Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Strafrecht en strafprocesrecht (zeventiende editie) - volledige samenvatting - eerste zit geslaagd 14/20

Beoordeling
-
Verkocht
4
Pagina's
335
Geüpload op
15-02-2026
Geschreven in
2025/2026

Dit is een samenvatting van het vak strafrecht en strafprocesrecht aan de KU Leuven gedoceerd door prof. Verstraeten en prof. Verbruggen. Deze volledige samenvatting omvat het boek (helemaal), de ppts, schema's en lesnotities! Ik behaalde met deze samenvatting een 14/20 in eerste zit.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

STRAFRECHT
EN

STRAFPROCESRECHT

Raf Verstraeten

Frank Verbruggen




BAC3


1

,2

,DEEL 1 – ALGEMENE ORIËNTATIE

HOOFDSTUK 1. WAT IS STRAFRECHT?

AFDELING 1. HET VERSCHIJNSEL “STRAFRECHT”

Het fenomeen straffen = onvermijdelijk

De ingreep van het recht

 Strafrecht = het recht dat ongebreidelde strafacties en de reacties hierop aan banden legt
 Om buitensporige en contraproductieve wraakprocessen onder controle te brengen
 Cfr. “oog om oog, tand om tand”

Als beleidsinstrument

 Een instrument van gedragsbeheersing: een werktuig om non-conform gedrag af te dwingen
o Maatschappelijke ordening en sociale controle (instrumentele dimensie)
o Het inperken van deze ordenings- en controlebevoegdheid (rechtsbeschermingsdimensie)

Functies van het strafrecht

 Functie 1: “oog om oog, tand om tand  evenredige straf in verhouding met het misdrijf
 Functie 2: beleidsinstrument  straffen om mensen te dwingen bepaald gedrag te respecteren

AFDELING 2. HET BEGRIP “STRAFRECHT”

Definitieprobleem: geen eenduidige definitie

Strafrecht in de ruime zin: omvat zowel het materieel als formeel strafrecht

1) onder welke voorwaarden specifieke gedragingen (misdrijven) specifieke sancties (strafrechtelijke
sancties) kunnen opgelegd en uitgevoerd
2) het omschrijven gedragingen en sancties
3) het bepalen welke personen die sancties wel of niet kunnen krijgen
4) voorschrijven hoe daartoe bevoegde (publiekrechtelijke) instanties recht (soms plicht) om misdrijven
vast te stellen en sancties op te leggen aan daders

Zowel materieel als formeel strafrecht

 Materieel strafrecht (strafbaar gedrag en straffen)
o Bepaalt onder welke voorwaarden handelingen of onthoudingen als misdrijven w beschouwd
o Bepaalt met welke strafrechtelijke sancties daarop kan w gereageerd
o Bepaalt de tijdelijke, ruimtelijke en personele toepassingssfeer van de betrokken normen
 Formeel strafrecht (procedure, vaststelling, vervolging, beoordeling)
o Regels mbt de vaststelling van misdrijven, de opsporing en berechting van verdachte personen
o Regels mbt organisatie, bevoegdheid en werking van publiekrechtelijke instellingen/organen

 Samenhang: regels als bescherming en legitimering
o Beschermende functie: vermijden van ongerechtvaardigd strafrechtelijk overheidsingrijpen
o Legitimerende functie: het toelaten, legitimeren van overheidsoptreden
3

,HOOFDSTUK 2. CODIFICATIE

AFDELING 1. HET BELGISCH STRAFWETBOEK
Geschiedenis

 1867: Code Pénal
o Driedelige indeling: misdaden, wanbedrijven en overtredingen
 Na 1867: wijzigingen  ander mensbeeld, andere visie op de functie van sociaal verweer
o Verwatering van het onderscheid tussen misdaad en wanbedrijf
o 1976: herzieningen (wijzigingen ad hoc)

Nieuw strafwetboek 2024

 Regering De Croo
 Inwerkingtreding op 8 april 2026
 Renovatie: het opschonen en logischer opbouwen + formuleren
 ! klassieke driedeling misdaad-wanbedrijf-overtreding is verdwenen
o Eenheidsbegrip: misdrijf met 8 strafniveaus
 “Accuraat, coherent en eenvoudig”
 Symbolische strafverzwaringen  meer verzachtende omstandigheden vaststellen

AFDELING 2. HET BELGISCH WETBOEK VAN STRAFVORDERING

Strafvordering als compromis

 Strafvordering = een compromis tussen het maatschappelijk belang en het belang van het individu
 Bescherming
o De regeling van de bewijslevering in stafzaken
o De waarborgen waarover de beklaagde beschikt in de fase van het onderzoek
 Soorten procedures
o Accusatoir: klemtoon op de waarborgen van het individu
 Rechter als scheidsrechter: niet actief
 Openbaarheid, tegenspraak en mondeling karakter
 Procedure voor de vonnisgerechten
o Inquisitoir: klemtoon op de maatschappij
 Rechter werkt actief mee
 Geheim, niet-tegensprekelijk en schriftelijk karakter
 Procedure voor de onderzoeken

Geschiedenis

 1808: wetboek van strafvordering
 2011: belangrijkere wijzigingen (uitbreiding O.M. + recht op bijstand van een advocaat)
 Strafprocedure wetboek: nog geen nieuw wetboek
 Potpourri wetten in afwachting
o Potpourri II (2016) – Potpourri IV


4

,HOOFDSTUK 3. SITUERING VAN HET STRAFRECHT TUSSEN ANDERE
RECHTSDISCIPLINES

AFDELING 1. AUTONOMIE VAN HET STRAFRECHT

 Raakvlakken van het strafrecht met andere takken van het recht
 Belangrijke vraag voor de interpretatie van strafwetten
 Een sector die op zichzelf staat met eigen rechtbanken en instellingen
 Relatieve autonomie: op functioneel en op conceptueel vlak
 Subsidiair toepassing van de regels van het BW

§ 1. FUNCTIONELE AUTONOMIE

 Eigen normen en belangen, eigen handhavingsapparaat
 Strafrecht draagt bij aan de rechtsvorming: eigen grenzen tussen recht en onrecht
 Autonome rechtsvormende functie: eigen, exclusief strafrechtelijke gedragsnormen
 Autonome rechtshandhaving: een eigen handhavingsapparaat
o De strafrechtelijke afhandeling van inbreuken op de rechtsordening
o Uitdrukking van maatschappelijke afkeuring tav de overtreding van de strafwet

§ 2. DE CONCEPTUELE AUTONOMIE VAN HET STRAFRECHT

 Eigen invulling van begrippen
 Begrippen, definities etc. krijgen niet noodzakelijk dezelfde betekenis of draagwijdte als in het BW
 Functie van het strafrecht = de bescherming van fundamentele maatschappelijke waarden
 Gelet op de bedoeling van de wetgever: welk rechtsgoed wil hij beschermen?
 Uitzonderingsgevallen

§ 3. AUTONOMIE VAN HET STRAFPROCESRECHT TEN AANZIEN VAN HET GERECHTELIJK RECHT

 Gerechtelijk wetboek als aanvullend recht, tenzij onverenigbaar
 Art. 2 Ger.W.: regels van aanvullend recht zolang verzoenbaar met de fundamentele beginselen van
het strafprocesrecht (SPR)
 Vb. zwijgrecht?
o Ger.W.  verplichting om bewijs te leveren indien u dit tot uw beschikking heeft
o SPR.  zwijgrecht: de verdachte mag niet worden gedwongen tot bekentenis

AFDELING 2. PUBLIEKRECHTELIJK KARAKTER

Rechtstreekse rechtsverhouding dader – staat

 Zaak tussen het individu en de staat
 Het O.M als overheidsorgaan: treedt op namens de rechtsstatelijke gemeenschap
 Vervolging, veroordeling, berechting en bestraffing  publiekrechtelijk aangelegenheid
 Burgerlijke schadevordering = privaatrechtelijk ‘aanhangsel’ van publieke vordering
 Strafwetten  van openbare orde
o Geen dwingend recht, geen afbreuk van mogelijk in een overeenkomst

5

,HOOFDSTUK 4. INDELINGEN VAN HET STRAFRECHT

AFDELING 1. ALGEMEEN EN BIJZONDER STRAFRECHT

§ 1. ALGEMEEN STRAFRECHT

 Algemene regels die gelden voor alle misdrijven
 Boek I NSw. aangevuld met algemene complementaire strafwetten
o Complementaire wetten = wetten niet in het NSw. ingevoegd (belangrijke wetten buiten Sw.)
o Worden geacht er logisch & integraal deel van uit te maken
o Mogelijk in SR (algemene beginselen of belangrijke wijzigingen) of in SPR
 + bijzondere deel: Boek II NSw. (omschrijving, straffen en specifieke misdrijfgebonden regels)


§ 2. BIJZONDER STRAFRECHT

 De rest van de strafwetten, buiten het strafwetboek
 Diversiteit: gericht op specifieke personen / territoriale gebieden / bijzondere materies / etc.
 Afbakening van bepaalde domeinen (ratione materiae)
 Vaak ook bijzondere, afwijkende procedureregels
 Bv. militaire misdrijven / wegverkeer / drugswetten

§ 3. DE TOEPASSELIJKHEID VAN DE BEGINSELEN VAN HET ALGEMEEN STRAFRECHT OP HET
BIJZONDER STRAFRECHT

 Boek I en complementaire wettelijk toepasselijk op alle strafwetten
o Art. 77 NSw.  boek I van toepassing
 Op de misdrijven van boek II
 Op de misdrijven in bijzondere wetten en verordeningen
 Op de misdrijven in het communautaire en regionale strafrecht
o MAAR: bijzondere wet kan wel zelf uitdrukkelijk afwijken van de bepalingen van boek I (lex
specialis derogat legi generali)
o Cfr. art. 11 Bijz. W. Herv. Inst.

 Definities boek II
o Algemene definities art. 79 NSw.
o Specifieke misdrijven (moord, diefstal, oplichting, verkrachting,..) en de straf die er bij hoort
o Begin boek II  gelden in beginsel enkel voor de misdrijven in boek II
o Gelden in principe enkel voor boek 2 MAAR meeste definities wel algemeen toepasselijk

(§4) DECRETAAL STRAFRECHT

 Voor decreten golden en gelden in beginsel ALLE regels van Boek I,
 Theorie: mogelijkheid voor deelstaten om eigen strafrechtelijke regels te maken
 Praktijk: gemeenschappen en gewesten vooral administratieve sancties en geen strafrechtelijk
o Heen en weer verwijzingen tussen Vlaams decreet en federaal Sw.
o De straf = federaal, maar het strafbaar gesteld gedrag = decretaal

6

,AFDELING 2. BUITENLANDS EN INTERNATIONAAL STRAFRECHT

§ 1. BUITENLANDS STRAFRECHT

 Rechtsvergelijking: ‘Hoe lossen andere landen een probleem op?’
 Soms buitenlands recht nodig: buitenlandse misdrijven
 Vervolging in BE van een in het buitenland gepleegd misdrijf
 Toepassing buitenlands recht soms nodig: dubbele strafbaarheid, wederzijdse erkenning
o Voorwaarde = dubbele strafbaarstelling vormt in beide landen een voorwaarde
o Wederzijdse erkenning: rechterlijke uitspraken van lidstaten uitvoeren / respecteren

§ 2. INTERNATIONAAL STRAFRECHT

A. HET PROBLEEM VAN DE DEFINITIE

 Rechtstak mbt de juridische regeling van strafrechtelijke problemen op internationaal vlak
 Droit-international pénal vs. droit-pénal international


B. BEKNOPTE VOORSTELLING VAN ENKELE DEELDOMEINEN

1. Materieel internationaal strafrecht

 = het recht van de internationale misdrijven
 Bronnen: verdragen / internationale organisaties / internationaal gewoonterecht
o Rechtstreeks internationaal
o Strafbaar onafhankelijk van het nationale recht
 Evolutie
o Ontstaan na WO2
o Ad hoc tribunalen opgericht voor deze specifieke misdrijven / gemengde tribunalen
o 1998: ISH opgericht (internationaal strafhof)
 Berechting van fysieke personen, verdacht van zwaarwichtige misdrijven tegen de
internationale gemeenschap
 Geen dwingende rechtsmacht: enkel subsidiaire strafrechter  indien de soevereine
staat het internationaal misdrijf niet zelf kan of wil berechten
 “coalition of the willing”  enkel staten die mee willen doen, doen mee

2. Rechtsmachtsrecht

 = het recht inzake de bevoegdheid van de staten om het bereik van hun strafwetten te bepalen
 De bevoegdheid van staten om hun rechtsmachtsrecht te bepalen in hun interne strafwetgeving
 Mits erkenning van de bevoegdheid van andere landen
 !! Territorialiteitsbeginsel (art. 3 NSw.)
o Maar: tal van uitzonderingen
o Extraterritoriale uitbereiding van de strafrechtelijke rechtsmacht (art. 3, lid 2 NSw.)
 Uitzondering op de regel, enkel in gevallen bij de wet bepaald
 Oorsprong in internationale verdragen en EU-recht
 BE: hetzij de bevoegdheden uitbreiden
hetzij daders uit te leveren (aut dedere aut judicare)
7

,3. Internationale rechtshulp

 Afstemmings- of bemiddelingsnormen
 Doel = het mogelijk maken dat een staat zijn eigen strafaanspraken ook buiten eigen grondgebied kan
realiseren
 Geen rechtsmacht?  rechtshulp nodig: staten die elkaar helpen
 Staten werken samen tegen criminaliteit
 Soorten rechtshulp
o Primaire rechtshulp = een staat draagt afhandeling van een strafzaak geheel/gedeeltelijk over
o Secundaire rechtshulp = een staat biedt hulp bij de strafrechtelijke procedure
 Handelingen ter ondersteuning van de opsporing, vervolging of berechting
 Meest gebruikte rechtshulp
 Instrumenten: multilaterale verdragen
 Europeanisering:
o Principe van EU wederzijdse erkenning
o Semi-automatisch erkennen en uitvoeren van beslissingen door magistraten uit andere EU-
staten (erkennen alsof het door een binnenlandse magistraat werd genomen)




8

,DEEL 2. DE STRAFWET

HOOFDSTUK 1. HET LEGALITEITSBEGINSEL

A. MATERIEEL STRAFRECHTELIJK BEGINSEL

 Geen misdrijf zonder wet & geen straf zonder wet
 Gedragingen die strafbaar worden gesteld + de straffen daarop van toepassing
o Uitsluitend door of krachtens een wet bepaald
o Uitzondering: internationale kernmisdaden
 Grondwettelijk beginsel: art. 12 en 14 Gw., art. 1 NSw.
 Internationaal beginsel: art. 7.1 EVRM  onvervreemdbaar mensenrecht
 Gw. en internationale verdragen zorgen er voor dat geen uitzonderingen mogelijk zijn
 Rechtsbescherming en rechtszekerheid: waarborg tegen overheidswillekeur
 Wet als bescherming tegen willekeur, tegen macht overheid
 Gedragsbeïnvloeding: doel = iedereen tot normconform gedrag aanzetten

Draagwijdte

1) Alleen wet bepaalt welke gedragingen strafbaar, bovendien voldoende precies, opdat mensen tot wie
norm gericht, zouden weten wat wel en wat niet strafbaar is
o De mens kan gedrag hierop afstellen (lex certa-beginsel): te vage wet kan niet (WG)
o Heldere en duidelijke strafwetten: grens tussen strafbaar en niet-strafbaar
2) Alleen wet bepaalt straffen (RR)
o Verbod voor de rechter om iemand te veroordelen voor een gedraging dat niet door de wet
strafbaar werd gesteld
o Motiveringsvereiste door de rechter: met duidelijke wetsbepalingen (art. 149 Gw.)
3) => strafwetten strikt geïnterpreteerd (RR)
4) => strafwetten of nieuwe straffen niet retroactief (WG en RR)



B. STRAFPROCESRECHTELIJK BEGINSEL

 Bevoegdheden die een inbreuk maken op een grondrecht, moeten wettelijk geregeld zijn
 BE: opportuniteitsbeginsel
o Het O.M. beschikt over enige beoordelingsvrijheid
o Uitzondering: EU-fraudezaken  wel strafprocesrechtelijk legaliteitsbeginsel
o  andere landen: strikt legaliteitsbeginsel inzake vervolging  geen beleidsmarge: als de wet
een bepaalde gedraging strafbaar stelt, dan MOET deze zaak vervolgd worden




9

, HOOFDSTUK 2. HET LEGALITEITSBEGINSEL EN DE BRONNEN VAN HET
STRAFRECHT

Algemeen beginsel

 Omschrijving van de strafbare feiten & bepaling van de straffen
 Een geschreven, wettelijke tekst  geen strafrecht zonder wettekst
 Een wet in de materiële zin: bij wet of krachtens een wet uitgevaardigd
 Art. 12 Gw. (SPR): niemand kan worden vervolgd dan in de gevallen bij de wet bepaald en in de vorm
die de wet voorschrijft

AFDELING 1. FORMELE BRONNEN VAN HET STRAFRECHT

§ 1. INTERNATIONALE VERDRAGEN

Algemeen

 Formele bron indien: goedgekeurd, bekrachtigd en bekendgemaakt
 Smeerkaasarrest: internationale normen met directe of rechtstreekse werking > intern recht
o Nuance in het strafrecht!
o Internationale regels kunnen nooit rechtstreeks (zonder omzetting) de bron vormen van een
strafbaarheid of strafverzwaring, uitz: misdrijven als genocide / misdaden tegen de mensheid


A. VERDRAGEN M.B.T. GRONDRECHTEN

1. Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden

 Meeste bepalingen rechtstreeks inroepbaar (self-executing)
 Erkende rechtsmacht voor het EHRM (art. 32 en 34 EVRM)
 Principe-arresten EHRM (bv. arrest Salduz)
 Zowel materieel SR als formeel SPR
o SR: art. 2 EVRM, art. 4.1 EVRM, aanvullende protocollen
o SPR: art. 5, 6 en 8 EVRM
o Art. 3 EVRM: verband tussen materieel en formeel strafrecht

2. Internationaal verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten


B. VERDRAGEN IN HET KADER VAN DE EUROPESE SAMENWERKING EN INTEGRATIE

 Justitiële samenwerking: preventie of bestrijding van de criminaliteit
 3 EU-pijlers tot Lissabon: “derde pijler” = justitiële en politiële samenwerkingen
o Europese verordeningen en richtlijnen
o Materiële normen komen meer en meer supranationaal tot stand (positieve doorwerking)
 Normalisering door Lissabon
o 3-pijler structuur werd afgeschaft  art. 3, lid 2 VEU
o Gewone wetgevingsinstrumenten en gewone wetgevingsprocedures (geen eigen meer)

C. ANDERE INTERNATIONALE VERDRAGEN
10

Documentinformatie

Geüpload op
15 februari 2026
Bestand laatst geupdate op
15 februari 2026
Aantal pagina's
335
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€17,50
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
lizelateur

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
lizelateur Katholieke Universiteit Leuven
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
5
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
5 uur geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen