Uithouding
❗ De capaciteit om een statische of dynamische arbeid van een bepaalde
intensiteit zo lang mogelijk vol te houden. Vermoeidheid is de
voornaamste limiterende factor.
→ Vermoeidheid heeft verschillende vormen: glucose op, verzuring optreden,
anaerobe uitputting ...
Operationalisatie vanuit de fysiologie
De energie leverende systemen
❗ Vermogen = snelheid waarmee het systeem energie kan leveren.
Capaciteit = hoe lang men dit systeem kan aanspreken.
Fosfageen systeem = anaeroob alactisch:
Groot vermogen, maar beperkte capaciteit.
Pieksnelheid is bereikt na 4 - 6 seconden.
Glycolytisch systeem = anaeroob lactisch:
Glucose/ glycogeen wordt omgezet naar ATP en pyruvaat dat verder
wordt omgezet naar lactaat.
Dit wordt aangesproken voor 4 - 5 minuten.
Mittochondriaal respiratie = aeroob alactisch:
Pyruvaat wordt verder omgezet in de oxidatieve fosforylatie.
Laag vermogen, maar hoge capaciteit.
Uithouding 1
, Anaeroob versus aerobe uithouding.
Activiteiten van 1 of 2 minuten: anaerobe uithouding.
Activiteiten van langer dan 2 minuten: aerobe uithouding.
Anaërobe uithoudingsvermogen
❗ Energielevering voornamelijk door anaeroob alactisch en anaeroob
glycolytisch.
Testmethodiek
Squat jump: de jumphoogte is het anaeroob vermogen.
Boscojump: meerdere sprongen.
→ Hoogte en interval zegt iets over de anaerobe capaciteit.
Wingate test: 30 seconden alles geven.
Trainingsmodaliteiten
Intervaltraining
Krachttraining
Snelheidstraining
Uithouding 2
❗ De capaciteit om een statische of dynamische arbeid van een bepaalde
intensiteit zo lang mogelijk vol te houden. Vermoeidheid is de
voornaamste limiterende factor.
→ Vermoeidheid heeft verschillende vormen: glucose op, verzuring optreden,
anaerobe uitputting ...
Operationalisatie vanuit de fysiologie
De energie leverende systemen
❗ Vermogen = snelheid waarmee het systeem energie kan leveren.
Capaciteit = hoe lang men dit systeem kan aanspreken.
Fosfageen systeem = anaeroob alactisch:
Groot vermogen, maar beperkte capaciteit.
Pieksnelheid is bereikt na 4 - 6 seconden.
Glycolytisch systeem = anaeroob lactisch:
Glucose/ glycogeen wordt omgezet naar ATP en pyruvaat dat verder
wordt omgezet naar lactaat.
Dit wordt aangesproken voor 4 - 5 minuten.
Mittochondriaal respiratie = aeroob alactisch:
Pyruvaat wordt verder omgezet in de oxidatieve fosforylatie.
Laag vermogen, maar hoge capaciteit.
Uithouding 1
, Anaeroob versus aerobe uithouding.
Activiteiten van 1 of 2 minuten: anaerobe uithouding.
Activiteiten van langer dan 2 minuten: aerobe uithouding.
Anaërobe uithoudingsvermogen
❗ Energielevering voornamelijk door anaeroob alactisch en anaeroob
glycolytisch.
Testmethodiek
Squat jump: de jumphoogte is het anaeroob vermogen.
Boscojump: meerdere sprongen.
→ Hoogte en interval zegt iets over de anaerobe capaciteit.
Wingate test: 30 seconden alles geven.
Trainingsmodaliteiten
Intervaltraining
Krachttraining
Snelheidstraining
Uithouding 2