ECG
12- afleidingen
Algemeen
De elektrische activiteit die door het hart gaat straalt uit naar het huidoppervlak. Door het
plaatsen van uitwendige (huid)elektroden kan de elektrische activiteit gemeten worden.
ECG = elektrische activiteit van het hart à zegt niets over de pompfunctie!
Afleiding = een projectie van de resulterende vector op de as van de afleiding
Extremiteitsafleiding
De extremiteitselektroden worden bij voorkeur geplaatst op de polsen en enkels:
o L geel - plaatsing op de pols van de linkerarm.
o R rood- plaatsing op de pols van de rechterarm.
o F groen - plaatsing op de enkel van het linkerbeen.
o N zwart - plaatsing op de enkel van het rechterbeen.
(Neutraal is de elektrische aarde of nulpunt tov de elektrische spanning wordt
gemeten.)
Er is ook nog een ander alternatief op het plaatsen van schouders en heupen
Driehoek van Einthoven
o Meet tussen 2 elektrodes:
I van rechter- naar linkerarm
II van rechterarm naar linkerbeen
III van linkerarm naar linkerbeen
Aangevuld met afleidingen van Golderberger
o Hebben als centrum het elektrisch gemiddelde
van extremiteitsafleidingen (onghet hart zelf).
AVL wijst naar de Linkerarm
AVR naar de Rechterarm
AVF naar de voet (Foot)
Jana Scholte 5/10/2022
,Precordialen
De precordialen (borstwandafleidingen) = set van 6 elektroden om naar de elektrische
activiteit aan een specifieke zijde van het hart te kijken:
o V1 - Geplaatst in de 4e intercostaalruimte rechts van het borstbeen.
o V2 - Geplaatst in de 4e intercostaalruimte links van het borstbeen.
o V3 - Geplaatst halverwege tussen V2 en V4.
o V4 - Geplaatst in de 5e intercostaalruimte in de mid-claviculairlijn.
o V5 - Geplaatst halverwege tussen V4 en V6.
o V6 - Geplaatst in de mid-axillairlijn op dezelfde hoogte als V4.
à Kijken vanuit hun borstelektrodes naar het elektrisch gemiddelde. (centrum van het hart).
Afleiding V1 en V2
o kijken naar de activatie aan de rechterzijde van het hart (septale afleiding).
o Gemeten activiteit v/d rechterventrikel en rechteratrium zijn hier het sterkst.
o Vector van het kamerseptum geregistreert. De initiële vector van links naar rechts
(eigenlijk van achter naar voren).
Afleiding V3 en V4
o kijken naar de activatie a/d voorwand van hart, met de voorwand van de
linkerventrikel in het bijzonder (anterior afleiding).
Afleiding V5 en V6
o kijken naar de activatie aan de linkerzijde van het hart (lateraal afleiding).
o De gemeten activiteit van de laterale linkerventrikel is hier het sterkst..
ECG interpreteren 7 stappen + 2 stappen
1) Frequentie en regelmaat
2) Ritme(stoornis)
3) Geleidingstijden
4) Hartas
5) P-top morfologie
6) QRS morfologie
7) ST morfologie
Vergelijking met het oude ECG’s
Conclusie
Jana Scholte 5/10/2022
, Frequentie
Normale hartfrequentie: 60 – 99 bpm (C)
Te trage hartfrequentie = bradycardie: <
60 bpm (B)
Te snelle hartfrequentie = tachycardie: >
100bpm (A)
R-toppen tellen.
Als voorbeeld nemen we een ECG dat in 10 seconden is geschreven. Tel het aantal R-toppen
bij het QRS-complex en vermenigvuldig deze met 6 (er zit 6x 10 seconden in 1 minuut)
Voorbeeld: tel je 12 R-toppen dan lees je hartfrequentie 72.
Regelmaat
Regelmatig of onregematig ritme:
o Staan alle R-toppen van het QRS-complex
op gelijke afstand? Soms is het handig om
een latje ertegen te houden, zeker bij
snelle ritmes is het moeilijk om te zien of
het regelmatig of onregelmatig is. Een
lichte variatie (10%) is mogelijk door de
ademhaling
Ritme(stoornis)
Stap 2 is het bepalen van het basisritme. Is er sprake van?
o Sinusritme
o Smal-complex-tachycardieën (QRS <0,12sec)
o Breed-complex-tachycardieën (QRS >0,12sec)
o Bradycardie
Jana Scholte 5/10/2022
12- afleidingen
Algemeen
De elektrische activiteit die door het hart gaat straalt uit naar het huidoppervlak. Door het
plaatsen van uitwendige (huid)elektroden kan de elektrische activiteit gemeten worden.
ECG = elektrische activiteit van het hart à zegt niets over de pompfunctie!
Afleiding = een projectie van de resulterende vector op de as van de afleiding
Extremiteitsafleiding
De extremiteitselektroden worden bij voorkeur geplaatst op de polsen en enkels:
o L geel - plaatsing op de pols van de linkerarm.
o R rood- plaatsing op de pols van de rechterarm.
o F groen - plaatsing op de enkel van het linkerbeen.
o N zwart - plaatsing op de enkel van het rechterbeen.
(Neutraal is de elektrische aarde of nulpunt tov de elektrische spanning wordt
gemeten.)
Er is ook nog een ander alternatief op het plaatsen van schouders en heupen
Driehoek van Einthoven
o Meet tussen 2 elektrodes:
I van rechter- naar linkerarm
II van rechterarm naar linkerbeen
III van linkerarm naar linkerbeen
Aangevuld met afleidingen van Golderberger
o Hebben als centrum het elektrisch gemiddelde
van extremiteitsafleidingen (onghet hart zelf).
AVL wijst naar de Linkerarm
AVR naar de Rechterarm
AVF naar de voet (Foot)
Jana Scholte 5/10/2022
,Precordialen
De precordialen (borstwandafleidingen) = set van 6 elektroden om naar de elektrische
activiteit aan een specifieke zijde van het hart te kijken:
o V1 - Geplaatst in de 4e intercostaalruimte rechts van het borstbeen.
o V2 - Geplaatst in de 4e intercostaalruimte links van het borstbeen.
o V3 - Geplaatst halverwege tussen V2 en V4.
o V4 - Geplaatst in de 5e intercostaalruimte in de mid-claviculairlijn.
o V5 - Geplaatst halverwege tussen V4 en V6.
o V6 - Geplaatst in de mid-axillairlijn op dezelfde hoogte als V4.
à Kijken vanuit hun borstelektrodes naar het elektrisch gemiddelde. (centrum van het hart).
Afleiding V1 en V2
o kijken naar de activatie aan de rechterzijde van het hart (septale afleiding).
o Gemeten activiteit v/d rechterventrikel en rechteratrium zijn hier het sterkst.
o Vector van het kamerseptum geregistreert. De initiële vector van links naar rechts
(eigenlijk van achter naar voren).
Afleiding V3 en V4
o kijken naar de activatie a/d voorwand van hart, met de voorwand van de
linkerventrikel in het bijzonder (anterior afleiding).
Afleiding V5 en V6
o kijken naar de activatie aan de linkerzijde van het hart (lateraal afleiding).
o De gemeten activiteit van de laterale linkerventrikel is hier het sterkst..
ECG interpreteren 7 stappen + 2 stappen
1) Frequentie en regelmaat
2) Ritme(stoornis)
3) Geleidingstijden
4) Hartas
5) P-top morfologie
6) QRS morfologie
7) ST morfologie
Vergelijking met het oude ECG’s
Conclusie
Jana Scholte 5/10/2022
, Frequentie
Normale hartfrequentie: 60 – 99 bpm (C)
Te trage hartfrequentie = bradycardie: <
60 bpm (B)
Te snelle hartfrequentie = tachycardie: >
100bpm (A)
R-toppen tellen.
Als voorbeeld nemen we een ECG dat in 10 seconden is geschreven. Tel het aantal R-toppen
bij het QRS-complex en vermenigvuldig deze met 6 (er zit 6x 10 seconden in 1 minuut)
Voorbeeld: tel je 12 R-toppen dan lees je hartfrequentie 72.
Regelmaat
Regelmatig of onregematig ritme:
o Staan alle R-toppen van het QRS-complex
op gelijke afstand? Soms is het handig om
een latje ertegen te houden, zeker bij
snelle ritmes is het moeilijk om te zien of
het regelmatig of onregelmatig is. Een
lichte variatie (10%) is mogelijk door de
ademhaling
Ritme(stoornis)
Stap 2 is het bepalen van het basisritme. Is er sprake van?
o Sinusritme
o Smal-complex-tachycardieën (QRS <0,12sec)
o Breed-complex-tachycardieën (QRS >0,12sec)
o Bradycardie
Jana Scholte 5/10/2022