Tracking, spionage, etc.
→ Maar zelfs als kennis belangrijk is, is het nog niet gezegd dat een puur wetenschappelijke/rationele aanpak
“past” binnen de leefwereld (redelijkheid).
In zingevende relaties (liefde, vriendschap) worden zulke methodes:
o ervaren als wantrouwen
o ervaren als onredelijk