SAMENVATTING DIGITAL MEDIA MARKETING
DEEL 1: DIGITAL MEDIA MARKETING
1.1. DEFINITIE & ONTWIKKELING
Digital media marketing verwijst naar het gebruik v digitale media zoals websites, sociale media, zoekmachines, e-
mail en mobiele communicatie, om producten, diensten, merken of ideeën te promoten.
- Zowel klassieke media zoals we die kennen maar ook search marketing, e-mail en mobiele comm
- DM kan in de commerciële sector maar ook in andere sectoren voorkomen
Concreet maakt deze vorm v marketing gebruik v internetgebaseerde technologieën om bij consumenten
merkbekendheid en merkkennis op te bouwen, attitudes te beïnvloeden en gedrag te stimuleren.
- Via technologieën mensen beïnvloeden in hun merkbekendheid, merkkennis/hoe ze merk invullen (welke
pos en neg gedachten), attitudes en gedrag (product opnieuw kopen, producten verspreiden -> denk aan
viral technieken)
Centraal bij digitale mediamarketing staat het interactieve en datagedraven karakter v deze digitale comm, waarmee
marketeers gebruikersgedrag kunnen volgen, berichten kunnen personaliseren en campagnes in realtime kunnen
optimaliseren.
- Datagedreven -> vertrekt vanuit kennis die men heeft over consumenten, o.b.v. kennis comm waarbij men
gedrag gaat volgen en men boodschappen verder gaat personaliseren en campagnes (vaak in realtime)
optimaliseren om zo de klant te gaan overtuigen
DMM staat het dichtst bij het principe om de juiste persoon op het
juiste moment met het juiste aanbod te bereiken.
Quote = goede weergave vd manier waarop DMM toegepast w,
filosofie achter deze marketingtechnieken
• Dus sterk gepersonaliseerd, maar ook goede timing
De CEO bedoelt dat bedrijven tegenwoordig massacomm
persoonlijk laten aanvoelen. Hoewel dezelfde boodschap naar heel
veel mensen w gestuurd, w de inhoud aangepast aan wat het
bedrijf over elke consument weet (bv. interesses, eerdere
aankopen). Daardoor krijgt consument indruk dat comm speciaal
voor hem/haar is gemaakt
Kortom: massacommunicatie, maar toch gepersonaliseerd
1
,ONTWIKKELING & MOTIEVEN
Bedrijven kunnen vandaag heel gericht communiceren omdat ze gedrag, interesses en meningen v consumenten
intensief volgen. Die evolutie heeft in marketing drie fasen doorlopen.
1. Productgericht -> marktgericht: eerst lag de focus op het product zelf. Later begon men meer kennis te
verzamelen over de markt en consumenten, zodat producten beter afgestemd werden op hun behoeften
2. Marktgericht -> individugericht: de comm werd steeds persoonlijker; niet enkel kijken naar “de markt” maar
naar iedere klant afzonderlijk (wie is die persoon, wat wil hij/zij?)
3. Digitale en AI gedreven marketing (tweedefasemarketing): dankzij digitale media, databanken en
AI/automatisering kan men nu: op het juiste moment communiceren, met een boodschap die maximaal
gepersonaliseerd is, o.b.v. realtime gedrag
VAN PRODUCTGERICHT NAAR MARKTGERICHT
Wat verandert er?
- Voor WO II: bedrijven maakten uniforme producten en hoopten dat consumenten ze zouden kopen
- Na WO II komt er een mentaliteitsshift: van “we produceren wat we kunnen” naar -> “we leren onze
consument kennen en passen ons product daaraan aan”
Waarom? Groei van kennis over consumenten (o.a. psychologie)
meer concurrentie -> consumenten hebben keuzes
bedrijven moeten noden en wensen v consumenten begrijpen
Vroeger Vanaf jaren ‘50
Focus op product Focus op markt en consumentgroepen
Één aanpak voor iedereen Doelgroepen w onderscheiden
Weinig kennis consument Onderzoek naar attitudes & koopgedrag
“Productie” “Market getting” -> marketing
VAN MARKTGERICHT NAAR INDIVIDUGERICHT Vanaf jaren ‘90
Wat verandert er? Niet langer kijken naar doelgroepen als grote groepen, maar naar elke klant afzonderlijk
Bedrijven willen weten: wie is deze persoon en wat levert hij/zij ons op?
Waarom mogelijk? DATAFICERING opkomst van database-technologie
gegevens v klanten kunnen nu opgeslagen én geanalyseerd w
Commkanalen in deze fase: direct mail, telemarketing, direct response reclame ( TV/radio/advertenties)
Analyse v klantwaarde: bedrijven starten met… kost/omzet per klant berekenen
waardevolle klanten voorspellen
comm afstemmen op winstpotentieel
2
, Niet elke klant krijgt dezelfde aandacht -> focus op rendabele profielen
BELANGRIJK: harde + zachte klantdata -> samen geven ze een compleet beeld vd consument
HARDE KLANTDATA Voorbeelden:
- Aankoopgeschiedenis (wat/hoe vaak iem iets koopt -> klantwaarde bepalen)
= objectieve, meetbare data - Website- & app-gedrag (klikken, bezochte pagina’s, tijd op website)
gebaseerd op feitelijk gedrag - Transactiegegevens (frequentie, gemiddelde bestelwaarde)
v klanten - Responsdata (open rate v mails, klikken op advertenties, reactie op promo’s)
Betrouwbaarheid: heel hoog, want gebaseerd op wat klanten écht doen i.p.v. wat ze
zeggen te doen. Daarom dé basis voor veel beslissingen in marketing
ZACHTE KLANTDATA Voorbeelden:
- Voorkeuren & meningen (enquêtes, interviews)
= subjectieve, kwalitatieve - Tevredenheid & ervaring (reviews, klachten)
info gebaseerd op gevoelens, - Motivaties & attitudes (waarom ze kiezen voor een merk/product)
percepties en meningen v
klanten
Betrouwbaarheid: lager, omdat mensen sociaal wenselijk kunnen antwoorden,
emoties laten meespelen, dingen verkeerd herinneren
Waarom toch gebruiken? => Omdat zachte data uitleg geeft bij het gedrag dat harde data toont. Harde data zegt wat
de klant doet, zachte data verklaart waarom die klant dat doet. => samen vormen ze een compleet klantbeeld wat
essentieel is voor goede personalisatie
Voorbeeld: Het marketingteam van een online boekhandel merkt op dat true-crime boeken recent meer verkocht w (harde
klantdata). Om te begrijpen waarom deze stijging plaatsvindt, sturen ze een enquête naar klanten die deze boeken hebben
gekocht (zachte klantdata).
Uit de feedback blijkt dat een populaire talkshow recentelijk een aflevering heeft gewijd aan boeken en podcasts over true-
crime, wat de interesse heeft aangewakkerd. Met deze inzichten kan de boekhandel snel inspelen op de trend door gerichte
marketing (reclame in de podcast, reclame die aansluit bij de talkshow of verwijzing in social media reclame) en het aanvullen
van de voorraad.
Waarom is dit een sterk voorbeeld?
- harde data toont wat er gebeurt -> stijging in verkoop
- zachte data toont waarom het gebeurt -> talkshow stimuleert interesse
- marketingacties w daarop afgestemd -> en dat effect kan dan opnieuw gemeten w via harde data
CONCLUSIE: harde data is de goudmijn v wat r gebeurt, zachte data geeft de achterliggende reden – samen zorgen
ze voor slimme, effectieve marketing
3
DEEL 1: DIGITAL MEDIA MARKETING
1.1. DEFINITIE & ONTWIKKELING
Digital media marketing verwijst naar het gebruik v digitale media zoals websites, sociale media, zoekmachines, e-
mail en mobiele communicatie, om producten, diensten, merken of ideeën te promoten.
- Zowel klassieke media zoals we die kennen maar ook search marketing, e-mail en mobiele comm
- DM kan in de commerciële sector maar ook in andere sectoren voorkomen
Concreet maakt deze vorm v marketing gebruik v internetgebaseerde technologieën om bij consumenten
merkbekendheid en merkkennis op te bouwen, attitudes te beïnvloeden en gedrag te stimuleren.
- Via technologieën mensen beïnvloeden in hun merkbekendheid, merkkennis/hoe ze merk invullen (welke
pos en neg gedachten), attitudes en gedrag (product opnieuw kopen, producten verspreiden -> denk aan
viral technieken)
Centraal bij digitale mediamarketing staat het interactieve en datagedraven karakter v deze digitale comm, waarmee
marketeers gebruikersgedrag kunnen volgen, berichten kunnen personaliseren en campagnes in realtime kunnen
optimaliseren.
- Datagedreven -> vertrekt vanuit kennis die men heeft over consumenten, o.b.v. kennis comm waarbij men
gedrag gaat volgen en men boodschappen verder gaat personaliseren en campagnes (vaak in realtime)
optimaliseren om zo de klant te gaan overtuigen
DMM staat het dichtst bij het principe om de juiste persoon op het
juiste moment met het juiste aanbod te bereiken.
Quote = goede weergave vd manier waarop DMM toegepast w,
filosofie achter deze marketingtechnieken
• Dus sterk gepersonaliseerd, maar ook goede timing
De CEO bedoelt dat bedrijven tegenwoordig massacomm
persoonlijk laten aanvoelen. Hoewel dezelfde boodschap naar heel
veel mensen w gestuurd, w de inhoud aangepast aan wat het
bedrijf over elke consument weet (bv. interesses, eerdere
aankopen). Daardoor krijgt consument indruk dat comm speciaal
voor hem/haar is gemaakt
Kortom: massacommunicatie, maar toch gepersonaliseerd
1
,ONTWIKKELING & MOTIEVEN
Bedrijven kunnen vandaag heel gericht communiceren omdat ze gedrag, interesses en meningen v consumenten
intensief volgen. Die evolutie heeft in marketing drie fasen doorlopen.
1. Productgericht -> marktgericht: eerst lag de focus op het product zelf. Later begon men meer kennis te
verzamelen over de markt en consumenten, zodat producten beter afgestemd werden op hun behoeften
2. Marktgericht -> individugericht: de comm werd steeds persoonlijker; niet enkel kijken naar “de markt” maar
naar iedere klant afzonderlijk (wie is die persoon, wat wil hij/zij?)
3. Digitale en AI gedreven marketing (tweedefasemarketing): dankzij digitale media, databanken en
AI/automatisering kan men nu: op het juiste moment communiceren, met een boodschap die maximaal
gepersonaliseerd is, o.b.v. realtime gedrag
VAN PRODUCTGERICHT NAAR MARKTGERICHT
Wat verandert er?
- Voor WO II: bedrijven maakten uniforme producten en hoopten dat consumenten ze zouden kopen
- Na WO II komt er een mentaliteitsshift: van “we produceren wat we kunnen” naar -> “we leren onze
consument kennen en passen ons product daaraan aan”
Waarom? Groei van kennis over consumenten (o.a. psychologie)
meer concurrentie -> consumenten hebben keuzes
bedrijven moeten noden en wensen v consumenten begrijpen
Vroeger Vanaf jaren ‘50
Focus op product Focus op markt en consumentgroepen
Één aanpak voor iedereen Doelgroepen w onderscheiden
Weinig kennis consument Onderzoek naar attitudes & koopgedrag
“Productie” “Market getting” -> marketing
VAN MARKTGERICHT NAAR INDIVIDUGERICHT Vanaf jaren ‘90
Wat verandert er? Niet langer kijken naar doelgroepen als grote groepen, maar naar elke klant afzonderlijk
Bedrijven willen weten: wie is deze persoon en wat levert hij/zij ons op?
Waarom mogelijk? DATAFICERING opkomst van database-technologie
gegevens v klanten kunnen nu opgeslagen én geanalyseerd w
Commkanalen in deze fase: direct mail, telemarketing, direct response reclame ( TV/radio/advertenties)
Analyse v klantwaarde: bedrijven starten met… kost/omzet per klant berekenen
waardevolle klanten voorspellen
comm afstemmen op winstpotentieel
2
, Niet elke klant krijgt dezelfde aandacht -> focus op rendabele profielen
BELANGRIJK: harde + zachte klantdata -> samen geven ze een compleet beeld vd consument
HARDE KLANTDATA Voorbeelden:
- Aankoopgeschiedenis (wat/hoe vaak iem iets koopt -> klantwaarde bepalen)
= objectieve, meetbare data - Website- & app-gedrag (klikken, bezochte pagina’s, tijd op website)
gebaseerd op feitelijk gedrag - Transactiegegevens (frequentie, gemiddelde bestelwaarde)
v klanten - Responsdata (open rate v mails, klikken op advertenties, reactie op promo’s)
Betrouwbaarheid: heel hoog, want gebaseerd op wat klanten écht doen i.p.v. wat ze
zeggen te doen. Daarom dé basis voor veel beslissingen in marketing
ZACHTE KLANTDATA Voorbeelden:
- Voorkeuren & meningen (enquêtes, interviews)
= subjectieve, kwalitatieve - Tevredenheid & ervaring (reviews, klachten)
info gebaseerd op gevoelens, - Motivaties & attitudes (waarom ze kiezen voor een merk/product)
percepties en meningen v
klanten
Betrouwbaarheid: lager, omdat mensen sociaal wenselijk kunnen antwoorden,
emoties laten meespelen, dingen verkeerd herinneren
Waarom toch gebruiken? => Omdat zachte data uitleg geeft bij het gedrag dat harde data toont. Harde data zegt wat
de klant doet, zachte data verklaart waarom die klant dat doet. => samen vormen ze een compleet klantbeeld wat
essentieel is voor goede personalisatie
Voorbeeld: Het marketingteam van een online boekhandel merkt op dat true-crime boeken recent meer verkocht w (harde
klantdata). Om te begrijpen waarom deze stijging plaatsvindt, sturen ze een enquête naar klanten die deze boeken hebben
gekocht (zachte klantdata).
Uit de feedback blijkt dat een populaire talkshow recentelijk een aflevering heeft gewijd aan boeken en podcasts over true-
crime, wat de interesse heeft aangewakkerd. Met deze inzichten kan de boekhandel snel inspelen op de trend door gerichte
marketing (reclame in de podcast, reclame die aansluit bij de talkshow of verwijzing in social media reclame) en het aanvullen
van de voorraad.
Waarom is dit een sterk voorbeeld?
- harde data toont wat er gebeurt -> stijging in verkoop
- zachte data toont waarom het gebeurt -> talkshow stimuleert interesse
- marketingacties w daarop afgestemd -> en dat effect kan dan opnieuw gemeten w via harde data
CONCLUSIE: harde data is de goudmijn v wat r gebeurt, zachte data geeft de achterliggende reden – samen zorgen
ze voor slimme, effectieve marketing
3