Pathologie bij de neonaat
FYSIOLOGIE VAN DE TR ANSITIE
Baby wordt geboren. Begint te huilen, krijgt een kleur. Longen gaan opengaan en vullen met lucht
door surfactant en de ductus arteriosus gaat sluiten.
1 a 2 weken voor bevalling begint de voorbereiding. Catecholamines en chortisol gaan stijgen in
lichaam en gaat op die manier de verschillend organen van het lichaam voorbereiden op de
geboorte.
Gasuitwisseling via placenta voor de geboorte
Baby krijgt zuurstof en voedingsstoffen via placenta, bloedcirculatie gebeurd anders na de geboorte.
Bloed van het rechterhart gaat naar de longen, bij de foetus gaat het via rechter hart naar linker hart
en dan naar de rest van het lichaam en dan naar placenta en niet naar de longen.
Normaal 100% van bloed naar longen, bij foetus maar 10% omdat ze een beetje bloed nodig hebben
voor te groeien maar nog niet voor gasuitwisseling
Foetus: Vene = rijk bloed, arterie = arm bloed
Volwassene: Vene: arm bloed, arterie = rijk bloed
Tijdens de zwangerschap zijn de longen van de foetus niet betrokken bij de zuurstofopname. Ze zijn
gevuld met vloeistof en niet met lucht. Hierdoor staat er weinig zuurstof (lage zuurstofspanning) in
de longen.
Door die lage zuurstofspanning trekken de bloedvaten in de longen samen. Dit zorgt voor een hoge
longvaatweerstand: het bloed kan moeilijk door de longen stromen. De druk in de longbloedvaten is
daardoor hoog.
Bloed stroomt altijd de weg van de minste weerstand. Omdat de weerstand in de longen zo hoog is,
wordt het bloed bij de foetus grotendeels weggeleid van de longen en juist naar de rest van het
lichaam. Dat gebeurt via speciale foetale verbindingen (zoals het foramen ovale en de ductus
arteriosus).
Omdat de zuurstof niet via de longen maar via de placenta wordt aangevoerd, is de zuurstofsaturatie
van het foetale bloed lager dan bij volwassenen, namelijk ongeveer 60–70%. Dit is normaal voor een
foetus, maar verklaart waarom pasgeborenen er blauwachtig (cyanotisch) uit kunnen zien direct na
de geboorte.
Na de geboorte, bij de eerste ademteugen, vullen de longen zich met lucht, stijgt de
zuurstofspanning, daalt de longvaatweerstand en gaat het bloed wél door de longen stromen
1
, Pathologie bij de neonaat
2 shunts leiden bloed weg van de longen
- Foramen ovale: rechtervoorkamer naar linkervoorkamer
- Ductus arteriosus: gaat bloed van longarterie rechtstreeks naar aorta boog om zo naar rest
van lichaam te brengen
Geboorte van de baby:
- Wegvallen van de placentacirculatie de systeemweerstand gaat dan stijgen
- Op gang komen van de ademhaling ontplooien van de longen (longen gaan vullen met
lucht) longvaatweerstand gaat dan dalen
- Sluiten van de ductus arteriosus en meestal ook foramen ovale
- Nu gaat gasuitwisseling plaatsvinden via de longen ipv placenta
Foetus = systeemweerstand laag & longvaatweerstand hoog
Pasgeborenen = systeemweerstand hoog & longvaatweerstand laag
Baby gaat eerste ademhaling doen in 3 stappen
1. Toename van de longcirculatie
2. Aanmaak en secretie van surfactant in de longen
3. Resorptie ipv secretie van longvocht
2
, Pathologie bij de neonaat
TOENAME VAN DE LONGC IRCULATIE
1) Ontplooiing van de longen
- Rek van enotheel van de bloedvaten
- Vrijstellen van NO (nitric oxide) => relaxatie van de gladde spiercellen in de longcapillairen
2) Zuurstofaanvoer in de longblaasjes
- Diffusie van O2 naar capillairen
1 + 2 zorgt voor vasodilatatie in de longbloedvaten. Hierdoor krijg je:
- Verhoogde bloedflow ter hoogte van beide longen
- Verlaagde druk ter hoogte van rechter hart
Toename weerstand in lichaamscirculatie doordat de navelstreng wordt afgeklemd en dus de
lage weerstandscirculatie van de placenta wegvalt, gaat de druk in linker hart en aorta
toenemen. (ipv 10% gaat er nu 100% bloed van hart naar longen)
Zuurstof is de prikkel die voor volgende 3 zaken zorgt:
Omkeren van shunt doorheen ductus arteriosus (L R)
Sluiten van ductus arteriosus onder invloed van O2
Sluiten van foramen ovale door betere vulling linker atrium
Samenvattend:
Bij een foetus gaat het bloed via de placenta rechtstreeks naar het hart en daar van rechter naar
linkervoorkamer via de forame ovale en zo naar het lichaam. Het bloed dat wel in de longslagader
terecht komt gaat via ductus arteriosus rechtstreeks naar aorta. Bij de foetus worden de longen dus
omzeild.
Bij een pasgeborene gaat het bloed van rechtervoorkamer naar rechterkamer en dan naar de longen.
Nadien gaat het via de linke voorkamer naar de linkerkamer en zo naar het lichaam. De foramen
ovale en ductus arteriosus sluiten zich en verliezen hun functie. Hier spelen de longen wel een grote
functie voor het bloedtransport.
3
, Pathologie bij de neonaat
AANMAAK EN SECRETIE VAN SURFACTANT IN DE LONGEN
Surfactant =
- Mengsel van eiwitten en vetten
- Wordt geproduceerd door type 2 cellen in de longblaasjes
- Verlaagt de oppervlaktespanning waardoor de longblaasjes niet samenvallen/toevallen
- Zorgt ervoor dat FRC (=functionele reservecapaciteit) kan opgebouwd worden in de longen.
*FRC zorgt ervoor dat er steeds een beetje lucht in de longen blijft
Surfactant begint rond de 24ste week van de zwangerschap aan te maken. Vanaf 32-34 weken (+/-
36weken) heb je voldoende surfactant om zelf te kunnen ademen. Op 24 weken heb je al wel grote
luchtwegenconstructies maar nog geen alveoli.
Bij vermoeden van prematuriteit geven we corticosteroïden aan zwangere vrouw, vermits dit de
aanmaak van surfactant versneld.
RESORPTIE IPV SECRETIE VAN LONGVOCHT
Longvocht wordt voor de geboorte geproduceerd in longblaasjes. Ongeveer 25-30ml/kg vloeistof
tijdens de laatste weken van zwangerschap.
Longvocht is nodig om de longen ontplooid te houden maar ook voor een stabiel en steriel milieu van
de longen. Maar bij de geboorte moet dit verdwijnen zodat longen zich kunnen vullen met lucht.
3 mechanismen om longvocht te resorberen
Verdrijving van vocht door mechanische drukverhoging in de thorax tijdens contracties en
door de geboorte (vaginal squeeze)
Resportie van vocht doorheen natriumkanalen
Die kanaaltjes zitten in celmembraan, dus in omleiding van longepitheel en die worden
geactiveerd net voor geboorte, soort pomp die natrium uit longblaasje gaat pompen gaat het
vocht van zelf erin om de verhouding te evenaren
Vrijmaken van claerance van longvloeistof tijdens eerste ademhalingen
– 1ste inspiraties: onderdruk thv van pleurale ruimte en interstitium drukgradiënt
met relatieve overdruk in de luchtwegen tov interstitium
– Expiratiefase: huilen, sluiten van glottis, aanspannen van diafragma zorgen ervoor
dat longen niet opnieuw met vocht gevuld worden
Problemen bij de transitie kunnen resulteren in ademhalingsmoeilijkheden bij de baby
Ziektebeelden
- Afhankelijk van pathofysiologie/oorzaak
- Afhankelijk van zwangerschapsduur en postnatale leeftijd
4
FYSIOLOGIE VAN DE TR ANSITIE
Baby wordt geboren. Begint te huilen, krijgt een kleur. Longen gaan opengaan en vullen met lucht
door surfactant en de ductus arteriosus gaat sluiten.
1 a 2 weken voor bevalling begint de voorbereiding. Catecholamines en chortisol gaan stijgen in
lichaam en gaat op die manier de verschillend organen van het lichaam voorbereiden op de
geboorte.
Gasuitwisseling via placenta voor de geboorte
Baby krijgt zuurstof en voedingsstoffen via placenta, bloedcirculatie gebeurd anders na de geboorte.
Bloed van het rechterhart gaat naar de longen, bij de foetus gaat het via rechter hart naar linker hart
en dan naar de rest van het lichaam en dan naar placenta en niet naar de longen.
Normaal 100% van bloed naar longen, bij foetus maar 10% omdat ze een beetje bloed nodig hebben
voor te groeien maar nog niet voor gasuitwisseling
Foetus: Vene = rijk bloed, arterie = arm bloed
Volwassene: Vene: arm bloed, arterie = rijk bloed
Tijdens de zwangerschap zijn de longen van de foetus niet betrokken bij de zuurstofopname. Ze zijn
gevuld met vloeistof en niet met lucht. Hierdoor staat er weinig zuurstof (lage zuurstofspanning) in
de longen.
Door die lage zuurstofspanning trekken de bloedvaten in de longen samen. Dit zorgt voor een hoge
longvaatweerstand: het bloed kan moeilijk door de longen stromen. De druk in de longbloedvaten is
daardoor hoog.
Bloed stroomt altijd de weg van de minste weerstand. Omdat de weerstand in de longen zo hoog is,
wordt het bloed bij de foetus grotendeels weggeleid van de longen en juist naar de rest van het
lichaam. Dat gebeurt via speciale foetale verbindingen (zoals het foramen ovale en de ductus
arteriosus).
Omdat de zuurstof niet via de longen maar via de placenta wordt aangevoerd, is de zuurstofsaturatie
van het foetale bloed lager dan bij volwassenen, namelijk ongeveer 60–70%. Dit is normaal voor een
foetus, maar verklaart waarom pasgeborenen er blauwachtig (cyanotisch) uit kunnen zien direct na
de geboorte.
Na de geboorte, bij de eerste ademteugen, vullen de longen zich met lucht, stijgt de
zuurstofspanning, daalt de longvaatweerstand en gaat het bloed wél door de longen stromen
1
, Pathologie bij de neonaat
2 shunts leiden bloed weg van de longen
- Foramen ovale: rechtervoorkamer naar linkervoorkamer
- Ductus arteriosus: gaat bloed van longarterie rechtstreeks naar aorta boog om zo naar rest
van lichaam te brengen
Geboorte van de baby:
- Wegvallen van de placentacirculatie de systeemweerstand gaat dan stijgen
- Op gang komen van de ademhaling ontplooien van de longen (longen gaan vullen met
lucht) longvaatweerstand gaat dan dalen
- Sluiten van de ductus arteriosus en meestal ook foramen ovale
- Nu gaat gasuitwisseling plaatsvinden via de longen ipv placenta
Foetus = systeemweerstand laag & longvaatweerstand hoog
Pasgeborenen = systeemweerstand hoog & longvaatweerstand laag
Baby gaat eerste ademhaling doen in 3 stappen
1. Toename van de longcirculatie
2. Aanmaak en secretie van surfactant in de longen
3. Resorptie ipv secretie van longvocht
2
, Pathologie bij de neonaat
TOENAME VAN DE LONGC IRCULATIE
1) Ontplooiing van de longen
- Rek van enotheel van de bloedvaten
- Vrijstellen van NO (nitric oxide) => relaxatie van de gladde spiercellen in de longcapillairen
2) Zuurstofaanvoer in de longblaasjes
- Diffusie van O2 naar capillairen
1 + 2 zorgt voor vasodilatatie in de longbloedvaten. Hierdoor krijg je:
- Verhoogde bloedflow ter hoogte van beide longen
- Verlaagde druk ter hoogte van rechter hart
Toename weerstand in lichaamscirculatie doordat de navelstreng wordt afgeklemd en dus de
lage weerstandscirculatie van de placenta wegvalt, gaat de druk in linker hart en aorta
toenemen. (ipv 10% gaat er nu 100% bloed van hart naar longen)
Zuurstof is de prikkel die voor volgende 3 zaken zorgt:
Omkeren van shunt doorheen ductus arteriosus (L R)
Sluiten van ductus arteriosus onder invloed van O2
Sluiten van foramen ovale door betere vulling linker atrium
Samenvattend:
Bij een foetus gaat het bloed via de placenta rechtstreeks naar het hart en daar van rechter naar
linkervoorkamer via de forame ovale en zo naar het lichaam. Het bloed dat wel in de longslagader
terecht komt gaat via ductus arteriosus rechtstreeks naar aorta. Bij de foetus worden de longen dus
omzeild.
Bij een pasgeborene gaat het bloed van rechtervoorkamer naar rechterkamer en dan naar de longen.
Nadien gaat het via de linke voorkamer naar de linkerkamer en zo naar het lichaam. De foramen
ovale en ductus arteriosus sluiten zich en verliezen hun functie. Hier spelen de longen wel een grote
functie voor het bloedtransport.
3
, Pathologie bij de neonaat
AANMAAK EN SECRETIE VAN SURFACTANT IN DE LONGEN
Surfactant =
- Mengsel van eiwitten en vetten
- Wordt geproduceerd door type 2 cellen in de longblaasjes
- Verlaagt de oppervlaktespanning waardoor de longblaasjes niet samenvallen/toevallen
- Zorgt ervoor dat FRC (=functionele reservecapaciteit) kan opgebouwd worden in de longen.
*FRC zorgt ervoor dat er steeds een beetje lucht in de longen blijft
Surfactant begint rond de 24ste week van de zwangerschap aan te maken. Vanaf 32-34 weken (+/-
36weken) heb je voldoende surfactant om zelf te kunnen ademen. Op 24 weken heb je al wel grote
luchtwegenconstructies maar nog geen alveoli.
Bij vermoeden van prematuriteit geven we corticosteroïden aan zwangere vrouw, vermits dit de
aanmaak van surfactant versneld.
RESORPTIE IPV SECRETIE VAN LONGVOCHT
Longvocht wordt voor de geboorte geproduceerd in longblaasjes. Ongeveer 25-30ml/kg vloeistof
tijdens de laatste weken van zwangerschap.
Longvocht is nodig om de longen ontplooid te houden maar ook voor een stabiel en steriel milieu van
de longen. Maar bij de geboorte moet dit verdwijnen zodat longen zich kunnen vullen met lucht.
3 mechanismen om longvocht te resorberen
Verdrijving van vocht door mechanische drukverhoging in de thorax tijdens contracties en
door de geboorte (vaginal squeeze)
Resportie van vocht doorheen natriumkanalen
Die kanaaltjes zitten in celmembraan, dus in omleiding van longepitheel en die worden
geactiveerd net voor geboorte, soort pomp die natrium uit longblaasje gaat pompen gaat het
vocht van zelf erin om de verhouding te evenaren
Vrijmaken van claerance van longvloeistof tijdens eerste ademhalingen
– 1ste inspiraties: onderdruk thv van pleurale ruimte en interstitium drukgradiënt
met relatieve overdruk in de luchtwegen tov interstitium
– Expiratiefase: huilen, sluiten van glottis, aanspannen van diafragma zorgen ervoor
dat longen niet opnieuw met vocht gevuld worden
Problemen bij de transitie kunnen resulteren in ademhalingsmoeilijkheden bij de baby
Ziektebeelden
- Afhankelijk van pathofysiologie/oorzaak
- Afhankelijk van zwangerschapsduur en postnatale leeftijd
4