HOOFDSTUK 2: DIVERSITEIT EN DIVERSITEITSSENSITIEF
LESGEVEN
LEERDOELEN 1–2: Kruispuntdenken & meervoudige identiteiten
1. Essentie en belang van kruispuntdenken uitleggen
Kruispuntdenken (intersectionaliteit) stelt dat identiteiten meervoudig zijn en elkaar
kruisen (bv. gender × etniciteit × SES × religie).
Ongelijkheid ontstaat niet door één kenmerk, maar door de combinatie ervan.
Belang voor onderwijs
voorkomt labeldenken
maakt machtsverhoudingen zichtbaar
helpt ongelijkheid begrijpen i.p.v. individualiseren
2. Kruispuntdenken linken aan leerlingen
Leerlingen hebben meervoudige identiteiten (leerling, kind, vriend(in), sporter,
gelovige…).
→ Geen enkele leerling is “alleen maar” bv. migrant, jongen, arm, …
LEERDOELEN 3–5: Genderdiversiteit, normen en heteronorm
3. Genderdiversiteit uitleggen met de genderkoek
Domein Betekenis
Genderidentiteit Wie je bent
Genderexpressie Hoe je je toont
Biologisch geslacht Lichamelijke kenmerken
Seksuele/romantische aantrekking Op wie je valt
Deze domeinen vallen niet automatisch samen.
4. Gendernorm toelichten
Gendernormen = maatschappelijke verwachtingen over hoe jongens/meisjes “horen” te
zijn.
Ze zijn vaak binair en beperkend.
5. Heteronorm toelichten
, Heteronorm = de aanname dat iedereen heteroseksueel is.
→ leidt tot onzichtbaarheid en uitsluiting van LGBTQIA+ leerlingen.
LEERDOEL 6: Vooroordelen – discriminatie – racisme – seksisme
Begrip Betekenis
Vooroordeel Idee/overtuiging
Discriminatie Handelen
Racisme Discriminatie o.b.v. etniciteit
Seksisme Discriminatie o.b.v. gender
LEERDOELEN 7–9: Superdiversiteit
7. Superdiversiteit als paradigma
Superdiversiteit = nieuwe realiteit, niet louter multicultureel samenleven.
8. Link superdiversiteit – kruispuntdenken
Beide erkennen:
meervoudige identiteiten
complexiteit
structurele ongelijkheid
9. Kwantitatieve vs. kwalitatieve dimensie
Kwantitatief Kwalitatief
Meer diversiteit Meer variatie binnen groepen
Aantal Complexiteit
LEERDOELEN 10–12: Majority-minority & migratiegeschiedenis
10. Majority-minority-city uitleggen
LESGEVEN
LEERDOELEN 1–2: Kruispuntdenken & meervoudige identiteiten
1. Essentie en belang van kruispuntdenken uitleggen
Kruispuntdenken (intersectionaliteit) stelt dat identiteiten meervoudig zijn en elkaar
kruisen (bv. gender × etniciteit × SES × religie).
Ongelijkheid ontstaat niet door één kenmerk, maar door de combinatie ervan.
Belang voor onderwijs
voorkomt labeldenken
maakt machtsverhoudingen zichtbaar
helpt ongelijkheid begrijpen i.p.v. individualiseren
2. Kruispuntdenken linken aan leerlingen
Leerlingen hebben meervoudige identiteiten (leerling, kind, vriend(in), sporter,
gelovige…).
→ Geen enkele leerling is “alleen maar” bv. migrant, jongen, arm, …
LEERDOELEN 3–5: Genderdiversiteit, normen en heteronorm
3. Genderdiversiteit uitleggen met de genderkoek
Domein Betekenis
Genderidentiteit Wie je bent
Genderexpressie Hoe je je toont
Biologisch geslacht Lichamelijke kenmerken
Seksuele/romantische aantrekking Op wie je valt
Deze domeinen vallen niet automatisch samen.
4. Gendernorm toelichten
Gendernormen = maatschappelijke verwachtingen over hoe jongens/meisjes “horen” te
zijn.
Ze zijn vaak binair en beperkend.
5. Heteronorm toelichten
, Heteronorm = de aanname dat iedereen heteroseksueel is.
→ leidt tot onzichtbaarheid en uitsluiting van LGBTQIA+ leerlingen.
LEERDOEL 6: Vooroordelen – discriminatie – racisme – seksisme
Begrip Betekenis
Vooroordeel Idee/overtuiging
Discriminatie Handelen
Racisme Discriminatie o.b.v. etniciteit
Seksisme Discriminatie o.b.v. gender
LEERDOELEN 7–9: Superdiversiteit
7. Superdiversiteit als paradigma
Superdiversiteit = nieuwe realiteit, niet louter multicultureel samenleven.
8. Link superdiversiteit – kruispuntdenken
Beide erkennen:
meervoudige identiteiten
complexiteit
structurele ongelijkheid
9. Kwantitatieve vs. kwalitatieve dimensie
Kwantitatief Kwalitatief
Meer diversiteit Meer variatie binnen groepen
Aantal Complexiteit
LEERDOELEN 10–12: Majority-minority & migratiegeschiedenis
10. Majority-minority-city uitleggen