SAMENVATTING MICROBIOLOGIE
HOOFDTUK 1: A BRIEF HISTORY OF MICROBIOLOGY
THE EARLY YEARS OF MICROBIOLOGY
- Antoni Van Leeuwenhoek:
o Begin 17de eeuw
o Maakte eerste eenvoudige microscoop
o Onderzocht vijverwater en kon kleine dieren, fungi, protozoa en microalgen waarnemen =
animalcules
o Onderzocht bloed, tandplak, luizen,…
o Tegen 19de eeuw werden animalcules , micro-organismen genoemd
CLASSIFICATIE VAN MICRO -ORGANISMEN
- Carolus Linnaeus
o Ontwikkelde een taxonomisch systeem om dieren en planten te benoemen en
gelijkaardige te groeperen
- Dierenrijk
- Plantenrijk
o Vandaag worden micro-organismen gegroepeerd in 6 categorieën:
A) Bacteriën
B) Archaea
C) Fungi
D) Protozoa
E) Algae
F) Kleine multicellulaire wormen
BACTERIEN EN ARCHAEA
- Unicellulair = geen celkern = prokaryoten
- Veel kleiner dan eukaryoten
- Komen voor in elke habitat (voorwaarde = voldoende wate/vocht)
- Archaea leven in extreme omstandigheden
- Planten zich aseksueel voort
- Bacteriële celwanden bevatten peptidoglycaan (sommige geen celwand)
- Celwand van archaea bezitten geen peptidoglycaan
- 1 micrometer is 1/1000 van een millimeter
- SEM = scanning elektronen microscoop
- LM = Lichtmicroscoop
,FUNGI
- Eukaryoten = duidelijke celkern
- Verkrijgen voedsel van andere organismen
- Bezitten celwanden, opgebouwd uit chitine
- Omvatten:
o Schimmels: multicellulair, groeien als lange filamenten (=hyfen), planten seksueel en
aseksueel voort
o Gisten = unicellulaire, planten asekseel voort (knopvorming/ budding) en seksueel
(sporen)
PROTOZOA
- Eencellige eukaryoten
- Hun nutritionele behoeften en hun cellulaire structuur komen overeen met die van dieren
- Vrij levend in water. Sommige leven in dierlijke gastheren
- Aseksuele (meestal) en seksuele voortplanting
- De meeste kunnen bewegen via:
o Pseudopoden
o Cilia
o Flagella
ALGAE
- Eukaryoten, unicellular or multicellular
- Doen aan fotosynthese
- Eenvoudige voortplantingsstructuren (itt planten)
- Worden onderverdeeld op basis van hun pigmentatie en samenstelling van de celwand
VIRUSSEN
- Acellulair
- Bezitten kleine hoeveelheden gentisch materiaal (DNA of RNA) omringd door een proteïnemantel
- Repliceren alleen als ze zich bevinden in een levende gastheer
MULTICELLULAIRE DIERLIJKE PARASIETEN
- Eukaryoten
- Eigenlijk geen MO
- Microscopische stadia in levenscyclus
IS SPONTANE GENERATIE VAN LEVEN MOGELIJK?
- Sommige filosofen/wetenschappers uit het verleden dachten dat levende organismen via 3
processen ontstaan:
A) Aseksuele reproductie
B) Seksuele reproductie
C) Niet levende materie
,- De theorie van spontane generatie werd naar voren gebracht door Aristoteles
o Levende organismen kunnen uit niet levende materie ontstaan
o Een “vitale kracht” vormt levend materiaal.
- Franscesco Redi (1626 – 1697)
o Wanneer bedorven vlees weggehouden werd van vliegen, ontwikkelen er zich nooit
maden/larven in.
o Vlees blootgesteld aan vliegen werd snel gekoloniseerd door maden
➔ Wetenschappers begonnen te twijfelen aan de theorie van Aristoteles
- John Needham (1731 – 1781)
o waren het er stilaan over eens dat grotere dieren (zoals maden) niet spontaan konden
ontstaan, maar ze geloofden nog altijd dat micro-organismen dat wel konden
o Experimenten met gekookte vleesbouillon en infusies van plantenmateriaal (uitgevoerd
door John Needham) ondersteunde deze gedachte.
- Lazzaro Spallanzani (1729 – 1799)
➔ Concludeerde dat:
o Needham de vials/flessen onvoldoende verwarmde om alle micro-organismen te doden
of dat hij de flessen onvoldoende afsloot
o Micro-organismen komen in de lucht voor en kunnen experimenten contamineren
o Spontane generatie treedt niet op, alle levende organismen komen voort uit andere
levende organismen
o Critici beweerden echter dat er in de afgesloten flessen van Spallanzani onvoldoende O 2
aanwezig was om microbieel leven te ondersteunen
- Louis Pasteur (1822 – 1895)
o Gebruikte flessen met een S-vormige hals (zwanenhals).
o Houden de micro-organismen buiten en laten lucht binnen
o Bouillon in de flessen vertoonde geen teken van leven (geen microbiële groei)
o Wanneer de fles na verloop van tijd schuin opgetild werd, kon er stof dat zich in de bocht
van de hals bevond in de fles komen. Na 1 dag veroorzaakte dit reeds het troebel worden
van de bouillon (= microbiële groei).
➔ Micro-organismen kwamen uit de lucht, geen spontane generatie!
, WAT VEROORZAAKT FERMENTATIE?
- In 19de eeuw veroorzaakte het zuur worden van wijn voor belangrijk inkomstenverlies
- Overheid subsidieerde onderzoek naar methoden om productie van alcohol te bevorderen en
voorkomen van verzuren van wijn
- Men wist van bestaan van fermentatie, maar niet hoe het ontstond. Sommige dachten dat lucht
voor fermentatie zorgde, andere dat levende organismen ervoor zorgde
HOOFDTUK 1: A BRIEF HISTORY OF MICROBIOLOGY
THE EARLY YEARS OF MICROBIOLOGY
- Antoni Van Leeuwenhoek:
o Begin 17de eeuw
o Maakte eerste eenvoudige microscoop
o Onderzocht vijverwater en kon kleine dieren, fungi, protozoa en microalgen waarnemen =
animalcules
o Onderzocht bloed, tandplak, luizen,…
o Tegen 19de eeuw werden animalcules , micro-organismen genoemd
CLASSIFICATIE VAN MICRO -ORGANISMEN
- Carolus Linnaeus
o Ontwikkelde een taxonomisch systeem om dieren en planten te benoemen en
gelijkaardige te groeperen
- Dierenrijk
- Plantenrijk
o Vandaag worden micro-organismen gegroepeerd in 6 categorieën:
A) Bacteriën
B) Archaea
C) Fungi
D) Protozoa
E) Algae
F) Kleine multicellulaire wormen
BACTERIEN EN ARCHAEA
- Unicellulair = geen celkern = prokaryoten
- Veel kleiner dan eukaryoten
- Komen voor in elke habitat (voorwaarde = voldoende wate/vocht)
- Archaea leven in extreme omstandigheden
- Planten zich aseksueel voort
- Bacteriële celwanden bevatten peptidoglycaan (sommige geen celwand)
- Celwand van archaea bezitten geen peptidoglycaan
- 1 micrometer is 1/1000 van een millimeter
- SEM = scanning elektronen microscoop
- LM = Lichtmicroscoop
,FUNGI
- Eukaryoten = duidelijke celkern
- Verkrijgen voedsel van andere organismen
- Bezitten celwanden, opgebouwd uit chitine
- Omvatten:
o Schimmels: multicellulair, groeien als lange filamenten (=hyfen), planten seksueel en
aseksueel voort
o Gisten = unicellulaire, planten asekseel voort (knopvorming/ budding) en seksueel
(sporen)
PROTOZOA
- Eencellige eukaryoten
- Hun nutritionele behoeften en hun cellulaire structuur komen overeen met die van dieren
- Vrij levend in water. Sommige leven in dierlijke gastheren
- Aseksuele (meestal) en seksuele voortplanting
- De meeste kunnen bewegen via:
o Pseudopoden
o Cilia
o Flagella
ALGAE
- Eukaryoten, unicellular or multicellular
- Doen aan fotosynthese
- Eenvoudige voortplantingsstructuren (itt planten)
- Worden onderverdeeld op basis van hun pigmentatie en samenstelling van de celwand
VIRUSSEN
- Acellulair
- Bezitten kleine hoeveelheden gentisch materiaal (DNA of RNA) omringd door een proteïnemantel
- Repliceren alleen als ze zich bevinden in een levende gastheer
MULTICELLULAIRE DIERLIJKE PARASIETEN
- Eukaryoten
- Eigenlijk geen MO
- Microscopische stadia in levenscyclus
IS SPONTANE GENERATIE VAN LEVEN MOGELIJK?
- Sommige filosofen/wetenschappers uit het verleden dachten dat levende organismen via 3
processen ontstaan:
A) Aseksuele reproductie
B) Seksuele reproductie
C) Niet levende materie
,- De theorie van spontane generatie werd naar voren gebracht door Aristoteles
o Levende organismen kunnen uit niet levende materie ontstaan
o Een “vitale kracht” vormt levend materiaal.
- Franscesco Redi (1626 – 1697)
o Wanneer bedorven vlees weggehouden werd van vliegen, ontwikkelen er zich nooit
maden/larven in.
o Vlees blootgesteld aan vliegen werd snel gekoloniseerd door maden
➔ Wetenschappers begonnen te twijfelen aan de theorie van Aristoteles
- John Needham (1731 – 1781)
o waren het er stilaan over eens dat grotere dieren (zoals maden) niet spontaan konden
ontstaan, maar ze geloofden nog altijd dat micro-organismen dat wel konden
o Experimenten met gekookte vleesbouillon en infusies van plantenmateriaal (uitgevoerd
door John Needham) ondersteunde deze gedachte.
- Lazzaro Spallanzani (1729 – 1799)
➔ Concludeerde dat:
o Needham de vials/flessen onvoldoende verwarmde om alle micro-organismen te doden
of dat hij de flessen onvoldoende afsloot
o Micro-organismen komen in de lucht voor en kunnen experimenten contamineren
o Spontane generatie treedt niet op, alle levende organismen komen voort uit andere
levende organismen
o Critici beweerden echter dat er in de afgesloten flessen van Spallanzani onvoldoende O 2
aanwezig was om microbieel leven te ondersteunen
- Louis Pasteur (1822 – 1895)
o Gebruikte flessen met een S-vormige hals (zwanenhals).
o Houden de micro-organismen buiten en laten lucht binnen
o Bouillon in de flessen vertoonde geen teken van leven (geen microbiële groei)
o Wanneer de fles na verloop van tijd schuin opgetild werd, kon er stof dat zich in de bocht
van de hals bevond in de fles komen. Na 1 dag veroorzaakte dit reeds het troebel worden
van de bouillon (= microbiële groei).
➔ Micro-organismen kwamen uit de lucht, geen spontane generatie!
, WAT VEROORZAAKT FERMENTATIE?
- In 19de eeuw veroorzaakte het zuur worden van wijn voor belangrijk inkomstenverlies
- Overheid subsidieerde onderzoek naar methoden om productie van alcohol te bevorderen en
voorkomen van verzuren van wijn
- Men wist van bestaan van fermentatie, maar niet hoe het ontstond. Sommige dachten dat lucht
voor fermentatie zorgde, andere dat levende organismen ervoor zorgde