INLEIDING TOT DE
WIJSBEGEERTE
Anouk Delaere
KULeuven
,Inhoud
Onzekerheid koesteren........................................................................................... 1
1. Wat is filosofie?.................................................................................................. 2
2. René Descartes.................................................................................................. 8
3. Zijn wij ons brein?............................................................................................. 17
4. Kunnen dieren denken?.................................................................................... 33
5. Friedrich Nietzsche........................................................................................... 42
6. Wat moeten we doen?...................................................................................... 54
7. Mogen we onszelf verbeteren?.........................................................................63
8. Charles Darwin................................................................................................. 73
9. Wat is de oorsprong van ons denken?..............................................................81
10. Ludwig Wittgenstein....................................................................................... 91
11. Wat is een psychische ziekte?........................................................................97
ONZEKERHEID KOESTEREN
Exacte wetenschap streven naar kennis die volledig / afgerond is
onmogelijk, maar we denken voortdurend dat we die bereikt hebben
1
,Filosofie onzekerheid aanvaarden en verdragen & ook om ze op te zoeken
Russel (1872°) contrasteert theologie, filosofie en echte wetenschap
Louis C.K. (1967°) vergelijking van filosofen met kinderen:
“waaromvraag”
1. WAT IS FILOSOFIE?
“filosofie als een stelsel van vele wegen die van nergens naar niets leiden”
Bezighouden met onmogelijke vragen
Op 2 manieren bekijken:
+ Verzameling kenmerken die uniek zijn voor filosofie (gelijkenissen)
- Manier waarop filosofie verschil van andere domeinen (verschillen)
Niet makkelijk: dubbele doelstelling
o Kennis maken met filosofie (oppervlakkig)
o Fundamentele: manier van denken is de rode draad van het boek
anti-essentialisme
Essentialisme = overtuiging dat bepaalde fenomenen bepaalde eigenschappen
delen, “in een bepaalde verzameling toe behoren” heel zwart-wit manier van
denken (vb. bij chemie: stoffen met atoomnummer 79 zijn goud en omgekeerd)
Filosofie is een heterogeen fenomeen (vb. er is niet zoiets als de essentie
van een ziekte)
DRIE KENMERKEN: ATTITUDE, METHODOLOGIE, DOMEIN
Er zijn vele definities van ‘filosofie’, die veel van elkaar verschillen
Etymologie: liefde voor wijsheid / verlangen om te weten
Aristoteles: alle mensen verlangen van nature naar wijsheid wat is
wijsheid?
Attitude = kritisch denken
Vb. Descartes: “Hebben wij een lichaam?” kan dus heel ver gaan, twijfelen aan
de vanzelfsprekende realiteit
Zintuigen spelen een belangrijke rol in het verwerven van kennis zintuigen
kunnen ons soms ook bedreigen (visuele illusies) is onze kennis dan ook
onbetrouwbaar?
Kritiek opent de mogelijkheid dat dingen anders zouden (of hadden)
kunnen zijn
2
, MAAR: geen unieke eigenschap aan de filosofie, heel wat hedendaagse
wetenschappers en filosofen hebben gemeenschappelijke attitudes kritisch en
ruimdenkend
Methodologie = gebruikt filosofie zijn eigen methoden?
1. Intuïtie
= spontane, naïeve overtuiging (nog niet grondig nagedacht over een
bepaald fenomeen) MAAR: sommige overtuigingen zijn geen intuïties
= mentale toestanden, waarbij een bepaalde propositie of bewering waar
lijkt te zijn, bewering doet zich voor als de waarheid
= gezond verstand
= a-priori-intuïtie = intuïtie waar geen ervaringen of observaties aan
voorafgaan (heldere en welonderscheiden ideeën ideeën die niemand
zou durven betwijfelen)
Intuïties zijn erg variabel tussen groepen, tussen personen, maar ook binnen
dezelfde persoon van tijdstip tot tijdstip / context tot context
Intuïtie is geen uniek filosofische methode
2. Conceptuele analyse
Analyse = proces waarbij een complex geheel uiteenvalt in eenvoudigere delen
die concepten (die we in dagelijks leven ook gebruiken) worden door filosofen
en psychologen benoemd als volkspsychologie
Veel van die concepten zijn rijk aan inhoud en meerzinnigheid moeilijk
dus om ze in een enkele definitie te vatten
DOEL = om die concepten in een enkele definitie te vatten, poging om voldoende
en noodzakelijke voorwaarde te bepalen
Intuïtie en conceptuele analyse gaan vaak hand in hand, conceptuele analyse
kan gebeuren mbv hun intuïties over het concept
Conceptconstructie = als een concept niet langer voldoet aan eisen van de
gebruikers, kunnen ze overwegen om het te wijzigen
MAAR: wordt niet enkel gebruikt door filosofen, dus niet uniek aan filosofie
3
WIJSBEGEERTE
Anouk Delaere
KULeuven
,Inhoud
Onzekerheid koesteren........................................................................................... 1
1. Wat is filosofie?.................................................................................................. 2
2. René Descartes.................................................................................................. 8
3. Zijn wij ons brein?............................................................................................. 17
4. Kunnen dieren denken?.................................................................................... 33
5. Friedrich Nietzsche........................................................................................... 42
6. Wat moeten we doen?...................................................................................... 54
7. Mogen we onszelf verbeteren?.........................................................................63
8. Charles Darwin................................................................................................. 73
9. Wat is de oorsprong van ons denken?..............................................................81
10. Ludwig Wittgenstein....................................................................................... 91
11. Wat is een psychische ziekte?........................................................................97
ONZEKERHEID KOESTEREN
Exacte wetenschap streven naar kennis die volledig / afgerond is
onmogelijk, maar we denken voortdurend dat we die bereikt hebben
1
,Filosofie onzekerheid aanvaarden en verdragen & ook om ze op te zoeken
Russel (1872°) contrasteert theologie, filosofie en echte wetenschap
Louis C.K. (1967°) vergelijking van filosofen met kinderen:
“waaromvraag”
1. WAT IS FILOSOFIE?
“filosofie als een stelsel van vele wegen die van nergens naar niets leiden”
Bezighouden met onmogelijke vragen
Op 2 manieren bekijken:
+ Verzameling kenmerken die uniek zijn voor filosofie (gelijkenissen)
- Manier waarop filosofie verschil van andere domeinen (verschillen)
Niet makkelijk: dubbele doelstelling
o Kennis maken met filosofie (oppervlakkig)
o Fundamentele: manier van denken is de rode draad van het boek
anti-essentialisme
Essentialisme = overtuiging dat bepaalde fenomenen bepaalde eigenschappen
delen, “in een bepaalde verzameling toe behoren” heel zwart-wit manier van
denken (vb. bij chemie: stoffen met atoomnummer 79 zijn goud en omgekeerd)
Filosofie is een heterogeen fenomeen (vb. er is niet zoiets als de essentie
van een ziekte)
DRIE KENMERKEN: ATTITUDE, METHODOLOGIE, DOMEIN
Er zijn vele definities van ‘filosofie’, die veel van elkaar verschillen
Etymologie: liefde voor wijsheid / verlangen om te weten
Aristoteles: alle mensen verlangen van nature naar wijsheid wat is
wijsheid?
Attitude = kritisch denken
Vb. Descartes: “Hebben wij een lichaam?” kan dus heel ver gaan, twijfelen aan
de vanzelfsprekende realiteit
Zintuigen spelen een belangrijke rol in het verwerven van kennis zintuigen
kunnen ons soms ook bedreigen (visuele illusies) is onze kennis dan ook
onbetrouwbaar?
Kritiek opent de mogelijkheid dat dingen anders zouden (of hadden)
kunnen zijn
2
, MAAR: geen unieke eigenschap aan de filosofie, heel wat hedendaagse
wetenschappers en filosofen hebben gemeenschappelijke attitudes kritisch en
ruimdenkend
Methodologie = gebruikt filosofie zijn eigen methoden?
1. Intuïtie
= spontane, naïeve overtuiging (nog niet grondig nagedacht over een
bepaald fenomeen) MAAR: sommige overtuigingen zijn geen intuïties
= mentale toestanden, waarbij een bepaalde propositie of bewering waar
lijkt te zijn, bewering doet zich voor als de waarheid
= gezond verstand
= a-priori-intuïtie = intuïtie waar geen ervaringen of observaties aan
voorafgaan (heldere en welonderscheiden ideeën ideeën die niemand
zou durven betwijfelen)
Intuïties zijn erg variabel tussen groepen, tussen personen, maar ook binnen
dezelfde persoon van tijdstip tot tijdstip / context tot context
Intuïtie is geen uniek filosofische methode
2. Conceptuele analyse
Analyse = proces waarbij een complex geheel uiteenvalt in eenvoudigere delen
die concepten (die we in dagelijks leven ook gebruiken) worden door filosofen
en psychologen benoemd als volkspsychologie
Veel van die concepten zijn rijk aan inhoud en meerzinnigheid moeilijk
dus om ze in een enkele definitie te vatten
DOEL = om die concepten in een enkele definitie te vatten, poging om voldoende
en noodzakelijke voorwaarde te bepalen
Intuïtie en conceptuele analyse gaan vaak hand in hand, conceptuele analyse
kan gebeuren mbv hun intuïties over het concept
Conceptconstructie = als een concept niet langer voldoet aan eisen van de
gebruikers, kunnen ze overwegen om het te wijzigen
MAAR: wordt niet enkel gebruikt door filosofen, dus niet uniek aan filosofie
3