Taak 1: Public Health
Leerdoel 1: Wanneer is iets een bedreiging voor de volksgezondheid?
Een bedreiging voor de volksgezondheid = elke negatieve invloed op één van de
determinanten van gezondheid.
Wat is Public Health?
Public health = het vakgebied dat zich richt op:
• De volksgezondheid
• Collectieve maatregelen om gezondheid te bevorderen
Engelse definitie:
The science and art of preventing disease, prolonging life and promoting health through the
organized efforts of society.
➔ Focus op
o Preventie
o Gezondheid bevorderen
o Collectieve aanpak en inspanningen
In Nederland
• GGD (publieke gezondheid)
• Sociale geneeskunde: wisselwerking tussen mens en omgeving (materieel & immaterieel)
Paradigma van public health (3 ideeën)
1. Gezondheidsproblemen komen vooral door ongunstige omgevingsinvloeden
→ preventie is mogelijk
2. Collectieve maatregelen zijn meest effectief
3. Kwantitatieve onderzoeksmethoden zijn het best geschikt voor bestuderen & oplossen
van problemen
,Leerdoel 2: Veranderingen in bedreigingen van public health
Ontwikkeling Public Health
–500
• Mortaliteit is hoog en fluctuerend
• Lage en variabele levensverwachting
• Eerste toiletten/latrines in het Romeinse Rijk → bovengrondse riolering
• Hippocrates
o Introduceert klinische observatie en documentatie
o Airs, Waters, Places: invloed van omgeving op gezondheid
500–1750
• Mortaliteit blijft hoog en fluctuerend
• Levensverwachting blijft laag en variabel
• Lepra-piek tijdens kruistochten
• Regimen sanitatis: voorschriften voor gezond gedrag
• 1346–1350: De pest
o Invoering quarantaine (quaranta giorni = 40 dagen)
• 1722: vaccinatie-experiment tegen pokken
o Met pus uit koepokken (→ vacca = koe)
1750–1850
• Mortaliteit blijft hoog en fluctuerend
• Levensverwachting blijft laag en variabel
• Cholera-epidemieën
• Ontstaan van de Sanitaire beweging
o Verbetering hygiëne en leefomstandigheden
1850–1950
• Mortaliteit daalt
• Levensverwachting stijgt langzaam
• Populatie blijft groeien
• Verbeteringen in publieke infrastructuur:
o Ondergrondse riolering
o Schoon drinkwater
• 1914: pest in Philadelphia
• 1928: ontdekking antibiotica
• Thomas McKeown-hypothese
o Daling infectieziekten vóór 1950 vooral door sociaaleconomische & betere hygiëne
o Niet door medische interventies
• Grote vooruitgang in volksgezondheid
,Cholera
Kenmerken
• Voornamelijk vóór 1850
• Ernstige symptomen
• Oorzaak onbekend → moeilijk te bestrijden
Doorbraak (1854) — John Snow
• Cholera-kaart → clustering rond Broad Street-pomp
• Verwijderen pomp-hendel → besmettingen daalden
Verdere ontwikkeling
• 1855 → Vibrio cholerae ontdekt
• 1880 → vaccin (Pasteur)
• 1928–1943 → antibiotica
→ Nog steeds probleem in landen met slechte sanitair
Demografische transitie
Overgang in 100–150 jaar: hoge geboorte- en sterftecijfers → lage geboorte- en sterftecijfers
Kenmerken & gevolgen
• Sterfte daalt 1850–1950
• Daling in geboorte
→ levensverwachting stijgt
→ populatie groeit
Historische ontwikkeling
• Duizenden jaren: gemiddelde levensverwachting ± 30 jaar
• 1850: ± 40 jaar
• Nu:
o Mannen: 80,5 jaar
o Vrouwen: 83,3 jaar
Oorzaken daling sterfte
• Hygiëne
• Riolering & schoon drinkwater
• Betere huisvesting
• Betere voeding
• Verbeterde arbeidsomstandigheden
→ Medische interventies droegen later en minder bij dan publieke voorzieningen
(Thomas McKeown)
, Epidemiologische transitie
➔ Verandering in het doodsoorzakenpatroon:
o Infectieziekten → chronische/degeneratieve aandoeningen
Fasen
1. Tot ±1850 — Epidemieën & hongersnood
• Hoge sterfte, grote fluctuaties
• Infectieziekten zoals cholera
• Lage en variabele levensverwachting
2. 1850–1950 — Afnemende pandemieën
• Infectieziekten nemen af
• Sterfte daalt → levensverwachting stijgt
• Populatie groeit
• Doodsoorzaken verschuiven naar kanker, HVZ, ongelukken
3. 1950–1970 — Degeneratieve / welvaartsziekten
• Sterfte vooral door:
o Hart- en vaatziekten
o Kanker
o Diabetes type 2
o Overgewicht
• Sterfte daalt en stabiliseert; fertiliteit bepaalt groei
4. Na 1970 — Uitgestelde degeneratieve ziekten
• Aandoeningen treden later op → delayed degenerative diseases
• Sterfte daalt verder
• Afname HVZ en letsels
• Nieuwe infectieziekten
Compressie van morbiditeit
• Mensen leven langer, ziekten verschijnen later in het leven
→ Aantal jaren met ziekte blijft gelijk, maar op hogere leeftijd
Bijdrage gezondheidszorg
• 20e eeuw: zorgverbetering leverde +5 tot +8 jaar levensverwachting
Leerdoel 1: Wanneer is iets een bedreiging voor de volksgezondheid?
Een bedreiging voor de volksgezondheid = elke negatieve invloed op één van de
determinanten van gezondheid.
Wat is Public Health?
Public health = het vakgebied dat zich richt op:
• De volksgezondheid
• Collectieve maatregelen om gezondheid te bevorderen
Engelse definitie:
The science and art of preventing disease, prolonging life and promoting health through the
organized efforts of society.
➔ Focus op
o Preventie
o Gezondheid bevorderen
o Collectieve aanpak en inspanningen
In Nederland
• GGD (publieke gezondheid)
• Sociale geneeskunde: wisselwerking tussen mens en omgeving (materieel & immaterieel)
Paradigma van public health (3 ideeën)
1. Gezondheidsproblemen komen vooral door ongunstige omgevingsinvloeden
→ preventie is mogelijk
2. Collectieve maatregelen zijn meest effectief
3. Kwantitatieve onderzoeksmethoden zijn het best geschikt voor bestuderen & oplossen
van problemen
,Leerdoel 2: Veranderingen in bedreigingen van public health
Ontwikkeling Public Health
–500
• Mortaliteit is hoog en fluctuerend
• Lage en variabele levensverwachting
• Eerste toiletten/latrines in het Romeinse Rijk → bovengrondse riolering
• Hippocrates
o Introduceert klinische observatie en documentatie
o Airs, Waters, Places: invloed van omgeving op gezondheid
500–1750
• Mortaliteit blijft hoog en fluctuerend
• Levensverwachting blijft laag en variabel
• Lepra-piek tijdens kruistochten
• Regimen sanitatis: voorschriften voor gezond gedrag
• 1346–1350: De pest
o Invoering quarantaine (quaranta giorni = 40 dagen)
• 1722: vaccinatie-experiment tegen pokken
o Met pus uit koepokken (→ vacca = koe)
1750–1850
• Mortaliteit blijft hoog en fluctuerend
• Levensverwachting blijft laag en variabel
• Cholera-epidemieën
• Ontstaan van de Sanitaire beweging
o Verbetering hygiëne en leefomstandigheden
1850–1950
• Mortaliteit daalt
• Levensverwachting stijgt langzaam
• Populatie blijft groeien
• Verbeteringen in publieke infrastructuur:
o Ondergrondse riolering
o Schoon drinkwater
• 1914: pest in Philadelphia
• 1928: ontdekking antibiotica
• Thomas McKeown-hypothese
o Daling infectieziekten vóór 1950 vooral door sociaaleconomische & betere hygiëne
o Niet door medische interventies
• Grote vooruitgang in volksgezondheid
,Cholera
Kenmerken
• Voornamelijk vóór 1850
• Ernstige symptomen
• Oorzaak onbekend → moeilijk te bestrijden
Doorbraak (1854) — John Snow
• Cholera-kaart → clustering rond Broad Street-pomp
• Verwijderen pomp-hendel → besmettingen daalden
Verdere ontwikkeling
• 1855 → Vibrio cholerae ontdekt
• 1880 → vaccin (Pasteur)
• 1928–1943 → antibiotica
→ Nog steeds probleem in landen met slechte sanitair
Demografische transitie
Overgang in 100–150 jaar: hoge geboorte- en sterftecijfers → lage geboorte- en sterftecijfers
Kenmerken & gevolgen
• Sterfte daalt 1850–1950
• Daling in geboorte
→ levensverwachting stijgt
→ populatie groeit
Historische ontwikkeling
• Duizenden jaren: gemiddelde levensverwachting ± 30 jaar
• 1850: ± 40 jaar
• Nu:
o Mannen: 80,5 jaar
o Vrouwen: 83,3 jaar
Oorzaken daling sterfte
• Hygiëne
• Riolering & schoon drinkwater
• Betere huisvesting
• Betere voeding
• Verbeterde arbeidsomstandigheden
→ Medische interventies droegen later en minder bij dan publieke voorzieningen
(Thomas McKeown)
, Epidemiologische transitie
➔ Verandering in het doodsoorzakenpatroon:
o Infectieziekten → chronische/degeneratieve aandoeningen
Fasen
1. Tot ±1850 — Epidemieën & hongersnood
• Hoge sterfte, grote fluctuaties
• Infectieziekten zoals cholera
• Lage en variabele levensverwachting
2. 1850–1950 — Afnemende pandemieën
• Infectieziekten nemen af
• Sterfte daalt → levensverwachting stijgt
• Populatie groeit
• Doodsoorzaken verschuiven naar kanker, HVZ, ongelukken
3. 1950–1970 — Degeneratieve / welvaartsziekten
• Sterfte vooral door:
o Hart- en vaatziekten
o Kanker
o Diabetes type 2
o Overgewicht
• Sterfte daalt en stabiliseert; fertiliteit bepaalt groei
4. Na 1970 — Uitgestelde degeneratieve ziekten
• Aandoeningen treden later op → delayed degenerative diseases
• Sterfte daalt verder
• Afname HVZ en letsels
• Nieuwe infectieziekten
Compressie van morbiditeit
• Mensen leven langer, ziekten verschijnen later in het leven
→ Aantal jaren met ziekte blijft gelijk, maar op hogere leeftijd
Bijdrage gezondheidszorg
• 20e eeuw: zorgverbetering leverde +5 tot +8 jaar levensverwachting