H1 : ALLE ORTHOPEDAGOGOSCH
HANDELEN IS AGOGOISCH HANDELEN
1. INLEIDING: SIKLE EN GILBERT
Silke: stage leefgroep van volwassenen met verstandelijke beperking.
Gilbert: snoept graag. Woensdag = snoepdag.
spendeert al zakgeld en na 2 dagen is alles op.
hij wacht de rest van de week tot hij nieuw snoep kan kopen.
Silke zou er graag iets aan veranderen. Silke wil dat Gilbert zijn zakgeld nuttiger besteedt
en niet weggooit aan snoep. Ze wil hier met Gilbert aan werken.
Silke stelt dit voor op teamvergadering discussie
2. WAT IS AGOGIE(K)?
AGOGIE
Agogie/ agogisch handelen staat voor ‘de intentionele, niet wederkerige beïnvloeding door
1+ personen gericht op een wenselijk gedachte wijziging, door de cliënt ervaren als
welzijnsbevordering.
Agoog = veranderaar, iemand die anderen begeleidt om hen dmv eigen handelen tot
gedragsveranderingen te laten komen.
Hij geeft steeds opnieuw vorm aan alledaagse, juist voor mensen die voor wie het
alledaagse niet zo gewoon is.
Agogiek = prescriptieve wetenschap waard gebonden handelingen stellen
Agogisch handelen = verandering willen teweegbrengen in leven van cliënt.
AGOGIEK
Verzamelnaam voor de leer van leiden, begeleiden van mensen, ongeacht hun leeftijd,
op een beroepsmatige manier.
= leer die aanwijzingen en richtlijnen geeft voor de manier waarop individuele personen,
groepen, organisaties en samenlevingsverbanden kunnen worden begeleid in
veranderingsprocessen. Het om dat begeleiding plaatsvindt vanuit situatie waarin
betrokkenen zich bevinden en dat zij mogelijkheden krijgen aangereikt zoveel mogelijk
zelf te handelen teneinde tot gewenste veranderig te komen.
Wetenschao mbt begeleiden van mensen (ondersteunen).
, 3. DOEN VERANDEREN: ‘THEORY OF CHANGING’
THEORY OF CHANGE:
Veranderingen tgv spontane veranderingsprocessen.
THEORY OF CHANGING:
Veranderingsprocessen die bewust en doelgericht worden opgezet met oog op verandering.
4. DRIE SLEUTELBEGRIPPEN VAN HET AGOGISCH HANDELEN
Agogiek = leer die aanwijzingen & richtlijnen geeft voor manier waarop individuele
personen, groepen, organisaties & samenlevingsverbanden kunnen worden begeleid in
veranderingsprocessen.
Begeleiding vindt plaats vanuit situatie waarin betrokkenen zich bevinden en ze
mogelijkheden krijgen aangereikt zoveel mogelijk zelf te handelen teneinde tot gewenste
veranderingen te komen.
Verandering van handelen door emancipatie
4.1. VERANDEREN OF BEÏNVLOEDEN
Doel agogie= handelen van mensen veranderen.
‘ideaalbeeld’, totale vorming bestaat niet.
Iedereen moet blijven veranderen permanente educatie, altijd durend leren, eeuwig
durende opvoeding.
4.2. HANDELEN
Gedrag
Zichtbaar & observeerbaar
Objectief observeren
Handelen
Bewust wat mensen beogen
Onzichtbaar: wat gaat schuil achter gedrag? Wat beweegt mensen? (willen, voelen,
weten)
Observeren & communiceren
4.3. EMANCIPATIE OF EMPOWERMENT ALS DOEL
Emancipatie verward met vrouwen emancipatie
Emancipatie: losmaken van vaderlijke macht, iemand sterker maken zodat dei autonoom
kan functioneren
Jezelf overbodig maken als hulpverlener
Nooit neerkijken op je client, je moet ze ondersteunen en naar boven trekken
ondersteunen, de persoon moet alleen verder kunnen.
Agogisch handelen is wat, wie, hoe & waarom.
, 5. RICHTINGGEVENDE KENMERKEN VAN HET AGOGISCH HANDELEN
5.1. PSYCHOSOCIALE VERANDERING
Iemand aankijken, nee durven zeggen, vragen durven stellen in groep..
5.2. DOELGERIHT
Iemand uit detentie doel: 3 solicitatie gesrekken voeren, toewerken n/e zelfstandig
leven,
Verstandelijke beperking doel: alleen nr de winkel gaan, alleen de bus nemen
5.3. SYSTEMATISCH
Geleidelijke aanpak
Over elke stap nadenken
5.4. BEWUST
Over elke stap nadenken
Geleidelijke aanpak
5.5. GEWENST DOOR BETROKKENEN, VRIJWILIG
Wel/ niet
Niet: HV dwingt dingen af, geen sollicitatiegesprekken = geen vrijlating
5.6. NIET WEDERZIJDS
Geen vrienden met client
Mandaad van samenleving
5.7. WAARDEGEBONDEN
Vertrekken van waarden binnen jezelf
5.8. BEROEPSMATIG
Vrijwillige HV: ambulancier, kampen, rode kruis, mantelzorg, drugslijn..
6. PROFFESIONALISERING VAN HET AGOGISCH HANELEN
Industrialisering zet 2 maatschappelijke veranderingen on gang:
1: Snelle evolutie wetenschap en techniek
Industriele revolutie
Dorpsgemeenschappen verstedelijkte gebieden
Dorpsgemeenschappen: ambachten (landbouw, bakker, mandenvlechter)
Wetenschap en technologie kennen een enorme boost => evolutie
Van gesloten dorpsgemeenschappen verstedelijkte gebieden
2: Stijgende individualisering
, Eigen keuzes en eigen verantwopordelijkheid
Mensen leven in het gareel alles bepaald door de kerk en de stand waar ze in leven
Het pad van opvoeding, gedrag, mode => bepaalt voor jou
Indiviudeel weinig te zeggen
Pad valt weg
Kerngezin valt weg
Alle tradities waren verdwenen zelf opzoek gaan naar antwoorden, zelf kiezen hoe en
wat je doet => postmodel
Eigen keuzes en verantwoordelijkheid
Beroepsorganisaties: eigen codes van hoe ze met mensen moeten omgaan
onderscheid in doelgroepen:
Verstandelijke beperking
Gedragsproblemen
Leermoeilijkheden
Ontstaan van welzijnswerk:
Aanvangelijk als vrijwilligerswerk (liefdadigheid)
Later zien we de ontwikkeling van ‘agogisch werkveld’ met agogische beroepen met
eigen beroepsopleidingen, beroepsorganisaties en beroepscodes ifv ondersteunen van
veranderingsprocessen.
Risico op valkuil van pedagogisering
Agogisch werkveld:
Hulpverlening: ouderenzorg, jongerenwelzijn, GGZ..
Vormingswerk: taal- en inburgeringscursussen, buurtwerk, ondersteunen naar werk..
7. HET VERTREKPUNT VAN HET AGOGISCH HANDELEN
7.1. EXAGOGIEK OF CURATIEF AGOGISCH WERK
= iets wat slecht is, beter maken
Bv: Persoon met psychiatrische problematiek helpen om sociale interactie te hebben
7.2. ANAGOGIEK OF POSITIEF AGOGISCH WERK
= iets wat normaal is verbeteren
Bv: Buddy van persoon met psychiatrische stoornis
7.3. KATAGOGIEK OF PREVENTIEF AGOGISCH WERK
= de situatie behouden hoe ze is
Bv: Preventieprogramma over veilige seks.
8. NIVEAUS VAN VERANDERINGSPROCESSEN
HANDELEN IS AGOGOISCH HANDELEN
1. INLEIDING: SIKLE EN GILBERT
Silke: stage leefgroep van volwassenen met verstandelijke beperking.
Gilbert: snoept graag. Woensdag = snoepdag.
spendeert al zakgeld en na 2 dagen is alles op.
hij wacht de rest van de week tot hij nieuw snoep kan kopen.
Silke zou er graag iets aan veranderen. Silke wil dat Gilbert zijn zakgeld nuttiger besteedt
en niet weggooit aan snoep. Ze wil hier met Gilbert aan werken.
Silke stelt dit voor op teamvergadering discussie
2. WAT IS AGOGIE(K)?
AGOGIE
Agogie/ agogisch handelen staat voor ‘de intentionele, niet wederkerige beïnvloeding door
1+ personen gericht op een wenselijk gedachte wijziging, door de cliënt ervaren als
welzijnsbevordering.
Agoog = veranderaar, iemand die anderen begeleidt om hen dmv eigen handelen tot
gedragsveranderingen te laten komen.
Hij geeft steeds opnieuw vorm aan alledaagse, juist voor mensen die voor wie het
alledaagse niet zo gewoon is.
Agogiek = prescriptieve wetenschap waard gebonden handelingen stellen
Agogisch handelen = verandering willen teweegbrengen in leven van cliënt.
AGOGIEK
Verzamelnaam voor de leer van leiden, begeleiden van mensen, ongeacht hun leeftijd,
op een beroepsmatige manier.
= leer die aanwijzingen en richtlijnen geeft voor de manier waarop individuele personen,
groepen, organisaties en samenlevingsverbanden kunnen worden begeleid in
veranderingsprocessen. Het om dat begeleiding plaatsvindt vanuit situatie waarin
betrokkenen zich bevinden en dat zij mogelijkheden krijgen aangereikt zoveel mogelijk
zelf te handelen teneinde tot gewenste veranderig te komen.
Wetenschao mbt begeleiden van mensen (ondersteunen).
, 3. DOEN VERANDEREN: ‘THEORY OF CHANGING’
THEORY OF CHANGE:
Veranderingen tgv spontane veranderingsprocessen.
THEORY OF CHANGING:
Veranderingsprocessen die bewust en doelgericht worden opgezet met oog op verandering.
4. DRIE SLEUTELBEGRIPPEN VAN HET AGOGISCH HANDELEN
Agogiek = leer die aanwijzingen & richtlijnen geeft voor manier waarop individuele
personen, groepen, organisaties & samenlevingsverbanden kunnen worden begeleid in
veranderingsprocessen.
Begeleiding vindt plaats vanuit situatie waarin betrokkenen zich bevinden en ze
mogelijkheden krijgen aangereikt zoveel mogelijk zelf te handelen teneinde tot gewenste
veranderingen te komen.
Verandering van handelen door emancipatie
4.1. VERANDEREN OF BEÏNVLOEDEN
Doel agogie= handelen van mensen veranderen.
‘ideaalbeeld’, totale vorming bestaat niet.
Iedereen moet blijven veranderen permanente educatie, altijd durend leren, eeuwig
durende opvoeding.
4.2. HANDELEN
Gedrag
Zichtbaar & observeerbaar
Objectief observeren
Handelen
Bewust wat mensen beogen
Onzichtbaar: wat gaat schuil achter gedrag? Wat beweegt mensen? (willen, voelen,
weten)
Observeren & communiceren
4.3. EMANCIPATIE OF EMPOWERMENT ALS DOEL
Emancipatie verward met vrouwen emancipatie
Emancipatie: losmaken van vaderlijke macht, iemand sterker maken zodat dei autonoom
kan functioneren
Jezelf overbodig maken als hulpverlener
Nooit neerkijken op je client, je moet ze ondersteunen en naar boven trekken
ondersteunen, de persoon moet alleen verder kunnen.
Agogisch handelen is wat, wie, hoe & waarom.
, 5. RICHTINGGEVENDE KENMERKEN VAN HET AGOGISCH HANDELEN
5.1. PSYCHOSOCIALE VERANDERING
Iemand aankijken, nee durven zeggen, vragen durven stellen in groep..
5.2. DOELGERIHT
Iemand uit detentie doel: 3 solicitatie gesrekken voeren, toewerken n/e zelfstandig
leven,
Verstandelijke beperking doel: alleen nr de winkel gaan, alleen de bus nemen
5.3. SYSTEMATISCH
Geleidelijke aanpak
Over elke stap nadenken
5.4. BEWUST
Over elke stap nadenken
Geleidelijke aanpak
5.5. GEWENST DOOR BETROKKENEN, VRIJWILIG
Wel/ niet
Niet: HV dwingt dingen af, geen sollicitatiegesprekken = geen vrijlating
5.6. NIET WEDERZIJDS
Geen vrienden met client
Mandaad van samenleving
5.7. WAARDEGEBONDEN
Vertrekken van waarden binnen jezelf
5.8. BEROEPSMATIG
Vrijwillige HV: ambulancier, kampen, rode kruis, mantelzorg, drugslijn..
6. PROFFESIONALISERING VAN HET AGOGISCH HANELEN
Industrialisering zet 2 maatschappelijke veranderingen on gang:
1: Snelle evolutie wetenschap en techniek
Industriele revolutie
Dorpsgemeenschappen verstedelijkte gebieden
Dorpsgemeenschappen: ambachten (landbouw, bakker, mandenvlechter)
Wetenschap en technologie kennen een enorme boost => evolutie
Van gesloten dorpsgemeenschappen verstedelijkte gebieden
2: Stijgende individualisering
, Eigen keuzes en eigen verantwopordelijkheid
Mensen leven in het gareel alles bepaald door de kerk en de stand waar ze in leven
Het pad van opvoeding, gedrag, mode => bepaalt voor jou
Indiviudeel weinig te zeggen
Pad valt weg
Kerngezin valt weg
Alle tradities waren verdwenen zelf opzoek gaan naar antwoorden, zelf kiezen hoe en
wat je doet => postmodel
Eigen keuzes en verantwoordelijkheid
Beroepsorganisaties: eigen codes van hoe ze met mensen moeten omgaan
onderscheid in doelgroepen:
Verstandelijke beperking
Gedragsproblemen
Leermoeilijkheden
Ontstaan van welzijnswerk:
Aanvangelijk als vrijwilligerswerk (liefdadigheid)
Later zien we de ontwikkeling van ‘agogisch werkveld’ met agogische beroepen met
eigen beroepsopleidingen, beroepsorganisaties en beroepscodes ifv ondersteunen van
veranderingsprocessen.
Risico op valkuil van pedagogisering
Agogisch werkveld:
Hulpverlening: ouderenzorg, jongerenwelzijn, GGZ..
Vormingswerk: taal- en inburgeringscursussen, buurtwerk, ondersteunen naar werk..
7. HET VERTREKPUNT VAN HET AGOGISCH HANDELEN
7.1. EXAGOGIEK OF CURATIEF AGOGISCH WERK
= iets wat slecht is, beter maken
Bv: Persoon met psychiatrische problematiek helpen om sociale interactie te hebben
7.2. ANAGOGIEK OF POSITIEF AGOGISCH WERK
= iets wat normaal is verbeteren
Bv: Buddy van persoon met psychiatrische stoornis
7.3. KATAGOGIEK OF PREVENTIEF AGOGISCH WERK
= de situatie behouden hoe ze is
Bv: Preventieprogramma over veilige seks.
8. NIVEAUS VAN VERANDERINGSPROCESSEN