Hoge en late middeleeuwen (1000-1500): Renaissance van de 12de
eeuw (Deze HC)
FRANKISCHE PERIODE: FEODALITEIT
9,10,11e eeuw blijft feodaliteit, maar er gaat een fragmentatie
plaatsvinden (rijk verbrokkelt).
Fragmentatie
Frankisch erfrecht: geen primogenituur= erfenis verdeeld over
alle zonen
- West-Francia Karel de Kale (FR)
- Lotharingen Lotharius (verbrokkelt en opgenomen door Oost- en
West-Francia)
- Oost-Francia Lodewijk de Duitser (HRR-
-->2 grote machten blijven over over: Links Frankrijk en rechts HRR.
Invasies (9e&10e eeuw)
Noormannen, Hongaren & Arabieren vallen FR en HRR-lokaal aan.
Door plundertochten voelen mensen zich beter beschermd door de
lokale leenheer dan door de koning → Leenmannen worden
machtiger en onafhankelijker.
Koning vs Leenmannen
Frankrijk (11de & 12e eeuw) verbrokkeld; bestuur is
gedecentraliseerd. De koning controleert enkel het kroongebied
(lichtblauw). In 12e & 13e eeuw start centralisatie: koning herwint
gebieden via huwelijkspolitiek en militaire acties.
13e eeuw is FR grotendeels gecentraliseerd (dia 5)
HRR: eerst decentralisatie, dan al snel centralisatie (11e eeuw).
Keizers proberen deelgebieden terug te controleren. Schelde= grens
(links: Frankrijk). Dia 7
INVESTITUURSTRIJD
Strijd tussen keizer en de paus. Eerst bisschop centrale figuur, paus had
een kleine rol. 9e-11e eeuw stond kerk in de greep van wereldlijke
machten. Koning/keizers benoemen abten en bisschoppen (niet de paus)
lekeninvestituur. Lokale heren stichten/financieren kleine kerken → blijven
hun bezit → rijkskerk (kerk in greep van het rijk).
Aanpak door Paus Gregorius VII (11e eeuw) – Gregoriaanse
hervorming
1. Intern: misbruik in de kerk bestrijden (celibaat, simonie)
, 2. Extern: libertas ecclesiae (=vrijheid van kerk) herstellen verbod op
lekeninvestituur. Onafhankelijkheid van de clerus herstellen.
Investituurstrijd: Leidt tot strijd tussen paus en keizer (50jaar).
INVESTITUURSTRIJD: SUPREMATIE: Wie heeft de grootste macht De
keizer of de paus?
Keizer: wil koning/priester zijn → wereldlijke heerser én invloed in de kerk
Paus: wil priester/koning zijn → geestelijke leider die boven alle vorsten
staat (theocratie
Dictatus Papae (1075): Door paus opgesteld om zijn machtsaanspraken
te versterken. Bepalingen: Kerk mag door niemand worden berecht, kerk
van Rome heeft nooit gefaald & paus heeft de macht om een keizer af te
zetten. Gebaseerd op theorie van paus Gelasius I, maar aangepast ten
voordele van pauselijke suprematie.
TWEEZWAARDENLEER
Oorspronkelijke uitleg: Gebaseerd op vers uit NT. 2 zwaarden= 2
machten → geestelijke en wereldlijke macht. Door God ingesteld,
onafhankelijk en soeverein in eigen domein. Duidelijke scheiding kerk-
staat, maar met samenwerking.
Gregoriaanse uitleg: Beide zwaarden in handen van de apostelen.
Paus= opvolger van Petrus → heeft beschikkingsmacht over beide
zwaarden. Wereldlijk zwaard voor vrijwillig en herroepbaar aan de keizer
gegeven → vorsten danken hun macht aan de paus, dus geestelijke macht
primeert → theocratie.
- Concordaat van Worms (1122): Overeenkomst tussen wereldlijke
of geestelijke overheid. Onderscheid tussen temporalia (wereldlijke
bevoegdheden) en sprilitualia (geestelijke bevoegdheden).
Probleem: Prinsbisdommen: bisschop = zowel wereldlijk leider als
geestelijk leider. Compromis: keizer doet afstand van de
verkiezing en investituur van bishoppen/abten als kerkelijke leiders.
Paus aanvaardt dat bisschoppen door de keizer worden aangesteld
als leenmannen voor hun wereldlijke functies.
- Slechts ‘wapenstilstand’. Later nog pausen die theocratie
nastreven. Hoogtepunt: 13de eeuw (Innocentius IV, Bonifatius
eeuw (Deze HC)
FRANKISCHE PERIODE: FEODALITEIT
9,10,11e eeuw blijft feodaliteit, maar er gaat een fragmentatie
plaatsvinden (rijk verbrokkelt).
Fragmentatie
Frankisch erfrecht: geen primogenituur= erfenis verdeeld over
alle zonen
- West-Francia Karel de Kale (FR)
- Lotharingen Lotharius (verbrokkelt en opgenomen door Oost- en
West-Francia)
- Oost-Francia Lodewijk de Duitser (HRR-
-->2 grote machten blijven over over: Links Frankrijk en rechts HRR.
Invasies (9e&10e eeuw)
Noormannen, Hongaren & Arabieren vallen FR en HRR-lokaal aan.
Door plundertochten voelen mensen zich beter beschermd door de
lokale leenheer dan door de koning → Leenmannen worden
machtiger en onafhankelijker.
Koning vs Leenmannen
Frankrijk (11de & 12e eeuw) verbrokkeld; bestuur is
gedecentraliseerd. De koning controleert enkel het kroongebied
(lichtblauw). In 12e & 13e eeuw start centralisatie: koning herwint
gebieden via huwelijkspolitiek en militaire acties.
13e eeuw is FR grotendeels gecentraliseerd (dia 5)
HRR: eerst decentralisatie, dan al snel centralisatie (11e eeuw).
Keizers proberen deelgebieden terug te controleren. Schelde= grens
(links: Frankrijk). Dia 7
INVESTITUURSTRIJD
Strijd tussen keizer en de paus. Eerst bisschop centrale figuur, paus had
een kleine rol. 9e-11e eeuw stond kerk in de greep van wereldlijke
machten. Koning/keizers benoemen abten en bisschoppen (niet de paus)
lekeninvestituur. Lokale heren stichten/financieren kleine kerken → blijven
hun bezit → rijkskerk (kerk in greep van het rijk).
Aanpak door Paus Gregorius VII (11e eeuw) – Gregoriaanse
hervorming
1. Intern: misbruik in de kerk bestrijden (celibaat, simonie)
, 2. Extern: libertas ecclesiae (=vrijheid van kerk) herstellen verbod op
lekeninvestituur. Onafhankelijkheid van de clerus herstellen.
Investituurstrijd: Leidt tot strijd tussen paus en keizer (50jaar).
INVESTITUURSTRIJD: SUPREMATIE: Wie heeft de grootste macht De
keizer of de paus?
Keizer: wil koning/priester zijn → wereldlijke heerser én invloed in de kerk
Paus: wil priester/koning zijn → geestelijke leider die boven alle vorsten
staat (theocratie
Dictatus Papae (1075): Door paus opgesteld om zijn machtsaanspraken
te versterken. Bepalingen: Kerk mag door niemand worden berecht, kerk
van Rome heeft nooit gefaald & paus heeft de macht om een keizer af te
zetten. Gebaseerd op theorie van paus Gelasius I, maar aangepast ten
voordele van pauselijke suprematie.
TWEEZWAARDENLEER
Oorspronkelijke uitleg: Gebaseerd op vers uit NT. 2 zwaarden= 2
machten → geestelijke en wereldlijke macht. Door God ingesteld,
onafhankelijk en soeverein in eigen domein. Duidelijke scheiding kerk-
staat, maar met samenwerking.
Gregoriaanse uitleg: Beide zwaarden in handen van de apostelen.
Paus= opvolger van Petrus → heeft beschikkingsmacht over beide
zwaarden. Wereldlijk zwaard voor vrijwillig en herroepbaar aan de keizer
gegeven → vorsten danken hun macht aan de paus, dus geestelijke macht
primeert → theocratie.
- Concordaat van Worms (1122): Overeenkomst tussen wereldlijke
of geestelijke overheid. Onderscheid tussen temporalia (wereldlijke
bevoegdheden) en sprilitualia (geestelijke bevoegdheden).
Probleem: Prinsbisdommen: bisschop = zowel wereldlijk leider als
geestelijk leider. Compromis: keizer doet afstand van de
verkiezing en investituur van bishoppen/abten als kerkelijke leiders.
Paus aanvaardt dat bisschoppen door de keizer worden aangesteld
als leenmannen voor hun wereldlijke functies.
- Slechts ‘wapenstilstand’. Later nog pausen die theocratie
nastreven. Hoogtepunt: 13de eeuw (Innocentius IV, Bonifatius