Theorie: 10/20
Casussen: 10/20
Vraag 1:
1A) Bespreek het statuut en het verhaalsrecht van schulden ten behoeve van de
huishouding voor echtgenoten gehuwd in een wettelijk stelsel.
- Op 3/10 staat deze vraag.
- Vraag peilt naar enerzijds het definitief en anderzijds het voorlopig passief van de
schulden ten belope van de huishouding in het wettelijk stelsel.
- Art. 2.3.25 en Art.2.3.28 BW.
- Gemeenschappelijke schulden, ongeacht buitensporig of niet
- Met betrekking tot definitief passief, geldt die nuance van buitensporigheid niet
- Op niveau van voorlopig passief, zien we dat het onderscheid tussen buit… verhaal
mogelijk op ze alle 3
➔ Deze vraag had ik helemaal juist!
- JUISTE ANTWOORD: Op het niveau van het definitief passief, de schulden ten
behoeve van de huishouding zijn gemeenschappelijke schulden ongeacht of de
schulden buitensporig zijn of niet buitensporig zijn, waarbij u kon verwijzen naar
wat we terugvinden in het primaire stelsel in art. 221 OBW. In dit artikel staat dat
schulden ten behoeve van de huishouding volgens de regels van het primair stelsel
hoofdelijke schulden zijn voor de echtgenoten althans wanneer ze niet
buitensporig zijn. Wanneer ze buitensporig zijn geldt de hoofdelijkheid niet. In het
statuut mbt tot het definitief passief geldt die nuance tot buitensporigheid niet, het
zijn sowieso gemeenschappelijke schulden. Op het niveau van het voorlopig
passief of op het niveau van het verhaalsrecht van de schuldeisers, daar zien we
dat het onderscheid tussen de buitensporigheid en niet-buitensporigheid er
opnieuw inkruipt. Voor niet-buitensporige schulden ten behoeve van de
huishouding, algemene verhaalsregel geldt, er is een verhaal mogelijk op 3
vermogens van de echtgenoten: het gemeenschappelijke vermogen en de eigen
vermogens van beide echtgenoten. Maar als zou blijken dat de schulden
buitensporig zijn dan hebben we te maken met een onvolkomen of onvolmaakte
gemeenschappelijke schuld die nog steeds te verhalen is op de gemeenschap, ook
op het eigen vermogen van de echtgenoot die de schuld is aangegaan, maar er is
geen verhaal mogelijk op het eigen vermogen van de andere echtgenoot (die niet
heeft gecontracteerd).