Partim)Bind & steunweefsels: Kraakbeen
Bind - & steunweefsels
∟ groot deel vh weefsel ingenomen dr intercellulaire matrix
∟ eigenschappen vd matrix bepalen eigenschappen vh weefsel
Onderverdeling → wat hebben we allemaal al gezien?
∟ epithelen
∟ Bind- & steunweefsels:
• eigenlijke bindweefsel
• kraakbeen → NU
• bot
• (dentine)
• (bloed)
Kraakbeen & bot
∟ behoren tot groep vn steunweefsels → zijn stevige weefsels die steun gn geven à ons lichaam
Waarom behoren zij tot diezelfde groep van Bind- & steunweefsels?
∟ omdat de kraakbeencellen zullen orgineren vd mesenchymale stamcellen
Welke cellen ontstaan er nog uit deze mesenchymale stamcellen?
∟ bindweefselcellen, vetcellen, alle bloedcellen → dus ook de kraakbeencellen & botcellen
Wat is typisch in kraakbeen?
∟hier komt mr 1 type vn cellen in vr → kraakbeencel (Jonge vorm = chondroblast & rijpe vorm =
chondrocyt )
∟ kraakbeencellen → zijn er enkel om kraakbeen matrix àte maken
∟ ≠ als vele soorten cellen in BW
de kraakbeenmatrix
1
,∟ is heel bel. component & kraakbeencellen zijn er enkel om deze à te maken
∟ bepaald de eigenschappen vn kraakbeen
kraakbeen
∟ Steunweefsel → stevigheid
∟Buigzaam, veerkrachtig en drukbestendig
∟Geen bloedvaten en zenuwvezels → kan hier eiglk geen pijn in ervaren
∟Beperkt aanwezig / vn grootte (omdat je hier gn bloedvaten hebt & moeten gevoed worden dr
bloedvaten vn omliggende weefsels)
∟Omgeven dr bindweefsel (= perichondrium) → behalve thv. de vrije gewrichts- oppervlakken
+ perichondrium* = bindweefsel gelegen omheen kraakbeen
Voorkomen vn kraakbeen
∟ in oren → voor stevigheid vd oorschelp
∟ thv. uiteinden vn pijpbeenderen → vr beweging vn botten tov. elkaar
∟ in luchtpijp → stevigheid zodat luchtpijp niet kan dichtklappen (houdt open & geeft flexibiliteit)
∟ ribben
2
, functies van kraakbeen?
∟steun, glijvlak vr gewrichten, verbindt botten, groei pijpbeenderen
groei pijpbeenderen*
∟ worden id embryonale ontwikkeling aangelegd in kraakbeen → moeten ontwikkelen vn kraakbeen
nr bot
∟ zolang we groeien → groeischijf → hieruit groeien botten in lengte → eens volwassen verdwijnen
de groeischijven → stop groeien
figuur) kraakbeen:
∟ paars is kraakbeenmatrix
∟ witte holtes is waar kraakbeencellen gelegen zijn
∟ omheen kraakbeen (blauw gekleurd) = perichondrium
samenstelling van kraakbeen:
cellulaire component van kraakbeen = cellen
∟ 1 type vn kraakbeencel:
∟ chondroblast → in jonge vorm
∟ chondrocyt → in rijpe vorm
∟ (chondron) → groep van rijpe kraakbeencellen (groep van chondrocyten)
extracellulaire matrix
∟ bestaat uit vezelcomponent & grondstof component:
∟Vezels: collageen II → enkel in kraakbeen
∟Grondstof: Proteoglycanaggregaten (bel. component)
∟Grondstof: glycoproteïnen
3 types KB naargelang de samenstelling van de extracellulaire matrix
∟ Hyalien kraakbeen
3