srecht
Gangbare doctrine = de meest gedeelde opinie
staat los van wat rechters in praktijk doen
Doel cursus:
1) Grondig inzichtelijke kennis van concepten (= de taal van de
aansprakelijkheidsdoctrine)
o = nodig om bepaalde oplossing te kunnen beargumenteren
(legitimeren, verklaren)
o = nodig om te kunnen deelnemen aan doctrinale discussie
o = nodig om eventuele toekomstige gewijzigde doctrine te
begrijpen
2) Basiskennis van
o juridische realiteit, zodat de student basiscasussen kan
oplossen (= wat de rechters doen)
wat wordt wel/niet gerepareerd/vergoed
wat houdt repareren/vergoeden in
wie is jegens benadeelde gehouden tot
reparatie/vergoeding
wie draagt uiteindelijke last reparatie/vergoeding
o gangbare doctrine: geformuleerde rechtsregels die geacht
worden te gelden/bestaan
3) Inzicht in de relativiteit gangbare doctrine: besef dat alternatieven
mogelijk
4) Basiskennis van belangrijkste wijzigingen in geformuleerde regels:
nieuw BW Boek 6
Examen: 2 casussen, open vragen:
- Beperkt aantal open vragen:
o theoretische kennis (altijd begrip getest)
o kritisch inzicht: analyse & synthese
o toepassing & issue spotting (casussen oplossen)
1
, o geschreven antwoorden in essay style: gebruik zinnen en
alinea’s
o de kwaliteit (o.a. precisie) van de formuleringen telt ook!
- Werken onder tijdsdruk (2.5 uur) = deel van de test
OVERZICHT LEERSTOF:
- Thema = niet-contractuele verbintenissen tot schadeloosstelling
- Klassiek: buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht (= grootste
deel & core cursus)
- Andere schadevergoedingsmechanismen (= nodig om verbanden te
zien met core)
o indemnitaire verzekeringen
particuliere rechtstreekse eigenschadeverzekering
sociale rechtstreekse eigenschadeverzekering (ziekte &
invaliditeit)
eigenschadeverzekering ten behoeve van derden
(arbeidsongevallen)
o wettelijk opgelegde vergoedingsplicht verkeersschade WAM-
verzekeraars
letselschade
ongeval zonder vaststelbare aansprakelijkheid
o schadefondsen
die vullen de gaten op
verkeersongevallen zonder Aansprakelijke
medische ongevallen
HOOFDSTUK 1: INLEIDING
Overzicht:
- conceptuele situering
o begrip aansprakelijkheid [slides 01-04 → 01-17]
o schadeverschuiving en schadespreiding [slides 01-26 → 01-28]
functie van Arecht: toewijzen v d schadelast
schadespreiding
- ‘bronnen’ aansprakelijkheidsrecht [slides 01-29 → 01-32
In deze inleidende colleges en bijbehorende slides (serie 01) wordt
behandeld
- overzicht onderdelen schadevergoedingsrecht (helikopterblik)
- algemene beschouwingen over aansprakelijkheidsrecht en -doctrine
AFDELING 1: CONCEPTUELE SITUERING
2
, ONDERAFDELING 1: BEGRIP AANSPRAKELIJKHEID
- Art. 5.3, lid 1, BW:
o “Verbintenissen ontstaan uit een rechtshandeling, uit een
oneigenlijk contract, uit de buitencontractuele
aansprakelijkheid of uit de wet.”
aansprakelijkheid = bron van verbintenissen?
Maar er klopt iets niet:
- Aansprakelijkheid
o =recht op/plicht tot schadeloosstelling
aansprakelijkheid = verbintenis (art. 5.1 BW:
“rechtsband op grond waarvan een schuldeiser van een
schuldenaar, indien nodig in rechte, de uitvoering van
een prestatie mag eisen”)
dit komt overeen met de definitie van een verbintenis
dus het is geen bron van verbintenissen maar
aansprakelijkheid is een verbintenis
= een vergissing in boek 5
o =rechtsgevolg dat objectief recht koppelt aan bepaalde feiten
o A is een verbintenis die ontstaat doordat een
rechtsregel aan bepaalde feiten het rechtsgevolg
kopelt dat er een verplichting tot schadeloosstelling
onstaat
- Bron aansprakelijkheid = combinatie van rechtsregel en rechtsfeit
o [slides 01-29 → 01-32] + (rechts)feit [slide 01-05]
§1. RECHTSFEITEN DIE HET RECHTSGEVOLG (DE A) GENEREREN
waaruit bestaat het rechtsfeit waaruit de aansprakelijkheid voortkomt?
Délits et quasi-délits in terminologie art. 1370, lid 4, Oud BW
- “De verbintenissen die hun oorsprong vinden in de eigen daad van
degene die verbonden is, ontstaan ofwel uit oneigenlijke contracten,
ofwel uit misdrijven of oneigenlijke misdrijven.”
o = Voorloper van art 5.3
Structuur gangbare doctrinale analyse
- constitutieve bestanddelen/elementen van rechtsfeit
o schade [slides 02]
o veroorzaakt door (= causaliteit) [slides 04]
o tot aansprakelijkheid leidend feit (hierna ‘TALF’) [slides 03, 05
en 06]
= bestaansvoorwaarden voor aansprakelijkheid
want rechtsfeit is bron van aansprakelijkheid
de coesistentie van deze feiten is het rechtsfeit (niet de
elementen apart want zo 1 element (bv schade) brengt geen
rechtsgevolg teweeg, het is pas als je deze elementen samenbrengt
dat je van een rechtsfeit kunt spreken (die de A veroorzaakt))
3
, let op terminologie!
§2. CONTRACTUEEL V. EXTRACONTRACTUEEL
Contractuele aansprakelijkheid
- = alternatief/complement voor (dwang)uitvoering contractuele
verbintenis
o = secundaire verbintenis tot reparatie of compensatie van
schade ten gevolge van wanprestatie ( door niet-nakoming
primaire verbintenis)
o Bij buitencon heb je dat niet
Buitencontractuele aansprakelijkheid
- = (primaire) verbintenis tot reparatie of compensatie van schade die
niet gevolg is van niet-nakoming contractuele verbintenis
o subjectieve of foutaansprakelijkheid = schade door eigen fout
o objectieve aansprakelijkheid (Fr: responsabilité
objective/stricte, E: strict liability) = schade door ander
rechtsfeit dan eigen fout
in engels (strict liability) betekent dit iets anders: het is
objectief waar te nemen
§3. SCHADEVERGOEDINGSRECHT AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT
1) Arecht:
- regels die bepalen in welke omstandigheden A ontstaat en wat deze
verbintenis inhoudt
o deze regels bepalen:
obligatio: of er schade moet worden vergoed en in welke
mate de schade door de veroorzakers moet worden
vergoed
= schade, TALF, oorzakelijk verband, gedeelde/
mede-A
= de verbintenis die ontsaat tussen de benadeelde
en Ake
Contributio: hoe de last dient te worden verdeeld tussen
de Aken
De onderlinge gehoudendheid van mede-Ake
- gaat altijd over direct of indirect door de Ake veroorzaakte schade
2) SVR:
- geheel van regels die bepalen in welke omstandigheden een
persoon die schade lijdt een recht op schadeloosstelling heeft
(ongeacht op wie de schadeloosstellingsplicht rust
4